Solotrompettist Miro Petkov: ‘Een ping van Wynton Marsalis!’
door Vrouwkje Tuinman 14 mei 2026 14 mei 2026
Op 18 en 19 juni soleert Miro Petkov in Wynton Marsalis’ Trompetconcert. Dat heeft net zulke diverse inspiratiebronnen als de trompettist zelf. ‘Die mix van invloeden hoort echt bij mijn identiteit.’
‘Volgende week ga ik de eerste diepe duik nemen,’ zegt Miro Petkov. Het is vier maanden voor hij zal soleren in het Trompetconcert van een van zijn grote voorbeelden, Wynton Marsalis. ‘Tot dusver heb ik meer het mentale werk gedaan. Nadenken over de muziek, mezelf voorbereiden op iets dat heel intensief is, geestelijk en fysiek. Ik zit bijvoorbeeld altijd met mijn vingers te oefenen, kijk maar, nu ook. Het lijkt soms misschien een beetje asociaal, maar het is de enige manier voor mij. Even achteroverleunen past niet bij de aanloop naar zo’n muziekstuk.’
Zeker niet als hij als solist voor het Concertgebouworkest staat. ‘Dat is extra uitdagend. Het is vergelijkbaar met optreden in Varna, de Bulgaarse stad waar ik vandaan kom. Dat maakt me nerveuzer dan spelen in een grote zaal in New York! Je eigen mensen zijn er, er staat meer op het spel.’
Het echte muziekleven
Sinds 2016 is Miro verbonden aan het Concertgebouworkest. Enkele jaren terug vertelde hij aan Preludium hoe hij de trompet ontdekte door tekenfilmpjes van Tom & Jerry en opgroeide tot ‘vrij musicus’, die net zo graag Monteverdi speelt als volksmuziek, jazz en hedendaagse muziek. Zijn studie aan de Hochschule für Musik in het Duitse Detmold maakte Miro nooit af. ‘Het systeem was zo ingericht dat je alleen maar tijd had om te studeren. Kansen die zich voordeden moest je afzeggen. Dat wilde ik niet langer. Het gaat mij niet om een diploma maar om het echte muziekleven.’
‘Na een glaasje sake durfde ik hem te vertellen dat ik al veertien jaar op zijn antwoord wachtte’
Dat beleeft hij nu al jaren vanuit Amsterdam. Vanmorgen repeteerde hij met het Concertgebouworkest, vanmiddag doceert hij aan het conservatorium. Hij speelt in diverse ensembles en oefent ’s nachts in muziekhuis Splendor. Tussen al die dingen door is er de bakfiets, waarmee hij zijn twee jonge kinderen rondrijdt. ‘Met de trompet ernaast, ze eten een broodje en we zingen een liedje.’ Kan het Nederlandser? ‘Amsterdam is voor mij echt ideaal gebleken. Je kunt hier integreren en tegelijkertijd authentiek blijven.’
Zijn Bulgaarse kant uit zich vooral in het door elkaar laten lopen van muziekgenres. ‘In Bulgarije zitten folklore- en dansmuziek echt in het DNA van de mensen én in dat van de klassieke muziek.’ De trompet speelt er geen hoofdrol. ‘Niet zoals in Spanje, of zoals hier in fanfares. Ik heb het instrument leren kennen via opnames. Dat was een hele handel, het uitruilen van muziek. Mensen kopieerden niet zomaar een cassette voor elkaar; er moest iets goeds tegenover staan. Zo ontdekte ik allerlei grote trompettisten. En speelde ze na. Een fysieke, tastbare manier van muziek ervaren en een eigen geluid ontwikkelen.’
Aan de sake
Al vroeg ontwikkelde Miro een speciale fascinatie voor trompettist, bandleider en componist Wynton Marsalis. ‘Een veelzijdig man die boven het trompetspelen is uitgestegen. Toen ik twaalf was ging ik in de schoolpauze naar een internetcafé en dan bezocht ik onder meer zijn website. Ik heb hem ook wel eens een bericht gestuurd, in gebroken Engels, maar ik kreeg nooit antwoord.’ In februari 2020 speelde Marsalis in Het Concertgebouw met zijn Jazz at Lincoln Center Orchestra. ‘Ik ging backstage om even hallo te zeggen. Het idee was dat we met de beide trompetsecties, van zijn bigband en van het Concertgebouworkest, zouden afspreken. Uiteindelijk verdwaalden zijn mensen in de stad, in de coffeeshops vermoedelijk. Onze mensen kwamen net uit een tournee en waren te moe. Toen er toch een bericht van hem op mijn telefoon verscheen, duurde het even voor ik het durfde te openen. Een ping van Wynton Marsalis! Met zijn tweeën zijn we sushi gaan eten. Na een glaasje sake durfde ik hem te vertellen dat ik al veertien jaar op zijn antwoord wachtte. Een grappig moment.’
‘Volgende week ga ik de eerste diepe duik nemen,’ zegt Miro Petkov. Het is vier maanden voor hij zal soleren in het Trompetconcert van een van zijn grote voorbeelden, Wynton Marsalis. ‘Tot dusver heb ik meer het mentale werk gedaan. Nadenken over de muziek, mezelf voorbereiden op iets dat heel intensief is, geestelijk en fysiek. Ik zit bijvoorbeeld altijd met mijn vingers te oefenen, kijk maar, nu ook. Het lijkt soms misschien een beetje asociaal, maar het is de enige manier voor mij. Even achteroverleunen past niet bij de aanloop naar zo’n muziekstuk.’
Zeker niet als hij als solist voor het Concertgebouworkest staat. ‘Dat is extra uitdagend. Het is vergelijkbaar met optreden in Varna, de Bulgaarse stad waar ik vandaan kom. Dat maakt me nerveuzer dan spelen in een grote zaal in New York! Je eigen mensen zijn er, er staat meer op het spel.’
Het echte muziekleven
Sinds 2016 is Miro verbonden aan het Concertgebouworkest. Enkele jaren terug vertelde hij aan Preludium hoe hij de trompet ontdekte door tekenfilmpjes van Tom & Jerry en opgroeide tot ‘vrij musicus’, die net zo graag Monteverdi speelt als volksmuziek, jazz en hedendaagse muziek. Zijn studie aan de Hochschule für Musik in het Duitse Detmold maakte Miro nooit af. ‘Het systeem was zo ingericht dat je alleen maar tijd had om te studeren. Kansen die zich voordeden moest je afzeggen. Dat wilde ik niet langer. Het gaat mij niet om een diploma maar om het echte muziekleven.’
‘Na een glaasje sake durfde ik hem te vertellen dat ik al veertien jaar op zijn antwoord wachtte’
Dat beleeft hij nu al jaren vanuit Amsterdam. Vanmorgen repeteerde hij met het Concertgebouworkest, vanmiddag doceert hij aan het conservatorium. Hij speelt in diverse ensembles en oefent ’s nachts in muziekhuis Splendor. Tussen al die dingen door is er de bakfiets, waarmee hij zijn twee jonge kinderen rondrijdt. ‘Met de trompet ernaast, ze eten een broodje en we zingen een liedje.’ Kan het Nederlandser? ‘Amsterdam is voor mij echt ideaal gebleken. Je kunt hier integreren en tegelijkertijd authentiek blijven.’
Zijn Bulgaarse kant uit zich vooral in het door elkaar laten lopen van muziekgenres. ‘In Bulgarije zitten folklore- en dansmuziek echt in het DNA van de mensen én in dat van de klassieke muziek.’ De trompet speelt er geen hoofdrol. ‘Niet zoals in Spanje, of zoals hier in fanfares. Ik heb het instrument leren kennen via opnames. Dat was een hele handel, het uitruilen van muziek. Mensen kopieerden niet zomaar een cassette voor elkaar; er moest iets goeds tegenover staan. Zo ontdekte ik allerlei grote trompettisten. En speelde ze na. Een fysieke, tastbare manier van muziek ervaren en een eigen geluid ontwikkelen.’
Aan de sake
Al vroeg ontwikkelde Miro een speciale fascinatie voor trompettist, bandleider en componist Wynton Marsalis. ‘Een veelzijdig man die boven het trompetspelen is uitgestegen. Toen ik twaalf was ging ik in de schoolpauze naar een internetcafé en dan bezocht ik onder meer zijn website. Ik heb hem ook wel eens een bericht gestuurd, in gebroken Engels, maar ik kreeg nooit antwoord.’ In februari 2020 speelde Marsalis in Het Concertgebouw met zijn Jazz at Lincoln Center Orchestra. ‘Ik ging backstage om even hallo te zeggen. Het idee was dat we met de beide trompetsecties, van zijn bigband en van het Concertgebouworkest, zouden afspreken. Uiteindelijk verdwaalden zijn mensen in de stad, in de coffeeshops vermoedelijk. Onze mensen kwamen net uit een tournee en waren te moe. Toen er toch een bericht van hem op mijn telefoon verscheen, duurde het even voor ik het durfde te openen. Een ping van Wynton Marsalis! Met zijn tweeën zijn we sushi gaan eten. Na een glaasje sake durfde ik hem te vertellen dat ik al veertien jaar op zijn antwoord wachtte. Een grappig moment.’
Sindsdien heeft Miro goed contact met Marsalis. ‘We gaan het zeker nog even over het Trompetconcert hebben voor ik de Nederlandse première speel. Met de maker zelf praten over het werk dat je gaat uitvoeren is natuurlijk heel zeldzaam en waardevol. Je ideeën kunnen toetsen, nuances bespreken, dingen waarover je graag een andere mening wilt horen dan die van jezelf. En dan ook nog van iemand die zelf trompettist is.’
Is dat spannend? ‘Ja, maar het mooie is dat ik met hem kan praten én spelen als trompettisten onder elkaar. Dat is een van de dingen die ik in hem bewonder: hij is heel down to earth, heeft geen complexen, is zichzelf, een echt mens, vol verhalen en lol. Je voelt je gewoon normaal bij hem. Als ik hem zie, ben ik een maand opgeladen.’
Eigen manier
Het Trompetconcert is uit 2023. ‘Pas enkele musici hebben dit werk gespeeld. Voor mij een extra reden om ja te zeggen. Omdat het zo nieuw is, heb je veel meer vrijheid dan bij een stuk van Haydn, dat ontelbaar vaak is uitgevoerd en opgenomen. Je kunt wat makkelijker je eigen weg kiezen. Er bestaat nog geen consensus over hoe je het moet aanpakken. Dat is bevrijdend. Ook al omdat Marsalis het niet voor zichzelf heeft geschreven, maar echt voor het instrument.’ In iets meer dan een halfuur gaan Marsalis’ klassieke invloeden naadloos en speels samen met zijn fascinatie voor jazz, blues, latin én het getrompetter van een olifant. ‘Het is een heel Amerikaans stuk, vol verwijzingen naar die cultuur, maar vooral laat het horen hoe universeel muziek is. Het nodigt je uit de noten te spiegelen aan je eigen achtergrond, te buigen naar je eigen tradities en gezichtspunt. Dat doe je door eerlijk muziek te maken, niet te imiteren, niet te proberen te klinken als iets wat je eigenlijk niet bent. Dat is wat ik als kind al geweldig aan Marsalis vond. Je hoort onmiddellijk dat hij het is, of hij nu Bach speelt of iets hedendaags. Dat is misschien ook de kritiek op hem, dat zijn persoonlijkheid altijd hoorbaar is. Maar ik vind dat juist geweldig. Zo pak ik ook dit concert aan: op mijn eigen manier.’
De weken na dit interview gaat het Trompetconcert Miro’s leven overnemen. ‘Ik moet zelfs het moment bereiken dat ik het stuk haat. Dat ik het niet meer wil spelen. Al die stadia horen erbij. Pas als ik met het concert samenval, kan ik het mensen tot in hun hart laten voelen. Dat is mijn ultieme doel.’
De trompetten van Miro Petkov
Sindsdien heeft Miro goed contact met Marsalis. ‘We gaan het zeker nog even over het Trompetconcert hebben voor ik de Nederlandse première speel. Met de maker zelf praten over het werk dat je gaat uitvoeren is natuurlijk heel zeldzaam en waardevol. Je ideeën kunnen toetsen, nuances bespreken, dingen waarover je graag een andere mening wilt horen dan die van jezelf. En dan ook nog van iemand die zelf trompettist is.’
Is dat spannend? ‘Ja, maar het mooie is dat ik met hem kan praten én spelen als trompettisten onder elkaar. Dat is een van de dingen die ik in hem bewonder: hij is heel down to earth, heeft geen complexen, is zichzelf, een echt mens, vol verhalen en lol. Je voelt je gewoon normaal bij hem. Als ik hem zie, ben ik een maand opgeladen.’
Eigen manier
Het Trompetconcert is uit 2023. ‘Pas enkele musici hebben dit werk gespeeld. Voor mij een extra reden om ja te zeggen. Omdat het zo nieuw is, heb je veel meer vrijheid dan bij een stuk van Haydn, dat ontelbaar vaak is uitgevoerd en opgenomen. Je kunt wat makkelijker je eigen weg kiezen. Er bestaat nog geen consensus over hoe je het moet aanpakken. Dat is bevrijdend. Ook al omdat Marsalis het niet voor zichzelf heeft geschreven, maar echt voor het instrument.’ In iets meer dan een halfuur gaan Marsalis’ klassieke invloeden naadloos en speels samen met zijn fascinatie voor jazz, blues, latin én het getrompetter van een olifant. ‘Het is een heel Amerikaans stuk, vol verwijzingen naar die cultuur, maar vooral laat het horen hoe universeel muziek is. Het nodigt je uit de noten te spiegelen aan je eigen achtergrond, te buigen naar je eigen tradities en gezichtspunt. Dat doe je door eerlijk muziek te maken, niet te imiteren, niet te proberen te klinken als iets wat je eigenlijk niet bent. Dat is wat ik als kind al geweldig aan Marsalis vond. Je hoort onmiddellijk dat hij het is, of hij nu Bach speelt of iets hedendaags. Dat is misschien ook de kritiek op hem, dat zijn persoonlijkheid altijd hoorbaar is. Maar ik vind dat juist geweldig. Zo pak ik ook dit concert aan: op mijn eigen manier.’
De weken na dit interview gaat het Trompetconcert Miro’s leven overnemen. ‘Ik moet zelfs het moment bereiken dat ik het stuk haat. Dat ik het niet meer wil spelen. Al die stadia horen erbij. Pas als ik met het concert samenval, kan ik het mensen tot in hun hart laten voelen. Dat is mijn ultieme doel.’
De trompetten van Miro Petkov
‘Ik heb een stuk of vijftien instrumenten, van een cornet tot een baroktrompet en een piccolo in c. Sommige zijn van mezelf, andere in bruikleen van de Foundation Concertgebouworkest. Als ik echt moet kiezen is mijn favoriet de trompet waarop ik ook dit concert ga spelen. Een Vincent Bach die mijn ouders voor me kochten toen ik dertien was. Een tweedehandsje, waarvoor we zes uur autoreden om hem te kunnen kopen. Gedurende de terugweg bespeelde ik hem.
Deze trompet is tamelijk basic. Je kunt er alles mee spelen. Het is best een afgeragd ding, een werkpaard. Maar er bestaat niet zoiets als een perfect instrument. Ze hebben allemaal hun problemen en daarmee moet je leren omgaan.
Je hebt mensen met duizend verschillende mondstukken. Voor zover mogelijk – het moet wel passen natuurlijk – heb ik er het liefst maar één. Dat wordt vaak vreemd gevonden. In de trompetwereld wordt veel gediscussieerd over materialen. Volgens mij is dat aspect eigenlijk niet belangrijk. Je kunt beter meer oefenen en spelen dan in spullen investeren. Begrijp me niet verkeerd: ik houd van mijn instrument. Maar uiteindelijk gaat het niet om namen en rugnummers, maar om de muziek, om het feit dat ik mij kan uitdrukken op deze trompet.’
Bekijk ook de luistertips van Miro Petkov.
do 18 & vr 19 juni | Grote Zaal
Koninklijk Concertgebouworkest
Antony Hermus dirigent
Miro Petkov trompet
Davóne Tines bas-bariton
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma
‘Ik heb een stuk of vijftien instrumenten, van een cornet tot een baroktrompet en een piccolo in c. Sommige zijn van mezelf, andere in bruikleen van de Foundation Concertgebouworkest. Als ik echt moet kiezen is mijn favoriet de trompet waarop ik ook dit concert ga spelen. Een Vincent Bach die mijn ouders voor me kochten toen ik dertien was. Een tweedehandsje, waarvoor we zes uur autoreden om hem te kunnen kopen. Gedurende de terugweg bespeelde ik hem.
Deze trompet is tamelijk basic. Je kunt er alles mee spelen. Het is best een afgeragd ding, een werkpaard. Maar er bestaat niet zoiets als een perfect instrument. Ze hebben allemaal hun problemen en daarmee moet je leren omgaan.
Je hebt mensen met duizend verschillende mondstukken. Voor zover mogelijk – het moet wel passen natuurlijk – heb ik er het liefst maar één. Dat wordt vaak vreemd gevonden. In de trompetwereld wordt veel gediscussieerd over materialen. Volgens mij is dat aspect eigenlijk niet belangrijk. Je kunt beter meer oefenen en spelen dan in spullen investeren. Begrijp me niet verkeerd: ik houd van mijn instrument. Maar uiteindelijk gaat het niet om namen en rugnummers, maar om de muziek, om het feit dat ik mij kan uitdrukken op deze trompet.’
Bekijk ook de luistertips van Miro Petkov.
do 18 & vr 19 juni | Grote Zaal
Koninklijk Concertgebouworkest
Antony Hermus dirigent
Miro Petkov trompet
Davóne Tines bas-bariton
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma