Nog geen account of wachtwoord vergeten? Klik hier
de werkdag

Bariton Jasper Schweppe: ‘Ik ben gezegend met een stem die het bijna altijd doet’

door Inge Jongerman
10 jan. 2026 10 januari 2026

Hoe ziet de werkdag van een professioneel koorzanger eruit? Bariton Jasper Schweppe van het Nederlands Kamerkoor doet zijn dagelijkse routine uit de doeken.

  • Jasper Schweppe

    Jasper Schweppe

  • Jasper Schweppe

    Jasper Schweppe

‘De afgelopen twintig jaar heb ik heel wat treinen van binnen gezien. Ik woon in Zwolle, het Nederlands Kamerk­oor repeteert in Utrecht, en zodra we klaar zijn met repeteren, trekken we het land door voor concerten. Ik ben altijd ruim op tijd aanwezig; vaak beginnen we met een zaalrepetitie op het moment dat de rest van Nederland aan tafel schuift.

De maaltijd plannen is trouwens een hele uitdaging: als zanger kun je vlak voor een concert niet veel eten. Mijn warme maaltijd eet ik meestal rond half drie. Vroeger haalde ik onderweg nog wel eens een patatje, maar dat hou je geen dertig jaar vol. Tegenwoordig kook ik vooruit en ligt mijn vriezer vol meeneemmaaltijden.

Ik denk dat mijn stem nog wel vijftien jaar meegaat

Naast mijn vaste aanstelling als zanger ben ik daarnaast alweer dertien jaar als artistiek coördinator betrokken bij het Nederlands Kamerko­or. Dat kost best wat tijd: ik schat in hoeveel repetities een programma nodig heeft, controleer de bladmuziekedities en trek aan de bel bij onze producent wanneer dat nodig is, bijvoorbeeld wanneer een kerk te koud is en de temperatuur omhoog moet. Twee petten dragen, die van ko­orlid en die van coördinator, kan soms ingewikkeld zijn. Maar zolang je eerlijk en transparant blijft, werkt het prima.

In de loop der jaren heb ik veel collega’s zien vertrekken, maar ik ben gezegend met een stem die het (bijna) altijd doet. Toen ik in 2005 bij het ko­or kwam, lag de pensioengerechtigde leeftijd op 55 jaar. Dan was ik nu dus al een jaar met pen­sioen geweest. Gelukkig voel ik me nog fit en ik denk dat mijn stem nog wel vijftien jaar meegaat.

Naast mijn werk bij het ko­or geef ik nog regelmatig recitals. Met mijn pianist Riko Fukuda wil ik alle werken van Schubert voor (forte)piano en bariton opnemen, inmiddels staat er al negen uur Schubert op de plaat. Voor mij maakt het niet uit of ik alleen of met een ko­or op het podium sta.

Zenuwen heb ik eigenlijk nooit, zelfs niet als ik vanuit het k­oor plots een solorol zing in Het Concertgebouw. Mijn vader, de zanger Marius van Altena, vertelde pas na zijn pensioen dat hij vaak last had van zenuwen. Dat heb ik niet van hem geërfd, maar zijn liefde voor muziek gelukkig wel.’

‘De afgelopen twintig jaar heb ik heel wat treinen van binnen gezien. Ik woon in Zwolle, het Nederlands Kamerk­oor repeteert in Utrecht, en zodra we klaar zijn met repeteren, trekken we het land door voor concerten. Ik ben altijd ruim op tijd aanwezig; vaak beginnen we met een zaalrepetitie op het moment dat de rest van Nederland aan tafel schuift.

De maaltijd plannen is trouwens een hele uitdaging: als zanger kun je vlak voor een concert niet veel eten. Mijn warme maaltijd eet ik meestal rond half drie. Vroeger haalde ik onderweg nog wel eens een patatje, maar dat hou je geen dertig jaar vol. Tegenwoordig kook ik vooruit en ligt mijn vriezer vol meeneemmaaltijden.

Ik denk dat mijn stem nog wel vijftien jaar meegaat

Naast mijn vaste aanstelling als zanger ben ik daarnaast alweer dertien jaar als artistiek coördinator betrokken bij het Nederlands Kamerko­or. Dat kost best wat tijd: ik schat in hoeveel repetities een programma nodig heeft, controleer de bladmuziekedities en trek aan de bel bij onze producent wanneer dat nodig is, bijvoorbeeld wanneer een kerk te koud is en de temperatuur omhoog moet. Twee petten dragen, die van ko­orlid en die van coördinator, kan soms ingewikkeld zijn. Maar zolang je eerlijk en transparant blijft, werkt het prima.

In de loop der jaren heb ik veel collega’s zien vertrekken, maar ik ben gezegend met een stem die het (bijna) altijd doet. Toen ik in 2005 bij het ko­or kwam, lag de pensioengerechtigde leeftijd op 55 jaar. Dan was ik nu dus al een jaar met pen­sioen geweest. Gelukkig voel ik me nog fit en ik denk dat mijn stem nog wel vijftien jaar meegaat.

Naast mijn werk bij het ko­or geef ik nog regelmatig recitals. Met mijn pianist Riko Fukuda wil ik alle werken van Schubert voor (forte)piano en bariton opnemen, inmiddels staat er al negen uur Schubert op de plaat. Voor mij maakt het niet uit of ik alleen of met een ko­or op het podium sta.

Zenuwen heb ik eigenlijk nooit, zelfs niet als ik vanuit het k­oor plots een solorol zing in Het Concertgebouw. Mijn vader, de zanger Marius van Altena, vertelde pas na zijn pensioen dat hij vaak last had van zenuwen. Dat heb ik niet van hem geërfd, maar zijn liefde voor muziek gelukkig wel.’

Dit artikel wordt u gratis aangeboden door Preludium. Meer lezen? Probeer nu twee maanden gratis!