Er circuleren vrij veel klassieke uitvaart-toptiens. De grootste gemene deler is het woord ‘licht’. Niet dat je als muziekstuk automatisch deze hitparade bestormt als je ‘makkelijk in het gehoor ligt’. Je moet ook een bepaalde lengte hebben (pakweg drie minuten, behalve als je het tot in- of uitloopmuziek wil schoppen). Je mag geen verrassings- of schrikmomenten bevatten en moet zowel troost als ruimte voor introspectie bieden. Als echt succesnummer ben je bovendien op een willekeurig moment zachtjes weg te draaien.
Dat is nogal wat. Daarom zijn er dus die hitlijsten, waarvan je vaak meteen online een fragmentje kunt beluisteren. Griegs Ochtendstemming bijvoorbeeld, of Bachs , al dan niet gespeeld op panfluit. Saties Gnossiennes doen het goed, evenals zijn Gymnopédies. Natuurlijk niet allemaal, alleen die ene bekende, maar dat merkt niemand want dat is ook een kenmerk van uitvaartdeuntjes: in de kist is het vaak pas de eerste keer dat men klassieke muziek draait.
De absolute nummer één is Ave Maria. Van Bach, Gounod en Schubert samen, als je de bronnen moet geloven.
Onlangs begroeven we mijn partner. Hij had zelf zijn inloopmuziek gekozen: een keihard, hoekig en weerbarstig stuk waarop zijn dragers steeds twee stappen vooruit deden, en dan één naar achteren. Ook de rest van de werken, deels live uitgevoerd door onder meer componist Martin Fondse, zat vol schrikmomenten, , hete tranen en bitter gelach.
Niets liet zich wegdraaien. Na afloop wilden veel bezoekers de tracklist voor thuis. Deze muziek ging het leven in.
---
Vrouwkje Tuinman (1974) publiceerde vijf dichtbundels en vier romans. Ze studeerde Algemene Letteren en Muziekwetenschap. Als journalist werkt ze voor onder meer Trouw. Na Afscheidstournee werkt ze nu aan diverse nieuwe boeken.
Preludium is een uitgave van Concertvrienden







