column

Opera vermist (11): zomer 2026

Al jaren zoekt musicoloog Erwin Roebroeks in Venetië naar Monteverdi's vermiste opera Arianna uit 1608. Op één aria na, is de opera spoorloos. Deze zomer voert de speurtocht naar naar Krakau, waar een kaartje uit een oude kaartenbak heel even de droom van een sensationele vondst werkelijkheid lijkt te maken.

We hebben manuscripten van de muziek van Claudio Monteverdi, maar die zijn niet door de componist geschreven. Het zijn door derden gemaakte afschriften, geen autografen. Daarom weten we niet hoe het muziekhandschrift van Monteverdi eruitziet. Zijn teksthandschrift is wel bekend, omdat brieven en notities bewaard zijn gebleven. Feitelijk kennen we daarom zijn muziek enkel uit tweede hand. Niet weten hoe zijn noten eruitzien is voor een onderzoeker lastig, maar biedt ook kansen. Juist omdat zijn muziekhandschrift onbekend is, kan eroverheen gekeken zijn. Daarom is mijn insteek voor deze zomerzoektocht om partiturencompilaties uit de te onderzoeken. Partituren werden om uiteenlopende redenen gebundeld, en je kon er makkelijk iets in kwijt dat niet goed te plaatsen viel. In zo’n bundel ontdekte Ton Koopman bijvoorbeeld eens een onbekende van Händel – in zijn eigen bibliotheek.

Juist omdat zijn muziekhandschrift onbekend is, kan eroverheen gekeken zijn.

Ik reis deze zomer Europa door, op bibliothekentour. Ditmaal is niet Venetië de belangrijkste halte, maar Krakau. Daar bevindt zich een beroemd archief, de Biblioteka Jagiellońska, die in de veertiende eeuw samen met de gelijknamige universiteit werd gesticht. Onderzoeksobject is de zogenoemde Berlinka, een betwiste collectie van honderdduizenden historische manuscripten en drukken uit de voormalige Preussische Staatsbibliothek in Berlijn, die tijdens de Tweede Wereldoorlog naar de Jagiellońska werd overgebracht. Duitsland wil de collectie terug, maar Polen beschouwt haar als verworven bezit. Beroemde autografen van Bach, Beethoven, Chopin en Mozart liggen hier, naast vroege drukken van Monteverdi. Vanwege de politieke heisa is de collectie pas sinds 1987 onder bepaalde voorwaarden voor onderzoekers toegankelijk. Dat vergroot de kans op een bijzondere vondst.

Met toestemming op zak duik ik de Berlinka in. En dan slaat mijn hart heel even over. In een oude kaartenbak van de manuscriptenzaal, op een kaartje dat niet onder de letter ‘M’ staat, lees ik de woorden ‘Monteverdi’ en ‘’. Terwijl ik op dat moment al alle geregistreerde Monteverdi’s heb gezien. Deze Monteverdi staat niet in de catalogus; precies waar een partiturenspeurder van droomt.

Deze Monteverdi staat niet in de catalogus; precies waar een partiturenspeurder van droomt.

De droom duurt echter slechts een fractie van een seconde. De woorden ‘Monteverdi’ en ‘Arianna’ hebben een magnetische werking op mijn brein, maar meteen daarna zie ik dat er een lidwoord voor Arianna staat: L’Arianna. En dat betekent dat dit het libretto is. Dat kenden we op zich al, maar dit is een bijzonder exemplaar, met alleen de auteursnaam Ottavio Rinuccini erop (dus zonder Monteverdi). Maar het is vooral speciaal vanwege het grote formaat, dat niet in de binnenzak past, terwijl dat destijds staande praktijk was (libretto betekent ‘klein boek’). Ik neem het libretto helemaal door, op zoek naar annotaties en correcties. En naar mogelijke muziek. Een paar autografe noten zouden al een sensationele vondst zijn.

Musicoloog Erwin Roebroeks werkt als schrijver, onderzoeker en curator op het gebied van muziek en . Hij was criticus voor de Neue Zeitschrift für Musik, schreef programmatoelichtingen en essays voor onder meer het Concertgebouworkest en de Bayerische Staatsoper, en programmeerde diverse muziekfestivals, waaronder als gastcurator bij La Biennale di Venezia. Sinds oktober 2022 is hij festivalleider van Musica Sacra Maastricht. Hij ontving een Duits staatsstipendium om in Venetië te zoeken naar Monteverdi’s verdwenen opera .

Deel of bewaar voor laterDelen

Preludium is een uitgave van Concertvrienden