Nog geen account of wachtwoord vergeten? Klik hier
achtergrond

Wat papieronderzoek onthulde over Mozart

door Jos van der Zanden
10 jan. 2026 10 januari 2026

Lang is gedacht dat Wolfgang Amadeus Mozart bij het schrijven van de zogenaamde ‘Pruisische kwartetten’ had teruggegrepen op materiaal uit zijn tienertijd. Papieronderzoek in de jaren 1970 bracht iets heel anders aan het licht.

  • Wolfgang Amadeus Mozart

    anoniem portret, 1788-1790

    Wolfgang Amadeus Mozart

    anoniem portret, 1788-1790

  • Pagina uit Mozarts autograaf van KV 589, op papier met 10 notenbalken

    Pagina uit Mozarts autograaf van KV 589, op papier met 10 notenbalken

  • Wolfgang Amadeus Mozart

    anoniem portret, 1788-1790

    Wolfgang Amadeus Mozart

    anoniem portret, 1788-1790

  • Pagina uit Mozarts autograaf van KV 589, op papier met 10 notenbalken

    Pagina uit Mozarts autograaf van KV 589, op papier met 10 notenbalken

‘im Junis. in Wienn. Ein Quartett für 2 violin, viola et violoncello. für Seine Majestätt dem könig in Preussen’. Dat zinnetje schreef Wolfgang Amadeus Mozart in juni 1789 in de thematische catalogus die hij bijhield. Een paar maanden eerder had hij een concerttournee gemaakt en in Berlijn voor de koning gespeeld. Dat leidde kennelijk tot een compositie­opdracht. Of het voor een reeks van zes strijkkwartetten was, zoals Mozart zijn vriend Michael von Puchberg wilde doen geloven om een lening van hem los te krijgen, is twijfelachtig. In elk geval bracht hij er eind 1791 maar drie naar uitgever Artaria. Die adverteerde ervoor in de Wiener Zeitung in dezelfde maand dat de componist het ­tijdelijke voor het eeuwige verruilde, postuum dus. Tegenwoordig kennen we het drietal als de ‘Pruisische ­kwartetten’ – vanwege die opmerking in Mozarts catalogus. Maar de kwartetten verschenen zonder opdracht. ­Koning Wilhelm II kwam dan ook nooit over de brug met een vergoeding.

De bewaarde manuscripten

Sinds 1907 liggen de originele handschriften van de drie kwartetten in de British Library in Londen. Ze kwamen herhaaldelijk onder het vergrootglas van deskundigen, met verrassend resultaat. Zo werd in de jaren dertig van de vorige eeuw door Alfred Einstein vastgesteld dat sommige bladen in kleur en dikte erg afwijken van de rest. Bovendien wijkt Mozarts handschrift af. Aangenomen werd daarom dat deze dikke, grijzige bladen met tien gedrukte notenbalken (op andere bladen zijn het er twaalf) ouder waren dan de rest, misschien zelfs veel ouder.

Het handschrift leek op dat van een slordige tiener

Bij het componeren, zo werd geconcludeerd, had Mozart teruggegrepen op ouder materiaal. Sommige thema’s, bijvoorbeeld die van de eerste twee delen van KV 575, had hij ontleend aan heel vroege schetsen, en ook voor KV 589 had hij oude papieren uit de kast getrokken en oud materiaal overgenomen en verder uitgewerkt. Vanwege haast? Of uit gebrek aan inspiratie? Daarover kon alleen maar worden gespeculeerd. Maar het plompe handschrift en de weinig precieze pen leken erop te wijzen dat dit de notatie was van een slordige tiener, niet die van een volwassen man. Dit alles kwam in de Neue Mozart Ausgabe terecht, en werd als algemeen feit aanvaard.

Papieronderzoek

Gelukkig staat de muziekwetenschap niet stil. In de jaren 1970 brak het watermerkonderzoek door: handschriften konden worden gedateerd door middel van het watermerk in het papier, in combinatie met de notenbalkopdruk en iemands handschriftontwikkeling. Onderzoek naar de ongewone bladen van de Pruisische kwartetten bracht aan het licht dat dit papier onmogelijk in Wenen kon zijn aangeschaft. Het was namelijk van Boheemse origine en in Wenen was zoiets destijds niet te koop. Het kwam van papiermolens in de provincie en was voor lokaal gebruik. Mozart moest zijn notenpapier hebben aangeschaft op reis, vrijwel zeker in of rond Praag.

Van Praag naar Wenen

Al snel viel het kwartje: dit ‘provinciaalse’ ruwe papier had hij vast gekocht direct nadat hij vanuit Berlijn terugreisde naar Wenen, met de compositieopdracht van de koning in zijn achterzak. Dat zou het slordige handschrift kunnen verklaren. Want in plaats van de onbesuisde tiener was hier wel degelijk de volwassen man aan het werk. Niet ontspannen thuis aan tafel, maar tijdens het horten en stoten van de door paarden voortgetrokken postkoets die hem over hobbelige bospaadjes naar huis transporteerde. Tussen 30 mei en 2 juni 1789, zo was de conclusie, moest Mozart ergens rond Praag zijn uitgestapt omdat hij zonder papier zat. Ideeën voor nieuwe kwartetten gonsden rond in zijn hoofd, maar hij kon ze niet opschrijven. Liever inferieur papier en een slechte pen gekocht, moet hij gedacht hebben, dan goede ideeën vergeten.

Over hobbelige bospaadjes schreef Mozart zijn kwartetten

Bekijken we de handschriften van nabij, dan blijkt dat het gehele kwartet KV 575 al onderweg moet zijn voltooid. En van KV 589 de eerste twee delen. Toen kwam Mozart thuis en werd hij in beslag genomen door dagelijkse beslommeringen. Het componeren raakte in het slop. De rest van de kwartetten is op Weens papier geschreven, met twaalf notenbalken – veel handiger voor vierstemmige muziek. 

Maakdip

Wat nu in Londen ligt, geeft een prachtig inkijkje in Mozarts leven. Het getuigt van inspiratie, ambitie, ongeduld, enthousiasme, financiële nood, doorzettingsvermogen, levenslust, sleur... Het duurde lang voordat het drietal kwartetten af was. Zo geïnspireerd als hij was begonnen, zo moeizaam en traag haalde Mozart de slotstreep. Geen wonder dat hij terugkeek op ‘mühsame Arbeit’. Dit alles weerspreekt het traditionele beeld van een componist die probleemloos muziek uit zijn mouw schudt wanneer hij er even serieus voor gaat zitten. De Pruisische kwartetten suggereren het tegendeel: inspiratie was iets wat er moet ‘zijn’, zoals onderweg in de koets. Die kon je kon je niet ‘afdwingen’. Zelfs niet wanneer je Mozart heette.

vr 27 februari | Kleine Z­aal 
Hagen Qu­artett
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma

‘im Junis. in Wienn. Ein Quartett für 2 violin, viola et violoncello. für Seine Majestätt dem könig in Preussen’. Dat zinnetje schreef Wolfgang Amadeus Mozart in juni 1789 in de thematische catalogus die hij bijhield. Een paar maanden eerder had hij een concerttournee gemaakt en in Berlijn voor de koning gespeeld. Dat leidde kennelijk tot een compositie­opdracht. Of het voor een reeks van zes strijkkwartetten was, zoals Mozart zijn vriend Michael von Puchberg wilde doen geloven om een lening van hem los te krijgen, is twijfelachtig. In elk geval bracht hij er eind 1791 maar drie naar uitgever Artaria. Die adverteerde ervoor in de Wiener Zeitung in dezelfde maand dat de componist het ­tijdelijke voor het eeuwige verruilde, postuum dus. Tegenwoordig kennen we het drietal als de ‘Pruisische ­kwartetten’ – vanwege die opmerking in Mozarts catalogus. Maar de kwartetten verschenen zonder opdracht. ­Koning Wilhelm II kwam dan ook nooit over de brug met een vergoeding.

De bewaarde manuscripten

Sinds 1907 liggen de originele handschriften van de drie kwartetten in de British Library in Londen. Ze kwamen herhaaldelijk onder het vergrootglas van deskundigen, met verrassend resultaat. Zo werd in de jaren dertig van de vorige eeuw door Alfred Einstein vastgesteld dat sommige bladen in kleur en dikte erg afwijken van de rest. Bovendien wijkt Mozarts handschrift af. Aangenomen werd daarom dat deze dikke, grijzige bladen met tien gedrukte notenbalken (op andere bladen zijn het er twaalf) ouder waren dan de rest, misschien zelfs veel ouder.

Het handschrift leek op dat van een slordige tiener

Bij het componeren, zo werd geconcludeerd, had Mozart teruggegrepen op ouder materiaal. Sommige thema’s, bijvoorbeeld die van de eerste twee delen van KV 575, had hij ontleend aan heel vroege schetsen, en ook voor KV 589 had hij oude papieren uit de kast getrokken en oud materiaal overgenomen en verder uitgewerkt. Vanwege haast? Of uit gebrek aan inspiratie? Daarover kon alleen maar worden gespeculeerd. Maar het plompe handschrift en de weinig precieze pen leken erop te wijzen dat dit de notatie was van een slordige tiener, niet die van een volwassen man. Dit alles kwam in de Neue Mozart Ausgabe terecht, en werd als algemeen feit aanvaard.

Papieronderzoek

Gelukkig staat de muziekwetenschap niet stil. In de jaren 1970 brak het watermerkonderzoek door: handschriften konden worden gedateerd door middel van het watermerk in het papier, in combinatie met de notenbalkopdruk en iemands handschriftontwikkeling. Onderzoek naar de ongewone bladen van de Pruisische kwartetten bracht aan het licht dat dit papier onmogelijk in Wenen kon zijn aangeschaft. Het was namelijk van Boheemse origine en in Wenen was zoiets destijds niet te koop. Het kwam van papiermolens in de provincie en was voor lokaal gebruik. Mozart moest zijn notenpapier hebben aangeschaft op reis, vrijwel zeker in of rond Praag.

Van Praag naar Wenen

Al snel viel het kwartje: dit ‘provinciaalse’ ruwe papier had hij vast gekocht direct nadat hij vanuit Berlijn terugreisde naar Wenen, met de compositieopdracht van de koning in zijn achterzak. Dat zou het slordige handschrift kunnen verklaren. Want in plaats van de onbesuisde tiener was hier wel degelijk de volwassen man aan het werk. Niet ontspannen thuis aan tafel, maar tijdens het horten en stoten van de door paarden voortgetrokken postkoets die hem over hobbelige bospaadjes naar huis transporteerde. Tussen 30 mei en 2 juni 1789, zo was de conclusie, moest Mozart ergens rond Praag zijn uitgestapt omdat hij zonder papier zat. Ideeën voor nieuwe kwartetten gonsden rond in zijn hoofd, maar hij kon ze niet opschrijven. Liever inferieur papier en een slechte pen gekocht, moet hij gedacht hebben, dan goede ideeën vergeten.

Over hobbelige bospaadjes schreef Mozart zijn kwartetten

Bekijken we de handschriften van nabij, dan blijkt dat het gehele kwartet KV 575 al onderweg moet zijn voltooid. En van KV 589 de eerste twee delen. Toen kwam Mozart thuis en werd hij in beslag genomen door dagelijkse beslommeringen. Het componeren raakte in het slop. De rest van de kwartetten is op Weens papier geschreven, met twaalf notenbalken – veel handiger voor vierstemmige muziek. 

Maakdip

Wat nu in Londen ligt, geeft een prachtig inkijkje in Mozarts leven. Het getuigt van inspiratie, ambitie, ongeduld, enthousiasme, financiële nood, doorzettingsvermogen, levenslust, sleur... Het duurde lang voordat het drietal kwartetten af was. Zo geïnspireerd als hij was begonnen, zo moeizaam en traag haalde Mozart de slotstreep. Geen wonder dat hij terugkeek op ‘mühsame Arbeit’. Dit alles weerspreekt het traditionele beeld van een componist die probleemloos muziek uit zijn mouw schudt wanneer hij er even serieus voor gaat zitten. De Pruisische kwartetten suggereren het tegendeel: inspiratie was iets wat er moet ‘zijn’, zoals onderweg in de koets. Die kon je kon je niet ‘afdwingen’. Zelfs niet wanneer je Mozart heette.

vr 27 februari | Kleine Z­aal 
Hagen Qu­artett
Bestel hier kaarten
Bekijk het concertprogramma

Dit artikel wordt u gratis aangeboden door Preludium. Meer lezen? Probeer nu twee maanden gratis!