Nog geen account of wachtwoord vergeten? Klik hier

Scherpdenkers: Sheila Sitalsing en Berlage Saxophone Quartet

Scherpdenkers: Sheila Sitalsing en Berlage Saxophone Quartet

Kleine Zaal
21 april 2026
20.15 uur

Print dit programma

Sheila Sitalsing spreker

Berlage Saxophone Quartet:
Lars Niederstrasser sopraansaxofoon
Peter Vigh altsaxofoon
Juani Palop Tecles tenorsaxofoon
Eva van Grinsven baritonsaxofoon

Dit concert maakt deel uit van de serie Scherpdenkers.

WAAR IK ME VOOR SCHAAM

Wijnand van Klaveren (1975)

Medley ‘Goed Fout’ (2025)
Badenweiler-Marsch & Horst Wessel-Lied
Olympische Hymne
Illusion
Ja, das ist meine Melodie
Schlafe, mein Geliebter
Fortune plango vulnera – In trutina – O Fortuna (uit ‘Carmina Burana’)
wereldpremière; in opdracht van Het Concertgebouw 

Hanns Eisler (1898-1962)

Orkestsuite nr. 6, op. 40 (1934)
bewerking voor saxofoonkwartet door Christoph Enzel
Allegro
Largo
Andante
Andante con moto
Marcia 

John Cage (1912-1992)

Four5 (1991)

er is geen pauze
einde ± 21.30 uur

Kleine Zaal 21 april 2026 20.15 uur

Sheila Sitalsing spreker

Berlage Saxophone Quartet:
Lars Niederstrasser sopraansaxofoon
Peter Vigh altsaxofoon
Juani Palop Tecles tenorsaxofoon
Eva van Grinsven baritonsaxofoon

Dit concert maakt deel uit van de serie Scherpdenkers.

WAAR IK ME VOOR SCHAAM

Wijnand van Klaveren (1975)

Medley ‘Goed Fout’ (2025)
Badenweiler-Marsch & Horst Wessel-Lied
Olympische Hymne
Illusion
Ja, das ist meine Melodie
Schlafe, mein Geliebter
Fortune plango vulnera – In trutina – O Fortuna (uit ‘Carmina Burana’)
wereldpremière; in opdracht van Het Concertgebouw 

Hanns Eisler (1898-1962)

Orkestsuite nr. 6, op. 40 (1934)
bewerking voor saxofoonkwartet door Christoph Enzel
Allegro
Largo
Andante
Andante con moto
Marcia 

John Cage (1912-1992)

Four5 (1991)

er is geen pauze
einde ± 21.30 uur

Toelichting

Toelichting

door Sheila Sitalsing en Wijnand van Klaveren

Sneeuwvlok

Ik las ergens dat een sneeuwvlok zich niet verantwoordelijk voelt voor een lawine. Maar zonder sneeuwvlok geen lawine. Na de oorlog, waarmee ik de Tweede ­Wereldoorlog bedoel, zei mijn opa dat hij een ­sneeuwvlok was geweest. Hij had lang en ­enthousiast gewerkt voor de Nationaal ­Socialistische Beweging, de NSB, in een mooie betrekking. Hij had hoog opgegeven van de goede werken van Adolf Hitler en zich omstandig beklaagd over de Joden. Hij had een oorlog lang gewapend ­rondgeparadeerd in uniform. Hij had uitstekend gegeten van zijn collaboratie. 

Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen?

Maar achteraf bleef hij volhouden dat het allemaal per ongeluk en toevallig was geweest. Onbewust. Onbedoeld. Juist góed bedoeld.

Hij was beslist niet de enige die heeft geprobeerd foute keuzes recht te praten, nadat hij erachter was gekomen dat hij aan de verkeerde kant van de geschiedenis was beland. Daarna volgden de straf en het grote zwijgen. In families als de onze werd zó hardnekkig gezwegen dat ik pas bij het overlijden van mijn moeder – negen jaar geleden – voor de allereerste keer hoorde dat mijn grootvader een NSB’er was.

We maken allemaal keuzes, iedere dag opnieuw, meestal snel. Het leven zou ondoenlijk worden als we over alles langdurig zouden wikken en wegen. Af en toe wappert er een keuze langs die fundamenteel is, die je een pad op kan voeren dat naar verschrikkelijke gevolgen leidt en naar spijt wanneer het te laat is. Het probleem van dat soort keuzes is dat ze vaak onschuldig en alledaags lijken. Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen? En wat doe je wanneer je verkeerd blijkt te hebben gekozen? Neem je verantwoordelijkheid, leg je rekenschap af, laat je de schaamte en de ontreddering toe? Of zeg je: ik was slechts een sneeuwvlok?

Duitsland 1933-1945

Tijdens dit Scherpdenkersconcert klinkt muziek uit het politiek beladen Duitsland van de jaren 1933-1945, waarin voor iedereen het maken van eigen keuzes onder druk stond. Voor de vele vervolgden, omdat hun leven op het spel stond, maar ook voor degenen die niet direct vervolgd werden, bleef er vaak niets anders over dan opportunisme en meebewegen met het regime. In die laatste categorie heb ik composities geselecteerd die een en ander gemeen hebben: het zijn aantrekkelijke, goed geschreven stukken van uitermate getalenteerde componisten die geen oorlogsmisdaden hebben gepleegd, maar die ook niet kunnen worden vrijgepleit van opportunisme en het profiteren van de omstandig­heden. 

Van Klaveren: Medley ‘Goed Fout’

Van alle officiële propagandamuziek zijn de Badenweiler-­Ma­rsch en het Horst Wessel-­Li­ed het meeste in herinnering gebleven. Beide pro-Duitse stukken uit de Eerste Wereldoorlog werden door Hitler vaak bij partijbijeenkomsten gebruikt en zijn na 1945 blijven klinken in films en documentaires. Horst Wessel (1907-1930), SA-­propagandist, schreef de tekst al in 1929 op een bestaande melodie uit de Eerste ­Wereldoorlog. De moord op hem door communisten in 1930 werd dankbaar aangegrepen door de nationaalsocia­listen om hem tot martelaar uit te roepen. Als tegenhanger van De Internationale werd het Horst Wessel-Lie­d in 1933 meteen tot officiële hymne van de NSDAP verheven. Een status als tweede volkslied naast het Deutschland, Deutschland über alles wees Hitler echter af.

Richard Strauss leverde in 1934 zijn Olympische Hymne af voor de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Om een geschikte liedtekst te vinden werd uiteindelijk een prijsvraag uitgeschreven. Uit 3.000 inzendingen kwam één bruikbaar vers met het refreinmotief Olympia tevoorschijn. Een fragment van de hymne klinkt in de documentaire Olympia van Leni Riefenstahl (1902-2003). In haar carrière gingen talent, opportunisme en grote kansen hand in hand. Ook amusement in film en muziek moest de partij dienen en stond onder directe controle van Minister van Propaganda Joseph Goebbels. Actrices en zangeressen als Brigitte Horney (Illusion), Ilse Werner (Ja, das ist meine Melodie – opnieuw gezongen door Carice van Houten in de film Zwartboek (2006) van Paul Verhoeven – en Zarah Leander (Schlafe, mein Geliebter) hielden het midden tussen het arische ideaal en de femme fatale en fungeerden zo als voorbeeld én verleiding.

Carl Orff schreef zijn bekende ­Carmina Burana in 1935-36 en wist zonder directe propagandamuziek te schrijven toch zijn kansen in ­nazi-Duitsland optimaal te benutten als componist van originele muziek.

Eisler: Zesde orkestsuite

Hanns Eisler: Joods, sociaal bewogen, veelzijdig, had affiniteit met lichte muziek, cabaret én de twaalftoonsmuziek van zijn leraar Arnold Schönberg, en vertegenwoordigde dus zo ongeveer alle categorieën waar Hitler-Duitsland fel tegen ageerde. Gelukkig wist hij in 1933 naar de Verenigde Staten te vluchten. Daar werd hij in 1948 als communist gebrandmerkt en het land uitgezet. Tot zijn overlijden in 1962 leefde hij in Oost-Berlijn. En ook daar kwam hij klem te zitten tussen kunst en politiek. Aanvankelijk stond hij op één lijn met de nieuwe Duitse ­Democratische Republiek, componeerde haar officiële hymne Auferstanden aus Ruinen en werkte opnieuw samen met zijn levens­lange vriend Bertolt Brecht. Maar ook daar belemmerde machtspolitiek uiteindelijk een goede verstandhouding tussen de machthebbers en de componist. In de vroege jaren dertig vervaardigde Eisler zes orkestsuites op basis van zijn eigen filmpartituren. In deze suites klinkt het gemak door waarmee de componist de werelden van klassieke, lichte en cabaretmuziek wist te verenigen. In de zesde suite klinkt muziek uit de film Le Grand Jeu (1934), over een jonge advocaat die zich bij het Vreemdelingenlegioen meldt om liefdesperikelen te ontwijken.

Cage: Four5

In een poging om los te komen van ego, politiek en de omstandigheden vond de Amerikaanse componist John Cage in het zenboeddhisme de geestelijke basis van zijn werk: complete onthechting én maximale vrijheid voor de uitvoerenden van zijn composities. In 1991 schreef hij Four5 voor saxofoonkwartet. Ieder lid van het ensemble krijgt vijftien noten, een tijdschema in seconden en een geweldige hoeveelheid flexibiliteit bij het invullen van de twaalf minuten die het stuk duurt. De lengte van de noten, alle dynamiek en intonatie zijn variabel. Een muzikale vertaling van het zijn uit de oosterse denkbeelden in plaats van het worden uit de westerse wereld.  

Sneeuwvlok

Ik las ergens dat een sneeuwvlok zich niet verantwoordelijk voelt voor een lawine. Maar zonder sneeuwvlok geen lawine. Na de oorlog, waarmee ik de Tweede ­Wereldoorlog bedoel, zei mijn opa dat hij een ­sneeuwvlok was geweest. Hij had lang en ­enthousiast gewerkt voor de Nationaal ­Socialistische Beweging, de NSB, in een mooie betrekking. Hij had hoog opgegeven van de goede werken van Adolf Hitler en zich omstandig beklaagd over de Joden. Hij had een oorlog lang gewapend ­rondgeparadeerd in uniform. Hij had uitstekend gegeten van zijn collaboratie. 

Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen?

Maar achteraf bleef hij volhouden dat het allemaal per ongeluk en toevallig was geweest. Onbewust. Onbedoeld. Juist góed bedoeld.

Hij was beslist niet de enige die heeft geprobeerd foute keuzes recht te praten, nadat hij erachter was gekomen dat hij aan de verkeerde kant van de geschiedenis was beland. Daarna volgden de straf en het grote zwijgen. In families als de onze werd zó hardnekkig gezwegen dat ik pas bij het overlijden van mijn moeder – negen jaar geleden – voor de allereerste keer hoorde dat mijn grootvader een NSB’er was.

We maken allemaal keuzes, iedere dag opnieuw, meestal snel. Het leven zou ondoenlijk worden als we over alles langdurig zouden wikken en wegen. Af en toe wappert er een keuze langs die fundamenteel is, die je een pad op kan voeren dat naar verschrikkelijke gevolgen leidt en naar spijt wanneer het te laat is. Het probleem van dat soort keuzes is dat ze vaak onschuldig en alledaags lijken. Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen? En wat doe je wanneer je verkeerd blijkt te hebben gekozen? Neem je verantwoordelijkheid, leg je rekenschap af, laat je de schaamte en de ontreddering toe? Of zeg je: ik was slechts een sneeuwvlok?

Duitsland 1933-1945

Tijdens dit Scherpdenkersconcert klinkt muziek uit het politiek beladen Duitsland van de jaren 1933-1945, waarin voor iedereen het maken van eigen keuzes onder druk stond. Voor de vele vervolgden, omdat hun leven op het spel stond, maar ook voor degenen die niet direct vervolgd werden, bleef er vaak niets anders over dan opportunisme en meebewegen met het regime. In die laatste categorie heb ik composities geselecteerd die een en ander gemeen hebben: het zijn aantrekkelijke, goed geschreven stukken van uitermate getalenteerde componisten die geen oorlogsmisdaden hebben gepleegd, maar die ook niet kunnen worden vrijgepleit van opportunisme en het profiteren van de omstandig­heden. 

Van Klaveren: Medley ‘Goed Fout’

Van alle officiële propagandamuziek zijn de Badenweiler-­Ma­rsch en het Horst Wessel-­Li­ed het meeste in herinnering gebleven. Beide pro-Duitse stukken uit de Eerste Wereldoorlog werden door Hitler vaak bij partijbijeenkomsten gebruikt en zijn na 1945 blijven klinken in films en documentaires. Horst Wessel (1907-1930), SA-­propagandist, schreef de tekst al in 1929 op een bestaande melodie uit de Eerste ­Wereldoorlog. De moord op hem door communisten in 1930 werd dankbaar aangegrepen door de nationaalsocia­listen om hem tot martelaar uit te roepen. Als tegenhanger van De Internationale werd het Horst Wessel-Lie­d in 1933 meteen tot officiële hymne van de NSDAP verheven. Een status als tweede volkslied naast het Deutschland, Deutschland über alles wees Hitler echter af.

Richard Strauss leverde in 1934 zijn Olympische Hymne af voor de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Om een geschikte liedtekst te vinden werd uiteindelijk een prijsvraag uitgeschreven. Uit 3.000 inzendingen kwam één bruikbaar vers met het refreinmotief Olympia tevoorschijn. Een fragment van de hymne klinkt in de documentaire Olympia van Leni Riefenstahl (1902-2003). In haar carrière gingen talent, opportunisme en grote kansen hand in hand. Ook amusement in film en muziek moest de partij dienen en stond onder directe controle van Minister van Propaganda Joseph Goebbels. Actrices en zangeressen als Brigitte Horney (Illusion), Ilse Werner (Ja, das ist meine Melodie – opnieuw gezongen door Carice van Houten in de film Zwartboek (2006) van Paul Verhoeven – en Zarah Leander (Schlafe, mein Geliebter) hielden het midden tussen het arische ideaal en de femme fatale en fungeerden zo als voorbeeld én verleiding.

Carl Orff schreef zijn bekende ­Carmina Burana in 1935-36 en wist zonder directe propagandamuziek te schrijven toch zijn kansen in ­nazi-Duitsland optimaal te benutten als componist van originele muziek.

Eisler: Zesde orkestsuite

Hanns Eisler: Joods, sociaal bewogen, veelzijdig, had affiniteit met lichte muziek, cabaret én de twaalftoonsmuziek van zijn leraar Arnold Schönberg, en vertegenwoordigde dus zo ongeveer alle categorieën waar Hitler-Duitsland fel tegen ageerde. Gelukkig wist hij in 1933 naar de Verenigde Staten te vluchten. Daar werd hij in 1948 als communist gebrandmerkt en het land uitgezet. Tot zijn overlijden in 1962 leefde hij in Oost-Berlijn. En ook daar kwam hij klem te zitten tussen kunst en politiek. Aanvankelijk stond hij op één lijn met de nieuwe Duitse ­Democratische Republiek, componeerde haar officiële hymne Auferstanden aus Ruinen en werkte opnieuw samen met zijn levens­lange vriend Bertolt Brecht. Maar ook daar belemmerde machtspolitiek uiteindelijk een goede verstandhouding tussen de machthebbers en de componist. In de vroege jaren dertig vervaardigde Eisler zes orkestsuites op basis van zijn eigen filmpartituren. In deze suites klinkt het gemak door waarmee de componist de werelden van klassieke, lichte en cabaretmuziek wist te verenigen. In de zesde suite klinkt muziek uit de film Le Grand Jeu (1934), over een jonge advocaat die zich bij het Vreemdelingenlegioen meldt om liefdesperikelen te ontwijken.

Cage: Four5

In een poging om los te komen van ego, politiek en de omstandigheden vond de Amerikaanse componist John Cage in het zenboeddhisme de geestelijke basis van zijn werk: complete onthechting én maximale vrijheid voor de uitvoerenden van zijn composities. In 1991 schreef hij Four5 voor saxofoonkwartet. Ieder lid van het ensemble krijgt vijftien noten, een tijdschema in seconden en een geweldige hoeveelheid flexibiliteit bij het invullen van de twaalf minuten die het stuk duurt. De lengte van de noten, alle dynamiek en intonatie zijn variabel. Een muzikale vertaling van het zijn uit de oosterse denkbeelden in plaats van het worden uit de westerse wereld.  

door Sheila Sitalsing en Wijnand van Klaveren

Toelichting

door Sheila Sitalsing en Wijnand van Klaveren

Sneeuwvlok

Ik las ergens dat een sneeuwvlok zich niet verantwoordelijk voelt voor een lawine. Maar zonder sneeuwvlok geen lawine. Na de oorlog, waarmee ik de Tweede ­Wereldoorlog bedoel, zei mijn opa dat hij een ­sneeuwvlok was geweest. Hij had lang en ­enthousiast gewerkt voor de Nationaal ­Socialistische Beweging, de NSB, in een mooie betrekking. Hij had hoog opgegeven van de goede werken van Adolf Hitler en zich omstandig beklaagd over de Joden. Hij had een oorlog lang gewapend ­rondgeparadeerd in uniform. Hij had uitstekend gegeten van zijn collaboratie. 

Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen?

Maar achteraf bleef hij volhouden dat het allemaal per ongeluk en toevallig was geweest. Onbewust. Onbedoeld. Juist góed bedoeld.

Hij was beslist niet de enige die heeft geprobeerd foute keuzes recht te praten, nadat hij erachter was gekomen dat hij aan de verkeerde kant van de geschiedenis was beland. Daarna volgden de straf en het grote zwijgen. In families als de onze werd zó hardnekkig gezwegen dat ik pas bij het overlijden van mijn moeder – negen jaar geleden – voor de allereerste keer hoorde dat mijn grootvader een NSB’er was.

We maken allemaal keuzes, iedere dag opnieuw, meestal snel. Het leven zou ondoenlijk worden als we over alles langdurig zouden wikken en wegen. Af en toe wappert er een keuze langs die fundamenteel is, die je een pad op kan voeren dat naar verschrikkelijke gevolgen leidt en naar spijt wanneer het te laat is. Het probleem van dat soort keuzes is dat ze vaak onschuldig en alledaags lijken. Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen? En wat doe je wanneer je verkeerd blijkt te hebben gekozen? Neem je verantwoordelijkheid, leg je rekenschap af, laat je de schaamte en de ontreddering toe? Of zeg je: ik was slechts een sneeuwvlok?

Duitsland 1933-1945

Tijdens dit Scherpdenkersconcert klinkt muziek uit het politiek beladen Duitsland van de jaren 1933-1945, waarin voor iedereen het maken van eigen keuzes onder druk stond. Voor de vele vervolgden, omdat hun leven op het spel stond, maar ook voor degenen die niet direct vervolgd werden, bleef er vaak niets anders over dan opportunisme en meebewegen met het regime. In die laatste categorie heb ik composities geselecteerd die een en ander gemeen hebben: het zijn aantrekkelijke, goed geschreven stukken van uitermate getalenteerde componisten die geen oorlogsmisdaden hebben gepleegd, maar die ook niet kunnen worden vrijgepleit van opportunisme en het profiteren van de omstandig­heden. 

Van Klaveren: Medley ‘Goed Fout’

Van alle officiële propagandamuziek zijn de Badenweiler-­Ma­rsch en het Horst Wessel-­Li­ed het meeste in herinnering gebleven. Beide pro-Duitse stukken uit de Eerste Wereldoorlog werden door Hitler vaak bij partijbijeenkomsten gebruikt en zijn na 1945 blijven klinken in films en documentaires. Horst Wessel (1907-1930), SA-­propagandist, schreef de tekst al in 1929 op een bestaande melodie uit de Eerste ­Wereldoorlog. De moord op hem door communisten in 1930 werd dankbaar aangegrepen door de nationaalsocia­listen om hem tot martelaar uit te roepen. Als tegenhanger van De Internationale werd het Horst Wessel-Lie­d in 1933 meteen tot officiële hymne van de NSDAP verheven. Een status als tweede volkslied naast het Deutschland, Deutschland über alles wees Hitler echter af.

Richard Strauss leverde in 1934 zijn Olympische Hymne af voor de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Om een geschikte liedtekst te vinden werd uiteindelijk een prijsvraag uitgeschreven. Uit 3.000 inzendingen kwam één bruikbaar vers met het refreinmotief Olympia tevoorschijn. Een fragment van de hymne klinkt in de documentaire Olympia van Leni Riefenstahl (1902-2003). In haar carrière gingen talent, opportunisme en grote kansen hand in hand. Ook amusement in film en muziek moest de partij dienen en stond onder directe controle van Minister van Propaganda Joseph Goebbels. Actrices en zangeressen als Brigitte Horney (Illusion), Ilse Werner (Ja, das ist meine Melodie – opnieuw gezongen door Carice van Houten in de film Zwartboek (2006) van Paul Verhoeven – en Zarah Leander (Schlafe, mein Geliebter) hielden het midden tussen het arische ideaal en de femme fatale en fungeerden zo als voorbeeld én verleiding.

Carl Orff schreef zijn bekende ­Carmina Burana in 1935-36 en wist zonder directe propagandamuziek te schrijven toch zijn kansen in ­nazi-Duitsland optimaal te benutten als componist van originele muziek.

Eisler: Zesde orkestsuite

Hanns Eisler: Joods, sociaal bewogen, veelzijdig, had affiniteit met lichte muziek, cabaret én de twaalftoonsmuziek van zijn leraar Arnold Schönberg, en vertegenwoordigde dus zo ongeveer alle categorieën waar Hitler-Duitsland fel tegen ageerde. Gelukkig wist hij in 1933 naar de Verenigde Staten te vluchten. Daar werd hij in 1948 als communist gebrandmerkt en het land uitgezet. Tot zijn overlijden in 1962 leefde hij in Oost-Berlijn. En ook daar kwam hij klem te zitten tussen kunst en politiek. Aanvankelijk stond hij op één lijn met de nieuwe Duitse ­Democratische Republiek, componeerde haar officiële hymne Auferstanden aus Ruinen en werkte opnieuw samen met zijn levens­lange vriend Bertolt Brecht. Maar ook daar belemmerde machtspolitiek uiteindelijk een goede verstandhouding tussen de machthebbers en de componist. In de vroege jaren dertig vervaardigde Eisler zes orkestsuites op basis van zijn eigen filmpartituren. In deze suites klinkt het gemak door waarmee de componist de werelden van klassieke, lichte en cabaretmuziek wist te verenigen. In de zesde suite klinkt muziek uit de film Le Grand Jeu (1934), over een jonge advocaat die zich bij het Vreemdelingenlegioen meldt om liefdesperikelen te ontwijken.

Cage: Four5

In een poging om los te komen van ego, politiek en de omstandigheden vond de Amerikaanse componist John Cage in het zenboeddhisme de geestelijke basis van zijn werk: complete onthechting én maximale vrijheid voor de uitvoerenden van zijn composities. In 1991 schreef hij Four5 voor saxofoonkwartet. Ieder lid van het ensemble krijgt vijftien noten, een tijdschema in seconden en een geweldige hoeveelheid flexibiliteit bij het invullen van de twaalf minuten die het stuk duurt. De lengte van de noten, alle dynamiek en intonatie zijn variabel. Een muzikale vertaling van het zijn uit de oosterse denkbeelden in plaats van het worden uit de westerse wereld.  

Sneeuwvlok

Ik las ergens dat een sneeuwvlok zich niet verantwoordelijk voelt voor een lawine. Maar zonder sneeuwvlok geen lawine. Na de oorlog, waarmee ik de Tweede ­Wereldoorlog bedoel, zei mijn opa dat hij een ­sneeuwvlok was geweest. Hij had lang en ­enthousiast gewerkt voor de Nationaal ­Socialistische Beweging, de NSB, in een mooie betrekking. Hij had hoog opgegeven van de goede werken van Adolf Hitler en zich omstandig beklaagd over de Joden. Hij had een oorlog lang gewapend ­rondgeparadeerd in uniform. Hij had uitstekend gegeten van zijn collaboratie. 

Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen?

Maar achteraf bleef hij volhouden dat het allemaal per ongeluk en toevallig was geweest. Onbewust. Onbedoeld. Juist góed bedoeld.

Hij was beslist niet de enige die heeft geprobeerd foute keuzes recht te praten, nadat hij erachter was gekomen dat hij aan de verkeerde kant van de geschiedenis was beland. Daarna volgden de straf en het grote zwijgen. In families als de onze werd zó hardnekkig gezwegen dat ik pas bij het overlijden van mijn moeder – negen jaar geleden – voor de allereerste keer hoorde dat mijn grootvader een NSB’er was.

We maken allemaal keuzes, iedere dag opnieuw, meestal snel. Het leven zou ondoenlijk worden als we over alles langdurig zouden wikken en wegen. Af en toe wappert er een keuze langs die fundamenteel is, die je een pad op kan voeren dat naar verschrikkelijke gevolgen leidt en naar spijt wanneer het te laat is. Het probleem van dat soort keuzes is dat ze vaak onschuldig en alledaags lijken. Waar het om gaat in het leven is: hoe herken je de keuzes die ertoe doen? En wat doe je wanneer je verkeerd blijkt te hebben gekozen? Neem je verantwoordelijkheid, leg je rekenschap af, laat je de schaamte en de ontreddering toe? Of zeg je: ik was slechts een sneeuwvlok?

Duitsland 1933-1945

Tijdens dit Scherpdenkersconcert klinkt muziek uit het politiek beladen Duitsland van de jaren 1933-1945, waarin voor iedereen het maken van eigen keuzes onder druk stond. Voor de vele vervolgden, omdat hun leven op het spel stond, maar ook voor degenen die niet direct vervolgd werden, bleef er vaak niets anders over dan opportunisme en meebewegen met het regime. In die laatste categorie heb ik composities geselecteerd die een en ander gemeen hebben: het zijn aantrekkelijke, goed geschreven stukken van uitermate getalenteerde componisten die geen oorlogsmisdaden hebben gepleegd, maar die ook niet kunnen worden vrijgepleit van opportunisme en het profiteren van de omstandig­heden. 

Van Klaveren: Medley ‘Goed Fout’

Van alle officiële propagandamuziek zijn de Badenweiler-­Ma­rsch en het Horst Wessel-­Li­ed het meeste in herinnering gebleven. Beide pro-Duitse stukken uit de Eerste Wereldoorlog werden door Hitler vaak bij partijbijeenkomsten gebruikt en zijn na 1945 blijven klinken in films en documentaires. Horst Wessel (1907-1930), SA-­propagandist, schreef de tekst al in 1929 op een bestaande melodie uit de Eerste ­Wereldoorlog. De moord op hem door communisten in 1930 werd dankbaar aangegrepen door de nationaalsocia­listen om hem tot martelaar uit te roepen. Als tegenhanger van De Internationale werd het Horst Wessel-Lie­d in 1933 meteen tot officiële hymne van de NSDAP verheven. Een status als tweede volkslied naast het Deutschland, Deutschland über alles wees Hitler echter af.

Richard Strauss leverde in 1934 zijn Olympische Hymne af voor de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Om een geschikte liedtekst te vinden werd uiteindelijk een prijsvraag uitgeschreven. Uit 3.000 inzendingen kwam één bruikbaar vers met het refreinmotief Olympia tevoorschijn. Een fragment van de hymne klinkt in de documentaire Olympia van Leni Riefenstahl (1902-2003). In haar carrière gingen talent, opportunisme en grote kansen hand in hand. Ook amusement in film en muziek moest de partij dienen en stond onder directe controle van Minister van Propaganda Joseph Goebbels. Actrices en zangeressen als Brigitte Horney (Illusion), Ilse Werner (Ja, das ist meine Melodie – opnieuw gezongen door Carice van Houten in de film Zwartboek (2006) van Paul Verhoeven – en Zarah Leander (Schlafe, mein Geliebter) hielden het midden tussen het arische ideaal en de femme fatale en fungeerden zo als voorbeeld én verleiding.

Carl Orff schreef zijn bekende ­Carmina Burana in 1935-36 en wist zonder directe propagandamuziek te schrijven toch zijn kansen in ­nazi-Duitsland optimaal te benutten als componist van originele muziek.

Eisler: Zesde orkestsuite

Hanns Eisler: Joods, sociaal bewogen, veelzijdig, had affiniteit met lichte muziek, cabaret én de twaalftoonsmuziek van zijn leraar Arnold Schönberg, en vertegenwoordigde dus zo ongeveer alle categorieën waar Hitler-Duitsland fel tegen ageerde. Gelukkig wist hij in 1933 naar de Verenigde Staten te vluchten. Daar werd hij in 1948 als communist gebrandmerkt en het land uitgezet. Tot zijn overlijden in 1962 leefde hij in Oost-Berlijn. En ook daar kwam hij klem te zitten tussen kunst en politiek. Aanvankelijk stond hij op één lijn met de nieuwe Duitse ­Democratische Republiek, componeerde haar officiële hymne Auferstanden aus Ruinen en werkte opnieuw samen met zijn levens­lange vriend Bertolt Brecht. Maar ook daar belemmerde machtspolitiek uiteindelijk een goede verstandhouding tussen de machthebbers en de componist. In de vroege jaren dertig vervaardigde Eisler zes orkestsuites op basis van zijn eigen filmpartituren. In deze suites klinkt het gemak door waarmee de componist de werelden van klassieke, lichte en cabaretmuziek wist te verenigen. In de zesde suite klinkt muziek uit de film Le Grand Jeu (1934), over een jonge advocaat die zich bij het Vreemdelingenlegioen meldt om liefdesperikelen te ontwijken.

Cage: Four5

In een poging om los te komen van ego, politiek en de omstandigheden vond de Amerikaanse componist John Cage in het zenboeddhisme de geestelijke basis van zijn werk: complete onthechting én maximale vrijheid voor de uitvoerenden van zijn composities. In 1991 schreef hij Four5 voor saxofoonkwartet. Ieder lid van het ensemble krijgt vijftien noten, een tijdschema in seconden en een geweldige hoeveelheid flexibiliteit bij het invullen van de twaalf minuten die het stuk duurt. De lengte van de noten, alle dynamiek en intonatie zijn variabel. Een muzikale vertaling van het zijn uit de oosterse denkbeelden in plaats van het worden uit de westerse wereld.  

door Sheila Sitalsing en Wijnand van Klaveren

Biografie

Sheila Sitalsing, spreker

Sheila Sitalsing is journalist, schrijver en econoom en schrijft essays en columns over politiek en maatschappij. Elf jaar lang schreef ze om de dag een veelgelezen bijdrage in de Volkskrant; ze werd ervoor bekroond met de Heldringprijs voor beste columnist van Nederland. In 2024 ontving ze een eredoctoraat van de Universiteit voor Humanistiek.

Sheila Sitalsing schreef de politieke biografie Mark, portret van een premier (2016) over (inmiddels oud-)premier Rutte en bundelde haar columns over coronajaar 2020 in Dagboek van een krankzinnig jaar. In 2025 verscheen haar nieuwste boek Waar ik me voor schaam. Het gaat over de collaboratie van haar grootouders in de Tweede Wereldoorlog, over zwijgen en het doorgeven van schuld.

Tijdens de 36ste Abel Herzberglezing op 21 september 2025 koppelde ze die thema’s aan bespiegelingen van Abel Herzberg over de totalitaire verleiding. Dagblad Trouw en podium De Rode Hoed organiseren deze lezing jaarlijks, ter nagedachtenis aan de advocaat, procureur, schrijver en essayist Abel Herzberg (Amsterdam, 1893-1989). In Het Concertgebouw laat Sheila Sitalsing de thema’s uit haar persoonlijke boek opnieuw aan de orde komen.

Berlage Saxophone Quartet, saxofoonkwartet

Het Berlage Saxophone Quartet is de voorvechter van een generatie saxofoonkwartetten die deze ensemblevorm stevig op de kaart heeft gezet. Altsaxofonist Peter Vigh is tevens huisarrangeur en componist, en op het repertoire staat muziek van Renaissance tot heden.

Het kwartet werd in 2008 opgericht in de klas van Arno Bornkamp op het Conservatorium van Amsterdam, en is vernoemd naar de architect die zijn naam gaf aan een van de studentenhuisvestigingen van het conservatorium.

In 2011 kreeg het Berlage Saxophone Quartet een stipendium van de Deutscher Musikwettbewerb, in 2013 won het de Dutch Classical Talent Award (inclusief Concertgebouwdebuut in een Lunchconcert) en in 2015 ontving het de Kersjes Prijs. In Berlijn gingen de vier saxofonisten gezamenlijk in de leer bij het befaamde Artemis Quartett – een strijkkwartet.

Het Berlage Saxophone Quartet produceert concerten, voorstellingen en videoclips waarin het de krachten bundelde met bijvoorbeeld schrijver/verteller Jan Brokken, muziektheatergroep Via Berlin en de lichtontwerpers van Blauwe Uur. Tot nog toe verschenen vier cd’s: SaxoFOLK (2014; klassiek geïnspireerd door volksmuziek), In Search of Freedom (2017; componisten in een lastig politiek parket), Goldberg Variations (2021; Bach) en Dance with Me (2022; met LUDWIG en Barbara Hannigan).

Het vorige optreden van het Berlage Saxophone Quartet in de Kleine Zaal was op 4 april 2024 in een Scherpdenkers-editie met Vincent Bijlo over naamgever Berlage. In september 2024 verzorgde het ensemble bovendien de familieconcerten De familie Sax.