Interview

Reizen door de ziel

Uit het Preludium maandblad februari 2019

Kenners komen woorden te kort om de kwaliteiten van Patricia Petibon te prijzen. Zo omschrijft dirigent Daniel Harding de sopraan als een groot musicienne, die zich vocaal en emotioneel volledig aan de muziek wijdt. Zelf relativeert ze al deze loftuitingen met een verbaasde blik en een minzame glimlach. 

Patricia Petibon groeide op in een veelstemmige omgeving. ‘In onze familie werd veel en goed gezongen, dus ik was altijd omringd door stemmen: thuis door die van mijn moeder, die een mooie zang­stem had, maar ook buiten, op de markt van Montargis [in midden-­Frankrijk], waar de marktkooplui bijna zingend aan het werk waren. Zingen was dus heel natuurlijk voor me en ik zong al als heel klein kind. Behalve aan tafel, dan moest ik mijn mond houden.’

Bekijk het concertprogramma van 5 februari 2019: Patricia Petibon en Susan Manoff

Haar eerste echte muzikale ervaring bracht een schok bij haar teweeg. ‘Mijn ouders hadden me meegenomen naar de opera, waar we de operette Im ­weissen Rössl zagen. Dat heeft een enorme indruk op me gemaakt. Het theater, al die kleuren, die kostuums, die stemmen... Hoewel ik er toen nooit aan gedacht heb zangeres te worden, heeft dat wel een natuurlijke behoefte aan schoonheid, aan een imaginaire wereld, bij me wakker gemaakt. Ik zou altijd op zoek blijven naar de geheimen van het leven – eigenlijk was ik als kind het liefst kosmonaut geworden!’

Emoties delen

Haar ouders waren beiden leraar en een zangstudie was niet de eerste optie voor de jonge Patricia. Wel ging ze al vroeg naar de muziekschool, waar ze vooral belangstelling voor de strijkinstrumen­ten bleek te hebben. Aan zingen dacht ze nog niet. Na de middelbare school koos ze aanvankelijk voor een studie beeldende kunst – waaraan ze misschien haar uitdrukking ‘schilderen met de stem’ ontleent – later gevolgd door musicologie.

‘Ik had geen ambitie zangeres te worden, het overkwam me. Het leven leidt je uiteindelijk naar de plek waar je thuishoort’

‘Mijn stem heb ik pas als jongvolwassene ontdekt’, legt ze uit. ‘Ik had geen ambitie zangeres te worden, het overkwam me. Het leven leidt je uiteindelijk naar de plek waar je thuishoort en voor mij was dat het theater. Maar ik weet nog altijd niet of ik zangeres ben, dat word ik pas als ik de bühne op ga. Want pas op het opera­toneel of het concertpodium – beide zijn me even lief – ervaar je wie je bent en wat je voor anderen kunt betekenen. Mijn emoties kunnen delen is waarom ik van zingen houd.’

Nog tijdens haar conservatoriumstudie in Parijs werd ze ontdekt door de Amerikaanse dirigent William Christie, die haar op het spoor van de Franse barokmuziek wist te zetten. ‘Ik heb een beweeglijke stem met een grote omvang, die ik graag voor veel verschillende muziekstijlen inzet. Maar ik krijg het niet cadeau, zo’n stem vergt dagelijks onderhoud en een regelmatige leefwijze. Ik rook en drink niet, hoewel ik dol op wijn ben. Alleen in de vakanties wil ik nog wel eens een glaasje wijn drinken.’

Extremen

Met haar komisch talent en even groot gevoel voor drama, is Patricia Petibon een uitgesproken theatrale persoonlijkheid. Beeldschoon, met lange rode krullen waarmee ze telkens andere fraaie kapsels creëert. Ook haar zelfverzeker­de manier van vragen beantwoorden – ondanks de verbaasde oogopslag die daarmee in tegenspraak lijkt – maakt haar tot een geliefde gast in populaire talkshows.

Haar repertoire reikt van de Franse Barok tot belcanto en hedendaagse muziek. In 1996 debuteerde ze, 26 jaar oud, in Rameaus Hippolyte et Aricie, dit seizoen zong zij haar eerste Violetta in Verdi’s La traviata. Maar ze deinst ook niet terug voor een optreden met bekende jazzmuzikanten. Zoals met haar voormalige partner, de in februari 2018 overleden jazzviolist Didier Lockwood.

Start / pauzeer slideshow

Voor haar recitals stelt ze graag niet-alledaagse programma’s samen. ‘Ik houd van extremen’, verklaart ze haar eigenzinnige keuzes. ‘Wat dat betreft is Callas voor mij een voorbeeld. Zij was zo’n fascinerende persoonlijkheid dat ze wereldwijd een schok veroorzaakte. Niet iedereen was het eens met haar manier van zingen en vertolken, maar ze volgde haar eigen weg en was volstrekt eerlijk tegenover zichzelf. Het ging bij haar niet alleen om mooi of perfect, maar ze durfde risico’s te nemen en emotioneel de schoonheid te omarmen. Voor mij zijn dat de aller­belangrijkste aspecten van dit vak.’

Theaterstukje

Patricia Petibon maakt van elk recital graag een klein theaterstukje, al doet ze dat naar eigen zeggen absoluut niet om te provoceren. ‘Ik wil gewoon niet zo’n stijve zangeres zijn, die in de bocht van de vleugel braaf staat te zingen.’

Hoe kiest ze dan haar repertoire? ‘Er zijn componisten, vooral de Franse, die al mijn leven lang met me meegaan en mij na aan het hart liggen. Ik zoek net zo lang in hun partituren tot ik voel dat iets me wezenlijk raakt. Je leest de tekst, bekijkt de muziek en hoopt daar diepe waarheden in te vinden en die zo goed mogelijk tot klinken te kunnen brengen. Door veel te praten met Susan [Patricia’s vaste pianiste Susan Manoff, HPdB], je voorstellingsvermogen in te schakelen en te proberen zo’n nieuw lied in je stem te krijgen. Maar het uiteindelijke doel is toch het spel met de muziek en vooral plezier hebben in het zingen.’

‘De Spaanse liederen op mijn programma in Het Concertgebouw heb ik zuiver intuïtief gekozen. Spanje heeft me altijd gefascineerd, en de muziek, het aardse, het directe en vaak melancholieke, spreekt me zeer aan. Er is ook een historische band tussen de Franse en de Spaanse muziek, ze hebben elkaar geïnspireerd: het raffinement van de Franse muziek en de diep in het volk gewortelde melancholie van de Spaanse.’ Ze noemt het chanter vrai, een uitdrukking die ze vaker bezigt.

Eigen universum

Op mijn vraag of de opera haar liedkunst heeft beïnvloed, zegt ze na enig nadenken: ‘Het zijn verschillende klankwerelden, en de invloed is wederzijds. Het is als een mozaïek, waarin je de verschillende muzikale werelden moet ontdekken. Optreden betekent een andere dimensie binnengaan, fysiek en qua concentratie. Ik noem het mijn eigen universum.

Voor ik het podium op ga ervaar ik de ruimte, de kosmos. Daar geef ik me aan over en dat geeft me de kracht het centrum te zijn in mijn eigen universum. Het moeilijkst van mijn professie is om volledig in het moment te zijn, je voortdurend bewust te zijn van wat je als zanger wilt overbrengen.’

Wanneer ervaart ze een optreden als succesvol? ‘Je voelt zelf of wat je doet beantwoordt aan wat je je had voorgesteld’, vindt ze. ‘Je bent natuurlijk nooit tevreden, je wilt altijd je eigen grenzen verleggen. Maar als het publiek gelukkig is, ben ik dat eigenlijk ook wel.’