Column

Dromen zijn bedrog, Youp

Uit het Preludium maandblad mei 2018

Youp van ’t Hek daalt in zijn dromen weleens de hoge trap van Het Concertgebouw af, om vervolgens het applaus gulzig in ontvangst te nemen. De musicus van vlees en bloed ervaart het proces over het algemeen heel anders...

Ooit las ik een column van Youp van ’t Hek waarin hij beschreef waar hij over droomt als hij naar een concert komt luisteren in Het Concertgebouw. Hij voelt zich dan even de musicus, daalt van die hoge trap af, neemt het applaus gulzig in ontvangst, speelt het publiek emotioneel aan flarden en geniet er intens van hoe de mensen ademloos naar hem luisteren. Wat een heerlijke fantasie.

De musicus van vlees en bloed ervaart het hele proces over het algemeen heel anders. Hij heeft talloze nachtmerries gehad over het verdwalen in onbekende concertgebouwen, over zijn instrument dat plotseling op onverklaarbare wijze is gesmolten, over het dramatisch struikelen op die ­lange trap, over het zich plotseling poedelnaakt op het podium bevinden…

Start / pauzeer slideshow

Soms ook heeft hij zich vertwijfeld afgevraagd: ‘Wie ben ik om deze muziek te mogen vertolken?’ En als hij dan eindelijk op het podium staat en het applaus in ontvangst neemt verzucht hij: ‘Hopelijk lukt het me om me niet te laten afleiden door die mevrouw op de eerste rij, die net even uit de maat zit mee te zwaaien.’ Om maar niet te spreken over de meneer die zijn hoest probeert te onderdrukken met een snoepje dat niet van zijn verpakking los lijkt te willen komen…

Vervolgens zet de musicus alle trucs die hij kent in om al die hersenspinsels van zich af te schudden. De beste truc, als je het zo oneerbiedig mag noemen, is om alleen nog maar te luisteren naar de muziek, naar het geluid dat je voortbrengt, en letterlijk en figuurlijk met dat geluid te spelen. Als dat lukt dan kan er nog zoveel fout gaan, jíj zit dan in die felbegeerde ‘flow’.

Het publiek verplaatst zich in de musicus, ís voor zo lang als het duurt die musicus, en de musicus verplaatst zich in de luisteraar. De musicus reageert puur op wat hij hoort en zijn lichaam vibreert als het ware mee met de klanken – en dat is waarschijnlijk nou juist de sleutel tot de magie die er in een concertzaal kan ontstaan. Dromen an sich zijn misschien wel bedrog, maar uiteindelijk zijn ze onontbeerlijk voor een symbiotische en ultieme concertbelevenis.

Anna de Vey Mestdagh is tweede violiste in het Koninklijk Concertgebouworkest. Maandelijks schrijft ze openhartig over het orkestleven.

Lees meer columns