Nog geen account of wachtwoord vergeten? Ga dan naar concertgebouw.nl

Wat zijn pauken?

pauken

Een set keteltrommen, op toonhoogte gestemd. Een van de belangrijkste slagwerkinstrumenten van het orkest.

Wat zijn pauken?

Een pauk is een trom met een drumvel van zo’n 50 tot 80 centimeter in diameter. Dit vel is gespannen over een resonerende koperen (of kunststof) ‘ketel’. Bij orkestpauken kan de spanning van het vel worden geregeld met een voetpedaal, zodat de paukenist tijdens het concert nog kan wisselen van toonhoogte.

Het aantal benodige pauken varieert van twee tot wel vier of vijf, die als een halve cirkel om de paukenist staan opgesteld. Behalve op de toonhoogte, heeft de paukenist ook invloed op het timbre van zijn pauken. Dat doet hij/zij door te wisselen met verschillende soorten mallets, de speelstokken. Groter, kleiner, harder, zachter; met elke variatie in mallets geeft een paukenist zijn pauken een ander geluid.

Hoe lang worden pauken al gespeeld?

Wanneer precies de eerste pauken bespeeld werden, is moeilijk vast te stellen. Er zijn bronnen die het bespelen van keteldrums suggereren in de Mesopotamische beschaving, rond 2000 voor Christus. Je kunt het dus met recht een oud instrument noemen.

De keteldrum is daarna nooit meer verdwenen in de verschillende opvolgende beschavingen. In Europa werd de keteldrum vooral onderdeel van krijgsmuziek, in broederlijke combinatie met de trompet. Van de 13e-eeuwse kruistochten is bijvoorbeeld bekend dat deze combinatie een rol speelde.

Vanaf de 15e eeuw werden er zelfs keteldrums bevestigd aan zadels van de cavalerie, geïnspireerd op Ottomaans voorbeeld. De keteldrum kreeg gaandeweg steeds meer aanzien en behoorde na verloop van tijd exclusief toe aan hoge edelen en elitetroepen.

RCO-slagwerker Nick Woud achter de pauken

foto: Milagro Elstak

RCO-slagwerker Nick Woud achter de pauken

foto: Milagro Elstak

RCO-slagwerker Nick Woud achter de pauken

foto: Milagro Elstak

RCO-slagwerker Nick Woud achter de pauken

foto: Milagro Elstak

Wanneer maakte de pauk zijn intrede in het orkest?

Pas in de 16e en 17e eeuw ging de keteldrum vaster onderdeel uitmaken van orkesten, waarbij het tot dan toe meestal geïmproviseerde spelen steeds meer plaatsmaakte voor het spelen van voorgeschreven muziek. De broederlijke combinatie met de trompet verdween echter niet. Een goed (en oud) voorbeeld van deze combinatie in orkestmuziek is het intro van Monteverdi’s Orfeo. Ook Bach besteedde een seculier werk aan deze combinatie in zijn cantate Tönet, ihr Pauken! Erschallet, Trompeten!

Door de ontwikkeling van het instrument en vooral ook de mallets, konden pauken een steeds belangrijkere rol vervullen in het orkest. Haydn’s 94ste symfonie zou niet voor niks  ‘De symfonie met de paukenslag zijn’, omdat Haydn het publiek met de pauken wakker zou hebben willen schudden.

Beethoven bracht de rol van het instrument een stapje verder, door meer dan alleen de gebruikelijke kwarten en kwinten aan de pauken toe te schrijven. Berlioz deed een duit in het zakje door als eerste voor te schrijven welke mallets gebruikt moesten worden.