Wat is ambitus?

ambitus

De ambitus is het toonbereik van een stem of instrument: de afstand tussen de laagste en hoogste toon die het kan spelen.

Waar wordt het woord ambitus voor gebruikt?

In de muziek wordt het woord ambitus gebruikt om de totale omvang van het aantal tonen dat een instrument kan spelen te benoemen. Ook een melodie kan een ambitus hebben, dat is dan het toonbereik waarbinnen een melodie zich afspeelt. Hoe groter de afstand tussen de laagste en hoogste toon, hoe groter de ambitus en hoe dynamischer de melodie. Het woord ambitus is afgeleid van het Latijnse ‘ambire’, dat rondgaan of omcirkelen betekent.

Hoe groot is de ambitus van verschillende instrumenten?

Instrumenten als marimba, orgel en piano (ruim zeven octaven) hebben een grote ambitus. De meeste blaasinstrumenten hebben een bereik van bijna drie octaven, de klarinet spant de kroon met bijna vier octaven. Onder de strijkinstrumenten heeft de cello het grootste bereik, terwijl de ambitus van de viool het hoogst ligt. Een geschoolde zangstem beweegt zich normaal gesproken binnen een ambitus van twee tot tweeënhalf octaaf.

Een vreemde ambitus

In de Gregoriaanse traditie, tussen de negende en twaalfde eeuw, vond men een melodie perfect als de ambitus niet groter was dan het interval van een octaaf plus een of twee noten. De muziek van de middeleeuwse componist Hildegard van Bingen is daarop een uitzondering. De melodieën die zij schreef waren veel beweeglijker, zoals in het onderstaande voorbeeld. Een mogelijke verklaring hiervan is dat zij op die manier haar visioenen van de hemel wilde verbeelden.