Volop Beethoven bij Lang Lang en Andris Nelsons

Lang Lang piano
Mahler Chamber Orchestra
Andris Nelsons dirigent

Dit concert maakt deel uit van de serie Grote Solisten.

Lees ook:
Lang Lang in 7 uitspraken
Hoe zit Beethovens Vijfde symfonie in elkaar?
- Wat maakt Beethoven Beethoven?

Ludwig van Beethoven (1770-1827)

Ouverture ‘Coriolan’ in c kl.t., op. 62 (1807)

Pianoconcert nr. 3 in c kl.t., op. 37 (1800-03)
Allegro con brio
Largo
Rondo: Allegro

pauze ± 21.05 uur

Symfonie nr. 5 in c kl.t., op. 67 (1804-08)
Allegro con brio
Andante con moto
Allegro
Finale: Allegro

einde ± 22.05 uur

Toelichting

Ludwig van Beethoven 1770-1827

Ouverture 'Coriolan'

Door Axel Meijer

In 1807 gaat in Wenen het toneelstuk Coriolan van Heinrich von Collin in reprise. De auteur vraagt Ludwig van Beethoven een dramatische opening te componeren. Het toneelstuk, dat grotendeels het voorbeeld volgt van Shakespeares gelijknamige werk, verdwijnt na die eerste heropvoering voorgoed van de planken, maar Beethovens ouverture is een blijvende publieks­favoriet. Het stuk staat in Beethovens geliefde tragische-heldentoonsoort c klein en schildert breed de inhoud van Collins drama. In de krachtige en onstuimige opening zet Beethoven de onverzettelijke Romeinse generaal ­Coriolanus neer, in zijn eer aangetast door de Romeinse senaat.

  • Smeekbede van Romeinse vrouwen bij Corolianus’ moeder en echtgenote

Op wraak belust sluit hij zich aan bij de vijanden van Rome, die een inval voorbereiden. Een afvaardiging van edelvrouwen, onder wie Coriolanus’ moeder en echtgenote, smeekt om Coriolanus’ genade, met een beroep op zijn vaderlandsliefde. Deze smeekbede is vervat in een tweede, zangeriger , in de verwante Es groot. Beethoven laat de twee contrasterende thema’s – enerzijds onverzettelijkheid en vergeldingsdrang, anderzijds verzoening en trouw – in toenemende hevigheid wedijveren. Verscheurd door tegenstrijdige gevoelens geeft Coriolanus uiteindelijk toe. Het kost hem zijn leven: bij Shakespeare wordt hij vermoord, bij Collin maakt hij zelf een eind aan zijn leven. Beethoven zet deze teloorgang op muziek door beide thema’s te laten desintegreren tot er niets overblijft dan een wegstervend . In deze dynamische schildering van verhaal en innerlijke beroering wijst Beethovens 62 vooruit naar de symfonische gedichten van een of twee generaties later, zoals Hamlet van Franz Liszt en Othello van Antonín Dvořák.

Ludwig van Beethoven 1770-1827

Derde pianoconcert

Door Clemens Romijn

In oktober 1802 dreef een aanhoudend gesuis in zijn oren Ludwig van Beethoven bijna tot zelfmoord. Hij was pas 32 jaar! Maar tegelijkertijd ging het hem voor de wind. Beethoven vertelde aan het eind van dat jaar ­enthousiast aan zijn vrienden dat hij een nieuwe weg was ingeslagen. Hij doelde op een ‘heroïsche’ weg, met als sterkste voorbeelden de Derde symfonie, ‘Eroica’ genaamd, en het Derde pianoconcert. Dat concert is meer een symfonie met piano. Het begint met een uitgebreide orkestinleiding van maar liefst 110 maten, zonder ook maar één noot van de piano; een gedurfde vondst zonder enig precedent. Het concert had een lange ontstaansgeschiedenis.

De eerste schetsen kwamen al op papier in 1796. Maar bij de première in 1803 speelde Beethoven het werk zo goed als uit zijn hoofd. De pianopartij schreef hij pas een jaar later uit. En een virtuoze solocadens bij het eerste deel schreef hij pas in 1809, zo’n dertien jaar na de eerste schetsen. De dag van de première, 5 april 1803, was zeer hectisch. Beethoven riep zijn leerling Ferdinand Ries om vijf uur
’s ochtends bij zich. Die trof de componist aan in bed, bedolven onder de papieren en koortsachtig schrijvend aan de partijen voor ’s avonds.

Na het hartstochtelijke eerste deel valt geleidelijk licht in het tragische donker

De repetities begonnen om acht uur ’s ochtends in aanwezigheid van prins Lichnovsky, een van Beethovens enthousiaste pleit­bezorgers. Tegen de middag waren de musici uitgeput en liet de prins grote manden met eten aanrukken om het moreel op te krikken. Er werd nog de hele middag gewerkt en het concert begon om zes uur. Beethovens leerling Ignaz Seyfried sloeg bij het pianoconcert de pagina’s om. ‘Maar hemeltje lief’, rapporteerde Seyfried, ‘ik zag bijna alleen maar lege bladzijden, met   hier en daar wat Egyptische hiëroglyfen die alleen Beethoven kon ontcijferen. Hij speelde de hele partij grotendeels uit het hoofd, want hij had geen tijd gehad die op te schrijven. Ik was als de dood dat ik fout zou omslaan en zijn kleine knikje niet zou zien. Beethoven was hierover zeer geamuseerd.’

Het concert begint eenvoudig, en typisch voor Beethoven, met een simpel maar onheilspellend van vier maten. Maar Beethovens uitwerking, vooral van het klopmotief kort-kort-kort-lang (zoals ook in zijn Vijfde symfonie klinkt), is fantastisch. Het eerste deel is overladen met drama, maar tegelijk in zichzelf gekeerd. En de ­piano, die in de eerste 110 maten moest zwijgen, neemt verderop revanche. Na de blijft de piano tot de laatste maat van de van de partij. Dan volgt een zangerig Largo, met prachtige ara­besken in de piano en ­lange spanningsbogen in het orkest. Het is ondanks de c klein levenslustig en spits, vol plotselinge wendingen en onverwachte en. Aan het einde wordt de dramatiek flink opgeschroefd, naar het voorbeeld van Mozarts Pianoconcert in c klein, KV 491 (1786), Beethovens lievelingsconcert.

Ludwig van Beethoven 1770-1827

Vijfde symfonie

Door Christiane Schima

Geen andere symfonie van Ludwig van Beethoven, ook de Derde, ‘Eroica’, en zelfs de Negende niet, bereikte zo’n grote populariteit als de Vijfde. Haar uit slechts vier tonen bestaande beginmotief is waarschijnlijk het beroemdste in de muziekgeschiedenis. Geen ander werk van Beethoven past beter bij de nog steeds voortlevende mythe van een componist die zijn noodlot heldhaftig heeft getrotseerd. En dat terwijl allang geen biograaf de in de negentiende eeuw ontstane bijnaam ‘noodlotsymfonie’ meer in de mond zou nemen; of zich zou inlaten met het debat of Beethoven nu wel of niet in verband met deze symfonie gezegd heeft: ‘So pocht das Schicksal an die Pforte!’ Beethovens werk moest van alle romantische franje worden ontdaan. Maar alle inspanningen van serieuze muziek­wetenschappers ten spijt: de Vijfde straalt een pathos uit dat de aan Beethoven toegeschreven woorden als waar doet voorkomen.

Temeer daar de meester zich, zoals in authentieke geschriften gedocumenteerd, meermalen over de heroïsche strijd met zijn noodlot heeft geuit, zij het niet in verband met de Vijfde. Maar onafhankelijk van alle legenden: de symfonie lijkt daadwerkelijk op een dramatische strijd die op het laatst culmineert in een tri­omfantelijke overwinning. Na het hartstochtelijke eerste deel valt geleidelijk licht in het tragische donker. In het laatste deel heeft Beethoven zich vrijgevochten. De hoofdtoonsoort van de symfonie, c klein, wordt in de Finale opgegeven en maakt plaats voor een stralend C groot. Er breekt een onstuimig gejubel uit.

De grandioze werking van de Finale wordt versterkt door de toevoeging van drie trombones en een , een tot dan toe ongebruikelijke bezetting. ‘Alhoewel de bezetting nog geen drie omvat’, aldus Beethoven in een brief aan zijn opdrachtgever graaf Oppersdorff, ‘zal ze toch meer herrie maken dan zes pauken, en dan een betere herrie.’ 

Biografie

Lang Lang, piano

Lang Lang won op zijn vijfde het ­pianoconcours van zijn geboortestad Shenyang, ging op zijn negende naar het Centraal Conservatorium in Peking en won op zijn dertiende de International Tchaikovsky Competition for Young Musicians.

Voor verdere studie bij Gary Graffman aan het Curtis Institute of Music verhuisde hij naar Philadelphia, en met een invalbeurt voor André Watts in Tsjaikovski’s Eerste pianoconcert met het Chicago Symphony Orchestra onder leiding van Christoph Eschenbach brak hij op zijn zeventiende definitief door.

Bij het Concertgebouworkest debuteerde Lang Lang in 2005 met Prokofjevs Derde pianoconcert en was hij voor het laatst te gast in 2019 met Beethovens Tweede pianoconcert; op 10 april 2013 trad hij op tijdens het 125-jarig jubileum van Het Concertgebouw en het Concertgebouworkest.

De pianist verschijnt ook graag in minder klassieke settings: bij Grammy-­uitreikingen speelde hij met Metallica, Pharrell Williams en Herbie Hancock, hij werkt samen met Disney, hij maakte deel uit van de openingsceremonies van de Olympische Spelen 2008 in Peking en het WK Voetbal 2014 in Rio de Janeiro, en vorig jaar luisterde hij de heropening van de Notre-Dame in Parijs op. In 2008 richtte hij zijn Lang Lang International Music Foundation op, en in 2013 werd hij door de Verenigde Naties benoemd als Messenger of Peace met een focus op educatie.

Na solorecitals in 2010, 2014 en 2016 vertolkte Lang Lang in april 2022 in de Bachs Goldberg-variaties. Op 1 juni 2023 soleerde hij bij het Mahler Chamber Orchestra (Beethoven onder leiding van Andris Nelsons) en zijn laatste optreden in Het Concertgebouw was een solorecital op 14 mei 2024 met muziek van Fauré, Robert Schumann en Chopin.

Mahler Chamber Orchestra

Het Mahler Chamber Orchestra werd in 1997 in het leven geroepen door Claudio Abbado, die tot zijn dood in 2014 nauw betrokken bleef bij de artistieke koers.

Het hart van het orkest bestaat uit vijfenveertig musici uit twintig landen, en het repertoire reikt van de Weense Klassieken en de tot en met hedendaagse composities. Zo bracht het gezelschap in 2012 tijdens het Festival van Aix-en-Provence George Benjamins Written on Skin in première onder leiding van de componist.

Daniele Gatti is artistiek adviseur, eredirigent is Daniel Harding en onder de huidige artistieke partners zijn de pianisten Mitsuko Uchida en Yuja Wang. Concertmeesters Matthew Truscott en José Maria Blumenschein leiden de formatie geregeld vanaf de eerste lessenaar.

Naast zijn concerten op de grote podia wereldwijd organiseert het Mahler Chamber Orchestra educatieve projecten voor uiteenlopende doelgroepen, waaronder Feel the Music voor kinderen met gehoorproblemen.

Aan de MCO Academy – sinds 2009 – krijgen getalenteerde jonge musici de kans ervaring op te doen in een professioneel orkest. Iedere zomer vormt het Mahler Chamber Orchestra de kern van het Lucerne Festival Orchestra, en voor de komende vijf jaar voert het orkest de artistieke leiding over de Musikwoche Hitzacker.

In Het Concertgebouw was het Mahler Chamber Orchestra meermaals te gast, de laatste keren in november 2016 en januari 2023 met Mitsuko Uchida en in juni 2023 met Lang Lang.

Andris Nelsons, dirigent

Andris Nelsons was tist in het orkest van zijn geboortestad Riga ­voordat hij in 2001 naar Sint-Petersburg vertrok om directie te studeren bij ­Alexander Titov, gevolgd door privélessen bij Mariss Jansons. Hij werd achtereenvolgens chef-­ van de Letse Nationale Opera (2003-2007), de ­Nordwestdeutsche Philharmonie (2006-2009) en het City of ­Birmingham ­Symphony Orchestra (2008-2015).

Sinds seizoen 2014/2015 is Andris Nelsons ­music director van het Boston ­Symphony Orchestra en sinds februari 2018 ook Kapellmeister van het ­Gewandhausorchester Leipzig. Zijn twee orkesten werken verregaand samen, wat onder meer tot uiting komt in gezamenlijke cd-opnames.

producties leidde Andris Nelsons onder meer bij het Royal Opera House Covent Garden in Londen, de Wiener Staatsoper, de Metropolitan Opera in New York en de Bayreuther Festspiele. Als gastdirigent leidt hij gezelschappen als de Berliner en de Wiener Philharmoniker, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks en de New York Philharmonic.

Sinds augustus 2008 is Andris Nelsons bij het Concertgebouworkest een graag geziene gast: naast concerten in Amsterdam leidde hij het orkest veelvuldig op tournee. Bij de laatste samenwerking, in augustus 2020, stond Rachmaninoffs Tweede symfonie op de lessenaar.