Spotlight Thomas Oliemans en Signum Quartett: Notturno
Thomas Oliemans bariton
Signum Quartett:
Florian Donderer viool
Annette Walther viool
Xandi van Dijk altviool
Thomas Schmitz cello
Dit concert maakt deel uit van de series Spotlight en Strijkers met Variatie.
Zangteksten zijn gratis verkrijgbaar aan de zaal.
Met dank aan de begunstigers van het Fonds Topmusici in de Kleine Zaal.
NOTTURNO
Franz Schubert (1797-1828)
Abendstern, D 806 (1824)
Der Wanderer an den Mond, D 870 (1826)
Schwanengesang, D 744 (1822)
Auf der Bruck, D 853 (1825)
Mokale Koapeng (1963)
Komeng (2003) voor strijkkwartet
Anton Webern (1883-1945)
Langsamer Satz (1905) voor strijkkwartet
Franz Schubert
Quartettsatz in c kl.t., D 703, op. posth. (1820)
Franz Schubert
Auf dem See, D 543 (1817)
Auf dem Wasser zu singen, D 774 (1823)
Die Götter Griechenlands, D 677 (1819)
pauze ± 21.05 uur
Othmar Schoeck (1886-1957)
Notturno, op. 47 (1931-33)
voor bariton en strijkkwartet
Ruhig
Presto
Unruhig bewegt
Ruhig und leise
Rasch und kraftig
einde ± 22.05 uur
Toelichting
NOTTURNO
Door Christiane Schima
Het Signum Quartett en zanger Thomas Oliemans nemen hun publiek mee op een reis door romantische landschappen en de nacht. Naast eren van Franz Schubert klinken ook nieuwere werken die aan de herinneren, zoals Anton Weberns Langsamer Satz voor strijkkwartet en Notturno voor bariton en strijkkwartet van Othmar Schoeck, dat tot de titel voor het hele concert inspireerde. Met Komeng van Mokale Koapeng brengt het Signum Quartett een compositie voor het voetlicht van een landgenoot van altviolist Xandi van Dijk: de Zuid-Afrikaanse componist verbindt de muzikale tradities van hun gedeelde vaderland met de klank van het strijkkwartet.
Schubert
Als één componist het toonbeeld is van het ‘singende, klingende’ Wenen, dan is het wel Franz Schubert. In meer dan 600 liederen en tal van dansen heeft hij de geest van de stad gevangen. In Schuberts liederen worden natuurverschijnselen tot symbolen voor gemoedstoestanden en geestelijke hoogtevluchten. En het wandelen, het onderweg zijn ‘von einem Ort zum andern’ staat voor het leven. Schuberts tekstdichters waren niet altijd de beste en verschillende van hen zouden zonder zijn prachtige verklankingen waarschijnlijk onbekend zijn gebleven. Van de rond tachtig verschillende dichters, onder wie ook veel naamloze, heeft de componist echter een voorkeur gehad voor Goethe (Auf dem See), Schiller (Die Götter Griechenlands) en Mayrhofer, Weens theaterdichter en vriend van Schubert (Abendstern).
In het concert van vandaag worden Schuberts sfeervolle liederen begeleid door strijkkwartet, ter vervanging van de oorspronkelijke pianobegeleiding. De strijkersarrangementen zijn gemaakt door Xandi van Dijk, de altviolist van het Signum Quartett.
De Quartettsatz in c klein behoort tot Schuberts mooiste volwassen werken. De vraag waarom de componist het werk voortijdig zou hebben afgebroken gaf aanleiding tot speculaties. Vond Schubert dat na dit krachtige dramatische deel aan het reeds gezegde niets meer toe te voegen was, zoals vermoedelijk ook in het geval van zijn Achtste symfonie, ‘Onvoltooide’? Het werk, waarvan het manuscript in het bezit van Johannes Brahms zou zijn geweest, was in 1867 – bijna veertig jaar na Schuberts dood – voor het eerst in Wenen te horen.
Koapeng
Het nieuwste werk op dit programma is afkomstig van de Zuid-Afrikaanse componist Mokale Koapeng. Hij is opgegroeid in Soweto en behoort tot de internationaal meest bekende componisten van Zuid-Afrika. Zijn fascinatie voor muziek gaat terug op het zingen in zijn ouderlijk huis, want beide ouders waren verbonden aan een koor in de Anglicaanse Kerk. Komeng is in de provincie Setswana de uitdrukking voor ‘ululatie’ – een met de hand voor de mond geproduceerd melodisch-ritmisch geluid waarmee vrouwen hun zonen na terugkomst van hun eerste schooldag begroeten. Het werk is gebaseerd op de traditionele boog, een als eensnarig muziekinstrument bespeelde handboog. Altviolist Xandi van Dijk schrijft in een toelichting: ‘Komeng werd in 2003 geschreven voor het Bow Project (Grahamstown), dat Zuid-Afrikaanse componisten uitnodigde om de uhadi-eren van Nofonishi Dywili (een Zuid-Afrikaanse boogspeler, zanger en componist) te transcriberen en parafraseren of te herinterpreteren. Het strijkkwartet werd gezien als een manier om een brug te slaan tussen de wereld van de traditionele boogmuziek en de wereld van de nieuwe klassieke muziek.’
Webern
Anton Weberns Langsamer Satz dateert uit de tijd van zijn leerjaren bij Arnold Schönberg. Zijn stijl weifelt – evenals die van zijn leraar uit deze periode – tussen late en expressionisme. Webern knoopt in zijn elegische Langsamer Satz aan bij de grote Weense traditie: Franz Schubert, Johannes Brahms en Gustav Mahler. Maar ook de invloed van Richard Wagner, die met zijn nooit oplossende van het voorspel van zijn Tristan und Isolde de klassieke tonaliteit op losse schroeven zette. Uit Weberns strijkkwartet spreekt een nostalgisch verlangen naar het verleden dat – daarop wijst de breekbaarheid van de compositie – op het punt staat te verdwijnen.
Schoeck
In het oeuvre van de Zwitserse componist Othmar Schoeck staan liederen centraal. Die komen over als een echo van de wereld van Schubert en de Romantiek: ze draaien om het lot van het eenzame individu, zijn ontboezemingen. Aan Notturno liggen (op een uitzondering na) gedichten van de Oostenrijkse dichter Nikolaus Lenau (1802-1850) ten grondslag. Ongetwijfeld is er een zekere zielsverwantschap tussen de aan depressies lijdende Lenau en de door biografen als melancholiek beschreven componist.
Notturno is een liederencyclus die wordt onderbroken door instrumentale intermezzo’s. De teksten en de toon van het werk zijn overwegend zwaarmoedig. Twijfels over toekomstig liefdesgeluk, verontrustende warrige dromen, impressies van het stille woud en verstarrende beelden van een eenzame drinker (‘Ach, wer möchte einsam trinken’, ‘O Einsamkeit, wie trink ich gerne’) stemmen tot nadenken. Een gedicht van de Zwitsere dichter Gottfried Keller (1819-1890) – ‘Heerwagen, mächtig Sternbild der Germanen’ – besluit de cyclus. In Schoecks laatromantische stijl mengt zich die trekken van Schönbergs twaalftoonstechniek vertoont. Toch is Schoeck in wezen een romanticus gebleven.
Biografie
Thomas Oliemans, bariton
In een Spotlightserie in de in seizoen 2021/2022 bracht Thomas Oliemans zijn veelzijdigheid over het voetlicht: hij presenteerde het duorecital Wien, Berlin, Buenos es met sopraan Eva-Maria Westbroek, zong én speelde Schuberts Winterreise, en bracht een programma m Schoecks Notturno met het Signum Quartett.
Thomas Oliemans studeerde aan het Conservatorium van Amsterdam bij Margreet Honig. Bij De Nationale zong de bariton grote rollen in bijvoorbeeld La bohème van Puccini en Aufstieg und Fall der Stadt Mahagonny van Weill, en in 2013 kreeg hij de Prix d’Amis voor zijn Papageno in Mozarts Die Zauberflöte.
Ook stond hij er in nieuwe ’s van Peter-Jan Wagemans, Rob Zuidam, Martijn Padding, Manfred Trojahn en Kaija Saariaho.
In Londen zong Thomas Oliemans zowel bij de English National Opera als bij de Royal Opera Covent Garden, en ook de operahuizen van Hamburg, Berlijn, Genève, Madrid, Toulouse en New York en de festivals van Aix-en-Provence en Salzburg engageerden hem.
Thomas Oliemans werkte met de meeste Nederlandse orkesten; bij het Concertgebouworkest debuteerde hij in 2016 in Bachs Matthäus-Passion. Met Amsterdam Sinfonietta bracht de zanger in de zomer van 2021 een Frans programma, dat uitmondde in de cd Formidable!. In november van dat jaar werd hij live op tv verrast met De Ovatie, de klassieke-muziekprijs van de VSCD.
Onder de buitenlandse orkesten die Thomas Oliemans uitnodigden zijn het Philharmonia Orchestra, het BBC Symphony Orchestra, het Freiburger Barockorchester, Pygmalion en het Yomiuri Symphony Orchestra.
s geeft hij op de belangrijke podia wereldwijd, zo bracht hij in de onder meer de drie grote cycli van Schubert met pianist Malcolm Martineau. Voor Het Concertgebouw maakte Thomas Oliemans met Gijs Groenteman omvangrijke podcastseries over Schuberts Winterreise en Bachs Matthäus-Passion.
Signum Quartett, kwartet
Het Duitse Signum Quartett bestaat sinds 1994 en treedt sinds 2007 op in de huidige bezetting. In de beginjaren was het viertal in de leer bij onder andere het Alban Berg Quartett, het Melos Quartett en het Artemis Quartett. Samenwerkingen met György Kurtág, Walter Levin, Leon Fleisher, Alfred Brendel en Jörg Widmann waren een belangrijke bron van inspiratie.
Het Signum Quartett groeide uit tot een gewilde gast van internationale concertpodia als het Wiener Konzerthaus, de Philharmonie in Keulen, de Elbphilharmonie in Hamburg, de Philharmonie in Parijs en Wigmore Hall in Londen.
Veel opzien baarde het viertal met het social-mediaproject #quartweet, dat componisten uitdaagde een werk van maximaal 280 tekens te twitteren; inzendingen kwamen van onder anderen Brett Dean, Sebastian Currier, Bruno Mantovani en Caroline Shaw.
Voor zijn opname van Lost Prayers van Erkki-Sven Tüür kreeg het Signum Quartett de prijs voor het beste album van het jaar bij de Estonian Music Awards 2021. Het Schubert-album Aus der Ferne kreeg in 2018 een Diapason d’Or en een Klassik, en sindsdien zet het ensemble zijn Schubertcyclus voort.
Bij het vorige optreden in de , in februari 2019, speelde het Signum Quartett het Rosamunde-kwartet van Schubert en het Kreutzer-kwartet van Janáček.


