Spotlight op Lucie Horsch: barok met Altstaedt en Dunford

Lucie Horsch blokfluit
Nicolas Altstaedt cello
Thomas Dunford luit

Dit concert maakt deel uit van de serie Spotlight.

CONVERSATIONS À 3

Joseph Bodin de Boismortier (1689-1755)

Triosonate in g kl.t., PB 439
uit ‘Sonates en trio suivies d’un concerto’, op. 37 (1732)

Jacques Hotteterre (1674-1763)

Rondeau/Gai – Gigue
uit ‘Première suite de pièces à deux dessus‘, op. 4 (1712)

Jean Barrière (1707-1747)

Triosonate nr. 2 in d kl.t.
Adagio/Allegro/Adagio – Aria/Largo – Giga

uit ‘Zes sonates, boek III’ (1736)

François Couperin (1668-1733)

Le Rossignol-en-amour (1716-17)
voor blokfluit en luit (oorspronkelijk voor klavecimbel)

Marin Marais (1656-1728)

Les Voix Humaines (1701)
voor luit solo
Grand Ballet – Le Tourbillon (1711)
voor luit en cello

Johann Sebastian Bach (1685-1750)

Allemande
Courante
uit ‘Suite nr. 2 in d kl.t., BWV 1008’ (1720)
voor cello solo
Prelude – Sarabande – Gigue – Double
uit ‘Suite in c kl.t., BWV 997 (1738-40)
oorspronkelijk voor luit solo, triobewerking Horsch/Dunford/Altstaedt

pauze ± 21.00 uur

Georg Philipp Telemann (1681-1767)

Larghetto – Allegro assai
uit ‘Canonische sonate nr. 3, TWV 40:120’ (1738)
Triosonate in F gr.t., TWV 42: F3 (1739-40)
Vivace – Mesto – Allegro

Giovanni Girolamo Kapsberger (1580-1651)

Toccata nr. 1
uit ‘Libro primo d’intavolatura di lauto’ (1611)

Mario Uccellini (1603-1680)

Aria sopra la Bergamasca in D gr.t., op. 3 (1642)

Antonio Vivaldi (1678-1741)

Cellosonate in e kl.t., RV 40 (1720-30)
Largo
Allegro
Largo
Allegro

Triosonate in a kl.t., RV 86 (jaartal onbekend)
oorspronkelijk voor blokfluit, fagot en basso continuo
Largo
Allegro
Largo cantabile
Allegro molto

einde ± 22.20 uur

Toelichting

Toelichting

Door Marike Tuin

Tussen 1680 en 1750 bloeide de kamermuziek op aan de hoven en in de burgerlijke salons van Europa. Er was een grote vraag naar composities voor kleine ensembles, zowel voor professionele musici als amateurs. Componisten schreven lang niet altijd de precieze bezetting voor en vanavond klinken er verschillende werken die zijn aangepast aan de instrumenten van deze drie musici, waardoor er een zeer rijk palet aan en klinkt. Met name sonates geven veel mogelijkheden, omdat ieder een eigen partij speelt, maar ook een luit of een solo is al rijk van klank. Zo klinken er verschillende soorten ‘conversaties’: monologen, dialogen en driegesprekken.

Bodin de Boismortier

Joseph Bodin de Boismortier schreef toegankelijke maar verfijnde muziek. Zijn Trio­sonate nr. 4 in g klein is bijzonder omdat het een is voor één -­instrument en twee basinstrumenten (gebruikelijker is twee bovenstemmen plus , red.). Voor de bezetting gaf de componist verschillende opties maar hij had de variatie blokfluit, cello en luit ongetwijfeld goedgekeurd.

Hotteterre

Jacques Hotteterre was ten tijde van zijn duetten 4 in dienst bij Lodewijk XIV als tist in het corps de musique van de Grande Écurie, de koninklijke stallen. Deze blazers en trommelaars speelden bij militaire overwinningen, jachten en andere openbare ceremonieën van de koning. Rondeau/Gai – Gigue is pure Franse dansmuziek, waar overigens meestal niet op gedanst werd.

Barrière

Jean-Baptiste Barrière wordt gezien als de eerste grote Franse cellovirtuoos en -componist. Zijn Triosonate nr. 2 in d klein is de enige triosonate in een bundel cellosonates. Ze is bedoeld voor een melodie-instrument, cello en basso continuo. De afwisseling van langzame en snelle delen, met een expressief /Largo, laat horen hoe Barrière de Franse en Italiaanse smaak combineert. De afsluitende Giga is en dansant.

Couperin

Le Rossignol-en-amour van François Couperin is een programmatisch meesterwerkje. ‘De verliefde nachtegaal’ is oorspronkelijk een deel uit Couperins ‘pièces de clavecin’ maar is ook prachtig op blokfluit met luitbegeleiding. De zang van de nachtegaal wordt muzikaal nageschilderd met trillers, loopjes en tedere melodieën.

Marais

Marin Marais, hofgambist van Lodewijk XIV, componeerde met name veel prachtige ­‘pièces de viole’ voor viola da ­gamba, een instrument dat in die tijd in Frankrijk veel geliefder was dan de meer volkse cello. Les Voix Humaines is evenals het stuk van Couperin een ­‘pièce de caractère’; geen dans, maar een expressief, poëtisch stuk dat de menselijke stem imiteert. In het aansluitende Grand Ballet imiteert Marais de sfeer van een hofballet: feestelijk, sierlijk en met veel beweging. Bij Le Tourbillon komen we terecht in een wervelwind; het stuk is onrustig en heeft plotselinge wendingen alsof de muziek ronddraait en je meesleurt.

Bach

De eerste helft van het concert wordt besloten met twee werken van Johann Sebastian Bach. Hoewel de Allemande en Courante uit de Tweede cellosuite in d klein alleen door de cello worden uitgevoerd wordt toch de suggestie van meerstemmigheid gewekt. De Suite in c klein, oorspronkelijk voor klavecimbel of luit, klinkt hier in een triobewerking. In de prelude en de erop volgende Franse dansen laat Bach Duitse ernst en Franse gratie samenkomen.

Telemann

Na de pauze wordt het programma vervolgd met werken van Bachs vriend en collega Georg Philipp Telemann, een van de productiefste componisten aller tijden. Hij componeerde meer dan 3000 werken, waarvan de helft verloren is gegaan. Telemann was extreem veelzijdig; hij speelde zelf een hele reeks instrumenten, waaronder chalumeau (­klarinet), viola da gamba, contrabas en bastrombone, en schreef voor vrijwel alles wat in zijn tijd beschikbaar was. Dit kwam deels door zijn nieuwsgierigheid maar het had ook een commerciële oorzaak: amateurs en hofmusici vroegen om muziek voor specifieke bezettingen, met frisse klankkleuren.

Telemanns Canonische sonate nr. 3 demonstreert zijn liefde voor ische vormen: twee stemmen imiteren elkaar in een ingenieuze . De Triosonate in F groot, oorspronkelijk voor blokfluit, viola da gamba en basso continuo, is rijker van klank, met een melancholisch middendeel dat grote emotionele diepgang biedt. ­Telemann slaagde er met zijn ‘vermischter ­Geschmack’ in om Franse elegantie, Italiaanse melodieusheid en Duitse soliditeit te verenigen.

Kapsberger en Uccellini

Twee vroege Italiaanse meesters zorgen hierna voor andere klanken. Giovanni Girolamo Kapsberger, die geboren werd in Venetië en vermoedelijk geen woord Duits sprak, kreeg als bijnaam ’Il Tedesco’ (‘de Duitser’) vanwege zijn adellijke Duitse afkomst. Hij was een groot ­luitvirtuoos. Zijn Toccata nr. 1 is briljant en improvisatorisch, vol en en snelle passages. Marco Uccellini was een pionier van de vioolmuziek. Zijn Aria sopra la Bergamasca is gebaseerd op een populaire Italiaanse dans met een eenvoudig, steeds herhalend akkoordenschema. Uccellini’s variaties zijn inventief en vol volkse vitaliteit.

Vivaldi

Antonio Vivaldi, componeerde een groot deel van zijn enorme oeuvre voor het Ospedale della Pietà, een opvanghuis voor weesmeisjes en alleenstaande vrouwen in Venetië. De bewoners kregen hier een degelijke muzikale opleiding en gaven fantastische concerten.

De Cellosonate in e klein biedt afwisselend hartstochtelijke melodieën en virtuoze passages voor de cello. De Triosonate in a klein componeerde Vivaldi oorspronkelijk voor blokfluit, fagot en basso continuo. Ook in dit stuk laat Vivaldi zijn meesterschap in kleur en contrast zien. De conversaties van Lucie Horsch, Nicolas Altstaedt en Thomas Dunford eindigen hiermee elegant, expressief en met grote vreugde.

Biografie

Lucie Horsch, blokfluit

Vanaf haar elfde studeerde Lucie Horsch blokfluit bij Walter van Hauwe aan het conservatorium van haar geboorteplaats Amsterdam. Na een pianostudie bij Marjes Benoist en Jan Wijn behaalde ze in 2023 haar master fortepiano bij Olga Pashchenko.

Haar liefde voor zang – ze zong zeven jaar in het Nationaal Kinderkoor – ­resulteerde in een tweede masterstudie in de klas van Xenia Meijer, en als mezzo­sopraan kreeg ze masterclasses van Elly Ameling en Margreet Honig.

Lucie Horsch tourde in Europa met de Academy of Ancient Music, Amsterdam Sinfonietta en het Orkest van de Achttiende Eeuw en in Japan met het B’Rock Orchestra. Ook werkte ze met de Hong Kong Philharmonic en het Los Angeles Chamber Orchestra. Voor kamermuziek ging ze naar de Sommets Musicaux de Gstaad, het Solsberg Festival, de Thüringer Ba­chwochen, de Dresdner Musikfestspiele, het paasfestival in Aix-en-Provence, Wigmore Hall in Londen, KKL Luzern en het Wiener Konzerthaus.

Met haar ­debuut-cd gewijd aan Vivaldi won Lucie Horsch in 2017 een Edison; de opvolger, Baroque Journey, kreeg in 2019 een Op­us Klassik. Edison Klassiek Publieksprijzen won ze met Origins (2023) en The Frans Brüggen Project (2025). Lucie Horsch won in 2009 de allereerste editie van het Koninklijk Concertgebouw Concours en kreeg in 2016 de Concertgebouw Young Talent Award, waarna Het Concert­gebouw haar voordroeg voor het ECHO Rising Stars-programma (2021/2022).

In 2020 kreeg ze de Nederlandse Muziekprijs en in 2022 een Borletti-Buitoni Trust ­Fellowship. Haar blokfluiten zijn gebouwd door Seiji Hirao, Frederick Morgan, ­Stephan Blezinger en anderen. Het vorige optreden in de was in oktober 2025 in de serie Close-up, in de week waarin ze ook met het Concertgebouworkest en Maxim Emelyanychev het voor haar gecomponeerde Vents et lyres van Lotta Wennäkoski in wereld­première bracht.

Nicolas Altstaedt, cello

De afgelopen seizoenen maakte de Duits-Franse cellist Nicolas Altstaedt solodebuten bij het Na­tional Symphony Orchestra in Washington, de orkesten van Seattle en Sydney, het London Philharmonic Orchestra, Philharmonia, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, de Staatskapelle Berlin en de Seoul Philharmonic en was hij in residence bij het NDR Elbphilharmonie Orchester, het SWR Symphonieorchester en het Barcelona Symphony Orchestra.

Afgelopen november debuteerde hij bij het Concertgebouworkest met een nieuw werk van Liza Lim, en eerder werd hij uitgenodigd door de Wiener en de Münchner Philharmoniker, het Orchestre National de France, alle BBC-orkesten en het NHK Symphony Orchestra, Tokyo.

Met de componist zelf op de bok gaf hij de Finse première van Esa-Pekka Salonens concert. Nicolas Altstaedt werkte recent ook met oudemuziekgezelschappen als Arcangelo en het Orchestre des Champs-Elysées.

Als heeft hij een nauwe band met het Scottish Chamber Orchestra, het Münchner Kammerorchester en het Orchestre Philharmonique de Radio France, en stond hij ook voor het Budapest Festival Orchestra, het Kyoto Symphony Orchestra en het Orkest van de Achttiende Eeuw. In 2012 volgde hij Gidon Kremer op als artistiek leider van het Kammermusikfestival Lockenhaus.

In seizoen 2017/2018 had Nicolas Altstaedt een Spotlightserie in de , en zijn laatste optreden daar was op 20 december j.l. met pianist Maxim Emelyanychev en violist Aylen Pritchin.

Thomas Dunford, luit

Thomas Dunford werd op zijn negende op het spoor van de luit gezet door zijn eerste docent, Claire Antonini. In 2006 studeerde hij in zijn geboortestad af aan het Conservatoire de Paris bij Charles-Edouard Fantin en in 2009 aan de Schola Cantorum in Bazel bij Hopkinson Smith. Masterclasses volgde hij van onder anderen Rolf Lislevand, Julian Bream en Paul O’Dette.

Zijn eerste podiumervaring deed Thomas Dunford op toen hij in de periode 2003-05 de rol van luitist speelde in Shakespeares Twelfth Night aan de Comédie Française.

s gaf hij sindsdien van Carnegie Hall en de Frick Collection in New York tot Wigmore Hall in Londen en het Palau de la Musica in Barcelona. Ook maakte hij zijn opwachting op de festivals van Ambronay, Nantes, Saintes en Utrecht en trad hij op in Brazilië, Colombia, Chili, Mexico, Israël, China, Japan en India. Naar aanleiding van zijn debuut-cd Lachrimae (2012) noemde BBC Magazine hem de ‘Eric Clapton van de luit’.

Naast zijn solocarrière bespeelt Thomas Dunford verschillende authentieke tokkelinstrumenten in ensembles als Les Arts Florissants, Arcangelo, La Cappella Mediterranea, Stravagante, Le Concert Spirituel, Le Concert d’Astrée, The English Concert, Les Musiciens du Louvre, Pygmalion en Les Siècles. Kamermuziek speelde hij met collega’s als Paul Agnew, Nicola Benedetti, Keyvan Chemirani, Christophe Coin, Iestyn Davies, Isabelle Faust, Bobby McFerrin, Patricia Petibon, Trevor Pinnock en Jean Rondeau. In de van Het Concertgebouw was hij eerder te beluisteren met cellist Nicolas Altstaedt (oktober 2017), violist Théotime Langlois de Swarte (oktober 2022) en blokfluitiste Lucie Horsch (juni 2023).