Sonatesalon: Alisa Weilerstein en Inon Barnatan
Alisa Weilerstein cello
Inon Barnatan piano
Dit concert maakt deel uit van de nieuwe serie Sonatesalon, waarin de geheimen van de sonate uit de doeken worden gedaan in woord én muziek.
Johannes Brahms (1833-1897)
Sonate in D gr.t., op. 78 (1879) ‘Regen’
voor cello en piano (oorspronkelijk voor viool en piano)
Vivace ma non troppo
Adagio
Allegro molto moderato
Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)
Sonate, op. 147 (1975)
oorspronkelijk voor altviool en piano, in een bewerking voor cello en piano van Daniil Shafran
Moderato
Allegretto
Adagio
er is geen pauze
einde ± 21.30 uur
Toelichting
Johannes Brahms 1833-1897
Brahms: Regensonate
Door Anneloes Brand
Johannes Brahms liet een groot oeuvre na, dat nog veel omvangrijker had kunnen zijn als de perfectionistische componist zelf niet een aantal van zijn werken had vernietigd. Zo was zijn in D groot, 78 ‘Regen’, die hij tijdens zijn zomerverblijven in Pörtschach aan de Wörthersee in 1878 en ’79 componeerde, eigenlijk niet zijn eerste maar zijn vierde vioolsonate, volgens zijn leerling Gustav Jenner.
De sonate en het kort daarvoor voltooide Vioolconcert, opus 77 hadden veel te danken aan Brahms’ goede vriend Joseph Joachim, die met viooltechnische adviezen had geholpen. Zoals hij vaker deed met nieuwe composities, stuurde Brahms het manuscript van zijn vioolsonate ter beoordeling aan hartsvriendin Clara Schumann.
De pianiste schreef onverwijld terug: ‘Ik wil je even melden hoe enthousiast ik ben over je sonate, die ik vandaag ontving. Natuurlijk speelde ik het werk meteen door, en aan het eind kon ik mijn tranen van geluk niet bedwingen.’
Brahms’ in D groot is een onderhoudend werk voor beide instrumenten en de delen – niet vier, zoals gebruikelijk, maar drie – zijn op verschillende manieren met elkaar verbonden.
De van zijn Regenlied, 59 nr. 3, die Brahms in het laatste deel citeerde en waaraan de sonate zijn bijnaam dankt, leverde het lang-kort-lange motto dat we in alle drie de delen vinden. ‘Regen, regen dat het giet, en laat me mijn jeugddromen herinneren en de oude jes die we binnen zongen als we de regendruppels buiten hoorden.’
De nostalgische stemming van de tekst sijpelt als vanzelf door de hele sonate. Bovendien liet Brahms het regenen van de prachtige melodieën. ‘Zoveel dat je moet oppassen dat je er niet op gaat staan’, aldus de componist.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Sjostakovitsj: Sonate
Door Michel Khalifa
Soberheid, melancholie en muzikale citaten voeren de boventoon in de laatste werken van Dmitri Sjostakovitsj. Zo ook in de voor en piano, 147, die de ernstig zieke componist begin juli 1975 voltooide. Hij droeg de driedelige compositie op aan de nieuwe altviolist van het Beethoven Kwartet, Fjodor Droezjinin.
Meteen daarna moest Sjostakovitsj met verstikkingsverschijnselen in het ziekenhuis worden opgenomen, waar hij op 9 augustus overleed. Droezjinin verzorgde de eerste uitvoering samen met pianist Mikhail Mountian op 25 september, de verjaardag van de componist.
In het eerste deel van zijn muzikale zwanenzang hanteert Sjostakovitsj een droge, haast abstracte stijl. Beide instrumenten werken langs elkaar heen. Ze lijken elkaar af en toe moeilijke vragen te stellen, maar weigeren de dialoog aan te gaan.
Met het middendeel komt er leven in de brouwerij. Het materiaal van de hortende dans is afkomstig uit een onvoltooide uit 1941, De spelers, naar een toneelstuk van Nikolaj Gogol. Sjostakovitsj had het manuscript gegeven aan een van zijn studenten, de componiste Galina Oestvolskaja, maar eiste het aan het begin van de jaren zeventig terug.
De voor en piano eindigt met een diepzinnig , waarin de peinzende componist muzikale herinneringen ophaalt. Als rode draad fungeren de steeds terugkerende beginmaten van Beethovens Mondscheinsonate. Daarnaast citeert Sjostakovitsj andere werken van diverse componisten inclusief hemzelf. Na een aangrijpende van de altviolist ebt de muziek weg in een onwerkelijke sfeer.
Sjostakovitsj’ altvioolsonate klinkt vandaag in de bewerking van Daniil Shafran (Sint-Petersburg 1923 – Moskou 1997). In de jaren 1950-60 waren Shafran en de vier jaar jongere Mstislav Rostropovitsj Ruslands beroemdste cellisten, en in 1956 maakte Shafran met de componist zelf aan de piano een opname van Sjostakovitsj’ Sonate voor en piano.
Een paar dagen voor zijn dood vroeg Sjostakovitsj Shafran om van zijn Sonate voor altviool en piano ook een versie voor cello te maken, en Shafran bracht zijn celloversie in 1976 al in première – zowel in Rusland als in Japan.
Biografie
Alisa Weilerstein, cello
Alisa Weilerstein, geboren in Rochester (New York), ontdekte haar liefde voor de toen ze twee jaar oud was en haar oma kartonnen instrumenten voor haar maakte. Op vierjarige leeftijd wist ze haar ouders te overtuigen een echte cello te kopen en zes maanden later gaf ze haar eerste publieke optreden.
Op dertienjarige leeftijd, in 1995, maakte de Amerikaanse haar debuut bij The Cleveland Orchestra met Tsjaikovski’s Rococo-variaties.
Alisa Weilerstein volgde lessen aan het Cleveland Institute of Music en studeerde daarnaast geschiedenis aan Columbia University. In 2015 debuteerde ze in Carnegie Hall in New York. Sindsdien soleerde ze bij gezelschappen als de Berliner Philharmoniker, de Staatskapelle Berlin, de New York Philharmonic en het Simón Bolívar Symphony Orchestra en bij de orkesten van bijvoorbeeld Boston, Cincinnati, Toronto, Valencia, Praag en Göteborg.
Naast het bekende repertoire speelt ze graag hedendaagse muziek: onder anderen Pascal Dusapin en Lera Auerbach schreven nieuw werk voor haar en in 2017 bracht ze un despertar van Matthias Pintscher in première.
In de van Het Concertgebouw was de celliste eerder te beluisteren met onder meer het European Union Youth Orchestra en het Rotterdams Philharmonisch Orkest; in de debuteerde ze in februari 2001. Alisa Weilerstein maakt haar debuut bij het Concertgebouworkest.
Inon Barnatan, piano
De in Tel Aviv geboren Inon Barnatan speelt piano vanaf zijn derde. Hij volgde lessen bij onder anderen Victor Derevianko, Heinrich Neuhaus en Leon Fleisher en studeerde aan de Royal Academy of Music in Londen bij Christopher Elton en Maria Curcio.
Hij ontving de Avery Fisher Career Grant (2009) en een Martin E. Segal Award (2015) en trad als solist op met de orkesten van Los Angeles, San Francisco, Baltimore en Chicago. Bij de New York Philharmonic was hij drie seizoenen lang artist in residence.
Buiten de Verenigde Staten werkte de pianist met bijvoorbeeld het Gewandhausorchester Leipzig, het London Philharmonic Orchestra, de Academy of St Martin in the Fields, het Hong Kong Philharmonic Orchestra en het Tokyo Metropolitan Symphony Orchestra.
Inon Barnatan bracht muziek in première van tijdgenoten als Thomas Adès, Sebastian Currier, Joseph Hallman en Matthias Pintscher. Met ingang van dit jaar is hij artistiek leider van het La Jolla Music Society Summerfest.
In Het Concertgebouw speelde hij eerder kamermuziek in bijvoorbeeld een -programma m violiste Janine Jansen, in een solorecital in de , in de serie TRACKS, samen met mezzosopraan Christianne Stotijn en meerdere keren samen met violiste Liza Ferschtman.
Alisa Weilerstein is zijn vaste duopartner; ze namen samen een album op met werken van Chopin en Rachmaninoff (2015) en waren in februari 2012 te gast in de Kleine Zaal.

