Smetana's vaderland bij het Koninklijk Concertgebouworkest

Koninklijk Concertgebouworkest
Semyon Bychkov dirigent
Nikolaj Znaider viool

 

Lees ook: Notenbeeld - Smetana's Moldau

Detlev Glanert (1960)

Weites Land (2013)
‘Musik mit Brahms’ voor orkest
Nederlandse première

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893)

Vioolconcert in D gr.t., op. 35 (1878) 
Allegro moderato
Canzonetta: Andante
Finale: Allegro vivacissimo
 
pauze ± 21.10 uur

Bedrich Smetana (1824-1884)

Vyšehrad (1874) 
Vltava (De Moldau, 1874) 
Šárka (1875)
uit ‘Má vlast’ (Mijn vaderland, 1874-79)
 
einde ± 22.10 uur

Toelichting

Detlev Glanert 1960

Glanert: Weites Land

Door Rutger Helmers

Dit concert opent met de Nederlandse première van Weites Land (‘Weids landschap’), een orkestfantasie van de internationaal gerenommeerde componist Detlev Glanert van wiens hand het afgelopen decennium geregeld muziek bij het Koninklijk Concertgebouworkest heeft geklonken.

Het is geschreven in opdracht van het Oldenburgisches Staatsorchester, waar het in 2014 ter begeleiding van Johannes BrahmsVierde symfonie in première ging. Glanert, net als Brahms afkomstig uit Hamburg, merkte over het stuk op dat ‘er veel Noord-Duitsland in zit, de brahmsiaanse geur van moerassen en weidse luchten’. Moeten we het stuk dan, behalve als eerbetoon aan zijn grote Hamburgse voorganger, als een ode aan zijn geboortestreek opvatten, in de trant van Smetana’s Má vlast?

Weites Land laat zich niet zomaar in een ondubbelzinnige interpretatie vangen. Als uitgangspunt voor zijn ‘muziek met Brahms’ nam Glanert het karakteristieke en meeslepende openingsthema van Brahms’ Vierde symfonie, dat bestaat uit paren van noten die afwisselend omlaag en omhoog duiken.

Voor wie bekend is met deze symfonie (en het loont zeker om het non troppo van Brahms voorafgaand aan het concert nog eens te beluisteren) zijn de eerste twee tonen van de violen genoeg om het verband met Brahms te leggen, waarna we onmiddellijk in een ere, onmiskenbaar hedendaagse klankwereld belanden.

Vanuit dit mysterieuze begin wordt de klank gestaag opgebouwd naar verschillende climaxen, waarbij behalve verwijzingen naar het van de Vierde symfonie flarden van dreigende fanfares, dansritmes en innige lyriek voorbijtrekken, en klanken die behalve aan Brahms bij vlagen ook aan Mahler, Sibelius of Prokofjev doen denken. De precieze contouren in dit landschap zijn moeilijk te ontwaren, maar de muziek is onmiskenbaar beeldend en weet van het begin af aan te intrigeren – tot zij weer in de verte verdwijnt.

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski 1840-1893

Tsjaikovski: Vioolconcert

De voornaamste inspirator van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski’s Vioolconcert in D groot was Josef Kotek, een jonge violist voor wie hij amoureuze gevoelens koesterde, maar met wie hij uiteindelijk een soort vader-zoonrelatie opbouwde.

Kotek, die in Berlijn studeerde bij de beroemde Joseph Joachim, kwam in de lente van 1878 bij Tsjaikovski langs in het Zwitserse Clarens en had een hele stapel partituren meegebracht, waaronder de Symphonie espagnole van Édouard Lalo, die Tsjaikovski bijzonder beviel. Lalo, merkte hij op, ‘is niet op jacht naar diepzinnigheid, maar vermijdt zorgvuldig routine, zoekt nieuwe vormen, en geeft meer om muzikale schoonheid dan om het in acht nemen van gevestigde tradities, zoals de Duitsers doen’.

Dit was precies wat Tsjaikovski zo aantrok in het werk van andere Franse tijdgenoten, zoals Léo Delibes en Georges Bizet. Nog geen twee weken na de kennismaking met het werk van Lalo lagen er schetsen voor het Vioolconcert in D groot, waar Kotek zich vol enthousiasme op stortte. Aan zijn uitgever schreef de componist dat hij het werk oorspronkelijk aan Kotek had willen opdragen, maar het leek hem gepaster om te kiezen voor de Sint-Petersburgse vioolvirtuoos Leopold Auer.

Diens aarzelingen om het werk uit te voeren hebben de première aanzienlijk vertraagd, maar ondanks deze moeizame start zou het snel de wereld veroveren. Hoe vaak het ook gespeeld wordt, het concert blijft fris aandoen – inderdaad zonder opzichtige complexiteit of vernieuwing maar vol inventieve momenten van schoonheid, zoals de terugkeer van het trotse, meeslepende hoofdthema van het eerste deel, dat na de virtuoze niet door vol orkest, maar subtiel door de fluiten wordt ingezet. Het is moeilijk om je niet door de innige canzonetta en de uitbundige trepak (Russische volksdans) in de finale te laten meeslepen. 

Bedřich Smetana

Smetana: Má vlast

Wie Bedřich Smetana’s cyclus Má vlast vooral kent van het bekende tweede deel Vltava (De Moldau), zal in de componist wellicht niet direct een discipel van de progressieve school van Franz Liszt herkennen. De Tsjech had zijn eerste publicatie uit 1851 echter te danken aan de steun van de beroemde klaviervirtuoos en had zich daarna bekwaamd in het genre van het symfonisch gedicht. Daarmee verbond hij zich nadrukkelijk met de zogenaamde Nieuwe Duitse School, waarvan Franz Liszt en Richard Wagner de lichtende voorbeelden waren.

Smetana laat zich niet gemakkelijk vangen in de voorstellingen die men doorgaans bij ‘nationale componisten’ heeft. Hij bracht een deel van zijn carrière door in Stockholm, waar hij onder meer symfonische gedichten schreef op basis van Shakespeare en Schiller, en één over de kerstening van Scandinavië. Pas nadat hij zich in 1862 weer definitief in Praag had gevestigd, ging hij zich inzetten voor de Tsjechische nationale beweging, die onder de Habsburgse dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije streed voor meer erkenning.

Smetana, zelf met Duits als eerste taal opgegroeid, weigerde volksmuziek te zien als symbool voor de natie als geheel. Het liefst componeerde hij ook zijn nationalistisch geïnspireerde werk in de meest vooruitstrevende stijl die hij kende: die van de Nieuwe Duitse School. Daarmee hoopte hij, zoals de Tsjechische-muziekkenner Michael Beckerman het formuleerde, ‘de glorie van het nationale verleden met de glansrijke wonderen van de toekomst’ te combineren.

Ma vlást (Mijn vaderland) is een cyclus van zes symfonische gedichten, een muzikaal monument voor zijn vaderland, dat Smetana in zijn latere carrière voltooide terwijl hij worstelde met een doofheid die hem in 1874 overviel. De eerste drie werken die hier op het programma staan waren al gecomponeerd voordat hij besloot ze in één cyclus onder te brengen.

Ze zijn toegankelijker geschreven dan zijn eerdere symfonische gedichten, maar tonen zijn onmiskenbare meesterschap in het genre. Vyšehrad verbeeldt de oude burcht die boven het centrum van Praag uittorent, en die hier symbool staat voor de verloren glorie van het middeleeuwse Bohemen. Vltava schetst de stroom van de rivier de Moldau door het Boheemse landschap: eerst voegen verschillende stromen zich samen, dan horen we achtereenvolgens jachthoorns, boerendansen, waternimfen en de wilde stroomversnellingen bij Štěchovice – en uiteindelijk Praag, waar de klanken van de rivier zich vermengen met het majestueuze openingsthema van Vyšehrad.

Šárka, tot slot, is een episode uit de Tsjechische legende van de Maagdenoorlog: de gewiekste amazone Šárka bindt zichzelf vast aan een boom en laat zich door de vijandelijke mannen bevrijden; de mannen doen zich daarna te goed aan haar wijn, waar slaapmiddel in zit, en zodra ze allemaal uitgeschakeld zijn, roept Šárka met haar haar vrouwelijke strijdgenoten op. Hun overwinningsroes voorziet dit concert gegarandeerd van een spectaculaire finale.  

Biografie

Semyon Bychkov, dirigent

Semyon Bychkov is sinds 2018 chef- van het Tsjechisch Philharmonisch Orkest, waarmee hij onder meer werkt aan een ­complete Mahler-cyclus. Hij was in Leningrad leerling van Ilya Musin, emigreerde als twintiger naar de Verenigde Staten en vestigde zich in de jaren 1980 in Europa.

Hij maakte naam als music director van het Grand Rapids Symphony Orchestra en het Buffalo Philharmonic Orchestra en werd chef-dirigent van het Orchestre de Paris (1989), het WDR Sinfonieorchester Köln (1997) en de Semperoper in Dresden (1998).

Als gastdirigent staat Semyon ­Bychkov voor de Wiener, de Berliner en de Münchner Philharmoniker, het Gewandhausorchester Leipzig, en de en van New York, Chicago en Los Angeles. Bij het Concertgebouworkest is hij al sinds 1984 regelmatig te gast. De laatste keer dat hij het orkest leidde was in april 2025 met SjostakovitsjZevende symfonie, ‘Leningrad’.

De werkte met hedendaagse componisten als Bryce Dessner, Detlev Glanert, Thierry Escaich en Thomas Larcher. is voor hem ook een belangrijk werkveld: er waren talloze engagementen bij de Royal Opera Covent Garden (debuut 2003), de ­Metropolitan Opera in New York, de Opéra de Paris, de Staatsoper Wien, de Scala in Milaan, het Teatro Real in Madrid, de Salzburger Festspiele en het Bayreuth Festival.

Semyon Bychkov bekleedt ereposities bij de Royal Academy of Music in Londen en het BBC Symphony Orchestra. Dirigent van het jaar werd hij in 2015 bij de International Opera Awards en in 2022 bij Musical America.

Nikolaj Szeps-Znaider, viool

Nikolaj Szeps-Znaider maakt naam als violist en . De Deen studeerde viool aan het conservatorium in Stockholm en de Juilliard School of Music in New York. In 1997 won hij de Koningin Elisabethwedstrijd in Brussel, waarna hij als solist optrad met gezelschappen als de Wiener Philharmoniker, de Los Angeles Philharmonic, The Cleveland Orchestra en het Gewandhausorchester Leipzig.

Bij het Concertgebouworkest debuteerde hij in 2001 met Glazoenovs Vioolconcert onder leiding van Mstislav Rostropovitsj. De meest recente samenwerking betrof Bruchs Eerste vioolconcert onder leiding van Fabio Luisi in december 2021.

Nikolaj Szeps-Znaider nam alle vioolconcerten van Mozart op met het London Symphony Orchestra; zijn uitgebreide discografie bevat voorts de vioolconcerten van Brahms en Korngold (met de Wiener Philharmoniker), Nielsen (met de New York Philharmonic), Beethoven en Mendelssohn, en het Tweede viool­concert van zowel Glazoenov als Prokofjev met het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks onder Mariss Jansons.

Als koestert Nikolaj Szeps-Znaider nauwe banden met de New York Philharmonic, The ­Philadelphia Orchestra, de Royal Stockholm Philharmonic en het London Sym­phony Orchestra. In 2012 dirigeerde hij het ­Concertgebouworkest. Sinds september 2021 is hij chef-dirigent van het Orchestre National de Lyon. Nikolaj Szeps-Znaider bespeelt de ‘Kreisler’-Guarnerius ‘del Gesù’ uit 1741.

Koninklijk Concertgebouworkest, orkest

Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouw­orkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.

Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concert­gebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.

Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Ha­itink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.

Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, ­fondsen en donateurs wereldwijd.

Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest