Sibelius’ Eerste symfonie door het Concertgebouworkest
Concertprogramma
24 september 2020 – 21.15 uur
Koninklijk Concertgebouworkest
Klaus Mäkelä dirigent
Jimmy López Bellido (1978)
Boek IV uit ‘The Travails of Persiles and Sigismunda
(Eerste symfonie)’ (2016)
Nederlandse première
Jean Sibelius (1865-1957)
Symfonie nr. 1 in e kl.t., op. 39 (1898-99)
Andante ma non troppo - Allegro energico
Andante (ma non troppo lento)
Scherzo: Allegro – Lento – Tempo I
Finale (Quasi una fantasia)
er is geen pauze
Toelichting
López Bellido: Boek IV uit ‘The Travails of Persiles and Sigismunda’
Door door Martijn Voorvelt
Jimmy López Bellido studeerde compositie in zijn geboortestad Lima (Peru), in Helsinki en aan de University of California in Berkeley. De laatste jaren boekt hij veel succes met zijn kleurrijke muziek, waarin uiteenlopende stijlen samenkomen binnen een solide raamwerk van klassieke compositietechnieken. Zijn werken waren onder meer te horen in het Konzerthaus in Berlijn, de Musikverein in Wenen, de New Yorkse Carnegie Hall en het Sydney House.
In 2016 bewees zijn Eerste symfonie dat hij een hedendaagse meester is van de grote vorm. De vier delen corresponderen met de vier boeken van De reizen van Persiles en Sigismunda, de epische roman die Cervantes voltooide vlak voor zijn dood in 1616. Persiles en Sigismunda zijn twee Scandinavische edelen die incognito door Europa reizen en allerlei avonturen beleven, waarbij ze hun liefdesrelatie verborgen houden totdat ze in Rome in het huwelijk treden.
‘Een verhaal met deze reikwijdte vraagt om een epische behandeling, en daarom besloot ik een symfonie te schrijven, een type orkestwerk dat […] een heel universum aan ’s en muzikale motieven kan herbergen die binnen meerdere delen worden getransformeerd.’ López benadrukt dat de muziek niet letterlijk de gebeurtenissen beschrijft. ‘In plaats daarvan wilde ik de geest, grootsheid en humor van de vier boeken overbrengen’. Het werk is ‘een persoonlijke lezing van de roman door een componist die […] niet alleen Zuid-Amerikaans is, maar bovenal een kosmopoliet, want naast Peru heb ik ook in Finland, Frankrijk en de Verenigde Staten gewoond.’
Jean Sibelius 1865-1957
Sibelius: Eerste symfonie
Door door Thea Derks
Het Finland waarin Jean Sibelius opgroeide kende hoegenaamd geen klassieke muziekcultuur. Hij studeerde in Berlijn en Wenen en zijn eerste werken ademen een Duits-romantische sfeer. Al snel zocht hij naar een eigen ‘nationale’ stem, geïnspireerd op Finse sagen en legenden. Hij liet zich bovendien inspireren door de natuur van het uitgestrekte Finse platteland, zoals in zijn symfonisch gedicht Finlandia uit 1899. In datzelfde jaar voltooide hij zijn Eerste symfonie, die hij in april zelf in première bracht met het van Helsinki. Hierna maakte hij een iets gereviseerde versie, die sindsdien wordt uitgevoerd.
Het eerste deel opent met een sfeervolle klarinetsolo, begeleid door zacht roffelende . Al snel voert Sibelius ons mee naar romantische verten, met heroïsche s, feeërieke strijkers en vrolijke jes van de . De soloklarinet keert terug, begeleid door omfloerste harparpeggio’s, gevolgd door gedragen lijnen van ten, hoorns en ten. Drie trombones introduceren een ommekeer naar een ronkende diepte, waarna het deel eindigt met een van de strijkers.
In het verklanken gedempte strijkers een tragisch , fraai ingekleurd door de houtblazers. Het duikt in telkens wisselende variaties op in de verschillende instrumentgroepen, waarbij het betoog steeds feller wordt. Uiteindelijk keert het openingsthema terug en eindigen we in serene rust.
Het korte begint met puntige motieven in een ritmiek, gelardeerd met ferme paukenslagen. Na een e passage met verschillende solo’s van de afzonderlijke musici keert de felheid van het begin terug.
In de Finale spelen gedempte strijkers het motief waarmee de klarinet het eerste deel opende. Hierna ontwikkelt zich vanuit de violen een majestueuze, expansieve , die krachtig uitwaaiert over het gehele orkest. De spanning wordt opgebouwd met een liggende toon, waarna het stuk eindigt met een van de en luid roffelende pauken.
Biografie
Klaus Mäkelä, dirigent
Klaus Mäkelä is chef- van de Oslo Philharmonic sinds 2020 en muziekdirecteur van het Orchestre de Paris sinds 2021. In 2022 werd bekendgemaakt dat hij in 2027 de achtste chef-dirigent van het Concertgebouworkest wordt. Tegelijkertijd begint de Fin dan als music director van het Chicago Symphony Orchestra.
Klaus Mäkelä heeft een exclusief contract met Decca Classics, waarvoor hij met het Orchestre de Paris drie albums uitbracht en met het Oslo Filharmonisch Orkest onder meer alle symfonieën van Sibelius en drie symfonieën van Sjostakovitsj opnam. De afgelopen seizoenen reisde de met de Oslo Philharmonic door Oost-Azië en trad hij op in Hamburg, Amsterdam, Parijs en Wenen. Bij het Orchestre de Paris lag de focus op Franse componisten en nieuwe muziek tijdens concerten in heel Europa en op tournee in Azië.
Sinds zijn overtuigende debuut bij het Concertgebouworkest in september 2020 staat Klaus Mäkelä ieder seizoen meerdere keren voor het orkest met een grote variëteit aan programma’s. Seizoen 2025/2026 ging van start met een uitgebreide zomertournee naar onder meer de BBC Proms en de Salzburger Festspiele, in november gevolgd door een tournee door Japan en Zuid-Korea. Afgelopen december leidde Klaus Mäkelä de Kerstmatinee en deze maand start een jaarlijkse residency van het Concertgebouworkest op de Osterfestspiele in Baden-Baden, overgenomen van de Berliner Philharmoniker, het orkest waar Klaus Mäkelä dit seizoen terugkeert als gastdirigent.
Als cellist speelt hij bij gelegenheid samen met leden van het Concertgebouworkest en het Orchestre de Paris. Klaus Mäkelä studeerde orkestdirectie aan de Sibelius-Academie in Helsinki bij Jorma Panula en bij Marko Ylönen, Timo Hanhinen en Hannu Kiiski.
Koninklijk Concertgebouworkest, orkest
Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouworkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.
Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concertgebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.
Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Haitink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.
Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, fondsen en donateurs wereldwijd.
Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest




