Scherpdenkers: Jan Brokken over de weg naar vrijheid

De weg naar de vrijheid
Jan Brokken — spreker

Berlage Saxofoonkwartet:
Lars Niederstrasser — sopraansaxofoon
Peter Vigh — altsaxofoon
Kirstin Niederstrasser — tenorsaxofoon
Eva van Grinsven — baritonsaxofoon 

Modest Moesorgski (1839-1881)

Scherzo in Bes gr.t. 
(1858; arrangement P. Vigh)
oorspronkelijk voor piano

Erwin Schulhoff (1894-1942)

Alla tarantella
uit ‘Fünf Stücke für Streichquartett’ 
(1923; arrangement P. Vigh)

Hawar Tawfiq (1982)

De tocht (2017) 

Arvo Pärt (1935)

Fratres (1977; arrangement P. Vigh)

Dmitri Sjostakovitsj (1906-1975)

Achtste strijkkwartet in c kl.t., 
op. 110 (1960; arrangement P. Vigh)
Largo
Allegro molto
Allegretto
Largo

Hanns Eisler (1898-1962)

Allegro
uit ‘Zesde orkestsuite’, op. 40 (1934; arrangement C. Enzel)

er is geen pauze
einde ± 21.45 uur

Dit concert maakt deel uit van de serie Scherpdenkers.

 

Toelichting

Scherpdenkers

De weg naar de vrijheid

Door Carine Alders

Tegen de onderdrukking in ontstaat soms de mooiste muziek. Schrijver Jan Brokken vertelt met het Berlage verhalen over componisten en musici die een weg naar de vrijheid zochten. Saxofoniste Eva van Grinsven: ‘De combinatie verhaal en muziek tilt alles op, het publiek wordt echt geraakt. Ik ervaar het zelf ook.’

Jan Brokken is al net zo enthousiast over de combinatie: ‘Het publiek raakt in vervoering, luistert beter. Ik ga in op de sfeer waarin muziek ontstaan is, maar leg de muziek niet uit. Dan ergeren mensen zich, ze willen zelf luisteren.’ Van Grinsven: ‘Het verhaal geeft de muziek een diepere lading, ook voor ons. De woorden van Jan maken de noodzaak om de noten te spelen groter.’

Modest Moesorgski leerde in het mondaine Sint-Petersburg van de negentiende eeuw op een van de vele soirees de componist Mili Balakirev (1837-1910) kennen. Deze nam het negentienjarige talent onder zijn hoede en gaf hem zijn eerste compositie-opdrachten. Die zomer was Moesorgski’s geestelijke gezondheid instabiel. Hij vermoedde dat Balakirev dat kon horen in zijn muziek.

‘De sfeer van het  past wonderwel bij het verhaal over de vlucht van pianist Youri Egorov’, vertelt Brokken. Hetzelfde geldt voor het gejaagde Alla tarantella uit Fünf Stücke van Erwin Schulhoff. In In het huis van de dichter vertelt Brokken hoe de roddels over de homoseksualiteit van de 22-jarige Russische pianist Egorov steeds hardnekkiger werden en hij zijn geaardheid steeds moeilijker kon verbergen.

Toen hij op het laatste moment een uitnodiging ontving om een pianist te vervangen in een Italiaanse tv-uitzending, werd de mogelijkheid om te vluchten hem in de schoot geworpen. Het vliegtuig uit Moskou landde te vroeg, Egorov zag zonder begeleider van de KGB zijn kans schoon en meldde zich bij de Italiaanse politie. Een maand lang hielden ze hem vast; hij wist niet hoe het verder zou gaan. In gevangenschap hield de wanhopige Egorov een dagboekje bij. 

Schulhoff werd in 1941 door de nazi’s gevangen gezet. Fünf Stücke dateert echter uit 1923, het jaar waarin hij vanuit Duitsland terugkeerde naar zijn geboortestad Praag. In Duitsland was hij als Tsjech altijd een buitenstaander gebleven, in Praag was hij als Duitstalige niet welkom. En overal was hij Jood. Legde Schulhoff bewust de onrust van opgejaagd wild in zijn muziek?

Tegenstem

Het verhaal over Arvo Pärt in Brokkens boek Baltische zielen was een aanleiding voor het Berlage om Jan Brokken te benaderen. ‘Bij dictaturen valt alles weg: vrije pers, media, parlement. Alleen in kunst kan dan nog vrijheid beoefend worden. Het is de enige tegenstem, het geweten.

Arvo Pärt was als het ware de incarnatie van de vrijheid’, vertelt Brokken. Pärt volgde tegen de repressie van het Sovjetregime in zijn eigen stem. Zijn interesse in e zang en muziek uit de Renaissance werd niet gewaardeerd in een tijd waarin bombastische symfonische muziek de communistische heilstaat moest bezingen.

In Fratres hoor je Pärts zoektocht naar eenvoud. Bij de oorspronkelijke compositie in 1977 vermeldde hij geen instrumenten. Sindsdien klonken vele versies. Aan de bewerking voor saxofoonkwartet gaf Pärt persoonlijk zijn goedkeuring. Brokken: ‘Het Berlage Saxofoonkwartet heeft goed aangevoeld dat het zoeken naar vrijheid altijd de essentie van de kunst is.

Door het beperkte repertoire voor saxofoonkwartet moeten ze zelf ook op zoek, dat geeft een extra drive.’ Van Grinsven: ‘We zien ons kwartet als een vervoermiddel dat de muziek naar vele kanten kan laten rijden en reizen. Het is aantrekkelijk om muziek die je mooi vindt te bewerken, maar de belangrijkste vraag is: blijft een werk overeind in een bewerking voor saxofoons? Dat is een interessant proces om uit te vinden.’ Een belangrijke rol in dat proces speelt Peter Vigh, componist en altsaxofonist van het kwartet.

Angst en sarcasme

‘Peter Vigh heeft het Achtste strijkkwartet van Dmitri Sjostakovitsj meesterlijk bewerkt voor saxofoonkwartet’, vindt Brokken. ‘Het is zo goed dat je vergeet dat het voor strijkkwartet is geschreven. Peter legt de muzikale essenties van Sjostakovitsj bloot.’ Van Grinsven wilde altijd al graag Sjostakovitsj spelen, haar lievelingscomponist.

‘Al bij de eerste sessie met Jan kwamen we uit bij dit strijkkwartet. Sjostakovitsj is de belichaming van het .’ In 1960 werd Sjostakovitsj gedwongen lid te worden van de Communistische Partij – een grens die hij nooit over had willen gaan. Het was een van de weinige keren dat zoon Maxim zijn vader zag huilen.

Kort daarna schreef Sjostakovitsj in drie dagen tijd zijn Achtste strijkkwartet. Vol sarcasme schreef hij aan een vriend: ‘Ik heb een kwartet vol ideologische tekortkomingen geschreven, waar niemand wat aan heeft. Als ik dood ga componeert vast niemand een in memoriam voor mij, dus ik stel voor dat de opdracht luidt ‘ter herinnering aan de componist van dit kwartet’.’ Jan Brokken vertelt over de angst van Sjostakovitsj om in Siberië terecht te komen. ‘In De gloed van Sint-Petersburg beschrijf ik hoe hij klaar staat met zijn koffertje om gearresteerd te worden.’

Uitzinnig

Sjostakovitsj werd nooit naar Siberië gestuurd, maar de schrijver Fjodor Dostojevski (1821-1881) wel. In De kozakkentuin beschrijft Brokken hoe totaal overweldigd Dostojevski is als hij na tien jaar verbanning zijn eerste lezing in Sint-Petersburg houdt. ‘Hij is in de war van het publiek dat massaal is gekomen om hem aan te moedigen. Hierbij past heel goed het uit de Zesde orkestsuite van Hanns Eisler, uitzinnige muziek waarin je de vrijheid hoort,’ aldus Brokken.  

Humor als redding

Op verzoek van het saxofoonkwartet vertelt de Iraaks-Koerdische componist/violist Hawar Tawfiq in De tocht over zijn zoektocht naar vrijheid. Van Grinsven: ‘In een gezamenlijke sessie om de mogelijkheden van het ensemble te onderzoeken, raakte Hawar meteen geïnspireerd.’ Een vluchteling in nood verzamelt zijn laatste krachten om de reis naar een onbekende bestemming te aanvaarden.

Na aankomst heersen uitputting en teleurstelling, maar er is ook nieuwsgierigheid. Tijdens het componeren herinnerde Tawfiq zich een uitspraak van een medevluchteling in het azc: ‘Niets in dit leven verdient het om ook maar een seconde verdrietig over te zijn, want het leven zelf duurt maar een seconde.’ Brokken: ‘Hawar heeft goed aangevoeld dat je niet alleen met drama moet komen als het om vluchtelingen gaat. Humor is de redding en dat hoor je in zijn compositie.’ 

De communistische Jood Eisler werd in nazi-Duitsland als ‘muziekbolsjewist’ bestempeld. Hij was net uit Duitsland gevlucht toen hij in mei 1933 in Parijs uit financiële nood een opdracht aannam om muziek bij de film Le grand jeu te schrijven. Na de première schreef hij aan zijn kompaan, dichter en (toneel-)schrijver Bertolt Brecht (1898-1956): ‘Het is een enorm succes geworden, hoewel het een waardeloze film is.’

Uit de filmmuziek stelde hij zijn Zesde orkestsuite samen. Van Grinsven: ‘In Eislers zaten al saxofoons, daarom past het ons zo goed. Het saxofoonkwartet heeft van zichzelf een volle klank, de vier instrumenten mengen heel goed. Dat is fijn, maar meteen ook een valkuil. We willen niet alleen lekker klinken, maar ook stijlbewust met de muziek omgaan.’ 

Biografie

Berlage Saxophone Quartet, saxofoonkwartet

Het Berlage Saxophone Quartet is de voorvechter van een generatie ten die deze ensemblevorm stevig op de kaart heeft gezet. Altsaxofonist Peter Vigh is tevens huisarrangeur en componist, en op het repertoire staat muziek van Renaissance tot heden.

Het kwartet werd in 2008 opgericht in de klas van Arno Bornkamp op het Conservatorium van Amsterdam, en is vernoemd naar de architect die zijn naam gaf aan een van de studentenhuisvestigingen van het conservatorium.

In 2011 kreeg het Berlage Saxophone Quartet een stipendium van de Deutscher Musikwettbewerb, in 2013 won het de Dutch Classical Talent Award (inclusief Concertgebouwdebuut in een Lunchconcert) en in 2015 ontving het de Kersjes Prijs. In Berlijn gingen de vier saxofonisten gezamenlijk in de leer bij het befaamde Artemis Quartett – een strijkkwartet.

Het Berlage Saxophone Quartet produceert concerten, voorstellingen en videoclips waarin het de krachten bundelde met bijvoorbeeld schrijver/verteller Jan Brokken, muziektheatergroep Via Berlin en de lichtontwerpers van Blauwe Uur. Tot nog toe verschenen vier cd’s: SaxoFOLK (2014; klassiek geïnspireerd door volksmuziek), In Search of Freedom (2017; componisten in een lastig politiek parket), Goldberg Variations (2021; Bach) en Dance with Me (2022; met LUDWIG en Barbara Hannigan).

Het vorige optreden van het Berlage Saxophone Quartet in de was op 4 april 2024 in een Scherpdenkers-editie met Vincent Bijlo over naamgever Berlage. In september 2024 verzorgde het ensemble bovendien de familieconcerten De familie Sax.