Scherpdenkers: Inez Weski en Brahms’ Requiem Reinvented

Brahms’ Requiem Reinvented 


Scherpdenkers 20.15 uur 

Inez Weski spreker
Nederlands Kamerkoor
Remy van Kesteren akoestische en 
elektrische harp
Peter Dijkstra dirigent 

einde van het concert ca. 22.00 uur
teksten gratis verkrijgbaar aan de zaal

De concerten in de serie Scherpdenkers
hebben geen pauze. 
Na afloop van het concert
blijft de foyer geopend.

Johannes Brahms / Yannis Kyriakides 1833-1897 / 1969

Ein deutsches Requiem, op. 45 (1865-68; hertoning 2016-17)
in opdracht van het Nederlands Kamerkoor

Toelichting

Johannes Brahms 1833-1897 | Yannis Kyriakides 1969

Ein Deutsches Requiem

tekst: Maarten-Jan Dongelmans 

Yannis Kyriakides, die ruimschoots zijn sporen op het gebied van de heeft verdiend, is bij het bewerken van Ein deutsches Requiem van Johannes Brahms op een onorthodoxe wijze te werk gegaan.

In plaats van het maken van een bewerking van de originele orkestbegeleiding of van de piano-à-quatre-mains-versie komt hij met totaal nieuwe impressies. Ook de ­vertrouwde koorpartijen en de solo’s voor sopraan en bariton gaan op de schop.

De componist vertelt er het volgende over: ‘Ik zie de dodenmis bij voorkeur als een ruimte waar de luisteraar doorheen navigeert. Een klankwereld, niet lineair, waarin toehoorders kunnen struikelen over fragmenten die soms herkenbaar en soms vervormd zijn.

Het lijkt op een droomlandschap met flarden van Ein deutsches Requiem die op een wanordelijke manier opduiken en verdwijnen. De harp wordt de leidende figuur die de luisteraar door deze ruimte gidst, zoals Dantes Vergi­lius ons door de gewijde ruimte van Ein ­deutsches Requiem leidt.’

Op de vraag of hij met zijn Brahms’ ­Requiem Reinvented een boodschap wil uitdragen, antwoordt Yannis Kyriakides behoedzaam. ‘Ik weet niet of er een vastomlijnde boodschap is die ik wil overbrengen. Ik wil graag een bewustwording van een meervoudig perspec­tief op de dodenmis communiceren.

Het gevoel van troost bieden aan de levenden, zoals we dat aantreffen in Ein deutsches Requiem, daar kan ik me in ­vinden. Hier bouw ik op verder, terwijl ik een ruimte schep waar diverse lagen van ­herinnering tegelijkertijd vreedzaam naast elkaar bestaan. De parti­tuur wordt gedomineerd door troostende gedachten en rust.’

Een dodenmis is volgens de componist een van de meest tot overpeinzing ­uitnodigende muzikale vormen. ‘We denken hierin na over de dood vanuit de tijd dat we leven. Ons leven bezien we door ons gevoel van het goddelijke. Het requiem is een epische vorm waarin wij onszelf vanuit een zeker perspectief zien. Deze bespiegelende kwaliteit is iets wat ik wil handhaven en doorgeven in Brahms’ Requiem Reinvented.’

Voor de componist is ‘reinvented’, in de betekenis van ‘opnieuw uitgevonden’ of ‘hertoond’, meer dan een modewoord alleen. ‘De uitdrukking reinvent klinkt op de een of andere manier veel groter dan nodig is in dit geval. Het idee van opnieuw uitvinden betekent voor mij het opzoeken van een andere manier om te luisteren.’

Yannis Kyriakides, die muziek ging schrijven nadat hij ooit Ein deutsches Requiem had gehoord, vervolgt: ‘Dit is een van mijn belangrijkste drijfveren als componist: op de proppen komen met geluiden (of andere middelen) die ons begrip van muziek op een andere manier focussen of in een nieuwe context plaatsen.

Derhalve betekent het “hertonen” van Ein deutsches ­Requiem voor mij eenvoudigweg vanuit een andere invalshoek naar dat onderwerp kijken. Zoals je van Johannes Brahms zou kunnen ­zeggen dat hij het fenomeen dodenmis heeft “hertoond” door zijn persoonlijke en ­culturele gezichtspunten als negentiende-eeuws ­componist, zou ik diens Ein deutsches ­Requiem willen gebruiken om opnieuw waardering uit te spreken voor hetgeen een requiem ons vandaag de dag te zeggen heeft.’

Column

Prelude op de derde Dimensie

Door Inez Weski

Als voorwoord bij hetgeen ik op 13 mei zal bespreken deel ik, als strafpleiter én bezorgd en boos burger, graag met u alvast ­enkele wilde associaties bij het requiem van Brahms.

Brahms zou Ein deutsches Requiem hebben geschreven niet zozeer voor de rust voor de dode, maar meer als troost voor de nabestaanden; dus vanuit de mens en niet vanuit de religie.

Zijn compositie werd mogelijk ingegeven door de dood van zijn moeder en van zijn vriend Robert Schumann, gebeurtenissen die ongetwijfeld, zeker na een eerdere zelfmoordpoging van Schumann, het leven vluchtig toonden en de achterblijvers stuurloos en koud achterlieten. Troost, begrip en mededogen moest het Requiem brengen.

Brahms vertaalde rouw en verlies in muziek, waarmee hij dat verdriet wist te overstijgen. Hij hielp de achterblijvers uit de afgrond, uit het onrecht van de eindigheid van het leven. Hij was in staat te denken aan de ander en diens leed.

Die empathie, dat is de derde dimensie waarbinnen de macht van het woord en de klank van het recht heersen, waarin het onderbewuste wordt aangeboord, waar de snaren van de ziel worden geraakt, de resonantie wordt gevonden voor kracht en voor de wil om verder te leven.

En die dimensie is hetzelfde niemandsland waarbinnen mededogen en recht, maar ook kunst, zich als prooi lijken op te houden – bejaagd door de meute, de spullenbazen, de angsthazen met hun hachje.

En in het struikgewas de machtelozen, de empathie, het overstijgen van het individuele belang, weemoed en troost voor de overlevers. Hopend op de overwinning van de rede, de macht van het woord, de ‘Rule of Law’. Op het keren van de woede, op de herrijzenis van de volgende rechtvaardige.

Die ‘Rule of Law’ is voor mij een product van diezelfde dimensie, overigens soms dagvers te herleiden naar de wil van de wetgever met papieren grondrechten als slechts een vloeiblad voor de tranen van het onrecht. ­Zonder rechtsstaat als ziel bestaat er geen ‘Rule of Law’, geen derde dimensie van mededogen.

Dan rest er slechts een guur niemandsland, zoals de geschiedenis steeds weer leert, waarin de mens als sprinkhaan – met de grassprieten nog in de mond het laatste ­stukje grond onder de pootjes wegvretend – in elke stofwolk aan de horizon een indringer meent te ontwaren.

Dan is er bij het ­anonie­me graf van de onschuldigen geen troost, maar hoort men slechts als toegift de Danse macabre van Saint-Saëns of wellicht de  voor de slaven van Tsjaikovski.

Ik eindig deze prelude dus met een vrolijke noot en ontvouw op 13 mei de gehele derde dimensie.

Inez Weski

Biografie

Remy van Kesteren, harp

De Nederlandse harpist Remy van Kesteren is oprichter en artistiek directeur van het Dutch Harp Festival. In 2016 won hij de Nederlandse Muziekprijs.

Van Kesteren studeerde bij Erika Waardenburg aan het Utrechts Conservatorium en bij Isabelle Moretti aan het Conservatoire national supérieur de musique de Paris. In 2012 behaalde hij ‘summa cum laude’ zijn masterdiploma aan het Conservatorium van Amsterdam.

Op zijn zestiende debuteerde Van Kesteren al in Het Concertgebouw met het Nederlands Kamerorkest. Een jaar daarvoor speelde hij ter gelegenheid van de doop van Prinses Amalia en trad hij op in Carnegie Hall, New York.

De vele prijzen die hij op binnen- en buitenlandse concoursen won, leidden tot concerten over de hele wereld, van Europa tot de Verenigde Staten, Japan en Afrika.

Vanaf 2015 ging Van Kesteren tevens op ontdekkingstocht naar andere genres, zoals pop, procesmuziek en . Hij creëerde zijn eigen muzikale wereld met eigen composities: een mengeling van neoklassieke minimal music, elektronica en jazz. Samen met de harpbouwer Salvi ontwikkelde hij een nieuw instrument, de Réus 49; het heeft 49 in plaats van 47 snaren en kan zowel akoestisch als elektrisch versterkt worden bespeeld.

Remy van Kesteren is voor het eerst te gast bij het Concertgebouworkest.

Nederlands Kamerkoor, koor

Het Nederlands Kamerkoor voert repertoire uit van de vroege Middeleeuwen tot de muziek van morgen. Het werkt samen met acteurs, dansers, dj’s en vj’s, componisten, dichters en wetenschappers. Het koor won in 2017 De Ovatie van de VSCD voor het programma Via Crucis onder leiding van Reinbert de Leeuw, en in 2019 won het de Rotterdamse dagen Award.

Vanuit zijn thuisbasis in Utrecht zet het Nederlands Kamerkoor zich in voor een bloeiende koorwereld met onder meer het traineeship NKK NXT voor jonge professionals en de Zing­dagen voor amateurkoren. Oprichter Felix de Nobel was chef- van 1937 tot 1972; hij gaf opdrachten aan componisten als Francis Poulenc en Frank Martin.

Opvolgers waren Hans van de Hombergh (1972-1976), Kerry Woodward (1977-1980), Uwe Gronostay (1988-1997), Tõnu Kaljuste (1998-2000), Stephen Layton (2002-2005) en Risto Joost (2011-2015). Sinds 2015 is Peter Dijkstra chef-­dirigent. De laatste decennia werden compositieopdrachten verleend aan onder anderen David Lang, Michel van der Aa, Sofia Goebaidoelina, James MacMillan en Caroline Shaw. De vorige samenwerking met het Concertgebouworkest betrof Bachs Matthäus-Passion onder Riccardo Minasi in april 2025.

Peter Dijkstra, dirigent

Peter Dijkstra studeerde koor­directie, orkestdirectie en solozang in Den Haag, Keulen en Stockholm. Met de Kersjesprijs 2002 en de Eric Ericson Award 2003 kwam zijn internationale carrière op gang.

Van 2005 tot 2016 was hij artistiek leider van het Chor des Bayerischen Rundfunks in München en van 2007 tot 2018 chef-­ van het Zweeds Radio Koor, waar hij eredirigent bleef. In 2015 werd hij, na lang eerste gastdirigent te zijn geweest, chef-dirigent van het Nederlands Kamerkoor, en in 2018 ook eerste gastdirigent van het Groot Omroepkoor.

Sinds 2022 is hij bovendien opnieuw artistiek leider van het Chor des ­Bayerischen Rundfunks. Naast zijn ­vaste verbintenissen is Peter Dijkstra een veelgevraagde gast bij gerenommeerde koren als het RIAS Kammerchor Berlin, de WDR, MDR en NDR Rundfunkchöre, de BBC Singers en het Ests Philharmonisch Kamerkoor.

Ook het ­Scottish Chamber Orchestra, het Zweeds Radio Orkest, het Japan ­Philharmonic Orchestra, het Tokyo Metropolitan Symphony Orchestra, verschillende Nederlandse orkesten en gespecialiseerde ensembles engageerden hem.

Peter Dijkstra leidde premières van Esa-Pekka Salonen, Lera Auerbach, Einojuhani Rautavaara, ­Caroline Shaw en JacobTV, en is een pleitbezorger voor jong compositietalent in de ­koormuziek. Hij geeft regelmatig enmasterclasses, was van 2016 tot 2020 verbonden aan de Hochschule für Musik in Keulen en doceert sinds najaar 2023 koordirectie aan de Hochschule für Musik in Neurenberg.