Scherpdenkers: Hadewych Minis en Shakespeares The Tempest

Scherpdenkers 20.15 uur

Hadewych Minis verteller/zang
Nederlands Kamerkoor
MaNOj Kamps dirigent
Titus Tiel Groenesteege eindregie
Tido Visser concept
Spinvis tekst

The Tempest

 

Claude Debussy 1862-1918

Trois chansons de Charles d’Orléans (1898)
Dieu! Qu’il la fait bon regarder!
Quant j’ai ouy le tabourin
Yver, vous n’estes qu’un villain

Claudio Monteverdi 1567-1643

Zefiro torna e’l bel tempo rimena, SV 108 (1614)

Sofia Goebaidoelina 1931

Below the Waves
uit ‘Hommage à Marina Tsvetayeva’ (1984)

Eric Whitacre 1970

This Marriage (2004)

Evelin Seppar / Elizabeth Barrett Browning
1986 / 1806-1861

Near (2012)

Frank Martin 1890-1974

Songs of Ariel (1950)
Come unto these Yellow Sands (Ariel’s Song). Molto tranquillo
Full Fathom Five. Très calme
Before You Can Say, ‘Come’, and ‘Go’. Allegro molto
You Are Three Men of Sin. Allegro – Adagio – Allegro
Where the Bee Sucks, there Suck I. Allegretto grazioso

Robert Zuidam 1954

De storm (2016)
wereldpremière

Jurriaan Andriessen 1925-1996

Sonnet 43 (1990)

De concerten in de serie Scherpdenkers hebben geen pauze. U bent van harte welkom om na afloop te blijven napraten in de foyers.

einde van het concert ca. 21.45 uur
teksten gratis verkrijgbaar aan de zaal

Toelichting

Column Spinvis

Ik verzin niks

‘The stuff that dreams are made of.’ Dit zijn de laatste woorden van privédetective Sam Spade, gespeeld door Humphrey Bogart, in The Maltese Falcon, de beroemde film van John Huston uit 1941.

In die laatste zin van Bogart zit een kleine fout. De zin die hij parafraseert is het beroemdste fragment uit The Tempest van Shakespeare, uitgesproken door Prospero:

We are such stuff As dreams are made on, and our little life Is rounded with a sleep.

‘As dreams are made on’... niet made of dus; regisseur Huston is er daarna nog vaak mee geconfronteerd. Maar is het wel een fout? Als je het filmfragment bekijkt, hoor je Bogart ‘The… uhm... stuff that dreams are made of’ zeggen. De ‘uhm’ geeft aan dat hij lijkt te zoeken naar de juiste formulering van de beroemde uitspraak. De ‘fout’ is onderdeel van zijn personage. Het is niet verkeerd geciteerd, het is een echo.

Ik ben een magisch denker, ik denk dat alles, de hele wereldgeschiedenis, verleden en toekomst, op een of andere wijze met mystieke echo’s aan elkaar verbonden zijn. Geschiedenis herhaalt zich nooit maar rijmt altijd een keer. Ik ging zoeken naar de echo’s tussen Shakespeares Prospero en privédetective Sam Spade.

De film begint met de vermelding dat in 1539 de Ridderorde van Malta een gouden valk (The Maltese Falcon) schonk aan Keizer Karel V van Spanje. Overal echo’s: die orde, The Knights of Malta, bestaat nog steeds, een obscure Jezuïetenorde. Hun Amerikaanse generaal-overste werd geboren in 1925 in New York. Hij heet Francis J. Shakespeare. Ik verzin niks.

In De Storm, de voorstelling die ik maak samen met actrice Hadewych Minis, Tido Visser van het Nederlands Kamerkoor en MaNOj Kamps, worden naast een razendgoed en fonkelnieuw werk van Robert Zuidam ook Songs of Ariel van Frank Martin uitgevoerd.

Er bestonden nog twee andere Frank Martins. Eén was een beroemde paardenfokker. Hij werd geboren in 1925, tegelijk met de Francis J. Shakespeare van The Knights of Malta. De andere was een basketbalspeler. Hij overleed in 1942.

Weet je wie ook overleed in 1942 in Wisconsin, USA? Frank Martin Bogart. Zoek maar op. Ik verzin niks.

Spinvis

introductie

The Tempest

Tekst: Sabien Van Dale

Vierhonderd jaar na zijn dood is William Shakespeare overal springlevend. Musici van uiteenlopend pluimage doen zijn gevleugelde taal tijdloos voortklinken. Zijn theaterstukken staan bol van verwijzingen naar muziek. Zijn onvergetelijke personages gaven zuurstof aan onder meer ’s, s, musicals, eren en symfonische drama’s. Van Purcell tot Tsjaikovski, van Verdi tot Britten, Ralph Vaughan Williams of Bernstein, allemaal stonden ze bij Shakespeare in de rij.

Een herkenbare volksmelodie of een sfeervol achtergrondeffect niet te na gesproken, speelde muziek aanvankelijk geen vitale rol in het Elizabethaans theater. Een lied of instrumentaal nummer betekent immers onvermijdelijk een onderbreking van de handeling. Pas tegen het einde van Shakespeares carrière veranderden de conventies van theater en muziek zienderogen. Het zijn dan ook zijn laatste werken waarin muziek werkelijk een dramatische functie toebedeeld krijgt.

Met name in The Tempest vinden componisten tot op heden een dankbare aanleiding voor muzikale ‘vertalingen’ of herinterpretaties van het bronmateriaal. Naast muziek voor twee kleine ‘masque’-scènes (een verwijzing naar een typische voorloper van de Engelse , met zowel gesproken dialogen als zang), trekken vijf eren voor Ariel de aandacht.

Muziek is voor de luchtgeest Ariel een middel om de andere personages te bespelen. Hij begeleidt zichzelf op een snaarinstru­ment en plukt en trekt de karakters naar zich toe door ze nu eens met wiegeliederen te sussen, dan weer met geestdriftig gezang op te jutten. Hij beheerst de kunst van de muziek, als een onzichtbare stemvork die voortdurend probeert de valse noten te corrigeren. Door de juiste toon aan te geven tracht hij de alomtegenwoordige en rond hem in te brengen.

Frank Martin 1890-1974

Songs of Ariel

De Zwitserse componist Frank Martin schreef zijn Songs of Ariel in 1950 voor het Nederlands Kamerkoor. Helemaal in de ban van dit ongrijpbare personage, creëerde hij vijf jaar later nog een versie, Der Sturm.

Na het eerste Come unto these Yellow Sands, heerst in het eerste bedrijf van The Tempest nog twijfel over de hemelse dan wel aardse herkomst van Ariels stemgeluid. In het magnetiserende Full Fathom Five zingt Ariel over het lot van Ferdinands vader en over zijn laatste rustplaats op de bodem van de zee.

Before You Can Say‘Come’ and ‘Go’ schetst jolig en lieflijk Ariels onvatbare temperament. Maar op last van de magiër Prospero komt hij — vermomd als feeks — in You Are Three Men of Sin driftig en scherp verwijtend uit de hoek. Bevrijd van de betovering volgt ten slotte Where the Bee Sucks, there Suck I als een speelse ontlading.

Robert Zuidam 1954

De Storm

De cyclus van Martin was voor Tido Visser, huidig algemeen directeur van het Nederlands Kamerkoor, de directe aanzet om een totaalproject op te zetten rond The Tempest. Componist Robert Zuidam werd aangezocht om de tragedie over machtsmisbruik, magie, identiteit, wraak en verzoening in een eigentijdse te gieten.

Visser voelt zich aangetrokken door Zuidams ‘­genereuze, e zangpartijen’ en diens ‘uitstapjes naar andere muziekstijlen’. ‘Tegelijkertijd heeft bij Zuidam alles een functie binnen het grotere geheel’, aldus Visser, ‘want hij weet als geen ander de dramaturgische lijn van zijn composities te bewaken.’

Librettist Erik ‘Spinvis’ de Jong en actrice/zangeres Hadewych Minis staan mede borg voor een uitdagend concept waarin hedendaagse klassieke vormen, populaire genres en vertelling elkaar aanvullen.

Met de grote ’s uit The Tempest als inspiratiebron ontwikkelt Zuidams De storm een eigen verhaallijn rond het dilemma over hoe men zichzelf kan blijven en hoe weerstand te bieden aan de druk van de massa.

De uitgesproken stem van Hadewych Minis geeft die persoonlijke queeste ­gestalte door middel van de Nederlandse tekst van Spinvis, gedragen door klankvelden van het koor. Wanneer het koor dan voluit het woord neemt en de vertelster terugtreedt, gebeurt dit op de oorspronkelijke Engelstalige teksten van Shakespeare.

Jurriaan Andriessen 1925-1996

Sonnet 43

Door de vrije benadering van muziek en tekst laten bovenvermelde eren van Frank Martin zich soepel integreren in Spinvis’ libretto van De storm. Verder wordt het morele vraagstuk over huwelijk en liefde versterkt door Sonnet 43 van Jurriaan Andriessen. Andriessen componeerde meerdere stukken op teksten van Shakespeare, waaronder toneelmuziek voor The Tempest, waarin hij voor het eerst elektronische klankbronnen gebruikte.

Daartegenover kan zijn Sonnet 43 uit 1990 een conservatiever compositie worden genoemd. De stille, diepe hunkering naar een afwezige geliefde uit zich in de beginmaten in woordloze klanken. Verbondenheid en geborgenheid die ongrijpbaar lijken laten zich vatten in een bevreemdend spel met de kernwoorden ‘licht’, ‘duister’, ‘helder’, schaduw’, ‘schim’, en in herkenbare invloeden uit de close harmony.

Taal en muziek laten zich in de wereld van het theater niet in een strak korset duwen. Reden te meer om het avontuur van een complex huwelijk aan te durven. Eén ding is zeker, de reis is nooit ten einde, of zoals Prospero in het vierde bedrijf van The Tempest stelt: ‘We are such stuff as dreams are made on, and our little life is rounded with a sleep.’

Biografie

Hadewych Minis, spreker

Hadewych Minis volgde een opleiding aan de Toneelacademie Maastricht en studeerde Method Acting aan het Lee Strasberg Theatre Institute in New York. Ze was verbonden aan theatergroep ZT Hollandia en maakte ook deel uit van Toneelgroep Amsterdam.

Voor haar hoofdrol in de film Borgman (2013) van Alex van Warmerdam won ze een Gouden Kalf. Verder acteerde ze in onder meer de films Diep (2005), Nachtrit (2006), Amsterdam (2009), Loft (2010) en Mannenharten (2013). Voor haar bijdrage aan Bloed, zweet en tranen (2015) kreeg ze een Gouden Kalf voor de beste vrouwelijke bijrol. In de film Majesteit (2010) speelde ze Prinses Máxima. Dezelfde rol had ze in De kroon, in 2006 bekroond met een Gouden Kalf voor het beste televisiedrama.

Hadewych Minis is ook zangeres. Met haar eigen band treedt ze regelmatig op en maakte ze twee cd’s. Samen met cabaretier Mike Boddé tourde ze door Nederland met de muziekvoorstellingen Gelukkig met Hadewych en Mike en Vrij met Hadewych en Mike.

In Het Concertgebouw was ze eerder te gast onder andere als presentator van Summer Classics at the Movies in juli 2015 en als verteller in de familievoorstelling Het Zwanenmeer in Het Zondagochtend Concert afgelopen februari.

Manoj Kamps, dirigent

Manoj Kamps werkt graag samen met regisseur Lisenka Heijboer Castañón sinds hun gezamenlijke FAUST [working title] in 2020 bij De Nationale .

Andere recente hoogtepunten waren The Fairy Queen van Purcell bij De Nederlandse Reisopera, Kamps debuut bij de BBC Philharmonic, concerten met het Nederlands Kamerkoor, het Philharmonia Orchestra en London Sinfonietta

Dit seizoen leidt Manoj Kamps het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Royal Philharmonic Orchestra, Phion en Asko|Schönberg. Bij De Nationale dirigeert hen de wereldpremière van Ellen Reids The Shell Trial, met musici van het Concertgebouworkest in de bak. Manoj Kamps studeerde af aan het Koninklijk Conservatorium Den Haag in orkestdirectie (bij Jac van Steen en Kenneth Mont­gomery), compositie (bij Roderik de Man en Calliope Tsoupaki) en koordirectie (bij Jos van Veldhoven en Jos Vermunt).

Verdere coaching kreeg hen van Daniel Reuss, en ook Reinbert de Leeuw is een belangrijk mentor geweest.

Nederlands Kamerkoor, koor

Het Nederlands Kamerkoor voert repertoire uit van de vroege Middeleeuwen tot de muziek van morgen. Het werkt samen met acteurs, dansers, dj’s en vj’s, componisten, dichters en wetenschappers. Het koor won in 2017 De Ovatie van de VSCD voor het programma Via Crucis onder leiding van Reinbert de Leeuw, en in 2019 won het de Rotterdamse dagen Award.

Vanuit zijn thuisbasis in Utrecht zet het Nederlands Kamerkoor zich in voor een bloeiende koorwereld met onder meer het traineeship NKK NXT voor jonge professionals en de Zing­dagen voor amateurkoren. Oprichter Felix de Nobel was chef- van 1937 tot 1972; hij gaf opdrachten aan componisten als Francis Poulenc en Frank Martin.

Opvolgers waren Hans van de Hombergh (1972-1976), Kerry Woodward (1977-1980), Uwe Gronostay (1988-1997), Tõnu Kaljuste (1998-2000), Stephen Layton (2002-2005) en Risto Joost (2011-2015). Sinds 2015 is Peter Dijkstra chef-­dirigent. De laatste decennia werden compositieopdrachten verleend aan onder anderen David Lang, Michel van der Aa, Sofia Goebaidoelina, James MacMillan en Caroline Shaw. De vorige samenwerking met het Concertgebouworkest betrof Bachs Matthäus-Passion onder Riccardo Minasi in april 2025.