Rachel Podger en Kristian Bezuidenhout: Bach

Rachel Podger viool
Kristian Bezuidenhout klavecimbel*

*In het programma was aangekondigd dat Kristian Bezuidenhout op de fortepiano zou spelen tijdens dit concert. Hij heeft er echter alsnog voor gekozen om het klavecimbel te bespelen. Hij nam een video op waarin hij zelf uitlegt waarom. Bekijk de uitleg hier.

Johann Sebastian Bach (1685-1750)

Zesde sonate in G gr.t., BWV 1019 (vóór 1725)
Allegro
Largo
Allegro
Adagio
Allegro

Georg Friedrich Händel (1685-1759)

Sonate in D gr.t., HWV 371 (1749)
Affettuoso
Allegro
Larghetto
Allegro

Johann Sebastian Bach

Tweede sonate in A gr.t., BWV 1015 (vóór 1725)
Dolce
Allegro assai
Andante un poco
Presto

pauze (± 21.00 uur)

Carl Philipp Emanuel Bach (1714-1788)

Fantasie in fis kl.t., Wq. 80 (1787)

Sonate in b kl.t., Wq. 76 (1767)
Allegro moderato
Poco andante
Allegretto siciliano

Johann Sebastian Bach

Koraalprelude ‘Christ lag in Todesbanden’, BWV 625 (1713-15)
in een bewerking van Podger en Bezuidenhout voor viool en
fortepiano

einde (± 22.15 uur)

Toelichting

Johann Sebastian Bach 1685-1750

J.S. Bach: Vioolsonates

Door Noortje Zanen

Rachel Podger, ook wel de ‘koningin van de viool’ genoemd, heeft enorme successen behaald met haar interpretaties van Bach. Het leverde haar onder andere de prestigieuze Bachprijs op van de Royal Academy of Music in Londen. Ze heeft niet alleen Bachs vioolwerken opgenomen, maar ook composities die origineel voor klavier en fluit zijn bedoeld. In 2019 zal ze voor het eerst de suites van Bach op viool spelen.

Vandaag gaat ze de muzikale dialoog aan met de veelzijdige pianist en klavecinist Kristian Bezuidenhout. En die kiest dit keer niet voor klavecimbel maar voor fortepiano, een instrument dat ‘papa’ Bach nauwelijks heeft gekend, maar waar zoon Carl Philipp Emanuel al snel razend enthousiast over was.

J.S. Bach: Vioolsonates

Hoewel Johann Sebastian Bach zelf nooit in Italië is geweest, was hij goed op de hoogte van de populaire Italiaanse muziekgenres. Favoriet onder ­rondreizende vioolvirtuozen was de Italiaanse kerksonate (sonata da chiesa): serieuze, instrumentale muziek die altijd uit vier delen bestaat met als ­tempo-indicatie: langzaam-snel-langzaam-snel. In tegenstelling tot wat deze term doet vermoeden, werden deze s meer buiten de kerk dan tijdens religieuze bijeenkomsten uitgevoerd.

Bach heeft de composities van zijn Italiaanse collega’s zoals Antonio Vivaldi en Arcangelo Corelli nauwkeurig bestudeerd. De e Tweede sonate in A groot voor met een grote rol voor () klavecimbel en viool is een goed voorbeeld van een kerksonate in de stijl van Bach. 

De opbouw van de vier delen voldoet precies aan de kenmerken van het Italiaanse genre, maar bij Bach gaat diepgang boven virtuositeit. Hij heeft ingewikkelde ’s en doorwrochte ën toegevoegd en bovendien speelt de klavierpartij een veel grotere rol. De partij voor de rechterhand is eigenlijk een tweede solopartij, waardoor het net lijkt alsof de voor drie musici is geschreven. Let bijvoorbeeld op de driestemmige in het eerste deel en de tweestemmige canon met een rustig voortbewegende baspartij in het derde deel.

Van de in totaal zes ­vioolsonates die Bach schreef is de Zesde sonate in G groot de enige die afwijkt van het Italiaanse model. Deze opgewekte sonate bestaat namelijk uit vijf delen in plaats van vier. Dat meerdere versies bewaard zijn gebleven waarin de volgorde van de delen steeds weer net iets anders was, laat zien dat Bach zelf nog zoekende was. Uniek aan deze sonate is ook het derde deel waarin de vioolpartij volledig zwijgt.

Georg Friedrich Händel 1685-1759

Händel: Sonate

In tegenstelling tot Bach reisde ­Georg Friedrich Händel wél zelf naar Italië. Hier raakte hij gefascineerd door de Italiaanse ’s, maar ook door de instrumentale muziek zoals de kerksonates. Nog tijdens zijn verblijf in Italië in 1706 schreef hij zijn eerste vioolsonate, vlak nadat hij de ­vioolvirtuoos Arcangelo Corelli had ontmoet in Rome.

De  in D groot is de laatste kerksonate die Händel heeft geschreven. De langzame delen zitten vol rijke, expressieve ën, het snelle tweede deel is zeer en het swingende laatste deel heeft Händel hergebruikt in de laatste akte van zijn  Jephtha uit 1751.

Omdat het papier van het manuscript van deze vioolsonate even oud is als het papier van de van zijn oratorium Theodora uit 1749 lijkt het waarschijnlijk dat de sonate uit hetzelfde jaar afkomstig is. Om onduidelijke reden werd hij echter pas in 1879 voor het eerst uitgegeven.

Carl Philipp Emanuel Bach 1714-1788

C.Ph.E. Bach: Fantasie en Sonate

Van Carl Philipp Emanuel Bach zijn een paar uitspraken bewaard gebleven die de worsteling met de erfenis van zijn vader tonen. Aan de ene kant toonde hij diep respect voor de genia­liteit en de toewijding van zijn vader Johann Sebastian. Aan de andere kant bestond er bij hem, zoals hij toegaf nadat zijn vader was overleden, de behoefte om zich los te maken, om zichzelf te worden als componist en als mens.

De ën van zijn vader waren ‘vreemd, maar altijd gevarieerd, rijk aan vindingrijkheid en gelijkend op geen andere componist. Zijn serieu­ze aard trok hem naar muziek die ernstig, doorwrocht en diepzinnig was’, zo schreef Carl Philipp Emanuel in 1754 in een necrologie over zijn vader.

En dat was precies wat hij en zijn tijdgenoten niet langer wilden. Als tegen­reactie op de geleerde stijl van de ­achttiende-eeuwse componisten streefden ze naar een meer persoonlijke expressie. Hun muziek moest eenvoudiger zijn en sneller doordringen tot het hart van de luisteraar. Het uiten van verschillende emoties was belangrijker dan het streven naar harmonische perfectie.

Deze kenmerken zijn duidelijk aanwezig in de Fantasie in fis klein en de  in b klein. Beide stukken zijn uiterst meeslepend en zitten vol onverwachte s, dynamische uitbarstingen en plotselinge stiltes. Omdat de ën zo levendig en spontaan zijn, lijkt het soms net alsof de musici aan het improviseren zijn.

J.S. Bach: Koraalprelude

De keus van Rachel Podger en Kristian Bezuidenhout om het programma af te sluiten met een eigen bewerking van een prelude van Johann Sebas­tian is interessant. Dat de muziek van vader Bach veel ouderwetser klinkt dan de composities van zijn zoon Carl Philipp Emanuel blijkt uit de strenge prelude ‘Christ lag in Todesbanden’, een variatie op een bekende hymne van Maarten Luther. Tegelijkertijd laat de prelude de tijdloze kracht zien van Bachs geniale stemvoeringen en ën.

Biografie

Rachel Podger, viool

Rachel Podger is een toonaangevend vertolker van muziek uit de en de . Ze is sinds 2005 artistiek leider van het Brecon Baroque Festival, en afgelopen najaar had haar eigen gezelschap Brecon Baroque veel succes met het cd-project Bach ­Goldberg Variations Reimagined.

In 2018 werd de violiste uitgeroepen tot Gramophone Artist of the Year en in 2019/2020 was ze artist in residence van Wigmore Hall in Londen. 

Voor de seizoenen 2024/2025 en 2025/2026 is ze eerste gastdirigent van Tafelmusik, en bij Kings Place in Londen is ze dit seizoen Artist in Focus. Daarnaast verdiept ze haar samenwerking met ensembles als het Orchestra of the Age of Enlightenment, I Fagiolini, P­hilharmonia ­Baroque, de Handel and H­aydn Society en San Francisco Early Music.

In het langjarige project A Guardian Angel met vocaal ensemble VOCES8 combineert Rachel Podger – live en in 2014 ook op cd – muziek met hedendaagse koorwerken. Voor haar solo-cd Tutta Sola kreeg ze in 2023 een O­pus Klassik en twee awards van BBC Music Magazine, en haar prijswinnende Vivaldi-­opnames werden vorig voorjaar opnieuw uitgebracht in een 7-cd-box. De violiste presenteert op BBC Radio 3, heeft haar eigen trainingsprogramma BOGA (Bow Yoga), en geeft les aan de Royal ­Academy of Music in Londen, het Royal Welsh College of Music and Drama in Cardiff en de Juilliard School of Music in New York.

In de was Rachel Podger voor het laatst te gast op 30 september 2018, in een met Kristian Bezuidenhout op klavecimbel. 

Kristian Bezuidenhout, piano

Kristian Bezuidenhout werd geboren in Zuid-Afrika, studeerde in Australië en New York, en woont nu in Londen. Hij studeerde piano bij ­Rebecca Penneys, fortepiano bij ­Malcolm Bilson, klavecimbel bij Arthur Haas en bij Paul O’Dette. Op 21-jarige leeftijd won hij het fortepiano­concours van het Festival Musica Antiqua in Brugge (2001), wat het begin markeerde van een indrukwekkende internationale carrière.

Kristian Bezuidenhout excelleert op een breed scala aan klavierinstrumenten, zowel historische als moderne, en werkt met vooraanstaande ensembles, orkesten, en en solisten wereldwijd. Als solist trad hij op met onder andere het Chamber Orchestra of Europe, Les Arts Florissants, het Orchestre des Champs-Élysées, het Chicago Symphony Orchestra en het Gewandhausorchester Leipzig.

Als dirigent vanaf het klavier leidde hij onder meer het Orkest van de Achttiende Eeuw, Collegium Vocale Gent, het Dunedin Consort en het Concertgebouworkest (januari 2018). Hij is vaste gastdirigent van het Freiburger Barockorchester en The English Concert. Dit seizoen debuteert Kristian Bezuidenhout bij het Noors Radio Orkest, Tampere Filharmonia en het SWR Symphonie-orchester, en speelt hij kamermuziek met violiste Isabelle Faust, tenor Julian Prégardien en het Consone Quartet – dit laatste ook als onderdeel van een residency in Bourgie Hall (Montreal).

Zijn vorige optreden in de was op 20 januari jongstleden een Schubertiade met mezzosopraan Anne Sofie von Otter. In de was Kristian Bezuidenhout voor het laatst te beluisteren in een solorecital in de serie Grote Pianisten op 9 januari 2023.