Pekka Kuusisto en Simon Crawford-Phillips: Pärt

Pekka Kuusisto viool
Simon Crawford-Phillips piano

 

De concerten in de serie Tijdgenoten hebben geen pauze. U bent van harte welkom om na afloop met de musici na te praten in de foyers.

Arvo Pärt 1935

Für Alina (1976)
voor piano solo

Johann Sebastian Bach 1685-1750

Sarabande
uit ‘Eerste partita in b kl.t.’, BWV 1002 (1720)
voor viool solo

Erkki-Sven Tüür 1959

Conversio (1994)
voor viool en piano

Johann Sebastian Bach

Largo
uit ‘Derde sonate in C gr.t.’, BWV 1005 (1720)
voor viool solo

Arvo Pärt

Spiegel im Spiegel (1978)
voor viool en piano

Philip Glass 1937

Metamorphosis Two
uit ‘Metamorphosis’ (1988)
voor piano solo

Arvo Pärt

Passacaglia (2003)
voor viool en piano

Johann Sebastian Bach

Tweede sonate in A gr.t., BWV 1015 (vóór 1725)
voor viool en piano (oorspr. klavecimbel)
Dolce
Allegro assai
Andante un poco
Presto

Arvo Pärt

Fratres (1977)
voor viool en piano

Toelichting

Arvo Pärt 1935

für alina

Na jaren van stilte trad Arvo Pärt in 1976 weer naar buiten met nieuw werk. Vanwege groeiende ontevredenheid over de gangbare avant-gardestijlen zocht de componist naar een nieuwe manier om zich muzikaal te uiten. Uit deze zoektocht ontwikkelde hij zijn beroemde tintinnabulistijl, vernoemd naar het Latijnse woord voor klokjes.
Für Alina was het eerste werk waarin Pärt zijn nieuwe stijl toepaste. Zanger, en Pärt-biograaf Paul Hillier beschrijft het principe van de tintinnabuli als ‘a single moment spread out in time’. Centraal staat de tintinnabuli-stem, gecentreerd m de grondtoon met zijn bijbehorende drieklank. Rondom deze drieklank weeft Pärt volgens een streng stramien zijn simpele ën in een tweede melodische stem. De twee stemmen hadden volgens Pärt ook een religieuze betekenis: ‘One line is my sins. The other is my forgiveness for these sins.’

Johann Sebastian Bach 1685-1750

Sarabande en Largo

Boven zijn net voltooide s en ’s voor viool noteerde Johann Sebastian Bach in 1720 de volgende titel: Sei solo a violino senza basso accompagnata. Die zeven woorden geven direct weer wat zo ontzettend lastig is aan deze werken, namelijk het ontbreken van een zogeheten begeleidende partij. De violist moet niet alleen soleren, maar speelt tegelijkertijd ook de eigen begeleiding.
De Sarabande is het vijfde deel uit de Eerste partita in b klein. Van oorsprong een oude Mexicaanse dans, wist de sarabande, dankzij Spaanse kolonisten, een plek te veroveren in de partituren van componisten.
Van de Derde sonate in C groot wordt het Largo uitgevoerd, dat het karakter heeft van een arioso, een .

Erkki-Sven Tüür 1959

conversio

Erkki-Sven Tüür had een wat ongebruikelijke start van zijn muzikale carrière. Als aanvoerder van de progressieve rockband In Spe veroverde de Est in de jaren 1970 zijn thuisland. In 1994 schreef Tüür Conversio, een werk voor viool en piano waarin niets is wat het lijkt. De titel verwijst naar een conversie, een omslagpunt binnen de muzikale ontwikkeling van het stuk. Na het vrolijke begin vindt een onderhuidse verandering plaats in de muziek. Scherpe en en lang aangehouden stiltes wisselen elkaar af. Wat begon als een onbezorgd feest transformeert in een perpetuum mobile om uiteindelijk in scherven uiteen te spatten.

Arvo Pärt 1935

spiegel im spiegel

Twee jaar na Für Alina componeerde Pärt Spiegel im Spiegel. Luisteraars van over de hele wereld vielen voor de verstilde schoonheid en strengheid van het werk. De violist speelt een simpele , stapsgewijs langs de tonen van een toonladder, die zichzelf gedurende het stuk spiegelt in verschillende richtingen. Een gegeven waar de titel van het werk aan refereert: de oneindige reflectie van de ene spiegel in de andere. De uitgestrekte melodie van het stuk geeft de luisteraar rust en houvast, en misschien zelfs een glimp op het oneindige.

Philip Glass 1937

Metamorphosis II

Philip Glass componeerde de cyclus Metamorphosis (1988) om naar eigen zeggen zijn ‘meer romantische kant naar buiten te brengen’. De cyclus, bestaande uit vijf afzonderlijke delen, werd vernoemd naar Franz Kafka’s beroemde boek Die Verwandlung, waarin een handelsreiziger verandert in een insect. Grappig genoeg is juist het verhalende niet typisch voor ‘minimalistische’ muziek zoals die van Glass. Zulke composities hebben een strenge, op herhalingen gebaseerde vorm, waarbij de muziek zich gedraagt als een work-in-progress. De nadruk ligt op het interne proces van de muziek. Of zoals ­pianist Bruce Brubaker schreef: ‘It’s more like the sound of being conscious.’

Arvo Pärt 1935

passacaglia

Op verzoek van het Internationaler Joseph Joachim Violinwettbewerb Hannover schreef Pärt in 2003 een vlammend werk voor viool en piano. Het stuk vernoemde hij naar de passacaglia, een van origine Spaanse dans uit de zeventiende eeuw. Gedurende de werden de enschema’s van de Spaanse gitaren, die oorspronkelijk de dans begeleidden, door componisten omgezet naar basformules, geschikt voor het componeren van instrumentale variaties. Een beroemd voorbeeld is de Passacaglia en in c klein (BWV 582) van Johann Sebastian Bach. Hierin zien we de overeenkomsten tussen beide componisten terug: net als Bach schreef Pärt muziek die moest voldoen aan een strenge ordening. Muziek zonder franje en zonder opsmuk, zodat het pure karakter ervan naar voren kwam. Het strenge, onopgesmukte karakter van de muziek vormt de rode draad van deze avond.

Johann Sebastian Bach 1685-1750

tweede sonate

Zijn Zes s voor viool en klavecimbel (BWV 1014-19) componeerde Bach in ongeveer dezelfde periode als zijn sonates voor viool solo. Bach zou gedurende zijn verdere leven vaak op deze werken terugkomen om ze, tot aan zijn dood, te perfectioneren. Zijn zoon Carl Philipp Emanuel Bach noemde de stukken ‘behorend tot de beste werken van mijn geliefde vader’.
In tegenstelling tot de solosonates wordt de partij nu gespeeld door de linkerhand van de klavecinist of pianist. De lijn in de rechterhand vormt een isch duet met de vioolpartij. Zo zou de sonate bijna als sonate omschreven kunnen worden.

Arvo Pärt 1935

Fratres

Oorspronkelijk schreef Pärt Fratres voor een spannende combinatie van strijkkwintet en blaaskwintet. De versoberde bezetting voor viool en piano is een van de vele bewerkingen die Pärt zelf van het werk maakte. Net als vele van zijn andere composities is ook Fratres geschreven in zijn tintinnabulistijl, waarbij in dit geval de muziek door het gelijktijdig klinken van twee verschillende (maar nauw verwante) en harmonisch ambigu blijft. Het dynamisch hoogtepunt vindt midden in het stuk plaats, waarna de stilte een steeds grotere rol gaat spelen. Zoals zijn vrouw Nora omschreef: ‘By the end of the listening, attention is utterly focused. At the point after the music has faded away it is particularly remarkable to hear your breath, your heartbeat, the lighting or the conditioning system, for example.’

Nora Kim Braams

Biografie

Pekka Kuusisto, viool

Pekka Kuusisto is internationaal bekend als solist en muzikaal leider, en wordt geroemd om zijn spontaniteit en frisse aanpak van het (standaard)repertoire. Daarnaast is de Finse violist een enthousiast pleitbezorger van hedendaagse muziek. Zo werkte hij samen met componisten als Nico Muhly, Daníel Bjarnason en Thomas Adès, en bracht hij Sebastian Fagerlunds vioolconcert Darkness in Light in 2012 met succes in wereldpremière.

Pekka Kuusisto treedt geregeld in kamermuziekverband op met musici als Anne Sofie von Otter, Nicolas Altstaedt en Olli Mustonen, maar ook met bijvoorbeeld ontwerper en geluidskunstenaar Brian Crabtree, jazztrompettist Arve Henriksen en de Nederlandse neuroloog Erik Scherder.

Hij maakte veel indruk met optredens met kamerorkesten die hij als concertmeester leidde; als zodanig heeft hij vaste verbanden met het Australische ACO Collective en The Saint Paul Chamber Orchestra uit Minnesota, Verenigde Staten. De violist is artistiek leider van Our Festival, een gelauwerd en vernieuwend kamermuziekfestival dat jaarlijks even ten noorden van Helsinki plaatsvindt.

Pekka Kuusisto debuteerde in september en oktober 2017 bij het Concertgebouworkest met Anders Hillborgs Bach Materia.

De violist bespeelt een Stradivarius, ter beschikking gesteld door de Beare’s International Violin Society.

Simon Crawford-Phillips, piano

Simon Crawford-Phillips ontwikkelde een succesvolle carrière als solist en kamermusicus en was in de afgelopen jaren ook steeds vaker actief als .

Hij musiceert vaak met vocalisten als Emma Bell, Elizabeth Watts, James Gilchrist en Robert Murray. Ook deelt hij het podium regelmatig met de instrumentalisten Martin Fröst, Lawrence Power, Christian Poltéra en Pekka Kuusisto. In de van Het Concertgebouw was hij eerder te gast met pianist Phil Moore (2005), contrabassist Rick Stotijn (2011) en cellist Jakob Koranyi (2012).

Als solist werd Simon Crawford-Phillips recentelijk geëngageerd door bijvoorbeeld het Hallé Orchestra, het English Chamber Orchestra en de Academy of St Martin in the Fields. In 2007 maakte hij zijn Japanse debuut, bij het NHK in Tokio.

Simon Crawford-Phillips is lid van het Kungsbacka Piano . Deze formatie maakte deel uit van het BBC New Generation Artists Scheme en trad op in onder meer het Weense Konzerthaus, de Philharmonie in Berlijn en de van Het Concertgebouw.

Naast zijn werk als uitvoerend musicus geeft Simon Crawford-Phillips les aan conservatoria in Londen en Göteborg. Hij is mededirecteur van het jaarlijkse Wye Valley Chamber Music Festival.