Nicolas Altstaedt speelt Saint-Saëns' Celloconcert nr. 1
Nederlands Kamerorkest
Gordan Nikolić viool
Nicolas Altstaedt cello
Dit concert maakt deel uit van de serie Klassieke Meesterwerken.
Ook interessant:
- De koffer van Nicolas Altstaedt
Sergej Prokofjev (1891-1953)
Symfonie nr. 1 in D gr.t., op. 25 ‘Klassieke’ (1916-17)
Allegro
Larghetto
Gavotte
Finale: Molto vivace
Camille Saint-Saëns (1835-1921)
Celloconcert nr. 1 in a kl.t., op. 33 (1873)
Allegro non troppo – Allegro molto – Tempo primo
Allegretto con moto
Tempo primo – Un peu moins vite – Più allegro – Molto allegro
pauze ± 20.55 uur
Camille Saint-Saëns
Havanaise, op. 83 (1887)
voor viool en orkest
Joseph Haydn (1732-1809)
Symfonie nr. 59 in A gr.t. ‘Fire’ (1766/69)
Presto
Andante o piú tosto allegretto
Menuetto – Trio
Allegro assai
einde ± 22.00 uur
Toelichting
Sergej Prokofjev (1891-1953)
Klassieke symfonie
Door Michiel Cleij
Met zijn Eerste symfonie kroop de jonge Sergej Prokofjev doelbewust in de huid van een hedendaagse Haydn. Grappig genoeg was hij juist door die duik in het verleden zijn tijd vooruit; de hoogtijdagen van het moesten nog komen. Precedenten waren er wel, zoals Tsjaikovski’s Rococo-variaties, Richard Strauss’ Le bourgeois gentilhomme en Prokofjevs eigen recente Sinfonietta. Toch was dit symfonietje een opvallende excursie in ‘de goede oude tijd van poedelpruiken en hoepelrokken’, zoals het programmaboekje bij de première vermeldde. In Rusland was de Revolutie ontbrand, al versterkte die bij sommigen juist de behoefte aan nostalgie. Daarnaast verbaasde het dat uitgerekend Prokofjev ermee kwam. Hij had zich op het conservatorium bewezen als een modernistische beeldenstormer: zijn composities zaten vol knerpende en en zijn pianospel klonk als mitrailleurvuur. Maar ondertussen bleef hij wel altijd trouw aan traditionele vormschema’s en leverde hij tussen de schandaalsuccessen door ook klassieke jes en elegante jes af.
Prokofjevs liefde voor Haydn en Mozart was ontloken tijdens repetities van het conservatoriumorkest, waar zijn leraar Aleksandr Tsjerepnin hem steeds weer attendeerde op het parelende spel van de tist. ‘Ik kreeg een voorkeur voor fagotten die spelen, met fluiten twee octaven daarboven’, schreef hij in zijn autobiografie, ‘en daaruit ontstond de Klassieke symfonie.’ Prokofjevs vaak bijna karikaturale stijl sloot perfect aan bij de typische grilligheden van Haydn, zoals de plotselinge forte-en in pianissimo-passages. Maar soms breekt zijn modernistische geest door het achttiende-eeuwse klankbeeld heen: de Gavotte zit vol bizarre s en in de Finale, met vioolpartijen in overdrive, klinkt het machinetijdperk door. En passant doorbreekt Prokofjev het melancholieke imago van Russische muziek: in het hele stuk is geen akkoord te vinden.
Camille Saint-Saëns (1835-1921)
Eerste celloconcert en Havanaise
Door Michiel Cleij
Ook Camille Saint-Saëns nam graag de Weense Klassieken als model, en bij hem was het geen incident: in bijna al zijn stukken paart hij Mozart-achtige helderheid aan Frans sfeergevoel. Critici vonden hem ouderwets, maar ondertussen is zijn muziek wel onberispelijk vakwerk en zit die vol aanstekelijke melodische vondsten. Daarnaast slaagde hij erin het verslaafde Frankrijk voor instrumentale stukken te interesseren, dus zó conservatief was hij ook weer niet.
Met zijn Eerste concert trok Saint-Saëns als 38-jarige de nodige aandacht, mede omdat er nog amper soloconcerten voor dit instrument waren geschreven. Het bleek een voltreffer: de solist overdondert met pakkende ën (en benadert daarin vaak een zanger), en er zit tempo in – een typisch trekje van Franse componisten, voor wie niets te lang moest duren. Even effectief – zeker wanneer je als luisteraar op afzonderlijke instrumenten ‘inzoomt’ – is de geraffineerde balans tussen solist en orkest. Door zijn lage, donkere toon dreigt een cello al gauw weg te vallen tegen zijn begeleiders, maar Saint-Saëns behandelt de cello als een eenmansorkest dat kan fluiten, neuriën, schetteren en brommen – en zet daar steeds contrasterende kleuren van , koper en strijkers tegenover. Latere componisten die zich aan de combinatie van cello en orkest waagden, pakten altijd weer de van dit celloconcert erbij, om te zien hoe Saint-Saëns het geflikt had – een mooi bewijs van meesterschap.
De Havanaise, gecomponeerd voor de Cubaanse violist Rafael Diaz Albertini, is een van de werken waarin Saint-Saëns inhaakt op de Franse hang naar exotiek – waaronder destijds zo’n beetje alles viel wat je ten zuiden van de Pyreneeën kon aantreffen. Hier is dat het wiegende van de habanera, een Europees-Cubaanse dans die heel wat Franse componisten verleidde. Maar het hoofdthema, liet Saint-Saëns weten, was hem wonderlijk genoeg aangedragen door het geluid van een knappend houtvuur.
Joseph Haydn (1732-1809)
Symfonie nr. 59, ‘Fire’
Door Michiel Cleij
Veel van Joseph Haydns symfonieën kregen achteraf bijnamen, en sommige daarvan zijn enigszins misleidend. De Symfonie nr. 59 in A groot werd al tijdens Haydns leven als ‘Feuer ’ betiteld, wat op het vurige karakter van het begin- en slotdeel zou kunnen slaan. Maar veel waarschijnlijker is de associatie met Die Feuerbrunst (‘De vuurzee’), een nogal nietszeggend toneelstuk van Gustav Großman. Bij een opvoering in het paleis van Prins Eszterházy werd Haydns symfonie als begeleidingsmuziek gebruikt; die was er huiscomponist, tenslotte. Aanwijzingen dat Haydn de muziek speciaal voor het toneelstuk schreef zijn er niet, al heeft de muziek wel theatrale trekjes – het abrupte slot van het eerste deel, bijvoorbeeld, of de plotselinge koperfanfares in de Finale. Maar zulke verrassingseffecten tref je overal in Haydns oeuvre aan. Ze volgden rechtstreeks uit zijn langdurige aanstelling aan het afgelegen Eszterházyhof, waar hij – zoals hij zelf zei – ‘noodgedwongen origineel moest zijn’. Met het Weense muziekleven had hij geen contact; inspiratie putte hij uit de virtuositeit van zijn orkestmusici én, kenmerkender nog, uit de volksliedjes die hij het lagere personeel hoorde zingen. Hun aandeel klinkt door in de soms boertige dansjes die Haydn voor het traditionele ‘chique’ deel verving. De prins vond het best, want er stond genoeg tegenover; in deze symfonie werd hij zelfs op twee menuetten getrakteerd, waarvoor Haydn het gebruikelijke langzame deel opofferde.
Biografie
Nederlands Kamerorkest, orkest
Het Nederlands Kamerorkest, dat optreedt in bezettingen van 25 tot 45 musici, verzorgt gemiddeld per seizoen 25 concerten – veelal zonder en onder leiding van concertmeester Gordan Nikolić – op het ‘thuispodium’ van de , zowel in eigen series als binnen de Eigen Programmering van Het Concertgebouw.
Daarnaast treedt het op in vele andere zalen in binnen- en buitenland en speelt het ook op minder gebruikelijke plekken als poppodium Paradiso in Amsterdam en openluchttheater Caprera in Bloemendaal.
In het oprichtingsjaar 1955 gaf het Nederlands Kamerorkest zijn eerste concert in het kader van het Holland Festival. De eerste 22 jaar was de legendarische violist en Szymon Goldberg muzikaal leider, met David Zinman als secondant. Antoni Ros-Marbà leidde het orkest van 1979 tot 1986.
Toen het gezelschap in 1985 organisatorisch opging in de Stichting Nederlands Philharmonisch Orkest werd het begeleiden van producties van De Nationale een van de kerntaken; tegenwoordig worden het Nederlands Kamerorkest en het Nederlands Philharmonisch internationaal gerekend tot de beste operaorkesten.
Veelgeprezen cd’s van het Nederlands Kamerorkest zijn bijvoorbeeld de Mozart-albums met violiste Julia Fischer, pianist Martin Helmchen en violiste Noa Wildschut. Binnen de Eigen Programmering stond het gezelschap voor het laatst in de op 29 augustus 2025, met een programma rondom de Zesde symfonie ‘Pastorale’ van Beethoven met Floris Kortie als verteller.
Nicolas Altstaedt, cello
De afgelopen seizoenen maakte de Duits-Franse cellist Nicolas Altstaedt solodebuten bij het National Symphony Orchestra in Washington, de orkesten van Seattle en Sydney, het London Philharmonic Orchestra, Philharmonia, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, de Staatskapelle Berlin en de Seoul Philharmonic en was hij in residence bij het NDR Elbphilharmonie Orchester, het SWR Symphonieorchester en het Barcelona Symphony Orchestra.
Afgelopen november debuteerde hij bij het Concertgebouworkest met een nieuw werk van Liza Lim, en eerder werd hij uitgenodigd door de Wiener en de Münchner Philharmoniker, het Orchestre National de France, alle BBC-orkesten en het NHK Symphony Orchestra, Tokyo.
Met de componist zelf op de bok gaf hij de Finse première van Esa-Pekka Salonens concert. Nicolas Altstaedt werkte recent ook met oudemuziekgezelschappen als Arcangelo en het Orchestre des Champs-Elysées.
Als heeft hij een nauwe band met het Scottish Chamber Orchestra, het Münchner Kammerorchester en het Orchestre Philharmonique de Radio France, en stond hij ook voor het Budapest Festival Orchestra, het Kyoto Symphony Orchestra en het Orkest van de Achttiende Eeuw. In 2012 volgde hij Gidon Kremer op als artistiek leider van het Kammermusikfestival Lockenhaus.
In seizoen 2017/2018 had Nicolas Altstaedt een Spotlightserie in de , en zijn laatste optreden daar was op 20 december j.l. met pianist Maxim Emelyanychev en violist Aylen Pritchin.
Gordan Nikolić, viool
Gordan Nikolić is uitgegroeid tot het gezicht van het Nederlands Kamerorkest, dat hij sinds seizoen 2004/2005 op zijn eigen, unieke wijze leidt vanaf de eerste lessenaar. Een programma in de met orkestcollega’s en pianist Ronald Brautigam markeerde in september 2024 zijn twintigjarig jubileum als artistiek leider.
Gordan Nikolić werd geboren in het huidige Servië en leerde het vak bij de Franse violist en Jean-Jacques Kantorow aan de Musikhochschule in Basel.
Daar verdiepte hij zich in de viool, maar werkte hij ook samen met componisten als Lutosławski en Kurtág. In 1989 kreeg hij zijn eerste aanstelling als concertmeester bij het Orchestre d’Auvergne, en van 1997 tot en met 2017 bekleedde hij dezelfde functie bij het London Symphony Orchestra.
Daar werkte hij samen met topen als Colin Davis, Claudio Abbado, Valery Gergiev en Bernard Haitink. De afgelopen jaren was Gordan Nikolić als concertmeester te gast bij onder meer Manchester Camerata, het Antwerp Symphony Orchestra en het Australian Chamber Orchestra. Sinds 2007 heeft hij bovendien de leiding over het in Spanje gevestigde BandArt, een orkest dat inzet op maatschappelijke betrokkenheid.
Naast zijn podiumactiviteiten is de violist docent aan het conservatorium in Parijs, de Hochschule für Musik in Saarbrücken en Codarts in Rotterdam. Hij speelt op een instrument uit 1794 van Lorenzo Storioni.





