Mahlers Symfonie nr. 5 onder leiding van Alexander Soddy
Nederlands Philharmonisch Orkest
Alexander Soddy dirigent
Gustav Mahler (1860-1911)
Symfonie nr. 5 in cis kl.t. (1901-02)
I Trauermarsch: In gemessenem Schritt. Streng. Wie ein Kondukt Stürmisch bewegt: Mit grösster Vehemenz
II Scherzo: Kräftig, nicht zu schnell
III Adagietto: Sehr langsam – Rondo-Finale: Allegro – Allegro giocoso. Frisch
er is geen pauze
einde ± 15.30 uur
Toelichting
Gustav Mahler (1860-1911)
Vijfde symfonie
Door Paul Janssen
Voor velen zal het Adagietto uit Gustav Mahlers Vijfde symfonie de sleutel zijn geweest tot de waardering voor de componist, en misschien wel voor klassieke muziek in het algemeen. Dankzij Luchino Visconti’s film Death in Venice (1971), waarin het Adagietto zo ongeveer de hoofdrol speelt, werd dit deel wereldberoemd. Toch is deze haast naïeve , uitgevoerd door strijkers en harp, alles behalve representatief voor Mahlers Vijfde symfonie als geheel.
De componist schreef het werk in de zomervakanties van 1901 en 1902. Na zijn eerste vier pittoreske en programmatische ‘Wunderhorn’-symfonieën waagde Mahler zich aan een zuiver instrumentaal en abstract soort expressie. Want hoewel Mahler een uit zijn cyclus Des Knaben Wunderhorn citeert in het laatste deel, behoort de Vijfde symfonie duidelijk tot een andere wereld dan de vier symfonieën die eraan voorafgaan.
De symfonie heeft drie delen, waarvan het eerste en derde deel weer onderverdeeld zijn in ieder twee gedeelten. Het functioneert als een scharnier: de donkere, zelfs agressieve stemming van het eerste deel slaat hierna om in een optimistische getuigenis van liefde en levensvreugde.
Het eerste deel begint met een treurmars. Een in de verwijst terug naar de finale van de Vierde symfonie, en verlangende fragmenten in de strijkers geven dit deel een aura van trotse droefheid. Tegen het eind van deze Trauermarsch citeert Mahler fragmenten van een oude melodie van joodse oorsprong die later een hit van de Andrew Sisters zou worden: Bei mir bist du schön.
Deze melodie speelt ook een belangrijke rol in het tweede gedeelte van het eerste deel, Stürmisch bewegt, dat zich verhoudt tot het eerste gedeelte als een doorwerking tot een expositie. Het is in dit deel dat we ons bewust worden van de subtiele tische transformaties en de soms harde montage van contrasterende elementen.
Het , het langste dat tot dan toe geschreven is in de muziekgeschiedenis, is een vriendelijk rustpunt waarin sensuele melodieën en dromerige pastorale scènes zorgvuldig naast elkaar bestaan. Na het Scherzo kalmeert Mahler de stemming verder met het Adagietto. Dit deel, waarin Mahler het Ich bin der Welt abhanden gekommen uit zijn Lieder nach Friedrich Rückert citeert, wordt beschouwd als een gesublimeerde liefdesbrief aan Alma, met wie hij trouwde voordat de symfonie voltooid was. Het schamele bewijs daarvoor wordt geleverd door het kleine liefdesgedichtje dat Mahler schreef bij het begin van het Adagietto in de van zijn vriend Willem Mengelberg, de toenmalige chef- van het Concertgebouworkest:
Wie ich dich liebe,
Du mein Sonne,
Ich kann mit Worten Dir’s nicht sagen
Nur meine Sehnsucht
Kann ich Dir klagen
Und meine Liebe
Meine Wonne!
Een citaat uit Mahlers geestige lied Lob des hohen Verstandes uit Des Knaben Wunderhorn geeft vervolgens direct aan waar de -Finale qua stemming heen gaat. Met zijn sterke ische passages en tische secties reflecteert dit deel meer dan elk ander Mahlers intense studie van de muziek van Johann Sebastian Bach. Toch is ook hier de directe montage van contrasterende thema’s het meest opvallend.
Het zijn ook deze technieken die de Vijfde symfonie zijn kracht en lading geven. Het prachtige Adagietto mag dan een mooie ingang tot de wereld van Mahler bieden, juist de andere delen zijn van blijvende waarde en inspiratie geweest voor vele componisten sinds Mahler.
Biografie
Alexander Soddy, dirigent
Alexander Soddy maakt zijn debuut in Het Concertgebouw en is ook voor het volgende seizoen uitgenodigd door het Nederlands Philharmonisch Orkest. De Brit was van 2010 tot 2012 kapelmeester aan de Hamburger Staatsoper en was van 2013 tot 2016 verbonden aan het Stadttheater Klagenfurt.
Vervolgens was hij tot 2022 Generalmusikdirektor van het Theater Mannheim, en tot en met seizoen 2022/2023 bleef hij artistiek leider van de Akademiekonzerte in die stad. Dat seizoen completeerde hij een grootschalige Brucknercyclus en ging hij met de Mannheimer productie van Wagners Ring des Nibelungen op tournee naar Zuid-Korea.
In het huidige seizoen leidde de Wagners Lohengrin aan de Opéra National de Paris en de Staatsoper Unter den Linden in Berlijn, Mozarts Così fan tutte aan het Royal House Covent Garden in Londen en zes verschillende opera’s aan de Wiener Staatsoper (Verdi, Richard Strauss, Humperdinck, maar bijvoorbeeld ook de Weense première van Animal Farm van Raskatov).
Sinds 2017 wordt Alexander Soddy geregeld geëngageerd door de Metropolitan Opera in New York, en ook bij de Bayerische Staatsoper in München, de Semperoper in Dresden, de Koninkijke Opera van Zweden en English National Opera is hij een terugkerende gast. Recente debuten op het concertpodium waren er bij het Orchestra dell’Accademia Nazionale di Santa Cecilia, het Sinfonieorchester Bern, Philharmonia en het Yomiuri Nippon Symphony Orchestra. Eerder stond hij onder meer op de bok bij de orkesten van Nürnberg, Hannover, München, het Bournemouth Symphony Orchestra, het Orquestra de Valencia, het Oregon Symphony Orchestra, de Atlanta Symphony en het Metropolitan Symphony Orchestra in Tokio.
Alexander Soddy werd geboren in Oxford en studeerde aan de Royal Academy of Music in Londen, Cambridge University en de National Opera Studio London.
Nederlands Philharmonisch, orkest
Het Nederlands Philharmonisch speelt het grote symfonische repertoire in Het Concertgebouw, maar ook in vele andere concertzalen. Als het vaste orkest van De Nationale , samen met het Nederlands Kamerorkest, wordt het internationaal gerekend tot de beste operaorkesten. Het Nederlands Philharmonisch is in 1985 ontstaan uit het Utrechts Symfonie Orkest, het Nederlands Kamerorkest en het Amsterdams Philharmonisch Orkest.
Dat laatste was in 1953 opgericht door Anton Kersjes, die een nieuw publiek naar de concertzalen wist te trekken doordat hij wekelijks op tv te zien was en de ‘gouden meesterwerken’ uitvoerde. Vanaf 1985 was Hartmut Haenchen chef-dirigent. Hij werd in 2003 opgevolgd door Yakov Kreizberg, en na diens vroegtijdige overlijden in 2011 werd het chef-dirigentschap overgenomen door Marc Albrecht.
Zijn komst kwam een jaar voor de verhuizing van het orkest van de Beurs van Berlage naar de NedPhO-Koepel in Amsterdam-Oost, waar de musici repeteren voor hun optredens. In 2020 nam Marc Albrecht na tien jaar afscheid van het orkest en per seizoen 2021/2022 werd Lorenzo Viotti chef-dirigent van zowel het Nederlands Philharmonisch als De Nationale .
Het vorige concert van het Nederlands Philharmonisch in de Eigen Programmering van Het Concertgebouw was op 20 juni jongstleden: onder leiding van André de Ridder bracht het orkest de Nederlandse première van Dream Requiem van Rufus Wainwright.



