Kerstconcert Wiener Sängerknaben

Wiener Sängerknaben
philharmonie zuidnederland
Enrico Delamboye dirigent
Oliver Stech koordirigent 

pauze ca. 21.00 uur
einde ca. 22.00 uur

teksten gratis verkrijgbaar aan de zaal

De werken na de pauze zijn gearrangeerd door Gerald Wirth, artistiek leider van de Wiener ­Sängerknaben. 

Johann Sebastian Bach 1685-1750

Sinfonia uit Teil II: am 2. Weihnachtstag, ‘Hirtenmusik’
uit ‘Weihnachtsoratorium’, BWV 248 (1734)

Lodovico Grossi da Viadana ca. 1560-1627

Exsultate justi
voor koor a cappella 

Franz Biebl 1906-2001

Ave Maria (1964)
voor koor a cappella

Johann Sebastian Bach

Jesus bleibet meine Freude (slotkoraal)
uit Cantate ‘Herz und Mund und Tat und Leben’, BWV 147 (1723)

Benjamin Britten 1913-1976

There Is no Rose
This Little Babe
uit ‘A Ceremony of Carols’, op. 28 (1942-43)
voor jongenskoor en harp

Camille Saint-Saëns 1835-1921

Prélude dans le style de Sébastien Bach
Gloria in altissimus Deo
Quare fremuerunt gentes
Tollite hostias
uit ‘Oratorio de Noël’, op. 12 (1858)
koorarrangement Oliver Stech 
orkestarrangement Enrico Delamboye

pauze

Karl Neuner 1778-1830

Fröhliche Weihnacht überall 

John Francis Wade 1711-1786

Adeste fideles

anoniem (Bohemen)

Kommet, ihr Hirten

anoniem (14de-15de eeuw) / Michael Praetorius 1571-1621

Es ist ein Ros entsprungen
bewerking voor koor a cappella 

Anton Reidinger 1839-1912

Es wird scho glei dumpa

anoniem (15de eeuw)

In dulci jubilo 

Eduard Ebel 1839-1905

Leise rieselt der Schnee

anoniem (Frankrijk)

Il est né le divin enfant

anoniem (Cornwall)

The First Nowell

Georg Friedrich Händel 1685-1759 / Lowell Mason 1792-1872

Joy to the World

Toelichting

Is kerst 'hoorbaar' aanwezig?

Kerstmuziek

tekst: Paul Janssen

Kun je Kerstmis horen in de noten van een compositie? Wanneer is muziek eigenlijk kerstmuziek? En bestaat de ultieme kerstmuziek?

Het zijn vragen die opkomen bij zo’n prachtig rijk gevuld kerstprogramma met bekende en minder bekende kerstmuziek van klassieke snit en een verzameling kerst-evergreens als In dulci jubilo, Il est né le divin enfant en The First Nowell.

Kerst en de kerstgedachte hebben altijd tot de verbeelding van componisten gesproken. Terwijl tegenwoordig vooral de popmusici zich laten horen met elk jaar weer nieuwe kerstliederen en covers van oude songs, waren het in vroeger tijden de grote componisten die het kerstgevoel voor de eigen generatie probeerden te vangen in muziek.

De vraag is daarbij of dat kan met louter instrumentale muziek. Is Kerstmis te herkennen aan zomaar een , een ? Of is er altijd een tekst of een inmiddels bekende kerstmelodie bij nodig?

kerstcomposities uit onverwachte hoek

Van Viadana tot Britten

Om het concreet te maken: klinkt bijvoorbeeld de uit de tweede van het Weihnachtsoratorium van Johann Sebastian Bach werkelijk naar Kerst, of horen wij dat er graag in omdat de titels nu eenmaal naar Kerst verwijzen? Natuurlijk is er in de volledige cantate de tekst die het verhaal van de geboorte van Christus vertelt.

Maar klinkt de Sinfonia anders dan andere instrumentale werken van Bach? Er is een sfeer van reflectie en de muziek past bij een middag naast de kerstboom, terwijl de haard knappert, de sneeuw zachtjes dwarrelt en de aangename roes van de glühwein het reflecteren steeds lastiger maakt. Maar het blijft ook los van de kerstgedachte gewoon goede muziek. 

En zo is het eigenlijk door de eeuwen heen gegaan. Kerstmuziek heet kerstmuziek omdat het in titel en tekst verwijst naar het feest van de geboorte van Christus. Maar betekent dit dat meer algemene religieuze werken over Christus – zoals Exsultate justi van Viadana uit het begin van de , Franz Biebls romantische zetting van Ave Maria uit 1964 of Bachs ‘tophit’ Jesu bleibet meine Freude (Jesus Joy of Man’s Desiring) – eigenlijk niet naar aanleiding van de kerstdagen zouden mogen klinken? Het is geen Stille Nacht, maar mooi en sfeervol is het wel. Uiteraard komt Camille Saint-Saëns met zijn Oratorio de Noël door de teksten en de hele opzet dichter bij de kerstgedachte.

Net als misschien wel de ultieme kerstcompositie uit onverwachte hoek: A Ceremony of Carols van Benjamin Britten. Deze Britse atheïst en fervent tegenstander van alles wat naar rituelen ruikt, vatte nota bene in april 1942 op een schip op weg terug van de Verenigde Staten naar Engeland het Engelse kerstgevoel in noten voor jongensstemmen en harp. Hij gebruikte veel aloude carols, maar hij liet in zijn eigen zettingen van oude gedichten als There Is No Rose en This Little Babe merken dat hij de caroltraditie uitstekend kende.

Kerstliederen met evergreen-status

Christmas Carols

Hoewel die caroltraditie met dank aan Charles Dickens in Engeland misschien wel het sterkst leeft, hebben ook andere Europese landen een stevige duit in het zakje gedaan als het gaat om kerstliederen die de status van evergreen hebben bereikt.

Zo is het Oostenrijkse Stille Nacht, dat uiteindelijk in 1818 ontstond door een een-tweetje van de tekstschrijver en priester Joseph Mohr en componist Franz Grubert, uitgegroeid tot het signaallied bij uitstek. Wie Stille Nacht hoort weet direct: het is bijna Kerst. Deze ‘wereldhit’ ontbreekt vandaag, maar verder is het na de pauze een mooie reis door Oostenrijk, Engeland, Duitsland en Frankrijk aan de hand van soms eeuwenoude eren die heden ten dage nog steeds ons kerstgevoel voor een groot deel een soundtrack geven.

De bron van kerstliederen als In dulci jubilo, Es ist ein Ros entsprungen en waarschijnlijk ook het aan de achttiende-eeuwse Engelse katholiek John Francis Wade toegeschreven Adeste fideles gaat zelfs terug tot de late Middeleeuwen.

In dulci jubilo, waarschijnlijk geschreven door de veertiende-eeuwse Duitse mysticus Heinrich Suso, was in de tijd dat Kerst nog exclusief tot het domein van de kerk behoorde een veel gezongen kerstlied, zowel in katholieke als in de latere protestantse kerken. De voorganger begon in het Latijn en de gemeente antwoordde in de landstaal. De dankt daarbij zijn huidige beroemdheid niet exclusief aan Mike Oldfield. Praetorius en Johann Sebastian Bach gingen hem voor met koorzettingen van deze aanstekelijke melodie.

Ook Es ist ein Ros entsprungen kent een lange geschiedenis. Hoewel de oudste geschreven bron van tekst en melodie uit 1599 stamt is het al sinds de veertiende eeuw bekend. Het was Michael Praetorius die aan het einde van de zestiende eeuw de meest bekende koorzetting van het werk maakte.

The First Nowell, een andere carol die we vaak als eeuwenoud beschouwen omdat deze zo alomtegenwoordig is, is juist van recentere datum. De eerste publicatie stamt uit 1823, al is de melodie waarschijnlijk iets ouder. De Fransen en Engelsen strijden al jaren over de oorsprong van het lied. Al hebben de Fransen in deze vermoedelijk pech; het is waarschijnlijk een oud Engels herderslied.

De Amerikaan Lowell Mason publiceerde de tekst en melodie van Joy to the World in 1836 en vermeldde dat hij wat melodielijnen had ‘geleend’ van Händels Messiah

De Fransen hebben wel het gelijk aan hun zijde als ze Il est né le divin enfant claimen. Er bestaat een achttiende-eeuws Frans jagerslied met dezelfde melodie. Nadat het met een andere tekst tot kerstlied werd getransformeerd, ging het al snel de wereld over en kreeg elk land zijn eigen tekst.

De herkomst van Joy to the World, nog zo’n kerstklassieker, is weer onzeker. Het staat vast dat de tekst in 1719 is geschreven door de Engelse priester Isaac Watts als een eigen interpretatie van Psalm 98. De melodie wordt doorgaans toegeschreven aan de Amerikaan Lowell Mason, die tekst en melodie in 1836 publiceerde en daarbij vermeldde dat hij wat melodielijnen had ‘geleend’ van Händels Messiah. In 1986 kwam er echter een Engelse publicatie uit 1833 boven water, wat weer wijst op een Engelse oorsprong.

Van de minder bekende Duitse en Oostenrijkse kerstliederen die tussen deze evergreens klinken, staat de herkomst in elk geval onomstotelijk vast. Of de componistennaam is onbetwist, of het zijn oude volksliedjes die zoals Kommet, ihr Hirten en Es wird scho glei dumpa getransformeerd zijn tot kerstliederen. Feit blijft dat ook deze liederen direct een associatie opwekken met dennengeur, kaarslicht en glühwein. Zou Kerst dan toch te horen zijn in de noten?

Biografie

Wiener Sängerknaben, koor

Dit wereldberoemde Weense jongenskoor heeft een rijke geschiedenis die formeel teruggaat tot 30 juni 1498, toen melding werd gemaakt van een Wiener Hofkapelle met daarin zes jongenssopranen. Tot het einde van het Habsburgse Rijk in 1918 zongen de Wiener Sängerknaben alleen in opdracht van het hof, maar tegenwoordig treden ze wereldwijd op.

Het repertoire reikt van middeleeuwse (volks-)muziek tot hedendaagse opdrachtcomposities. De jongens musiceren met beroemde orkesten als de Wiener Philharmoniker, de Wiener Sym­phoniker, het London Philharmonic Orchestra en het Pittsburgh Symphony Orchestra en werken mee aan voorstellingen van bijvoorbeeld de Wiener Staatsoper, de Wiener Volksoper en de Salzburger Festspiele.

Het gezelschap produceerde een aantal nieuwe kinderopera’s, waaronder Moby Dick en Die Reise des kleinen Prinzen. In Het Concertgebouw waren de Wiener Sängerknaben – voor zover Preludium kon terug­vinden – voor het eerst te gast op 17 oktober 1935: bij het Concertgebouworkest onder leiding van Bruno Walter.

De vorige keer dat de Wiener Sängerknaben het podium van de betraden is ook alweer lang geleden: op 17 maart 1963, aan de vleugel begeleid door Uwe Mund. Artistiek leider van de Wiener Sängerknaben is sinds 2001 koordirigent en componist Gerald Wirth, zelf ook ex-Sängerknabe. Hoofdsponsor van het jongenskoor is POK Pühringer Privat­stiftung.

philharmonie zuidnederland, orkest

Het van Zuid-Nederland viert dit seizoen zijn tienjarig bestaan. Eredirigent is Marc Soustrot en honorair is Ed Spanjaard. philharmonie zuidnederland is er in de eerste plaats voor de inwoners van Noord-­Brabant, Limburg en Zeeland, maar profileert zich ook op natio­naal en internationaal niveau.

Naast het symfonische repertoire – eeuwenoud én splinternieuw – brengt het orkest ook nieuwe concertformules; de activiteiten reiken van carnavals­concerten en een ‘symphonic mob’ tot filmprojecten, business events en educatieve projecten. Ook het Liberation Concert in Margraten is een niet weg te denken traditie.

Vaste samenwerkingen zijn er met Zuid, November Music, Cultura Nova in Heerlen, Musica Sacra in Maastricht en de conservatoria van Maastricht en Tilburg. Bovendien fungeert philharmonie zuidnederland als symfonisch laboratorium van het Maastricht Centre for the Innovation of Classical Music (MCICM).

In het huidige seizoen verwelkomt het orkest gasten als de violisten Esther Yoo en Alena Baeva, cellist/componist Abel Selaocoe, de pianisten Cédric Tiberghien, Boris Giltburg en Lucas Delbargue, tenor Mark Padmore, de en Enrico Delamboye en Sander Teepen, klarinettist/dirigent Martin Fröst, het Storioni Trio en het Brabant Koor.

philharmonie zuidnederland was voor het laatst in Het Concertgebouw te beluisteren in Het Zondagochtend Concert van 3 september jongstleden onder leiding van Duncan Ward, die sinds 2021/2022 chef-dirigent is.

Enrico Delamboye, dirigent

Enrico Delamboye werd geboren in Wiesbaden, als zoon van Nederlandse ouders. Hij begon op jonge leeftijd met pianolessen. Later studeerde hij aan het Conservatorium Maastricht piano bij Joop Celis en orkestdirectie bij Jan Stulen. Al tijdens zijn opleiding maakte hij – in 1999 – zijn debuut, met Brittens The Rape of Lucretia in het Hessisches Staatstheater Wiesbaden.


Een jaar later was hij voor het eerst te gast in Het Concertgebouw, tijdens een jubileumconcert van de Studio Nederland. Inmiddels dirigeerde Enrico Delamboye vele muziektheaterproducties, in operahuizen als het Staatstheater Mainz, de Oper Köln, de Volksoper Wien en de Komische Oper Berlin.

Sinds 2009 is hij chef-­ van het Theater Koblenz. Als orkestdirigent was Enrico Delamboye te gast bij tal van gezelschappen, waaronder het Beethoven ­Orchester Bonn, de Münchner Symphoniker en het Limburgs Symfonie Orkest. Enrico Delamboye maakt vandaag zijn debuut in de Eigen Programmering van Het Concertgebouw.