Kerstconcert met het Nederlands Kamerorkest en Cappella Amsterdam
Nederlands Kamerorkest
Gordan Nikolić concertmeester
Cappella Amsterdam
Krista Audere dirigent
Katharine Dain sopraan
Raoul Steffani bariton
Dit concert wordt voorzien van boventiteling.
Ook interessant:
- Wat zit er in de rugzak van bariton Raoul Steffani?
- Een andere Kerst (luistertips)
- Kun je Kerst horen?
Gerald Finzi (1901-1956)
Intrada
Rhapsody
uit ‘Dies Natalis’, op. 8 (1938-39)
cantate voor sopraan en strijkorkest
Edvard Grieg (1843-1907)
Holbergsuite, op. 40 (1885)
voor orkest
Prelude
Sarabande
Gavotte
Air
Rigaudon
Anders Hillborg (1954)
O dessa ögon (2011)
voor sopraan en strijkorkest
Michael Praetorius (1571-1621) / Jan Sandstrøm (1954)
Es ist ein Ros entsprungen (1609)
voor koor a cappella
Arvo Pärt (1935)
Bogoróditse Dyévo (1990)
voor koor a cappella
Cecilia McDowall (1951)
Of a Rose (1993)
voor koor a cappella
Ralph Vaughan Williams (1872-1958)
Fantasia on Christmas Carols (1912)
voor orkest, koor en bariton
pauze ± 21.00 uur
Georg Friedrich Händel (1685-1759)
Overture
The People that Walked in Darkness
For unto Us a Child Is Born
And Suddenly
Glory to God
Rejoice Greatly
Surely He Hath Borne Our Griefs
All We Like Sheep
Why Do the Nations
I Know that My Redemeer Liveth
Hallelujah
uit ‘Messiah’, HWV 56 (1741)
einde ± 22.15 uur
Toelichting
Kerstconcert met het Nederlands Kamerorkest en Cappella Amsterdam
Door René van Peer
Feest van hoop
Het Messiah van Georg Friedrich Händel is met zijn glorieuze lofzang Hallelujah niet meer los te zien van Kerstmis, hét christelijke feest van hoop. Hoop op verlossing. Hoop op de terugkeer van het licht en het leven in de donkerste dagen. Misschien dat het kerstfeest juist om die reden door de eeuwen heen meer tot de verbeelding heeft gesproken dan Pasen, het feest van de wederopstanding. In ieder geval is er opvallend veel muziek verbonden met het kerstfeest. Naast Händels Messiah en het Weihnachtsoratorium van Johann Sebastian Bach is er een uitgebreid repertoire aan kerstliederen, zowel in eigen land als de befaamde christmas carols uit Engeland.
Kerstmuziek
Het eerste deel van het programma is een mengeling van oud en recent kerstrepertoire, en muziek met een meer algemeen winters karakter. Sowieso roept kerst nog steeds gedachten op aan een sfeer die Pieter Bruegel de Oude pakkend verbeeld heeft in twee winterlandschappen. Grijze luchten. Sneeuw op velden en huizen. IJs op het water, en in pegels hangend van daken en takken. Spelletjes in de buitenlucht die bij het jaargetijde horen, zoals schaatsen, sleetje rijden, en vroege vormen van ijshockey en curling. En dus ook temperaturen die je doen verlangen naar een genoeglijk samenzijn in een knus verwarmd huis.
In de verschillende christelijke tradities is in de loop van de tijd een schat aan eren ontstaan rond het kerstfeest. Zo bestaat in Georgië de gewoonte om met kerst in groepen al zingend langs huizen te gaan om eten en drinken bij elkaar te scharrelen. Zangers en gulle gevers doen zich achteraf samen te goed aan de opgehaalde consumpties, liefst rond een warm kampvuur.
De meeste kerstliederen in dit programma zijn afkomstig uit het omvangrijke repertoire uit Duitsland en Engeland. Es ist ein Ros entsprungen is veruit het oudste dat uitgevoerd wordt, voor het eerst opgetekend aan het eind van de zestiende eeuw en enkele jaren later voor vier stemmen gearrangeerd door Michael Praetorius. Met een verwijzing naar de profeet Jesaja beschrijft de tekst het wonder van een bloem die in het diepst van de winter is gaan bloeien, voortgebracht door de maagd Maria. Zij is het onderwerp van het korte Bogoróditse Djevo van Arvo Pärt, een Maria-hymne die voortkwam uit een compositieopdracht van het King’s College Choir, Cambridge. De roos komt ook aan de orde in verschillende koorwerken van de Britse componiste Cecilia McDowall, wier Of a Rose is geschreven in de traditie van de Engelse carols.
Vaughan Williams en Finzi
Ralph Vaughan Williams putte voor zijn Fantasia on Christmas Carols uit drie kerstliederen die hij met Cecil Sharp aan het begin van de twintigste eeuw verzameld had. Het bekendste is ongetwijfeld Come All You Worthy Gentlemen. De liederen worden afgewisseld met citaten uit andere carols, zoals The First Nowell, die hij voor orkest arrangeerde.
Gerald Finzi schreef zijn Dies Natalis op teksten van de mystieke Engelse dichter Thomas Traherne (ca. 1636-1674). Op een instrumentaal voorspel volgt een lied waarin de zanger de wereld bekijkt als door de ogen van een pasgeborene. Alles is even vreemd en wonderlijk mooi. Er is nog geen sprake van zonden, klachten of wetten, geen armoede. De wereld is een oord van vrede, een aards paradijs.
Grieg en Hillborg
Van een meer ‘algemeen winters’ karakter zijn twee composities uit Scandinavië, de Holberg- van de Noor Edvard Grieg en O dessa ögon (‘O, deze ogen’) van de Zweedse componist Anders Hillborg. Grieg componeerde zijn suite in 1884, in opdracht van de Noorse stad Bergen om feesten rond de tweehonderdste geboortedag van de schrijver Ludwig Holberg luister bij te zetten. Oorspronkelijk geschreven voor piano werd het stuk vooral bekend door Griegs eigen arrangement voor strijkorkest. De muziek zet haar stappen in een plechtig tempo, tot de afsluitende Rigaudon, waarin de voetjes van tijd tot tijd vlotjes loskomen van de vloer.
In O dessa ögon kijkt een vrouw in het holst van de nacht ademloos in de donkere ogen van haar geliefde
In O dessa ögon kijkt een vrouw in het holst van de nacht ademloos in de donkere ogen van haar geliefde. Ze zijn net zichtbaar in de duisternis. Ze ziet zichzelf erin weerspiegeld, en realiseert zich wat er gebeurt als hij zijn gezicht afwendt. Dan is ook zij verdwenen. De muziek verklankt een breekbaar, ragfijn peinzen.
Händel: Messiah
Georg Friedrich Händels Messiah, waaruit vanavond koren en ’s klinken, mag dan vooral met het kerstfeest geassocieerd worden, het omvat veel meer dan de geboorte van Jezus. Deze wordt alleen in de voorlaatste, vierde scène van het eerste deel belicht. Daar gaan profetieën over zijn geboorte uit het Oude Testament aan vooraf. Die liggen ook ten grondslag aan de vijfde scène, die in kort bestek verhaalt over Jezus’ daden tijdens zijn leven. De andere twee delen zijn gewijd aan zijn lijden en verrijzenis, de verbreiding van zijn boodschap en de inlossing van de belofte van een eeuwig leven. Opvallend is dat het merendeel van de teksten in het libretto van Messiah, geschreven door Charles Jennens (1700-1773), afkomstig is uit het Oude Testament. Jennens gebruikt met name het Boek van Jesaja als bron. Ook een citaat uit het Evangelie van Johannes is een echo uit dat boek. Beide vertellen over een lam dat naar de slachtbank geleid wordt. Alleen voor de vierde scène van het eerste deel, waarin herders de boodschap krijgen dat Jezus geboren is, put het libretto rechtstreeks uit een evangelie: dat van Lucas.
De gekozen fragmenten komen uit alle drie de delen van Messiah, al ligt de nadruk wel op het eerste deel. Het einde van het tweede deel vertelt over de verrijzenis van Jezus, en zijn overwinning van het kwade. Als kroon daarop plaatst Händel het beroemde Hallelujah-koor. Dat vormt ook de apotheose van dit concert.
Biografie
Gordan Nikolić, viool
Gordan Nikolić is uitgegroeid tot het gezicht van het Nederlands Kamerorkest, dat hij sinds seizoen 2004/2005 op zijn eigen, unieke wijze leidt vanaf de eerste lessenaar. Een programma in de met orkestcollega’s en pianist Ronald Brautigam markeerde in september 2024 zijn twintigjarig jubileum als artistiek leider.
Gordan Nikolić werd geboren in het huidige Servië en leerde het vak bij de Franse violist en Jean-Jacques Kantorow aan de Musikhochschule in Basel.
Daar verdiepte hij zich in de viool, maar werkte hij ook samen met componisten als Lutosławski en Kurtág. In 1989 kreeg hij zijn eerste aanstelling als concertmeester bij het Orchestre d’Auvergne, en van 1997 tot en met 2017 bekleedde hij dezelfde functie bij het London Symphony Orchestra.
Daar werkte hij samen met topen als Colin Davis, Claudio Abbado, Valery Gergiev en Bernard Haitink. De afgelopen jaren was Gordan Nikolić als concertmeester te gast bij onder meer Manchester Camerata, het Antwerp Symphony Orchestra en het Australian Chamber Orchestra. Sinds 2007 heeft hij bovendien de leiding over het in Spanje gevestigde BandArt, een orkest dat inzet op maatschappelijke betrokkenheid.
Naast zijn podiumactiviteiten is de violist docent aan het conservatorium in Parijs, de Hochschule für Musik in Saarbrücken en Codarts in Rotterdam. Hij speelt op een instrument uit 1794 van Lorenzo Storioni.
Nederlands Kamerorkest, orkest
Het Nederlands Kamerorkest, dat optreedt in bezettingen van 25 tot 45 musici, verzorgt gemiddeld per seizoen 25 concerten – veelal zonder en onder leiding van concertmeester Gordan Nikolić – op het ‘thuispodium’ van de , zowel in eigen series als binnen de Eigen Programmering van Het Concertgebouw.
Daarnaast treedt het op in vele andere zalen in binnen- en buitenland en speelt het ook op minder gebruikelijke plekken als poppodium Paradiso in Amsterdam en openluchttheater Caprera in Bloemendaal.
In het oprichtingsjaar 1955 gaf het Nederlands Kamerorkest zijn eerste concert in het kader van het Holland Festival. De eerste 22 jaar was de legendarische violist en Szymon Goldberg muzikaal leider, met David Zinman als secondant. Antoni Ros-Marbà leidde het orkest van 1979 tot 1986.
Toen het gezelschap in 1985 organisatorisch opging in de Stichting Nederlands Philharmonisch Orkest werd het begeleiden van producties van De Nationale een van de kerntaken; tegenwoordig worden het Nederlands Kamerorkest en het Nederlands Philharmonisch internationaal gerekend tot de beste operaorkesten.
Veelgeprezen cd’s van het Nederlands Kamerorkest zijn bijvoorbeeld de Mozart-albums met violiste Julia Fischer, pianist Martin Helmchen en violiste Noa Wildschut. Binnen de Eigen Programmering stond het gezelschap voor het laatst in de op 29 augustus 2025, met een programma rondom de Zesde symfonie ‘Pastorale’ van Beethoven met Floris Kortie als verteller.
Cappella Amsterdam, koor
Cappella Amsterdam, opgericht in 1970 door Jan Boeke, staat sinds 1990 onder de artistieke leiding van Daniel Reuss. Al ruim vijftig jaar lang houdt het kamerkoor de rijke koorcanon levend. De repertoirekeuze reikt van middeleeuwse tot de meest complexe hedendaagse koormuziek.
Het koor schenkt speciale aandacht aan het werk van Nederlandse componisten, variërend van Jan Pieterszoon Sweelinck tot Louis Andriessen, Ton de Leeuw, Robert Heppener en Jan van Vlijmen. De veelzijdigheid van Cappella Amsterdam komt ook tot uitdrukking in samenwerkingen met bijvoorbeeld het Holland Festival, Asko|Schönberg, MusikFabrik, de Akademie für Alte Musik Berlin, het Amsterdams Andalusisch Orkest en het Koninklijk Concertgebouworkest.
Vaste partner is Nieuw Vocaal Amsterdam, dat jonge zangers van vier tot eenentwintig jaar een klassieke opleiding biedt. De cd’s van Cappella Amsterdam werden meermaals onderscheiden: zo kreeg Golgotha van Frank Martin – samen met het Ests Philharmonisch Kamerkoor – een Grammy-nominatie, een Janáček-album een Edison Klassiek en een Diapason d’Or, een Brahms-album een Preis der deutschen Schallplattenkritik en Arvo Pärts Kanon Pokajanen een Edison Klassiek.
Het vorige optreden van Cappella Amsterdam in de Eigen Programmering was in 2023 een kerstconcert met het Nederlands Kamerorkest.
Krista Audere, Dirigent
De Letse e Krista Audere won in 2021 de Eric Ericson Award, een van de belangrijkste prijzen op het gebied van koordirectie. Ze woont in Nederland en is de vaste dirigent van het VU-kamerkoor, het Kamerkoor Venus en het Wageningse Studenten Koor.
Als gastdirigent treedt ze geregeld aan bij het Nederlands Kamerkoor, het Groot Omroepkoor en Cappella Amsterdam. In het huidige seizoen werkt Krista Audere met het Lets Staatskoor, het Hongaars Radiokoor, het Zweeds Radiokoor, het Chor des Bayerischen Rundfunks, het Deens Nationaal Vocaal Ensemble, het WDR Rundfunkchor Köln, het SWR Vokalensemble Stuttgart en de BBC Singers.
Ze begon haar opleiding aan de Domkoorschool in Riga, waar ze zich bekwaamde als koordirigent en koorzanger. Haar bachelor koordirectie behaalde ze aan de Jāzeps Vītols Latvian Academy of Music, terwijl ze zich tevens verder muzikaal ontwikkelde aan de Staatliche Hochschule für Musik und Darstellende Kunst in Stuttgart. In 2016 behaalde ze cum laude haar master koordirectie aan het Conservatorium van Amsterdam.
Als koorzangeres zong ze in het Lets Radiokoor en Cappella Amsterdam. In Het Concertgebouw maakt Krista Audere haar debuut – dat wil zeggen: mét publiek, want met kerst 2021 leidde ze het Nederlands Kamerkoor in een lege in Poulencs O magnum mysterium voor de videoserie Concertgebouw Sessions.
Katharine Dain, sopraan
De Nederlands-Amerikaanse sopraan Katharine Dain studeerde aan Harvard University, de Guildhall School of Music and Drama in Londen en Mannes College of Music in New York. In 2018 debuteerde ze als Konstanze in Mozarts Die Entführung aus dem Serail in Clermont-Ferrand, Avignon, Rouen, Massy en Reims.
Bij De Nationale stond ze in Viviers Kopernikus, en in december 2020 verzorgde ze met het Concertgebouworkest en Antony Hermus de wereldpremière van Notenkrakers’ notulen van Bram Kortekaas. Haar ‘lockdownalbum’ Regards sur l’Infini (Messiaen, Debussy, Delbos, Dutilleux en Saariaho) met pianist Sam Armstrong werd in 2021 bekroond met een Edison voor het beste debuut.
Highlights waren ook een residency bij Tapiola Sinfonietta (2023/2024) en de productie I Have Missed You Forever met Asko|Schönberg voor het Opera Forward Festival 2022. Katharine Dain was te gast op festivals als Wonderfeel, het Holland Festival, het Aldeburgh Festival en het West Cork Chamber Music Festival.
In Het Concertgebouw zong ze eerder bij het Orkest van de Achttiende Eeuw in Beethovens Negende symfonie (2023) en in Mozarts Don Giovanni (2019), Die Zauberflöte/Der Schauspieldirektor (2021) en Così fan tutte (oktober 2022). Ook stond ze in de in 2022 en 2023 in de kerstprogramma’s van het Nederlands Kamerorkest.
Raoul Steffani, bariton
Raoul Steffani ontving in 2023 de Nederlandse Muziekprijs. Eerder won hij de Elisabeth Evertsprijs en de Grachtenfestival Prijs. De zanger was lid van Equilibrium, het young artists-programma van sopraan/ Barbara Hannigan.
Met haar en Camerata RCO nam hij Bergs Vier Gesänge, op. 2 op in een nieuwe orkestratie. Zijn debuutalbum Deep in a Dream (2018) met pianist Gerold Huber werd in 2021 gevolgd door Robert and Clara Schumann: Love’s Spring met Gerold Huber en mezzosopraan Magdalena Kožená.
Na zijn studie bij Margreet Honig vervolgde Raoul Steffani zijn opleiding aan de Universität für Musik und darstellende Kunst in Wenen. Van 2016 tot 2018 was hij bovendien lid van de Dutch National Academy.
De Nederlandse bariton debuteerde in 2016 in de . In de was hij onder meer in 2022 te horen als Christus in Bachs Johannes-Passion met het Orchestra of the Age of Enlightenment onder leiding van Mark Padmore.






