Janine's Bach Festival: de Goldbergvariaties
Janine Jansen viool
Timothy Ridout altviool
Daniel Blendulf cello
Dit concert maakt deel uit van Janine’s Bach Festival.
Ook interessant:
- 'Wat zit er in de koffer van Janine Jansen?'
- Bachs leven in kaart
Johann Sebastian Bach (1685-1750)
Goldberg-variaties, BWV 988 (1741)
oorspronkelijk voor klavier solo; bewerking voor strijktrio door Dmitri Sitkovetsky (1984/2009; versie Jansen/Ridout/Blendulf)
Aria
Variatie 1
Variatie 2
Variatie 3 – Canone all’unisono
Variatie 4
Variatie 5
Variatie 6 – Canone alla seconda
Variatie 7 – Al tempo di giga
Variatie 8
Variatie 9 – Canone alla terza
Variatie 10 – Fughetta
Variatie 11
Variatie 12 – Canone alla quarta
Variatie 13
Variatie 14
Variatie 15 – Canone alla quinta: Andante
Variatie 16 – Ouverture
Variatie 17
Variatie 18 – Canone alla sesta
Variatie 19
Variatie 20
Variatie 21 – Canone alla settima
Variatie 22 – Alla breve
Variatie 23
Variatie 24 – Canone all’ottava
Variatie 25 – Adagio
Variatie 26
Variatie 27 – Canone alla nona
Variatie 28
Variatie 29
Variatie 30 – Quodlibet
Aria da capo
er is geen pauze
einde ± 21.30 uur
Toelichting
Johann Sebastian Bach (1685-1750)
Goldberg-variaties
Door Dirk Luijmes
Sinds de negentiende eeuw gaan ze door het leven als de Goldberg-variaties, de Aria mit 30 verschiedenen Veränderungen die Johann Sebastian Bach in 1741 in druk liet verschijnen. Bachs eerste biograaf, Johann Forkel, bracht in 1802 namelijk het verhaal de wereld in dat dit kunstige variatiewerk geschreven zou zijn op verzoek van een zekere Hermann Carl von Keyserlink, een Russische gezant in Dresden die Bach goed kende en die aan slapeloosheid leed. Keyserlink zou Bach gevraagd hebben klaviermuziek te schrijven voor zijn huisklavecinist Johann Gottlieb Goldberg ‘die zo zacht en tegelijkertijd levendig van aard zouden moeten zijn dat hij er zijn slapeloze nachten wat mee kon opvrolijken’.
Wanneer het verhaal klopt – wat de Bach-vorsers betwijfelen – zal de edelman vermoedelijk geen oog dicht hebben gedaan, want slaapverwekkend zijn de Goldberg-variaties allerminst. Uitgangspunt is de bas – en de bijbehorende – van een die Bach al eerder schreef. Deze baslijn ligt aan de basis van een zorgvuldig samengesteld bouwwerk van dertig variaties. Negen ervan – de nummers 3, 6, 9 et cetera – zijn isch: de eerste met een canon in de prime, de tweede in de secunde en de derde in de terts en zo verder. Deze knappe staaltjes wisselt Bach af met tal van andersoortige variaties vol wisselende technieken en affecten. Zo horen we expressieve ’s, uiteenlopende dansvormen en virtuoze inventies. Halverwege de reeks staat een Franse ouverture (variatie 16). Wanneer je als luisteraar na 29 variaties de draad kwijt bent, krijg je nummer 30 voorgeschoteld, een Quodlibet (‘wat je maar wilt’) met twee volksliedjes met veelbetekenende teksten: Ich bin so lang nicht bei dir gewest en Kraut und Rüben haben mir vertrieben.
Bach schreef zijn Goldberg-variaties voor een klavecimbel met twee manualen. Het werk geldt sindsdien als een van de hoogtepunten uit de ke klavierliteratuur, maar is in de tussentijd niet uit handen van arrangeurs gebleven. Puristen die dat een gruwel vinden, weten diep in hun hart wel dat ze nauwelijks recht van spreken hebben – want ook Bach bewerkte eigen en andermans werken regelmatig voor andere bezettingen. In de jaren 1980 kwam de Russische violist en arrangeur Dmitri Sitkovetsky met een bewerking van de Goldberg-variaties voor strijktrio, die hij postuum opdroeg aan Glenn Gould (1932-1982), de Canadese pianist die met zijn eigenzinnige vertolkingen van Bach-werken wereldberoemd was geworden. Daarna maakte hij nog een versie voor strijkorkest.
Het is boeiend te horen dat door Sitkovetsky’s bewerking het werk in een nieuw licht komt te staan. In de polyfone en ische variaties zijn de individuele stemmen uitstekend te volgen, met als mooi voorbeeld de driestemmige Fughetta, variatie 10. Sitkovetsky ging bij de verdeling over de drie strijkinstrumenten creatief te werk, zoals bijvoorbeeld te horen is in variatie 19 waar begeleidende zestiende noten in de verschillende stemmen gespeeld worden. De langzame variatie 25 – een van de hoogtepunten van de cyclus – krijgt in de strijktrioversie een bijna romantische uitstraling.
Biografie
Janine Jansen, viool
In oktober 1999 stond Janine Jansen in de als Rising Star en in mei 2000 in de serie Jonge Nederlanders. In 2003 verscheen haar debuut-cd, richtte ze haar Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht op én won ze de Nederlandse Muziekprijs. Het jaar erop maakte ze een dubbel debuut bij het Concertgebouworkest, waar ze meermaals terugkeerde en in 2020/2021 artist in residence was.
Die positie heeft ze in het huidige seizoen bij de Berliner Philharmoniker. Het Swedish Radio Symphony Orchestra presenteert haar dit seizoen bovendien als ‘artist in focus’. Seizoen 2025/2026 behelst ook tournees met het Concertgebouworkest en Klaus Mäkelä, met het London Symphony Orchestra en Antonio Pappano en met het Tonhalle-Orchester Zürich en Paavo Järvi, en met de Camerata Salzburg reisde Janine Jansen naar Azië.
recitals met Martha Argerich en Mischa Maisky zijn er dit seizoen in Wenen, Luzern en Tokio, en duorecitals met Denis Kozhukhin of Sunwook Kim in Azië en Europa. Janine Jansen kreeg onder meer de Concertgebouw Prijs (2013) en de Johannes Vermeer Prijs (2018). Ze groeide op in een muzikaal gezin, studeerde bij Coosje Wijzenbeek, Philipp Hirshhorn en Boris Belkin en geeft sinds november 2023 les aan de Kronberg Academy.
De violiste bespeelt de ‘Shumsky-Rode’-Stradivarius uit 1715. Haar vorige optreden in de Eigen Programmering was op 11 september 2024 De vier jaargetijden van Vivaldi met Amsterdam Sinfonietta, en op 14 augustus 2025 stond ze samen met het Concertgebouworkest en Klaus Mäkelä voor het laatst in de .
Timothy Ridout, altviool
Timothy Ridout studeerde aan de Royal Academy of Music in zijn geboorteplaats Londen en behaalde zijn master aan de Kronberg Academy bij Nobuko Imai. Hij was BBC New Generation Artist, kreeg een Borletti-Buitoni Trust Fellowship 2020 en won de Royal Philharmonic Society Young Artist Award 2023.
Hij soleerde bij verschillende BBC-orkesten, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, het Tonhalle-Orchester Zürich, het Chamber Orchestra of Europe, de Camerata Salzburg en het Nederlands Kamerorkest.
Hoogtepunten van het vorige seizoen waren de wereldpremière van Mark Simpsons Hold your Heart in your Teeth met het Deutsches Symphonie-Orchester Berlin, Bartóks concert in Luik, Genève, Tenerife en Taipei en Waltons Altvioolconcert met het Tokyo Symphony Orchestra.
Timothy Ridout behoort tot de ‘Jungte Wilde’ van het Konzerthaus Dortmund en heeft dit jaar een residency op het Ryedale Festival. Kamermuziek speelt hij met partners als Janine Jansen ( maart 2024), Isabelle Faust, Kian Soltani (Kleine Zaal december 2023), Denis Kozhukhin, Benjamin Grosvenor en de Chamber Music Society of Lincoln Center New York.
Met Tim Posner en Tim Crawford vormt hij het Teyber , dat in de zomer van 2024 debuteerde in de Kleine Zaal met Bachs Goldberg-variaties in een bewerking voor strijktrio. Timothy Ridout bespeelt een instrument van Peregrino di Zanetto (ca. 1565-75).
Daniel Blendulf, cello
Daniel Blendulf, partner van Janine Jansen, is en cellist. Hij speelde één keer eerder in de , in april 2006, toen hij in het kader van het Rising Stars-programma van de European Concert Hall Organisation langs de voornaamste kamermuziekpodia van Europa tourde.
De Zweedse musicus studeerde bij Torleif Thedéen in Stockholm en bij Heinrich Schiff in Wenen.
Als solist werkte hij met en als Gustavo Dudamel, Jesús López Cobos en Andrew Manze, hij maakte deel uit van het Zkvartett String Quartet, en was orkestlid in het Mahler Chamber Orchestra en Claudio Abbado’s Lucerne Festival Orchestra.
Op de festivals van bijvoorbeeld Schleswig-Holstein en Sion speelde hij kamermuziek met collega’s als Amihai Grosz, Janine Jansen en Denis Kozhukhin. Daniel Blendulf was een tijdlang chef-dirigent van Dalasinfoniettan, een kamerorkest in de Zweedse stad Falun, en kreeg in 2014 de Herbert Blomstedt Conducting Prize.
Als gastdirigent werd hij uitgenodigd door onder meer het Tonhalle-Orchester Zürich, het Sydney Symphony Orchestra, het Queensland Symphony Orchestra, het Detroit Symphony Orchestra, het Yomiuri Nippon Symphony Orchestra, het Koninklijk Philharmonisch Orkest van Stockholm, het Swedish Radio Symphony Orchestra, het Göteborg Symfonieorkest en de Camerata Salzburg. Daniel Blendulf bespeelt een uit 1791 van Vincenzo Panormo.



