Het Middagconcert: Marietta Petkova

Marietta Petkova piano

er is geen pauze
einde ± 15.20 uur

Dit concert wordt mede mogelijk gemaakt door KPN.

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893)

Februari: Carnaval – Allegro giusto
Juni: Barcarolle – Andante cantabile
Augustus: De oogst – Allegro vivace
uit ‘De jaargetijden’, op. 37b (1875-76)

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)

Sonate in c kl.t., KV 457 (1784)
Allegro
Adagio
Molto allegro

Claude Debussy (1862-1918)

Bruyères
Général Lavine – eccentric
La terrasse des audiences du clair de lune
Ondine
uit ‘Préludes II’ (1911-13)

Serge Rachmaninoff (1873-1943)

Allegro non troppo, nr. 1 in f kl.t.
Allegro, nr. 2 in C gr.t.
Grave – meno mosso, nr. 3 in c kl.t.
Non allegro – Presto, nr. 5 in es kl.t.
Allegro con fuoco, nr. 6 in Es gr.t.
uit ‘Etudes-tableaux’, op. 33 (1911)

Toelichting

toelichting

Preludes en etudes

Door Paul Jansen

De componisten op dit programma hebben allen een mooie bijdrage geleverd aan de prelude en de – muziekvormen die vooral dankzij Frédéric Chopin (1810-1849) veel méér werden dan zomaar een korte impressie annex inleiding danwel een studiestukje. Naar Chopins voorbeeld – en eigenlijk ook al naar Bachs Wohltemperirte Klavier (1722-1738) – schreven zij series van pianostukken die zich laten lezen als dagboeknotities.

Claude Debussy werd wereldvermaard met zijn twee boeken van elk twaalf Préludes en Serge Rachmaninoff groeide uit tot de vroeg-twintigste-eeuwse koning van de . Ook Pjotr Iljitsj Tsjaikovski liet zich niet onbetuigd, al noemde hij zijn reeks De jaargetijden en gaf hij de twaalf delen ieder de naam van een maand. Wolfgang Amadeus Mozart noemde zijn studies nog gewoon s, naar goed klassiek gebruik. Verschillende van zijn sonates, zoals ook de Sonate in c klein, KV 457, ontstonden als lesmateriaal; zo kon hij aandacht besteden aan specifieke aspecten die hij met de leerling in kwestie verder wilde ontwikkelen.

Tsjaikovski: De seizoenen

‘Een welomschreven idee, een tijdslimiet en de belofte van een flinke stapel bankbiljetten’, dat was alles wat Pjotr Iljitsj Tsjaikovski naar eigen zeggen nodig had om aan de opdracht te voldoen die hij in 1875 kreeg. De componist ontving het verzoek om een jaar lang twaalf korte karakterstukjes te schrijven voor piano die maandelijks gepubliceerd zouden worden in Nouvellist, het muziektijdschrift van Sint-Petersburg. Hij beschouwde het slechts als extra inkomen: ‘Ik ga nog even door met muzikale pannenkoekjes bakken. Vandaag heb ik de tiende omgedraaid’, zei hij nadat hij Oktober geschreven had.

  • Pjotr Iljitsj Tsjaikovski

Ondanks dergelijke badinerende opmerkingen, maakte Tsjaikovski er iedere keer iets moois van. Bijna alle delen zijn geschreven in een eenvoudige ABA-vorm en worden vooral gedragen door Tsjaikovski’s melodische gaven. Mede daardoor bleven De seizoenen voorbij het tijdschrift waar ze voor bedoeld waren de aandacht trekken. Serge Rachmaninoff omarmde de stukjes en speelde November vaak als toegift, terwijl delen als Februari, Juni en Augustus, die vandaag op het programma staan, in vele bewerkingen ook hun weg naar andere instrumenten vonden.

Mozart: Sonate in c klein

Hoewel Tsjaikovski zich voor De seizoenen liet inspireren door componisten als Felix Mendelssohn en Robert Schumann, is Wolfgang Amadeus Mozart doorlopend op de achtergrond aanwezig. Mozart was Tsjaikovski’s ‘muzikale God’ en hij eerde de klassieke Weense componist openlijk met zijn Mozartiana, op. 61. Wat Tsjaikovski zo aantrok was het klassieke evenwicht in de vorm van Mozarts werken en de helderheid gecombineerd met de emotionele gelaagdheid van zijn lijnen. Ook in Mozarts in c klein blijft die helderheid ondanks de vaak dramatischer aangewende toonsoort aanwezig.

Mozart voltooide de sonate in 1784 en droeg hem op aan zijn aristocratische leerlinge Therese von Trattner. Het , in een voor dat deel ongebruikelijke vorm, zou mogelijk als eerste geschreven zijn bij wijze van studiemateriaal voor zijn studente. De driedelige sonate, een van de slechts twee pianosonates in mineur van Mozart, wordt door iemand als Ludwig Ritter von Köchel, de man achter Mozarts tische oeuvrecatalogus, ‘zonder twijfel Mozarts belangrijkste sonate’ genoemd. Het werk zou de weg effenen voor Ludwig van Beethoven en als inspiratie gediend hebben voor diens Achtste sonate in c klein, ‘Pathetique’ in dezelfde .

Debussy: Préludes II

Hoewel Debussy’s 24 Préludes niet direct geïnspireerd waren door Bachs Wohltemperirte Klavier, doorlopen ze eveneens alle 24 toonsoorten en zijn ze net als Chopins Préludes een staalkaart van de stand van muzikale zaken van dat moment. Debussy vatte op briljante wijze zijn eigen pianistiek en zijn toontaal vol pentatoniek, heletoonstoonladders en niet-functioneel gebruik van en samen. Ze ‘vormen de essentie van alles waar Debussy voor staat’, aldus Marietta Petkova, die alle vierentwintig onlangs uitbracht op cd.

  • Claude Debussy

Voor Petkova staat Debussy op de schouders van Frédéric Chopin, Franz Liszt en Richard Wagner: ‘Debussy ging verder op hun weg. En hij speelde daarbij niet op veilig. Hij was heel soeverein bezig en trok zich niets aan van welke mode dan ook.’ Ook spelen componisten als Mozart en vooral Johann Sebastian Bach – door Debussy ‘Onze Lieve Heer van de muziek’ genoemd – een grote rol in het werk van de componist. Dat is ook wat de Préludes nr. 5, 6, 7 en 8 uit het tweede boek uitstralen.

Johann Sebastian Bach werd door Debussy ‘Onze Lieve Heer van de muziek’ genoemd

Bruyères laat zich beluisteren als een moderne Bach-prelude, in Général Lavine – eccentric geeft de componist zijn eigen visie op de destijds populaire cakewalk, La terrasse des audiences du clair de lune is een typisch debussiaans nachtstuk en in Ondine is de mythische waternimf aanleiding voor een demonstratie van Debussy’s briljante pianoverklanking van water. De titels waren, volgens Debussy, niet bedoeld als impressionistische richtingaanwijzers, maar zijn slechts associaties achteraf. Vandaar dat hij ze pas aan het einde van elke prelude noteerde.

Rachmaninoff: Etudes-tableaux

Waar Debussy de twintigste eeuw tot klinken bracht en met zijn Préludes een catalogus van nieuwe tonale mogelijkheden bood, was Serge Rachmaninoff een componist die nog met één been in de stond en daar maar niet van los kwam. Toch doen zijn acht s-tableaux, 33 niet veel anders dan Debussy’s Préludes. De ‘etudes’ vormen een staalkaart van vooruitstrevende pianistieke texturen en samenklanken die onverbrekelijk verbonden zijn met de toontaal en stijl van Rachmaninoff. En net als Debussy zijn Préludes beschouwde Rachmaninoff zijn etudes als ‘evocaties van externe visuele stimuli’, al zijn het absoluut geen programmatische werken. Vandaar ook dat de Etudes-tableaux van Rachmaninoff geen titel hebben maar slechts een tempoaanduiding.

Hoewel de Etudes-tableaux tegenwoordig vaak als complete set wordt uitgevoerd, componeerde en publiceerde Rachmaninoff het in 1911 voltooide werk niet als zodanig. Tijdens zijn leven verschenen er slechts zes, terwijl de etudes nr. 3 en nr. 5 postuum gepubliceerd werden. Het geeft de vrijheid om, zoals vandaag, een mooi geheel samen te stellen dat niet alleen Rachmaninoffs geavanceerde pianotechniek recht doet, maar ook beschouwd kan worden als een evenwichtige, bijna Bach-achtige .

Biografie

Marietta Petkova, piano

Marietta Petkova begon haar opleiding aan het muzieklyceum in haar geboorteplaats Roese (Bulgarije) om deze te vervolgen aan het conservatorium van Sofia. Aan de Musikhochschule in Wenen was Paul Badura-Skoda vervolgens haar docent. Na een studiejaar in Canada vestigde Marietta Petkova zich in 1990 in Nederland, voor lessen van Jan Wijn aan het Conservatorium van Amsterdam. Gedurende tien jaar was ook pianist/pedagoog György Sebök een belangrijk mentor.

Sinds ze op tienjarige leeftijd het Nationale Pianoconcours van Bulgarije won, nam de pianiste tal van belangrijke prijzen in ontvangst van concoursen in onder meer Zwitserland, Italië, Oostenrijk en Portugal. In Nederland won ze het Eduard Flipse Internationaal Pianoconcours (ex aequo) en de Yamaha Music Foundation Award. Marietta Petkova geeft voornamelijk solorecitals maar speelt ook graag kamermuziek.

Als solist in concertant repertoire werd ze uitgenodigd door onder meer het Orchestre de ­Chambre de Lausanne, het Concertgebouw Kamerorkest, het Noord Nederlands Orkest, het Kammer­orchester Arcata Stuttgart en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Het vorige optreden van Marietta Petkova in de was een duorecital met violist Vesko Eschkenazy op 26 mei 2019 met ­s van Mozart, Beethoven, ­Debussy en Franck.