Het Concertgebouworkest en Jan Willem de Vriend
Het Koninklijk Concertgebouworkest
Jan Willem de Vriend dirigent
Kristian Bezuidenhout fortepiano
Aanvang 20.15 uur resp. 14.15 uur (zo 17) | pauze ca. 21.15 uur resp. 15.15 uur (zo 17)| einde ca. 22.20 uur resp. 16.20 uur (zo 17)
Dit programma maakt deel uit van de Series B, D en Z.
Het concert van zondag 17 mei wordt live uitgezonden via NPO Radio 4 door avrotros.
Wolfgang Amadeus Mozart 1756-1791
Balletmuziek uit ‘Idomeneo’, KV 367 (1781)
Chaconne
Pas seul de Mr. Le Grand
Negende pianoconcert in Es gr.t., KV 271 (1777)
‘Jeunehomme’
Allegro
Andantino
Rondeau: Presto – Menuetto (cantabile) – Presto
cadens: W.A. Mozart
pauze
Franz Schubert (1797-1828)
Eerste symfonie in D gr.t., D 82 (1813)
Adagio – Allegro vivace
Andante
Menuetto: Allegretto
Allegro vivace
Toelichting
Wolfgang Amadeus Mozart: 1756-1791
Balletmuziek uit ‘idomeneo’ (1781)
Boem! Knal! Schurend en krakend loopt de vloot van Idomeneo op de rotsen van zijn geliefde Kreta. Scheepsrompen versplinteren, masten knappen af, en als het laatste zeil gescheurd is, de laatste ra naar beneden getuimeld, klinkt uit de orkestbak misschien wel de mooiste en chicste balletmuziek waarmee Wolfgang Amadeus Mozart het genre ooit heeft verrijkt. Deze contrastwerking werd in het achttiende-eeuwse muziektheater niet vreemd gevonden: de mythologische verhalen waaruit de librettisten putten stonden bol van kommer en kwel, en het publiek wilde ook een plezierige avond beleven.
Vaak werd het ballet in Idomeneo direct na de schipbreuk gedanst; andere bronnen plaatsen de aan het einde van de – met de woorden ‘Fine del Dramma’ sluit Mozart zijn manuscript af.
Hoe het ook zij, beide versies getuigen van Mozarts zoektocht naar een nieuwe vorm binnen de seria: net als zijn voorganger Christoph Willibald Gluck streefde hij naar minder Italiaanse bravoure, minder routineuze s, meer Franse diepgang – en vooral: een groter vertoon van compositorisch meesterschap. Met alle respect voor de tekst: prima la musica, doppio le parole! Mozart schreef de opera Idomeneo in 1781 in opdracht van keurvorst Karl Theodor in München. De balletmeester, Jean-Pierre Le Grand, was in feite de producer van de hele onderneming en choreografeerde de eerste versie van de opera waarin – net als tijdens deze concerten – alleen de Chaconne en de Pas seul de Mr. Le Grand klonken. Le Grands invloed verklaart misschien de vooraanstaande positie van het ballet in de opera. Het staat vast dat hij de belangrijkste dansen voor zichzelf selecteerde. Voor Mozarts première had hij het beroemde Mannheimer orkest laten aanrukken. Mozart was dol op dit gezelschap, en heeft optimaal gebruik gemaakt van de brille en het vakmanschap van de musici. De luisteraar van nu kan luisteren naar een briljante concertopening, waarin Mozarts onuitputtelijke ideeënrijkdom even knap klinkt als zijn volmaakte instrumentatie.
Mozart: 1756-1791
‘jeunehomme’-concert (1777)
1777, voordat Idomeneo in beeld kwam: Mozart woonde in Salzburg, maar had Wenen, Parijs, Londen, Nederland en Italië al gezien. In januari, de maand waarin de componist eenentwintig jaar werd, voltooide hij zijn Negende pianoconcert, ‘Jeunehomme’. Dit werk behoort tot de eerste concerten die hij helemaal zelf schreef voor het instrument. Stukken van vóór 1773 die de titel ‘pianoconcert’ dragen, waren arrangementen van werken van collega-componisten.
Mozart schreef het concert voor Louise Victoire Jenamy, dochter van Jean-Georges Noverre, een bekend balletdanser voor wie Mozart ook componeerde. De achternaam van Louise Victoire lijkt een beetje op Jeunehomme... De spelling die Mozart aanhield, we vinden onder andere ‘Jenomè’ terug – Mozart grapte graag, ook in zijn brieven – en de aanname later van onderzoekers en musicologen zorgde ervoor dat Jeunehomme in de boeken terechtkwam. Een mooi woord, en opmerkelijk genoeg ook passend bij dit concert, het eerste van Mozart als buitengewoon begaafd jonge man, wonderkind af. Mozart hield van het stuk, hij ging er zelf mee op reis, had het jaren later nog op zijn repertoire staan en componeerde er meerdere en voor.
Volgens pianist Alfred Brendel is het concert ‘a wonder of the world’ en biograaf Alfred Einstein noemde het Mozarts ‘Eroïca’, vanwege het innovatieve karakter van het stuk; luister alleen al naar het begin van het eerste deel waarin de fortepiano nogal brutaal zijn opwachting maakt.
En mevrouw Louise Victoire had wel een en ander in haar , te horen aan de techniek en virtuositeit die Mozart van de solist vraagt, die begeleid wordt door twee hobo’s, twee s en strijkers. In het eerste deel valt een enorme rijkdom aan ideeën, ’s en ën op. Mozart introduceert ook -achtige elementen, zoals de lange triller waarmee de fortepiano voor de tweede keer inzet in het eerste deel. Het is ook geen geheim dat de componist niet alleen in zijn opera’s diverse muzikale karakters opvoert. In het Andantino in lijkt de solist wel de zanger. In het Rondeau, het laatste deel, anticipeert de rechterhand op de Jeder fühlt der liebe Freuden uit Die Zauberflöte.
Franz Schubert
eerste symfonie (1813)
Joseph Haydn, Wolfgang Amadeus Mozart en Ludwig van Beethoven worden de Weense Klassieken genoemd. Een andere grote Weense meester was Franz Schubert. Schubert voltooide zijn Eerste symfonie in 1813 – hij schreef er negen in totaal – in dezelfde stad als waar Beethoven in dezelfde tijd mfen vierde. Grote tegenstelling is dat Beethovens muziek werd gehoord en gepubliceerd, en er werd over gepraat. Van Schubert verscheen destijds geen enkele symfonie in druk en zijn werken verdwenen na één uitvoering stilletjes naar de achtergrond.
Antonín Dvořák typeerde Schubert als ‘jong, bescheiden en onbekend’, toen hij probeerde te analyseren waarom Schubert niet zo snel succes had als iemand als Beethoven op hetzelfde moment. Dvořák hield zich intensief met Schuberts werk bezig toen hij zich voorbereidde om een en ander te gaan dirigeren. Naar aanleiding van diens eerste zes symfonieën zei hij: ‘Hoe meer ik ze bestudeer, hoe meer ik me verwonder.’ Schuberts Eerste symfonie verscheen pas in de jaren tachtig van de negentiende eeuw in druk, bijna zestig jaar na zijn dood.
In de opzet van de Eerste, geschreven door een zestienjarige, is Haydn met zijn klassieke symfonische vorm niet ver weg. Schubert opent met een breed uitgemeten dat overgaat in een : in dit eerste deel herkent de luisteraar Beethovens Die Geschöpfe des Prometheus. Drie delen volgen: een keurig , een klassiek en vrolijk en een uitbundig Allegro waarin het materiaal uit het eerste deel opnieuw naar voren komt. Haydn en Mozart als voorgangers, Beethoven nog in de buurt, dat zal best, maar toch is het Schubert die je hoort, alleen al in de vorming. Jan Willem de Vriend: ‘Ik denk weleens: wat zou Salieri gedacht hebben toen daar een zestienjarige op les kwam met zo’n ? Toen het orkestje ging spelen, moet toch iedereen bijna van zijn stoel gevallen zijn. De kracht van het begin, de humor, de tederheid. Men kan gerust spreken van een wondersymfonie die je, ondanks dat ’ie gecomponeerd werd door een zestienjarige, volledig serieus kunt nemen.’
Frederike Berntsen
Biografie
Jan Willem de Vriend, dirigent
Jan Willem de Vriend is sinds 2015 principal guest conductor bij het Orquestra Simfònica de Barcelona I Nacional de Catalunya. Sinds seizoen 2018/19 is hij ook vaste gastdirigent bij Orchestra National de Lille. Daarnaast is hij eerste gastdirigent bij de Stuttgarter Philarmoniker en artist in residence van het Stavanger Symfonie Orchestra. Tot voor kort was hij vaste bij het Residentie Orkest in Den Haag.
Jan Willem de Vriend werd als violist opgeleid aan de conservatoria van Amsterdam en Den Haag, maar ontwikkelde zich tijdens zijn studie tot orkestleider. Tussen 1982 en 2015 was De Vriend artistiek leider en violist van het door hem opgerichte ensemble Combattimento Consort Amsterdam. Dit ensemble, dat zich specialiseerde in muziek uit de periode 1600-1800, had een eigen serie in Het Concertgebouw en boekte successen over de hele wereld. Opmerkelijk waren de producties met werk van onder anderen Monteverdi, Händel, Telemann, Bach, Gassmann en Mozart.
Vanaf 2006 tot 2018 was Jan Willem de Vriend chef bij het Orkest van het Oosten. In 2013 en 2014 werd het orkest uitgenodigd door het festival van Sankt Moritz/Basel om respectievelijk Mozarts Don Giovanni en Rossini’s La gazetta uit te voeren in de regie van Eva Buchmann. Van 2008 tot 2013 was de Vriend vaste gastdirigent bij Het Brabants Orkest. Voor zijn onvermoeibare promotie van de klassieke muziek kreeg Jan Willem de Vriend in 2012 de Radio 4-prijs.
Als gastdirigent stond hij voor bijvoorbeeld het Konzerthaus Orchester Berlin, het NDR-Sinfonieorchester, het Tonhalle Orchester Zurich en het Belgian National Orchestra. Hij leidde het Concertgebouworkest meermaals sinds 2009, de laatste keer in Bachs Weihnachtsoratorium tijdens de Kerstmatinee van 2015.
Kristian Bezuidenhout, piano
Kristian Bezuidenhout werd geboren in Zuid-Afrika, studeerde in Australië en New York, en woont nu in Londen. Hij studeerde piano bij Rebecca Penneys, fortepiano bij Malcolm Bilson, klavecimbel bij Arthur Haas en bij Paul O’Dette. Op 21-jarige leeftijd won hij het fortepianoconcours van het Festival Musica Antiqua in Brugge (2001), wat het begin markeerde van een indrukwekkende internationale carrière.
Kristian Bezuidenhout excelleert op een breed scala aan klavierinstrumenten, zowel historische als moderne, en werkt met vooraanstaande ensembles, orkesten, en en solisten wereldwijd. Als solist trad hij op met onder andere het Chamber Orchestra of Europe, Les Arts Florissants, het Orchestre des Champs-Élysées, het Chicago Symphony Orchestra en het Gewandhausorchester Leipzig.
Als dirigent vanaf het klavier leidde hij onder meer het Orkest van de Achttiende Eeuw, Collegium Vocale Gent, het Dunedin Consort en het Concertgebouworkest (januari 2018). Hij is vaste gastdirigent van het Freiburger Barockorchester en The English Concert. Dit seizoen debuteert Kristian Bezuidenhout bij het Noors Radio Orkest, Tampere Filharmonia en het SWR Symphonie-orchester, en speelt hij kamermuziek met violiste Isabelle Faust, tenor Julian Prégardien en het Consone Quartet – dit laatste ook als onderdeel van een residency in Bourgie Hall (Montreal).
Zijn vorige optreden in de was op 20 januari jongstleden een Schubertiade met mezzosopraan Anne Sofie von Otter. In de was Kristian Bezuidenhout voor het laatst te beluisteren in een solorecital in de serie Grote Pianisten op 9 januari 2023.
Koninklijk Concertgebouworkest, orkest
Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouworkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.
Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concertgebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.
Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Haitink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.
Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, fondsen en donateurs wereldwijd.
Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest


