Haitink, Bezuidenhout en Chamber Orchestra of Europe

Extra Concert 20.15 uur

Chamber Orchestra of Europe
Bernard Haitink dirigent
Kristian Bezuidenhout piano

Wolfgang Amadeus Mozart 1756-1791

Pianoconcert nr. 23 in A gr.t., KV 488
Allegro
Adagio
Allegro assai

cadensen: Kristian Bezuidenhout

pauze 

Franz Schubert 1797-1828

Negende symfonie in C gr.t., D 944 (1825-28) ‘Grote’
Andante – Allegro ma non troppo
Andante con moto
Scherzo: Allegro vivace
Allegro vivace
 

begin van de pauze ca. 20.45 uur
einde van het concert ca. 21.55 uur

Toelichting

Wolfgang Amadeus Mozart 1756-1791

Pianoconcert KV488

Tekst: Clemens Romijn

Het lijkt een astronomisch aantal, de tegen de vijftig symfonieën en ongeveer evenzoveel concerten die Wolfgang Amadeus Mozart heeft nagelaten. En van de concerten zijn er alleen al zevenentwintig voor klavier en orkest. Toch was zijn oeuvre niet extreem groot voor een componist van die dagen.

Joseph Haydn schreef 107 symfonieën. Tijdgenoot Carl Stamitz componeerde er 75 en Carl Ditters von Dittersdorf maar liefst 120. Mozart heeft veel van zijn symfonieën en concerten zelf uitgevoerd en kunnen beluisteren. Ze klonken tijdens zijn leven bijna overal in Europa: in Salzburg, Londen, Parijs, Den Haag, Wenen en Praag. Mozart bediende vooral zijn opdrachtgevers en zijn publiek, en streefde ernaar die met zijn muziek te bereiken. Zijn muziek was herkenbaar. Zijn doel was toegankelijkheid, een van de idealen van de Verlichting.  

Dat hij alleen al in de jaren 1785-86 maar liefst zes klavierconcerten componeerde, geeft al aan hoe graag het Weense publiek deze werken hoorde. Men zag Mozart zijn concerten vaak spelen in abonnementsconcerten die hij zelf organiseerde in de vastentijd.

Het hier gespeelde Pianoconcert nr. 23 in A groot, KV 488 ontstond in een absolute toptijd, de jaren daarna nam de productie sterk af. Het e concert is een van de eerste werken waar Mozart klarinetten gebruikte. ‘Mozart schreef nimmer een ander eerste deel dat zo eenvoudig was in structuur, zo helder qua ’s en zo normaal wat betreft de thematische relatie tussen tutti en solopassages,’ schreef Alfred Einstein in de biografie Mozart, his Character, his Work.

‘Zelfs op die momenten dat het werk uitstapjes maakt naar ische passages of ritmische eigenaardigheden bevat.’ En elders merkt hij op: ‘De A is voor Mozart de toonsoort van vele kleuren. Het werk heeft de transparantie van een glas-in-loodraam.’

Na een zonnig en sereen eerste deel volgt het beroemde prachtige in de bij Mozart zeldzame toonsoort fis klein, waarbij klarinet en eerste viool het elegische karakter van het eerste pianothema nog eens versterken. In het sprankelende slotrondo speelt Mozart ongeveer een dozijn ën tegen elkaar uit. 

Mozart had goede redenen dit concert niet uit handen te willen geven. ‘Dit concert behoort tot de composities die ik graag voor mijzelf of voor een kleine kring van muziekliefhebbers en kenners hou,’ schreef hij zijn vader.

Het is slechts dankzij de rampspoed die Mozarts weduwe Constanze overviel, dat het werk na de dood van de componist uit kon groeien tot een van zijn bekendste pianoconcerten. Om financieel niet aan de grond te raken verkocht ze het manuscript zeven jaar na Mozarts dood aan uitgever Johann Anton André.

Franz Schubert

Grote Symfonie

Na de pauze klinkt een soort kathedraal van tonen van Franz Schubert, de grote Weense bouwer, de klankarchitect met zijn constructie van vier delen. Schubert vraagt de ruimte in deze Negende symfonie in C groot, die de bijnaam ‘Grote’ kreeg.

Hij creëert drama en conflicten en bouwt een lange spanningsboog. Sinds de oude Grieken is dat eigen aan de Westerse beschaving en kunst: ontwikkeling, wording, drama en conflict. Ieder Hollywood-scenario maakt er gebruik van. Toch heeft Schuberts Negende lang liggen verstoffen.

Diverse pogingen van Schuberts broer Ferdinand om het werk na Franz’ dood in Wenen uitgevoerd te krijgen werden door de orkestmusici geboycot. Ze vonden het werk te lang en te moeilijk. Vooral de strijkers vonden de finale onuitvoerbaar en de cellisten beklaagden zich over de eindeloos lang herhaalde figuren in hun partij. In Parijs (1842) en Londen (1844) dezelfde taferelen.

In Londen, waar Felix Mendelssohn een poging waagde de symfonie in te studeren, barstte het orkest in hoongelach uit bij het ­ in de finale (herkenbaar aan de viermaal herhaalde tonen). En nog in 1892 verklaarde George Bernard Shaw dat er nog nooit een tergender en hersenlozer symfonie op papier was gezet dan deze. 

Inmiddels behoort SchubertNegende symfonie, samen met de Achtste, ‘Onvoltooide’, tot het ijzeren repertoire. Dat is in de eerste plaats te danken aan de pleidooien van Robert Schumann. In 1838 bezocht hij Schuberts broer Ferdinand in Wenen en moest daar de symfonie uitgraven uit een enorme berg manuscripten.

Na lezing riep hij uit: ‘Wie dit werk niet kent, kent maar weinig van Schubert!’ In een lovend artikel prees hij het stuk om zijn caleidoscopische uitbeelding van het menselijke leven en om zijn ‘hemelse lengte’. Hij wist zijn vriend Mendelssohn over te halen tot een eerste uitvoering met het Gewandhausorchester in Leipzig in 1839, met aanzienlijke coupures.

Inmiddels zijn we, na symfonieën van Anton Bruckner en Gustav Mahler, gewend geraakt aan brokken orkestmuziek van een uur of nog meer lengte. Voor Schubert was dit zijn eerste en enige symfonie van zo’n 45 à 50 minuten, de voorgaande duren een minuut of 25 à 30.

Die lengte, voor velen juist een groot manco, vergeleek Schumann met een dikke roman in vier delen van Jean Paul Richter waarin de lezer weldadig kan wegzakken. Vanaf het begin van de symfonie is namelijk duidelijk dat hier ’s klinken die een lange weg zullen bewandelen. En Schubert heeft ze die ruimte gegeven.

Biografie

Bernard Haitink, dirigent

Bernard Haitink werd geboren en opgeleid in Amsterdam. Zijn carrière begon bij zijn deelname aan de intensieve encursus van de Nederlandse Radio Unie, waarna hij in 1957 chef-dirigent werd van het Radio Filharmonisch Orkest. Het Concertgebouworkest leidde hij voor het eerst in 1956. Van 1961 tot 1988 was Bernard Haitink er chef-dirigent, en in 1999 benoemde het orkest hem tot eredirigent.

Na het beëindigen van zijn chefschap in Amsterdam leidde hij ruim veertien jaar lang de Royal in Londen. Hij was ook music director van de Glyndebourne Festival Opera en chef-dirigent van het London Philharmonic Orchestra, de Sächsische Staatskapelle Dresden en het Chicago Symphony Orchestra. Hij is beschermheer van het Radio Filharmonisch Orkest en erelid van de Berliner Philharmoniker en het Chamber Orchestra of Europe. Als gastdirigent werkt Bernard Haitink met de meest vooraanstaande orkesten wereldwijd.

In seizoen 2018/2019 leidde Bernard Haitink meerdere programma’s bij het Koninklijk Concertgebouworkest en keerde hij terug bij het de Wiener en Berliner Philharmoniker, het Sinfonieorchester des Bayerischen Rundfunks, het Radio Filharmonisch Orkest, het Chicago Symphony Orchestra, het Chamber Orchestra of Europe en Orchestra Mozart. Het Londen Symphony Orchestra vierde zijn verjaardag in maart 2019 met een reeks concerten.

Voor zijn grote verdiensten in de muziek ontving Bernard Haitink vele onderscheidingen, waaronder de Musician of the Year Award van Musical America en de Gramophone Lifetime Achievement Award. Bernard Haitink was Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw en – in het Verenigd Koninkrijk – honorary Companion of Honour en ontving eredoctoraten van de University of Oxford en het Royal College of Music.

Bernhard Haitink leidde het Concertgebouworkest voor het laatst in januari 2019. Op donderdag 21 oktober 2021 overleed hij in zijn woonplaats Londen. Zijn In memoriam is hier te lezen.

Chamber Orchestra of Europe, orkest

Het Chamber Orchestra of Europe werd in 1981 opgericht door musici die elkaar kenden van het European Union Youth Orchestra; dertien van hen maken tot op heden deel uit van het ongeveer zestig musici tellende ledenbestand. Wijlen de en Claudio Abbado en Nikolaus Harnoncourt drukten een stevig stempel op de ontwikkeling van het orkest.

Het gezelschap speelt tegenwoordig in zalen als de Philharmonie in Parijs, de Kölner Philharmonie, het Festspielhaus in Baden-Baden en de Philharmonie Luxemburg, op het festival van Luzern en incidenteel ook in de Verenigde Staten en het Verre Oosten.

Het Chamber Orchestra of Europe onderhoudt nauwe banden met de ereleden Bernard Haitink, Yannick Nézet-Séguin en András Schiff. In het lopende concertseizoen werkt het samen met musici als Pierre-Laurent Aimard, Janine Jansen, Leonidas Kavakos, Antonio Pappano, Nikolaj Szeps-Znaider en Robin Ticciati.

Het Chamber Orchestra of Europe nam meer dan 250 werken op en werd voor zijn discografie bekroond met onder meer twee Grammy Awards en drie Gramophone Record of the Year Awards. Een deel van de opnames komt uit op het eigen label COE Records. Als onderdeel van een uitgebreid educatief programma werd in 2009 de COE Academy opgericht. Het Chamber Orchestra of Europe wordt ondersteund door de Gatsby Charitable Foundation en door een aantal andere donateurs.

Het vorige optreden van het orkest in de Eigen Programmering van Het Concertgebouw was in juni 2018 met Leonidas Kavakos, die daarbij optrad als vioolsolist en als .

Kristian Bezuidenhout, piano

Kristian Bezuidenhout werd geboren in Zuid-Afrika, studeerde in Australië en New York, en woont nu in Londen. Hij studeerde piano bij ­Rebecca Penneys, fortepiano bij ­Malcolm Bilson, klavecimbel bij Arthur Haas en bij Paul O’Dette. Op 21-jarige leeftijd won hij het fortepiano­concours van het Festival Musica Antiqua in Brugge (2001), wat het begin markeerde van een indrukwekkende internationale carrière.

Kristian Bezuidenhout excelleert op een breed scala aan klavierinstrumenten, zowel historische als moderne, en werkt met vooraanstaande ensembles, orkesten, en en solisten wereldwijd. Als solist trad hij op met onder andere het Chamber Orchestra of Europe, Les Arts Florissants, het Orchestre des Champs-Élysées, het Chicago Symphony Orchestra en het Gewandhausorchester Leipzig.

Als dirigent vanaf het klavier leidde hij onder meer het Orkest van de Achttiende Eeuw, Collegium Vocale Gent, het Dunedin Consort en het Concertgebouworkest (januari 2018). Hij is vaste gastdirigent van het Freiburger Barockorchester en The English Concert. Dit seizoen debuteert Kristian Bezuidenhout bij het Noors Radio Orkest, Tampere Filharmonia en het SWR Symphonie-orchester, en speelt hij kamermuziek met violiste Isabelle Faust, tenor Julian Prégardien en het Consone Quartet – dit laatste ook als onderdeel van een residency in Bourgie Hall (Montreal).

Zijn vorige optreden in de was op 20 januari jongstleden een Schubertiade met mezzosopraan Anne Sofie von Otter. In de was Kristian Bezuidenhout voor het laatst te beluisteren in een solorecital in de serie Grote Pianisten op 9 januari 2023.