Grote Pianisten: Víkingur Ólafsson solo in Mozart en meer

Víkingur Ólafsson piano

Dit concert maakt deel uit van de serie Grote Pianisten.

Lees ook: Pianist Víkingur Ólafsson: ‘Ik sluit niets uit’

Mozart en tijdgenoten

Baldassare Galuppi (1706-1785)

Andante spiritoso
uit ‘Sonate nr. 9 in f kl.t.’ (jaartal onbekend)

Wolfgang Amadeus Mozart (1756-1791)

Rondo in F gr.t., KV 494 (1786)

Carl Philipp Emanuel Bach (1714-1788)

Rondo in d kl.t., H 290, Wq 61/4 (1785)

Domenico Cimarosa (1749-1801)

Sonate nr. 42 in d kl.t. (jaartal ­onbekend; pianotranscriptie V. Ólafsson)

Wolfgang Amadeus Mozart

Fantasie in d kl.t., KV 397 (1782)

Rondo in D gr.t., KV 485 (1786)

Domenico Cimarosa

Sonate nr. 55 in a kl.t. (jaartal ­onbekend; pianotranscriptie ­V. Ólafsson)

Joseph Haydn (1732-1809)

Sonate in b kl.t., Hob. XVI: 32 (1774)
Allegro moderato
Menuet
Presto

Wolfgang Amadeus Mozart

Gigue in G gr.t., KV 574 (1789)

Sonate in C gr.t., KV 545 (1788) ‘Sonata facile’
Allegro
Andante
Rondo. Allegretto

pauze ± 21.00 uur

Wolfgang Amadeus Mozart

Adagio in Es gr.t.
uit ‘Strijkkwintet in g kl.t., KV 516’ (1787; pianotranscriptie V. Ólafsson)

Baldassare Galuppi

Larghetto
uit ‘Sonate nr. 34 in c kl.t.’ (jaartal onbekend)

Wolfgang Amadeus Mozart

Sonate in c kl.t., KV 457 (1784)
Allegro
Adagio
Molto allegro

Adagio in b kl.t., KV 540 (1788)

Ave verum corpus, KV 618 (1791) (oorspronkelijk voor gemengd koor, strijkers en orgel; pianotranscriptie F. Liszt, ca. 1861)

einde ± 22.10 uur

Toelichting

Mozart en tijdgenoten

Door Frederike Berntsen

Mozart tussen 1780 en 1790 is Mozart op z’n best, daarvan is de IJslandse pianist Víkingur Ólafsson overtuigd: ‘In 1781 maakte Mozart kennis met de muziek van Johann Sebastian Bach,’ zegt Ólafsson, ‘hij ontdekte die in een bibliotheek in Wenen. Zijn eigen muziek krijgt er onmiskenbaar een ander karakter door, hij ging gedetailleerder schrijven, gebruikte ook meer en je hoort weemoediger en donkerder klanken. Mozart werkte keihard door. De werken die hij componeerde als midden-twintiger horen we nu het vaakst terug in de zalen.’

  • Wolfgang Amadeus Mozart

Net als Bach is Wolfgang Amadeus Mozart een belangrijke componist voor Ólafsson. Hij bracht vele uren met beide meesters door. ‘Bach heeft een mer à boire aan stukken geschreven waar wij als mensen onszelf in kunnen herkennen. Bach schreef niet over zichzelf, zijn eigen lijden, maar over de mens, de wereld. Dat is ijzersterk. Mozart is om andere redenen interessant, hij schreef in de traditie en maakte gebruik van de muzikale vormen van zijn tijd, maar gaf daar altijd een eigen draai aan. En hij verkende de ­grenzen. Neem de in C groot, KV 545, je hoort hem zoeken naar de uitersten van wat een instrument in zijn tijd aankon. De uitdrukkingskracht is enorm. Of het Strijkkwintet in g klein, KV 516: ik maakte een pianobewerking van het , daarin hoor je een nieuw tijdperk, de klank is meer beethoveniaans. Mozart gaf de richting aan voor Beethoven, die nog weer veel verder ging in het opzoeken en uiteindelijk oprekken van de grenzen.’

Mozart stond midden in het leven, wist precies wie wat componeerde en speelde ook muziek van zijn tijdgenoten, zoals die nu ook op het programma staat. Hij leerde ook van hun muziek.

‘Mozart zei eens: Bach is de vader en wij zijn de kinderen. Hij bedoelde Carl Philipp Emanuel’

‘Mozart hield van Carl Philipp Emanuel Bach,’ zegt Ólafsson. ‘Mozart zei eens: ‘Bach is de vader en wij zijn de kinderen.’ Men meent veelal dat hij het hier over de grote Johann Sebastian had, maar hij bedoelde echt Carl Philipp Emanuel. Een andere collega, Domenico Cimarosa, was een ster in Mozarts tijd. Deze componist was een paar jaar ouder.’

‘Vele stukken van Mozart ken ik al jaren, ik speelde ze als kind. Door andere componisten ernaast te zetten die leefden in zijn tijd kom je als pianist met frisse oren terug bij Mozart. Datzelfde geldt voor de luisteraar, die ongetwijfeld Mozarts muziek zal herkennen, maar wellicht minder vaak Cimarosa of Baldassare Galuppi voorbij hoort komen.’

Voor de samenstelling van dit programma – eveneens te beluisteren op zijn recentste cd – heeft Ólafsson tal van stukken doorgespeeld voor hij tot een keuze kon komen. Veel van het werk van de minder grote namen was onbekend voor hem. ‘Ik voel vrijheid als ik na deze andere componisten Mozart speel. Door zijn werk op deze manier in te kaderen bevrijd ik mezelf van vooroordelen – ik heb als student dingen op een bepaalde manier geleerd te spelen, dingen slijten erin. Ik kan natuurlijk nooit het verleden uitwissen, de klanken die in je oren zitten, maar je kunt jezelf wel wakker proberen te houden.

Bepaalde stukken van deze minder vaak uitgevoerde componisten hebben absoluut bestaansrecht naast Mozarts oeuvre. Bij mijn weten heeft Mozart de Italianen Cimarosa en Galuppi nooit ontmoet, maar hij kende zeker hun muziek, dat kun je horen in zijn werk. Het leuke is ook dat ze door een programma als dit weer gehoord worden. Ik heb het niet over Haydn, die ­geniale componist heeft promotie door mij niet nodig.’

Dat Ólafsson veel gevoel heeft voor een componist als Mozart is duidelijk, maar hoe weet hij welke uitvoeringspraktijk hij op de muziek uit diens tijd moet toepassen? Hij speelt niet op historisch instrumentarium, de moderne vleugel past hem als een handschoen. Ólafsson kan zijn kijk op deze muziek kwijt op een hedendaagse concertvleugel, een ongelofelijk instrument volgens hem, een geweldige uitvinding. ‘Natuurlijk heb ik geen antwoorden, ik heb ideeën en ik geef richting aan. Waar ik vooral op hoop is dat ik met de luisteraar een muzikale reis kan maken die hout snijdt en waar we allebei, ik en de luisteraar, iets bij voelen.’

Biografie

Víkingur Ólafsson, piano

Víkingur Ólafsson studeerde aan de Juilliard School in New York bij Jerome Lowenthal en Robert McDonald. Zijn vaak conceptuele solo-­albums – bijvoorbeeld Debussy Rameau (2020), Mozart & Contemporaries (2021), From Afar (2022) – leverden al meer dan een miljard streams op.

Na een wereldtournee in 2023/2024 met negentig uitvoeringen van Bachs Goldberg-variaties won Víkingur Ólafsson met zijn opname daarvan in 2025 een Grammy in de cate­gorie Best Classical Instrumental Solo.

Andere belangrijke onderscheidingen zijn de Rolf Schock Music Prize, de Orde van de Valk (de IJslandse ridderorde) en de Icelandic Export Award, en zowel bij Gramophone als bij Musical America was hij ‘artist of the year’. Afgelopen seizoen was de IJslandse pianist artist in residence bij de Tonhalle Zürich en de Royal Stockholm Philharmonic, en focusartiest bij de Wiener Musikverein. Bovendien tourde hij met The Cleveland Orchestra en het London Philharmonic Orchestra, was hij met de Berliner Philharmoniker te gast op de BBC Proms en keerde hij terug bij de New York Philharmonic. Ook bundelde hij zijn krachten met Yuja Wang voor duorecitals in Europa en Noord-Amerika.

In januari van dit jaar verzorgde Víkingur Ólafsson met het San Francisco Symphony Orchestra de wereldpremière van het pianoconcert After the Fall, dat John Adams voor hem componeerde, en afgelopen voorjaar tourde hij in de Verenigde Staten en Europa met een nieuw solorecital ron­dom Beethovens 109. Víkingur Ólafssons vorige optreden in Het Concertgebouw was op 28 maart 2023 in het Pianoconcert van Grieg met het St. Louis Symphony Orchestra onder leiding van Stéphane Denève.