Grote Pianisten: Lucas en Arthur Jussen spelen Gershwin, Fauré en Ravel
Lucas & Arthur Jussen piano
Dit concert maakt deel uit van de serie Grote Pianisten.
Johann Sebastian Bach (1685-1750)
Aus tiefer Not schrei ich zu Dir, BWV 687 (1739); bewerking György Kurtág
Nun komm, der Heiden Heiland, BWV 599 (1708-1717); bewerking György Kurtág
Gottes Zeit ist die allerbeste Zeit, BWV 106 (1707); bewerking György Kurtág
Hanna Kulenty (1961)
VAN... (2014)
Johannes Brahms (1833-1897)
Variationen über ein Thema von J. Haydn, op. 56b (1873)|
‘St. Anthony-variaties’
Witold Lutosławski (1913-1994)
Variaties op een thema van Paganini (1941)
pauze ± 21.00 uur
Gabriel Fauré (1845-1924)
Dolly Suite, op. 56 (1892-94)
Berceuse
Mi-a-ou
Le Jardin de Dolly
Kitty-Valse
Tendresse
Le Pas espagnol
Maurice Ravel (1875-1937)
Introduction et Allegro (1905)
oorspronkelijk voor harp, fluit, klarinet en strijkkwartet; versie voor twee piano’s
George Gershwin (1898-1937)
Rhapsody in Blue (1924)
oorspronkelijk voor piano en orkest; bewerking voor twee piano’s van Henry Levine
einde ± 22.20 uur
Toelichting
Grote Pianisten: Lucas en Arthur Jussen spelen Gershwin, Fauré en Ravel
Door Myrthe van Dijk
Dit is zeer divers: het bevat naast werken voor twee piano’s ook vierhandige stukken, er klinkt zowel ijzeren repertoire als minder bekende muziek, er zijn bewerkingen en originele duo’s, en het programma omvat ruim drie eeuwen aan stijlperiodes.
Lucas en Arthur Jussen lichten toe hoe ze tot deze samenstelling kwamen. ‘Onze recitalprogramma’s gaan uit van de muzikale ervaring, en minder van connecties tussen componisten’, aldus Arthur. ‘Ten eerste hopen we dat er voor iedereen wel iets tussen zit waar ze speciaal voor gekomen zijn, want de één komt voor Brahms, de ander voor Fauré…. Maar ook denken wij dat ieder werk nog beter overkomt door bepaalde stukken ervoor of erachter te zetten. Wij zijn dus een grote fan van afwisseling in een concert.’
Twee werelden: Bach en Kulenty
Zo klinken als eerste drie melodieën van Johann Sebastian Bach, direct gevolgd door een eigentijds stuk van de Poolse Hanna Kulenty, die ooit bij Louis Andriessen studeerde en nog altijd deels in Nederland woont. Lucas: ‘We proberen bij te dragen aan de uitbreiding van het repertoire door ook veel nieuwe muziek te spelen.’ Het contrast in stijl kan haast niet groter zijn. Maar het maakt ook duidelijk dat Bach tot in de huidige tijd een oerbron van inspiratie is voor componisten. Arthur: ‘Bach is de basis van alles, voor ons en voor veel musici. We vonden het daarom sterk om met hem te beginnen. Het zijn schitterende, sobere koralen, bewerkt voor vier handen door de fantastische hedendaagse componist György Kurtág. De bewerking werd door hem ook sober gehouden, het klinkt klein en intiem, maar tegelijkertijd is de muziek heel groot.’
De broers laten Bach naadloos overgaan in de muziek van Kulenty: ‘Dat vinden we spannend, om die twee uitersten zo dicht bij elkaar te zetten.’ Kulenty schreef het korte vierhandige stuk VAN… speciaal voor de broers Jussen toen ze in 2014 meegingen met koning Willem-Alexander en koningin Máxima op staatsbezoek naar Polen. De titel verwijst naar het tussenvoegsel van in ‘Van Oranje’, maar ook in ‘Ludwig van Beethoven’. Volgens Arthur werkt de combinatie van Kulenty met de drie eeuwen oudere Bach heel verrassend: ‘Je verwacht twee heel verschillende werelden, maar gek genoeg ervaren wij dat ze ook dicht bij elkaar liggen.’
Het spelen van vierhandige pianostukken vergt een speciale samenwerking met zijn broer Lucas: ‘Quatre-mains is intiemer dan aan twee vleugels, we zitten naast elkaar aan één toetsenbord, we voelen elkaar, onze vingers raken elkaar, we horen elkaar ademen, dus bijna vanzelf proberen we één muzikant te worden. Soms gaat dat zelfs makkelijker dan wanneer we elkaar aankijken vanaf twee vleugels. Maar het fijne dáárvan is weer dat je ieder een eigen instrument hebt, je hebt meer geluid, meer vrijheid om je eigen persoon te zijn, vooral in de grotere stukken is dat heerlijk.’
Variaties op een thema: Brahms en Lutosławski
Het volgende werk op het programma is zo’n groot pianoduo: Variationen über ein von J. Haydn van Johannes Brahms. Hij schreef het eerst voor twee piano’s en maakte er later ook een orkestversie van, die uiteindelijk het bekendst werd. Het openingsthema is een traditionele koraalmelodie, het Sint Antonius-koraal, door Joseph Haydn ooit gebruikt in een voor blazers. De acht daaropvolgende variaties variëren van lieflijk en tot speels en razend , en Brahms liet al deze elementen samenkomen in een indrukwekkende finale. Lucas: ‘Het eindigt met een fantastische , je hoort het vanuit de bassen opkomen, samen met die schitterende , het is een waanzinnig stuk. Er zitten hele moeilijke variaties tussen, soms ziet het zwart van de noten. Als je dat dan doorgrondt voelen wij altijd heel veel ontzag voor de muziek van Brahms.’
Daarop volgt een ander beroemd variatiewerk in het pianoduo-repertoire, de Variaties op een thema van Paganini van de Poolse componist Lutosławski, waarvoor Paganini’s virtuoze 24ste vioolcaprice model stond. Arthur: ‘We wilden dit stuk al heel lang uitvoeren, nu past het mooi in het geheel als uitsmijter voor de pauze.’ Witold Lutosławski schreef dit stuk tijdens de Tweede Wereldoorlog. In Warschau gaf hij dagelijks optredens in nachtclubs, want concertzalen waren gesloten. Hij vormde een pianoduo met oud-studiegenoot Andrzej Panufnik, samen maakten ze meer dan tweehonderd aanstekelijke arrangementen van bekende stukken van grote meesters. Maar na een gedwongen vlucht voor de vijand raakten alle manuscripten verloren; behalve dat van de Paganini-Variaties.
Franse kleuren: Fauré en Ravel
Na de pauze werpen Lucas en Arthur Jussen zich op een voor hen zeer vertrouwd vierhandig stuk, de Dolly van Gabriel Fauré. Lucas: ‘We spelen dit al vanaf heel jongs af aan, dus voor ons voelt het als nostalgie.’ De suite representeert een zorgeloze kinderwereld. Drie van de zes deeltjes waren een verjaardagscadeau of nieuwjaarsgroet aan Dolly, het dochtertje van een meer dan goede vriendin van Fauré. De titel van het tweede deel, Mi-a-ou, verwijst naar de manier waarop de tweejarige Dolly de naam van haar broer Raoul uitsprak; het daaropvolgende Le Jardin de Dolly, met een citaat uit Fauré’s Eerste viool (1876), vormt het melodieuze hart van de suite. Het vierde deel, Kitty-Valse, heette in het manuscript eigenlijk Ketty-Valse, naar het hondje van Dolly. Veel (amateur-)pianisten kennen de suite, van samenspel met familieleden. Maar de broers doen ze er zeker niet ‘effe bij’, aldus Lucas: ‘We willen precies de juiste lichtheid in de klank leggen, de mooie kleuren die Fauré erin verwerkte staan centraal.’
‘Daarna gaan we naar het meer aardse geluid en de abstractere klankwereld van Maurice Ravel. We vonden het mooi om deze twee Franse componisten tegenover elkaar te zetten.’ Ravels Introduction et is een verrassing op het programma. Arthur: ‘We kenden het wel als een werk voor harp, fluit, klarinet en strijkkwartet, een geweldig stuk. We vonden het heel bijzonder erachter te komen dat Ravel zelf een bewerking voor twee piano’s heeft gemaakt.’
Gershwin
Het concert wordt besloten met een bewerking van Henry Levine van George Gershwins Rhapsody in Blue. ‘Een feest om te spelen, puur Amerikaans, bijna jazz’, aldus Arthur. ‘Daarin kunnen we ons wel wat vrijheid veroorloven: we spelen het iedere keer anders, zoals we ons voelen. Het heeft een feestelijk einde en is een mooie kroon op het hele programma.’
Biografie
Lucas en Arthur Jussen, piano
De broers Jussen kregen hun eerste pianolessen in hun geboorteplaats Hilversum van Leny Bettman. Na gezamenlijke lessen van Maria João Pires, Jan Wijn en Ton Hartsuiker studeerde Lucas Jussen bij Menahem Pressler in Bloomington en Dmitri Bashkirov in Madrid, en Arthur Jussen aan het Conservatorium van Amsterdam bij Jan Wijn. Hun debuutalbum (Beethoven) kreeg in 2010 de Edison Klassiek Publieksprijs, en in 2011 kregen ze de allereerste Concertgebouw Young Talent Award.
tournees brengen het pianoduo naar de grote Europese podia en festivals, maar ook naar Japan, China, Zuid-Korea, Singapore, Rusland, Mexico en de Verenigde Staten. Lucas en Arthur Jussen traden op met nagenoeg alle Nederlandse orkesten en soleerden bijvoorbeeld ook bij het Dallas Symphony Orchestra onder Jaap van Zweden, het Boston Symphony Orchestra onder Andris Nelsons, de Academy of St. Martin in the Fields onder Neville Marriner (inclusief cd-opnames), het Budapest Festival Orchestra, het Gewandhausorchester Leipzig, de Wiener Symphoniker, het Mozarteumorchester Salzburg, Philharmonia en de Taiwan Philharmonic.
Recent debuteerden de pianisten bij de orkesten van Chicago, Baltimore, Stockholm, Göteborg en Lahti en bij de Berliner Philharmoniker (januari 2026), in 2024/2025 waren ze in residence bij het Orchestre Philharmonique de Monte-Carlo en in 2025/2026 bij het hr-sinfonieorchester Frankfurt. Afgelopen augustus/september tourden ze in Nieuw-Zeeland en Australië. Onder de componisten die voor hen schreven zijn Fazıl Say, Joey Roukens en Andrew Newman.
Afgelopen seizoen hadden Arthur en Lucas Jussen een Spotlight in de Eigen Programmering van Het Concertgebouw, met optredens op 26 november 2025 met de Münchner Philharmoniker (Poulenc), op 10 maart 2026 met het duo Gerassimez & Kuyumcuyan (Reich, Gershwin, Bernstein) en op 6 mei met de Academy of St Martin in the Fields (Mozart en Bach).



