Gavrylyuk met Schumann bij het Concertgebouworkest
Koninklijk Concertgebouworkest
Stanislav Kochanovsky dirigent
Alexander Gavrylyuk piano
pauze ca. 20.50 uur
einde ca. 22.20 uur*
Dit programma maakt deel uit van de series B en Z.
*het concert op zondag 11 februari heeft een andere pauze- en eindtijd
Robert Schumann 1810-1856
Pianoconcert in a kl.t., op. 54 (1841-45)
Allegro affettuoso
Intermezzo: andantino grazioso
Allegro vivace
pauze
Pjotr Iljitsj Tsjaikovski 1840-1893
Manfred-symfonie, op. 58 (1885)
symfonie in vier taferelen naar het dramatische gedicht van Lord Byron
Lento lugubre – Moderato con moto – Andante
Vivace con spirito
Andante con moto
Allegro con fuoco
Toelichting
1841-45
Schumann: Pianoconcert
tekst: Jason Hillebrand
Robert Schumann staat bekend om zijn pianomuziek – gedurende een groot deel van zijn korte carrière was dat zelfs de enige soort muziek die hij publiceerde. Dat maakt het zo frappant dat het Pianoconcert in a klein Schumanns enige is.
De meest logische verklaring voor deze concertoschaarste is dat Schumann simpelweg veel moeite had met het componeren van zo’n grootschalig werk; liefst drie eerdere pogingen, gedaan tussen 1828 en 1839, strandden al in de beginfase van het componeren.
In 1840 trouwde Schumann met Clara Wieck, de dochter van zijn voormalige pianodocent – deze was het overigens totaal niet met dit huwelijk eens. Clara was indertijd bekender dan Robert; ze was een van de populairste concertpianisten van haar tijd en zelf ook componist.
In de originele partituur zijn door onderzoekers meerdere handschriften aangetroffen, waarvan er eentje van Clara is
Zij spoorde haar man aan tot het componeren van ambitieuzere werken, zoals symfonieën en ’s. Ook bij de totstandkoming van het Pianoconcert had ze een vinger behoorlijk diep in de pap.
Ze wist haar man ervan te overtuigen dat hij zijn korte werk Phantasie voor piano en orkest, voltooid in 1841, moest uitbreiden tot een volledig pianoconcert. Ook was zij de soliste bij de première op Nieuwjaarsdag 1846.
Clara’s invloed lijkt echter nog verder te reiken. In de goed bewaard gebleven originele zijn door onderzoekers meerdere handschriften aangetroffen, waarvan er eentje van Clara is. Misschien hielp ze haar man gewoon met het uitschrijven van zijn ideeën, misschien componeerde ze als ‘ghost-writer’ mee; wie zal het zeggen?
Het laat in ieder geval de betrokkenheid zien die zij had bij het werk van haar geliefde man, betrokkenheid die het huwelijk overleefde: na Roberts vroege dood in 1856 stopte Clara zelf met componeren en wijdde haar verdere leven aan het promoten van zijn werk.
1885
Tsjaikovski: Manfred-symfonie
In het jaar dat Robert Schumann na een rechtszaak eindelijk met zijn verloofde Clara Wieck mocht trouwen, werd in het dorpje Votkinsk – een slordige 2.750 kilometer verderop – Pjotr Iljitsj Tsjaikovski geboren.
Kort hierna verhuisde het gezin Tsjaikovski naar Sint-Petersburg, waar Pjotr Iljitsj op zijn negentiende een rechtenstudie afrondde. Na vier jaar het spannende ambtenaarsvak te hebben beoefend ging Tsjaikovski studeren aan het nieuwe Conservatorium, onder de oprichter Anton Rubinstein.
Enkele jaren hierna reisde de Franse componist Hector Berlioz naar Rusland en dirigeerde onder grote belangstelling enkele uitvoeringen van zijn programmatische (verhalende) compositie Harold en Italie, gebaseerd op een gedicht van Lord Byron.
De criticus Vladimir Stasov bedacht een programmatische structuur gebaseerd op Byrons verhalende gedicht Manfred, dat eerder al de inspiratie was voor Schumanns Manfred (1852). Stasov stuurde dit scenario naar de componist Mili Balakirev, die het weer voorlegde aan Berlioz; de oude man toonde echter geen interesse. Zo bleef het programma voor Manfred tot 1880 op Balakirevs plank liggen.
Via briefcontact legde hij het project voor aan Tsjaikovski, die recent met Balakirevs hulp zijn bekende programmawerk Romeo en Julia had voltooid. Pas na het voor zichzelf herlezen van Byrons roman en twee jaar aandringen van Balakirev nam hij de uitdaging aan. Tsjaikovski schreef naar vrienden dat het componeren van de symfonie moeilijk en uitputtend was, maar dat iets hem zei dat het wel eens zijn beste symfonie zou kunnen worden.
In het eerste deel van de symfonie loopt Manfred door de Alpen, flirtend met demonen, verscheurd door de dood van zijn geliefde Astarte. Tsjaikovski schreef een donker voor het personage Manfred, voor het eerst te horen in de lage blazers.
Leonard Bernstein noemde de symfonie kortaf ‘trash’
Dit thema komt in dit deel telkens terug: sterk vervormd, , heftige muziek voor een heftige situatie. Het tweede deel, waarin een fee uit een regenboog tevoorschijn komt, is iets lichter en gracieuzer. In het derde deel wordt Manfreds moeilijke situatie afgezet tegen het simpele leven van alpiene jagers.
In het vierde deel daalt Manfred af naar de onderwereld, aanschouwt een demonische orgie, vindt zijn geliefde terug en sterft. Stasov stelde dit deel voor als ‘wild en ongeremd’, aanwijzingen die Tsjaikovski duidelijk opvolgt. Aan het einde is hij positiever dan Byron: de muziek suggereert een enkeltje hemel, maar in de oorspronkelijke tekst kiest Manfred hemel noch hel, ‘only death’.
De publieke opinie was en is verdeeld. De componist César Cui, normaal gesproken niet vies van harde kritiek op Tsjaikovski’s muziek, stak zijn lof voor de Manfred-symfonie niet onder stoelen of banken. Een vriend van Tsjaikovski, de criticus Herman Laroche, was minder enthousiast en noemde het werk ‘één van Tsjaikovski’s meest ruwe en onvoltooide composities’.
De meesterdirigent Arturo Toscanini vond het Tsjaikovski’s beste symfonie; zijn collega Leonard Bernstein noemde hem kortaf ‘trash’. Tsjaikovski zelf vond het zijn beste werk, tot hij op een gegeven moment compleet van mening veranderde en zelfs van plan was het manuscript te vernietigen. We kunnen stellen dat de Manfred-symfonie in ieder geval sterke emoties oproept; voor romantische muziek geen slechte eigenschap.
Biografie
Koninklijk Concertgebouworkest, orkest
Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouworkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.
Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concertgebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.
Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Haitink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.
Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, fondsen en donateurs wereldwijd.
Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest
Stanislav Kochanovsky, dirigent
Stanislav Kochanovsky studeerde aan het Rimski-Korsakov Staatsconservatorium in zijn geboorteplaats Sint-Petersburg naast koor- en orkestdirectie ook . Vanaf zijn vijfentwintigste deed hij aan het Michailovski Theater in dezelfde stad een schat aan ervaring op door meer dan 60 - en balletvoorstellingen te leiden.
Van 2010 tot 2015 was hij chef- van het Safonov Staats-Filharmonisch Orkest in Kislovodsk (Kaukasus). Na een succesvol debuut bij het Orchestra dell’Accademia Nazionale di Santa Cecilia in Rome volgden de internationale uitnodigingen elkaar op, van onder meer Philharmonia in Londen, het Orchestre de Paris, de Wiener Symphoniker, het Oslo Filharmonisch Orkest, het National Symphony Orchestra in Washington, The Cleveland Orchestra, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Concertgebouworkest (februari 2018).
De dirigent is een regelmatige gast van het Festival Witte Nachten (Sint-Petersburg), het Klarafestival (Brussel) en het MiTo Festival (Milaan en Turijn). producties leidde hij bij het Opernhaus Zürich, op de Maggio Musicale Fiorentino, in het Mariinski Theater en op het festival van Verbier. In januari 2017 maakte hij in Amsterdam zijn debuut bij De Nationale Opera met Borodins Prins Igor.
In Het Concertgebouw stond Stanislav Kochanovsky sinds 2017 meermaals op de bok bij zowel het Nederlands Philharmonisch Orkest als het Radio Filharmonisch Orkest.
Alexander Gavrylyuk, piano
Alexander Gavrylyuk is geboren in Oekraïne en maakte op zijn negende zijn concertdebuut. Op zijn dertiende verhuisde hij naar Sydney, op zijn vijftiende won hij het Horowitz Internationaal Pianoconcours in Kyiv en een jaar later de Hamamatsu International Piano Competiton. In 2005 won hij de Gouden Medaille van het Arthur Rubinstein Concours in Tel Aviv en een jaar later maakte hij Berlijn tot zijn uitvalsbasis, totdat hij zich in Nederland vestigde.
Alexander Gavrylyuk werd uitgenodigd door de BBC Proms, de Hollywood Bowl, Mostly Mozart, het Klavier-Festival Ruhr en de Kissinger Sommer.
Hij soleerde bij de orkesten van New York, Los Angeles, Chicago, Dallas, San Francisco, Detroit, São Paulo, Sydney, Seoul en Tokio, het NDR Elbphilharmonie Orchester, Philharmonia, het Royal Scottish National Orchestra, het City of Birmingham Symphony Orchestra en het Australian Chamber Orchestra.
In de speelde hij met het Concertgebouworkest (voor het eerst in 2010), het Nederlands Philharmonisch Orkest en het Radio Filharmonisch Orkest en trad hij in 2016 en 2019 op met violiste Janine Jansen. s voeren de pianist de wereld over; zo had hij in seizoen 2023/2024 een residency met drie soloprogramma’s in Wigmore Hall in Londen en is hij momenteel in residence bij de Chautauqua Institution. In 2009 maakte Alexander Gavrylyuk zijn Nederlandse debuut in Het Concertgebouw in de serie Meesterpianisten, en zijn laatste optreden was op 13 april 2024 in de in een kwartet van Brahms en een et van Schubert samen met strijkers van Amsterdam Sinfonietta.


