Familie Ferschtman brengt Sjostakovitsj dichtbij
Sjostakovitsj dichtbij 20.15 uur
Liza Ferschtman viool
Maria Milstein viool
Noa Wildschut viool
Maria Koeznetsova viool
Benjamin Marquise Gilmore altviool
Hannah Shaw altviool
Dmitri Ferschtman cello
Alexander Warenberg cello
Mila Baslawskaja piano
Aidan Mikdad piano
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Twee stukken voor strijkoctet, op. 11 (1924-25)
Prelude
Scherzo
Drie fantastische dansen, op. 5 (1920-22)
voor piano solo
Mars in C gr.t.
Wals in G gr.t.
Polka in C gr.t.
Eerste pianotrio in c kl.t., op. 8 (1923)
[in één deel]
pauze
selectie uit ‘24 Preludes voor piano solo’, op. 34 (1932-33)
voor viool en piano (bewerking door Dmitri Tsyganov)
Sonate in d kl.t., op. 40 (1934)
voor cello en piano
Allegro non troppo
Allegro
Largo
Allegro
begin van de pauze ca. 20.45 uur
einde van het concert ca. 22.00 uur
Toelichting
1906-1975
Dmitri Sjostakovitsj
Tekst: Olga de Kort
De eerste kennismaking van de negenjarige Mitja Sjostakovitsj met de piano was meteen bepalend voor de rest van zijn leven. Als uitzonderlijk muzikaal begaafd kind begon hij al op dertienjarige leeftijd met zijn pianostudie aan het Conservatorium van Petrograd/Leningrad. Nog geen jaar later voegde hij er compositie aan toe.
Voor zijn docenten stond al snel vast dat ze met een veelbelovend pianist te maken hadden. Ze prezen zijn techniek maar keken aanvankelijk bedenkelijk naar Dmitri’s eerste sen. Te veel drang naar originaliteit, te veel experimenten met vorm, te veel afbreuk aan tradities; kortom, verspilling van talent.
De directeur van het conservatorium, Aleksandr Glazoenov, klaagde dat het de eerste muziek was die hij niet kon horen bij het lezen van de . Toch vond hij dat ‘deze jongen de tijd mee had’. Op zijn zeventiende had Sjostakovitsj zijn pianodiploma op zak, maar besloot hij ook het als componist te gaan maken. Twee jaar later sloot hij zijn compositiestudie af met zijn Eerste symfonie.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Twee stukken voor strijkoctet
Tot de composities waarmee Sjostakovitsj de ‘conservatoriumgrijsaards’ de stuipen op het lijf joeg, behoorden de Twee stukken voor strijkoctet. Hij schreef ze ter nagedachtenis aan zijn vriend, de veel te jong aan tuberculose gestorven dichter Vladimir Koertsjavov.
Beide stukken maakten veel indruk op Sergej Prokofjev, die ze graag wilde zien op het programma van het Parijse concert met Sjostakovitsj’ werken. Het concert, georganiseerd door Prokofjev, zou in 1934 plaatsvinden maar ging niet door, onder meer door het gebrek aan medewerking van de jonge componist.
Later beschouwde Sjostakovitsj zijn Twee stukken als ‘heel naïeve werken’. Hij heeft decennialang niet meer aan ze gedacht en was aangenaam verrast om deze vergeten Prelude en op het Festival van Edinburgh in 1962 te horen. En niet alleen verbaasd, hij was ontroerd en gaf toe dat de stukken uit zijn jeugd hem ‘grote vreugde’ brachten.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Drie fantastische dansen
Als zestienjarige was Sjostakovitsj bijzonder trots op zijn Drie fantastische dansen, soms ook als ‘wonderbaarlijke’ vertaald. en tegelijkertijd harmonisch experimenteel, herinneren ze ritmisch gezien inderdaad aan een , en polka, totdat de beweging in volle vaart plotseling afgebroken wordt.
De meest ‘wonderbaarlijke’ is dans nr. 1 van de toen nog veertienjarige Dmitri: met rusten op de plaats van sterke maatdelen, gepuncteerde s en veelvuldige len en kwartolen. De tweede dans valt op door de verspreide en, terwijl de meest uitdagende slotdans bestaat uit vele ‘sprongen’ tussen de registers en vingergymnastiek.
De Dansen werden meteen opgemerkt door de avant-gardistische choreograaf Kasian Goleizovsky (1892-1970). Hij maakte er choreografische miniaturen van met een overdaad aan acrobatische elementen. De enthousiaste Sjostakovitsj begeleidde zelf de uitvoeringen.
Het kon ook niet anders, want er waren niet zo veel pianisten die de Dansen in hun repertoire durfden op te nemen: Sjostakovitsj zelf en zijn medestudent aan het conservatorium Josef Schwarz, aan wie ze opgedragen waren. Ook het publiek liep niet bepaald warm voor deze ‘fantastische’ stukken.
Ze stonden op het programma van de eerste ‘componistenavond’ van Sjostakovitsj op 20 maart 1925 in de van het Moskous conservatorium. Het publiek was weinig onder de indruk en Dmitri kreeg tranen in zijn ogen bij het zien van zo veel onverschilligheid.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Eerste pianotrio
Sjostakovitsj was zeventien toen hij zijn Eerste componeerde. Hij was verliefd op Tatjana Glivenko, een knap en vrolijk meisje dat de verlegen componist op de Krim had ontmoet. Zij bracht daar haar schoolvakanties door, terwijl hij er herstelde na tuberculose.Het sanatoriumverblijf werd bekostigd door de verkoop van de oude vleugel waarop zowel Dmitri als zijn drie jaar oudere zusje Maria hun eerste lessen van hun moeder kregen.
Terug van de Krim, zonder piano thuis maar verliefd en gelukkig, componeerde Sjostakovitsj zijn Eerste en droeg het op aan Tatjana. Het werd heel weinig gespeeld en enkele ’s ‘verhuisden’ vrij snel naar de Eerste symfonie.
Pas zestig jaar later werd dit jeugdwerk voor het eerst uitgegeven. De bleek niet compleet en de ontbrekende laatste maten van de pianopartij werden erbij gecomponeerd door Boris Tisjtsjenko (1939-2010), een leerling van Sjostakovitsj.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Preludes
De bekende en vaak gespeelde cyclus van 24 Preludes en ’s, 87 uit 1951 heeft met opus 34 uit 1932-33 een minder omvangrijke voorganger met uitsluitend preludes.
In navolging van Chopin en Skrjabin kiest de componist de -volgorde (C, a, G, etcetera). Deze keuze voor de tonaliteit wordt echter ruimschoots gecompenseerd door vele s.
Onder deze klassiek-moderne preludes zijn stukken met de ritmische structuur van een of een , composities met het en de allure van een tarantella of een en preludes in een vorm van een poëtische meditatie, een komische gavotte of een zangerige cantilene.
Negentien van de pianopreludes werden bewerkt voor viool en piano door Dmitri Tsyganov, in de periode 1923-77 de eerste violist van het Beethoven Kwartet, dat veelvuldig met Sjostakovitsj aan diens muziek werkte.
Dmitri Sjostakovitsj 1906-1975
Sonate
Sjostakovitsj componeerde doorgaans heel snel. Een pianocyclus in een maand tijd, een in drie weken, een symfonie binnen twee maanden. De Sonate in d klein, 40 voor en piano was binnen een maand gereed.
Op 25 december 1934 hield de 28-jarige componist zijn nieuwe ten doop, samen met cellist Viktor Koebatski, aan wie ze opgedragen is. Drie maanden later noteerde de componist Nikolaj Mjaskovski dat hij ‘de van Sjostakovitsj gezien’ had en haar ‘fantastisch’ vond.
De premières in het Westen van deze uze, weinig experimentele en in de klassieke tradities gecomponeerde vierdelige sonate werden gespeeld door Gregor Pjatigorski en Pierre Fournier.
Biografie
Liza Ferschtman, viool
Liza Ferschtman, dochter van Dmitri Ferschtman en Mila Baslawskaja, had vanaf haar vijfde les van Philipp Hirshhorn, studeerde in Amsterdam bij Herman Krebbers, in Philadelphia bij Ida Kavafian en in Londen bij David Takeno.
In 1997 won ze het Nationaal Vioolconcours ‘Oskar Back’ en in 2006 ontving ze de Nederlandse Muziekprijs. Haar Concertgebouwdebuut was in Het Zondagochtend Concert van 6 oktober 1996 met het Radio Kamerorkest, en in zomer 1998 volgde haar -debuut.
De violiste werkte met vrijwel alle Nederlandse orkesten, en bijvoorbeeld ook met de BBC Philharmonic, de orkesten van Dallas, San Francisco, Boston, Montréal en Hongkong en het Budapest Festival Orchestra. Afgelopen november stond ze nog met de Brussels Philharmonic in de met het Vioolconcert van Sibelius.
Gezelschappen als Amsterdam Sinfonietta en de Kammerakademie Potsdam leidde Liza Ferschtman als solist. Kamermuziek speelt ze met Enrico Pace, Elisabeth Leonskaja, Jonathan Biss, Christian Poltéra en vele anderen, en van 2007 tot 2022 was ze artistiek leider van het Delft Chamber Music Festival. Solos zijn een belangrijk onderdeel van haar agenda en met solo-opnames van Bach, Ysaÿe, Biber, Bartók en Berio ook van haar discografie. Liza Ferschtman bespeelt de Guarnerius del Gesù ‘Benno Rabinof’ uit 1742.
Maria Milstein, viool
Maria Milstein werd geboren in een muziekfamilie in Moskou en groeide op in Frankrijk. In Amsterdam studeerde ze bij Ilya Grubert, in Londen bij David Takeno en aan de Koningin Elisabeth Muziekkapel bij Augustin Dumay. In 2016 ontving ze een Borletti-Buitoni Trust Fellowship en in 2018 de Nederlandse Muziekprijs.
Als lid van het Van Baerle Trio werd ze gelauwerd tijdens het ARD Concours in München (2013), het Vriendenkrans Concours/Het Debuut (2011) en het Lyon Internationaal Kamermuziek Concours (2011); in 2012 kreeg het de Kersjesprijs.
Maria Milstein soleerde bij het Nationaal Orkest van België, Amsterdam Sinfonietta, het Radio Filharmonisch Orkest en – afgelopen zomer – het Jeugdorkest Nederland. Met Phion en Otto Tausk bracht ze begin dit jaar de beide vioolconcerten van Prokofjev uit op cd. Voor opnames met haar Van Baerle Trio en in duo met haar zus Nathalia aan de piano won ze verschillende prijzen. Samen met Mathieu van Bellen richtte de violiste MuziekHaven op, een centrum voor kamermuziek in een historische houten kerk in Zaandam.
Maria Milstein geeft les aan het Conservatorium van Amsterdam en heeft van het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds de ‘ex-Herman Krebbers’-Bergonzi (Cremona, ca. 1750) te leen met een strijkstok van Léonard en François-Xavier Tourte (Parijs, ca. 1790).
Noa Wildschut, viool
Noa Wildschut soleerde op haar zesde tijdens het Kinderprinsengrachtconcert 2007, won in 2010 het Louis Spohr Vioolconcours in Weimar en in 2012 Het Nederlands Vioolconcours (categorie Iordens), en kreeg in 2013 de Concertgebouw Young Talent Award en in 2017 de Kersjesvioolbeurs.
Kamermuziek speelde ze met Amihai Grosz, Kian Soltani, Menahem Pressler, Enrico Pace, Igor Levit en Lucas en Arthur Jussen.
In 2019/2020 was ze met haar vaste duopartner Elisabeth Brauss geselecteerd voor de Rising Stars-serie. Noa Wildschut soleerde bij een hele reeks Nederlandse orkesten, maar ook bij het Tonhalle-Orchester Zürich, het Konzerthausorchester Berlin, het Gürzenich Orchester Köln, de Kremerata Baltica, Camerata Salzburg, het Royal Philharmonic Orchestra, de Royal Liverpool Philharmonic en het Pittsburgh Symphony Orchestra.
De violiste studeerde bij Coosje Wijzenbeek, Vera Beths en Antje Weithaas en nam deel aan masterclasses van Ivry Gitlis, Janine Jansen, Frank Peter Zimmermann en Liviu Prunaru. Noa Wildschut heeft de ‘Ex-Lady-Stretton’ (ca. 1730) van Guarneri ‘del Gesù’ en een strijkstok van Léonard Tourte (ca. 1800) in bruikleen.
In de was ze op 4 augustus jongstleden nog te beluisteren.
Maria Koeznetsova, viool
De Frans-Russische Maria Koeznetsova groeide op in Rjazan, nabij Moskou, en speelt viool vanaf haar vierde jaar. Onder haar docenten zijn Vladimir Bobylev, Pavel Vernikov en Boris Garlitsky. Aan de Belgische Muziekkapel Koningin Elisabeth had ze les van Augustin Dumay. Recentelijk studeerde ze af aan het Conservatorium van Amsterdam bij Ilya Grubert.
Voor s en kamermuziekoptredens reisde Maria Koeznetsova naar vele Europese podia maar was ze tevens te gast in concertzalen in Rusland en Israël. Ze gaf acte de présence tijdens evenementen als het Musikfest Kreuth, het Eilat Festival, het Rome Chamber Music Festival en het Internationaal Kamermuziekfestival Schiermonnikoog.
In 2014 won Maria Koeznetsova het Guang Ya Chengdu Internationaal Vioolconcours. Ze bespeelt een viool van de hedendaagse bouwer Dmitry Badiarov; haar strijkstok is gemaakt door Daniel Tobias Navea Vera.
Benjamin Marquise Gilmore, altviool
Benjamin Marquise Gilmore studeerde vanaf jonge leeftijd bij Natalia Boyarskaya aan de Yehudi Menuhin School. In Wenen had hij les van Pavel Vernikov en Julian Rachlin.
Hij was onder de laureaten van het Internationale Vioolconcours in Mirecourt, het Brahms Concours in Pörtschach en het Yampolsky Concours in Moskou en won in 2013 het Nederlandse Vioolconcours Oskar Back. De violist soleerde bij onder meer het Nationaal Orkest van Georgië en Amsterdam Sinfonietta en speelt geregeld onder leiding van zijn opa, Lev Markiz.
Sinds 2003 speelt Benjamin Marquise Gilmore ook . Kamermuziek voerde hij uit met collega’s als Mischa Maisky, Natalia Gutman, Janine Jansen en het Altenberg , en hij werkte met componisten als Gavin Bryars en Giya Kancheli.
Vorige maand speelde hij met onder anderen Liza Ferschtman het Octet van Schubert in de .
Hannah Shaw, altviool
De Amerikaanse altvioliste Hannah Shaw speelde als aanvoerder in het BBC National Orchestra of Wales. In Nederland speelde ze onder meer in de Radio Kamer Filharmonie, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en het Nederlands Kamerorkest.
Nieuw repertoire voor strijktrio voert ze uit met het de Kooning en als kamermusicus trad ze op met onder anderen Elisabeth Leonskaja en Gordan Nikolic´. In bijvoorbeeld Asko|Schönberg, het Nieuw Ensemble en Insomnio werkte Hannah Shaw met en en componisten als Reinbert de Leeuw, Kaija Saariaho, Peter Eötvös, Heinz Holliger en James MacMillan. Pulitzerprijs-winnares Caroline Shaw componeerde nieuw werk voor haar
Hannah Shaw nam deel aan het Holland Festival, het Juilliard Focus! Festival en de Museum of Modern Art Summergarden in New York. Haar bachelordiploma behaalde ze bij Roger Chase aan het Oberlin Conservatory of Music en haar masterdiploma bij Toby Appel en Samuel Rhodes aan de Juilliard School in New York.
Hannah Shaw was niet eerder te gast in de van Het Concertgebouw.
Dmitri Ferschtman, cello
Dmitri Ferschtman studeerde aan het conservatorium in zijn geboorteplaats Moskou bij Galina Kozulupova en Natalia Gutman (leerlinge van Mstislav Rostropovitsj). In zijn tweede studiejaar, 1966, richtte hij met onder anderen altist Misha Geller het Glinka Kwartet op, waarmee hij honderden concerten gaf in de Sovjet-Unie maar ook daarbuiten.
Bij de vorige keer dat de familie Ferschtman een Sjostakovitsj-serie cureerde, in seizoen 2016/2017, vertelde de cellist Preludium over zijn herinneringen aan die componist, aan wie hij in de periode 1969-1975 geregeld diens nieuwe werken voorspeelde. Daarnaast trad hij op als solist en werd hij docent aan het conservatorium waar hij zelf had gestudeerd.
In 1978 emigreerde Dmitri Ferschtman naar Nederland, waar hij soleerde onder leiding van bekende en als Frans Brüggen, Kenneth Montgomery en Edo de Waart. Met pianist Ronald Brautigam nam hij werken van Prokofjev op en met zijn vrouw, pianiste Mila Baslawskaja, vormt de cellist een succesvol duo. Dmitri Ferschtman trad veelvuldig op in Het Concertgebouw.
Alexander Warenberg, cello
Alexander Warenberg speelt vanaf zijn vijfde jaar en kreeg van zijn achtste tot zijn achttiende les van Monique Bartels aan het Conservatorium van Amsterdam. Sinds 2016 studeert hij bij Frans Helmerson, tot 2019 aan de Barenboim-Said-Akademie in Berlijn en tegenwoordig aan de Kronberg Academy.
In 2016 won de jonge cellist de eerste prijs en de publieksprijs van het concours van de Amsterdamse Cello Biënnale. Daarnaast won hij het internationale celloconcours ‘Antonio Janigro’ in Kroatië, het Britten Cello Concours en het Prinses Christina Concours.
In kamermuziekverband trad Alexander Warenberg op met Janine Jansen, Menahem Pressler, Denis Kozhukhin en Liza Ferschtman. In de zomer van 2017 nam hij deel aan de Verbier Festival Academy. Ook was hij te gast tijdens het Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht, het Grachtenfestival in Amsterdam, Wonderfeel, het Delft Chamber Music Festival, het Festival Bad Ragaz in Zwitserland en Fest in Finland.
Sinds 2017 vormt hij samen met Yang Yang Cai (piano) en Shin Sihan (viool) het Amsterdam Piano , dat in maart 2019 debuteerde in de . Afgelopen februari was hij in de Kleine Zaal te gast als lid van het Chianti Ensemble.
Alexander Warenberg ontvangt een studiebeurs van de VandenEndeFoundation en bespeelt een instrument van Jean-Baptiste Vuillaume uit 1845 dat hem ter beschikking is gesteld door het Nationaal Muziekinstrumenten Fonds.
Mila Baslawskaja, piano
Mila Baslawskaja werd geboren in Moskou en studeerde daar aan de Centrale Muziekschool en het Conservatorium van Moskou. Al op jonge leeftijd gaf ze veel solorecitals in Rusland, en deelde ze het podium met musici als Natalia Gutman, Oleg Kagan, Gidon Kremer en Yuri Bashmet.
In 1978 verliet ze samen met haar echtgenoot, cellist Dmitri Ferschtman, de toenmalige Sovjet-Unie en vestigde ze zich in Nederland. Het duo trad veelvuldig op en nam werken op van Nikolaj Mjaskovski, Alfred Schnittke, Dmitri Sjostakovitsj, Claude Debussy, César Franck en Robert Schumann.
Mila Baslawskaja was hoofdvakdocent piano en kamermuziek aan het Rotterdams Conservatorium en het Conservatorium van Amsterdam en geeft momenteel nog les aan de Jong Talent-afdeling van het Conservatorium van Amsterdam.
Aidan Mikdad, piano
In 2017 kreeg Aidan Mikdad de Concertgebouw Young Talent Award, nadat hij in 2013 – op elfjarige leeftijd – het Koninklijk Concertgebouw Concours gewonnen had. Momenteel studeert hij aan het Conservatorium van Amsterdam bij Naum Grubert, nadat hij aan datzelfde instituut een aantal jaren had gestudeerd bij Mila Baslawskaja.
Aan de Royal Academy of Music in Londen had hij les van Joanna MacGregor, en bij gelegenheid volgde hij lessen bij onder anderen Sergei Babayan, Paul Badura-Skoda, Jonathan Biss, Enrico Pace, Jorge Luis Prats en Jean-Yves Thibaudet.
Eerste prijzen won Aidan Mikdad bij de International Piano Competition van Lagny-sur-Marne (2014) en de Premio Internazionale Pianistico ‘A. Scriabin’ (2016). Hij gaf inmiddels solorecitals op podia in Nederland, België, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland, Italië en Israël.
Met Het Gelders Orkest speelde hij het Pianoconcert van Grieg, met het Orkest van het Oosten en het Praags Philharmonisch Orkest het Eerste pianoconcert van Liszt en met het van het Conservatorium van Amsterdam het Concert voor twee piano’s van Poulenc samen met Ramon van Engelenhoven.
Aidan Mikdads debuut in de dateert van april 2016, toen hij bij Rotterdam soleerde in het Twintigste pianoconcert, KV 466 van Mozart. Ook voor kamermuziek werd hij geregeld uitgenodigd, bijvoorbeeld door het Alma Quartet voor het Pianokwintet van Sjostakovitsj.
Vandaag geeft Aidan Mikdad zijn eerste solorecital in de .








