Dmitri Liss en Boris Giltburg: Grieg en Tsjaikovski

philharmonie zuidnederland 
Dmitri Liss dirigent
Boris Giltburg piano

Edvard Grieg (1843-1907)

Pianoconcert in a kl.t., op. 16 (1868, rev. 1907)
Allegro molto moderato
Adagio
Allegro moderato molto e marcato

pauze (± 20.45 uur)

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski (1840-1893)

Vijfde symfonie in e kl.t., op. 64 (1888)
Andante - Allegro con anima
Andante cantabile, con alcuna licenza
Valse: Allegro moderato
Finale: Andante maestoso - Allegro vivace

einde (± 22.00 uur)

Toelichting

Edvard Grieg 1843-1907

Grieg: Pianoconcert

Door Hugo Bouma

De twee werken die vanavond op het programma staan zijn beide hoogtepunten uit het romantische repertoire, elk op hun eigen manier. Zowel Edvard Grieg als Pjotr Iljitsj Tsjaikovski waren meesters in het vinden van ën die al bij de eerste keer vertrouwd, welhaast onvermijdelijk in het gehoor liggen.

Ook putten ze beiden nadrukkelijk uit de muzikale traditie van hun vaderland (Noorwegen respectievelijk Rusland), in de nationalistische stroming die zoveel muziek uit die tijd kenmerkt. Waar Grieg echter met het Pianoconcert zijn beginnende carrière een stevige impuls gaf, is Tsjaikovski’s Vijfde symfonie een laat werk, dat de componist slechts met moeite tot een mfantelijk einde kon brengen.

Grieg: Pianoconcert

Grieg, bekend van het Noorse 500 kronen-biljet en de Peer Gynt-, was pas 24 toen hij zijn naam vestigde met zijn Pianoconcert, tegenwoordig één van de populairste en meest herkenbare werken in het genre. Het zou ook Griegs grootschaligste werk blijven, naar eigen zeggen voelde de componist zich ‘meer thuis in de miniatuur’. Het werk maakt, zoals eigenlijk al Griegs muziek, bewust en uitvoerig gebruik van Noorse volksmuziek, hoewel de jonge componist bij gebrek aan grondige educatie in zijn thuisland zich eerst in Leipzig, daarna in Kopenhagen had gevestigd.

Een roffel, gevolgd door een eerste statement van de piano: zo opent Grieg het dramatische eerste deel. De die we daarna in de blazers horen is door het hele deel verweven. De componist verraadt met het volkse, bijna pretentieloze karakter ervan gelijk zijn achtergrond als nationalist: alleen een Noor had het zo kunnen schrijven. Desondanks is er ook genoeg ruimte voor mee-slepende en virtuositeit van de solist, met name in de afsluitende solocadens.

Hierop volgt een dromerig middendeel, waarin de openingsmelodie van de strijkers steeds verder vervaagt in piano-arabesken. Ook zijn fraaie lijnen voor de en gereserveerd. De opzwepende finale sluit hier direct op aan. Hier geldt nog meer dan ervoor dat alleen een Noor deze muziek had kunnen schrijven: de volksdansen zijn niet van de lucht.

Pjotr Iljitsj Tsjaikovski 1840-1893

Tsjaikovski: Vijfde symfonie

Door Hugo Bouma

‘Ik ben vreselijk bang te moeten bewijzen, niet alleen naar anderen, maar ook naar mezelf, dat ik als componist nog niet uitgeblust ben.’ Aldus sprak Tsjaikovski bij het aanvangen van zijn Vijfde symfonie. Tien jaren waren gepasseerd sinds zijn vorige symfonie, en hoewel hij om werk en inspiratie niet verlegen zat, voelde hij wel grote druk om dit een écht persoonlijk stuk te maken.

De symfonie was immers bij uitstek de vorm voor individuele artistieke expressie. Ver verwijderd, kortom, van de sprookjesachtige ’s en balletten waar de Rus zo succesvol in was. Daar lag ook de bron van zijn onzekerheid: dat de zingbare, moeiteloze melo-dieën en operatische effecten die hem zo natuurlijk afgingen zich niet leenden voor de lange adem van een abstracte symfonie. Men ziet dit ook wel als een eeuwigdurende tweestrijd tussen het Russisch-nationalistische en het Europese deel van Tsjaikovki’s muzikale persoonlijkheid.

Vanaf de eerste lugubere klarinetklanken is duidelijk: dit is het werk van een componist met grote twijfels. Zelf vergeleek hij deze met het noodlot; gedurende de symfonie zal deze in diverse gedaanten terugkeren. Ook wanneer hierna het tempo omhoog gaat, blijft de muziek stormachtig en zoekend, ondanks het dansante karakter en de typerende kleurrijke . Het eerste deel sluit af in de catacomben van het orkest, in , in twijfel.

De meeslepende solo die het tweede deel opent, getuigt van de gave van de componist voor het schrijven van onvergetelijke melodieën. De muziek heeft zelfs de twijfelachtige eer ooit verwerkt te zijn tot de jazz-standard Moon Love. Tsjaikovski’s origineel heeft echter iets meer om het lijf en zweept het orkest steeds verder op, hetgeen leidt tot een plotselinge uitbarsting van het ‘motto-’ waar de symfonie mee opende. Het noodlot heeft aan kracht gewonnen, maar klinkt nog steeds in mineur. 

Bij wijze van adempauze volgt een lichtvoetige . Niet duidelijk is echter of de ritmische eigenaardigheden en de zenuwachtige loopjes in het midden humoristisch zijn bedoeld, of dat er onder de oppervlakte toch van alles speelt. Deze twijfels worden versterkt door het opnieuw opduiken van het motto-thema aan het eind van het deel.

Hetzelfde motto opent ook de Finale, pompeus, in . De componist heeft schijnbaar het zelfvertrouwen gevonden om zijn lot in eigen handen te nemen. Wat volgt is een slotdeel, waarin geen enkele twijfel meer kan bestaan. Op het agressieve af stormt het orkest naar de eindstreep, waar het overwonnen noodlot ons reeds staat op te wachten.

Biografie

Boris Giltburg, piano

De in Moskou geboren Israëlische pianist Boris Giltburg studeerde bij Arie Vardi in Tel Aviv en won in 2013 de Koningin Elisabethwedstrijd. Soleren doet hij dit seizoen in Rachmaninoff bij het Hallé Orchestra, het Bournemouth Symphony Orchestra en het Orquestra Gulbenkian, in Prokofjev in Brussel en Stavanger, in Tsjaikovski bij de London Philharmonic, in Sjostakovitsj bij het Enescu Philharmonisch Orkest, in Bartók in het Teatro Colon en in Grieg bij de Dresdner Philharmoniker.

In Wigmore Hall in Londen speelt hij de complete Beethovensonates; in Beethovenjaar 2020 nam hij al die 32 s op en zette hij de ­pianoconcerten op cd met het Royal Liverpool Philharmonic Orchestra.

Van 2021 tot 2023 nam de pianist Ravel onder handen, met naast veel kamermuziek ook de twee pianoconcerten met het ­Orchestre National de France, de Brussels Philharmonic en het Residentie Orkest Den Haag (onder andere in Het Concertgebouw). In het Rachmaninoff­jaar 2023 gaf Boris Giltburg Rachmaninoff-­s in de Verenigde Staten, zette hij zijn opnames van die componist – bekroond met een Choc de Classica Award en een Klassik – voort en soleerde hij in diens piano­concerten bij het BBC Symphony Orchestra, het Tsjechisch Philharmonisch Orkest en het Fins Radio Symfonie­orkest.

Samen met het Pavel Haas Quartet won hij een Gramophone Award voor de ­Pianokwintetten van Dvořák en zowel een Diapason d’Or als een Choc de Classica voor dat van Brahms. Met zijn blog Classical Music for All en bijdragen in publicaties als Gramophone, BBC Music Magazine, The Guardian, The Times en Fono Forum richt de pianist zich ook op het publiek buiten de concertzaal.

In de debuteerde Boris Giltburg in de Pianoserie van 2008/2009, en zijn vorige optreden was op 25 oktober 2023 een recital met Rachmaninoff en Liszt.

Dmitri Liss, dirigent

Dmitri Liss werd geboren in de Russische plaats Balasjov. Hij studeerde viool, klarinet en muziekwetenschap voordat hij voor directielessen bij Dimitri Kitajenko werd aangenomen aan het ­conservatorium in Moskou.

Op zijn eenendertigste werd Dmitri Liss chef- van het Koezbass in Siberië. Van 1999 tot 2003 werkte hij vervolgens bij het Russisch Nationaal Orkest. Sinds 1995 leidt hij het Filharmonisch Orkest van de Oeral, dat is gevestigd in Jekaterinburg; orkest en dirigent maakten samen tal van internationale tournees en traden onder meer op in het Kennedy Center in Washington, Bunka-Kaikan in Tokio en de Salle Pleyel in Parijs, tijdens het Beethovenfest Bonn en op het festival van La Roque d’Anthéron.

Als gastdirigent werd Dmitri Liss geëngageerd door onder meer het Filharmonisch Orkest van Sint-Petersburg, het Orchestre National de France, het Tokyo Metropolitan Symphony Orchestra en het orkest van het Teatro Comunale in Bologna. In 2011 kreeg hij in zijn vaderland de prestigieuze titel ‘People’s Artist of Russia’.

Sinds concertseizoen 2016/17 is Dmitri Liss chef- van de philharmonie zuidnederland, en ook in december vorig jaar waren orkest en dirigent samen te gast in de serie Klassieke Meesterwerken. In Het Concertgebouw debuteerde Dmitri Liss in de zomer van 2001, als gastdirigent bij het Residentie Orkest.

philharmonie zuidnederland, orkest

Het van Zuid-Nederland viert dit seizoen zijn tienjarig bestaan. Eredirigent is Marc Soustrot en honorair is Ed Spanjaard. philharmonie zuidnederland is er in de eerste plaats voor de inwoners van Noord-­Brabant, Limburg en Zeeland, maar profileert zich ook op natio­naal en internationaal niveau.

Naast het symfonische repertoire – eeuwenoud én splinternieuw – brengt het orkest ook nieuwe concertformules; de activiteiten reiken van carnavals­concerten en een ‘symphonic mob’ tot filmprojecten, business events en educatieve projecten. Ook het Liberation Concert in Margraten is een niet weg te denken traditie.

Vaste samenwerkingen zijn er met Zuid, November Music, Cultura Nova in Heerlen, Musica Sacra in Maastricht en de conservatoria van Maastricht en Tilburg. Bovendien fungeert philharmonie zuidnederland als symfonisch laboratorium van het Maastricht Centre for the Innovation of Classical Music (MCICM).

In het huidige seizoen verwelkomt het orkest gasten als de violisten Esther Yoo en Alena Baeva, cellist/componist Abel Selaocoe, de pianisten Cédric Tiberghien, Boris Giltburg en Lucas Delbargue, tenor Mark Padmore, de en Enrico Delamboye en Sander Teepen, klarinettist/dirigent Martin Fröst, het Storioni Trio en het Brabant Koor.

philharmonie zuidnederland was voor het laatst in Het Concertgebouw te beluisteren in Het Zondagochtend Concert van 3 september jongstleden onder leiding van Duncan Ward, die sinds 2021/2022 chef-dirigent is.