De muziek van de roman: Oek de Jong en Osiris Trio
Oek de Jong spreker
Osiris Trio:
Ellen Corver piano
Peter Brunt viool
Larissa Groeneveld cello
er is geen pauze
einde van het concert ca. 21.45 uur
U bent van harte welkom om na afloop met de uitvoerenden na te praten in de foyers.
DE MUZIEK VAN DE ROMAN
Roel van Oosten 1958
Vivace
uit ‘Pianotrio’ (1992)
Theo Loevendie 1930
Ackermusik (1997)
Frank Martin 1890-1974
Trio sur des mélodies populaires irlandaises (1925)
Allegro
Adagio
Gigue (Allegro)
Arnold Schönberg 1874-1951
Verklärte Nacht, op. 4 (1899)
oorspronkelijk voor strijksextet; bewerking voor pianotrio door Eduard Steuermann (1932)
Toelichting
Roel van Oosten 1958
‘vivace’ uit pianotrio (1992)
Roel van Oosten studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag bij Peter Schat en Louis Andriessen. In 1984 trok hij naar Parijs om verder te studeren aan het Conservatoire National Supérieur de Musique. Vakmanschap en toegankelijkheid zijn sleutelbegrippen bij zijn oeuvre. Zijn muziek bouwt voort op traditie, zo ook het dat hij in 1992 op verzoek van het Osiris Trio componeerde. – het eerste deel van dit – is gecomponeerd in de klassieke . Na de expositie van twee ’s volgt de doorwerking, de thema’s komen terug in de reprise en het werk sluit af met een . Met het eerste thema gaat het stuk in vliegende vaart van start, de luisteraar is meteen bij de les. Het bestaat uit drie korte noten gevolgd door een lange noot, vergelijkbaar met het openingsthema van Beethovens Vijfde symfonie. Het tweede thema is een meer zangerige, langere lijn, geïntroduceerd door de viool. Ondanks de klassieke inspiratie bedient Van Oosten zich wel degelijk van eigentijdse muzikale taal. Aan het eind van de coda is de invloed van jazz onmiskenbaar.
Theo Loevendie: 1930
Ackermusik (1997)
Jazz is nooit ver weg in de muziek van Theo Loevendie, die compositie en klarinet studeerde aan het Conservatorium van Amsterdam. Pas tegen zijn veertigste begon Loevendie met het componeren van muziek voor de concertzaal, voor die tijd hield hij zich vooral bezig met jazz. Hij speelde op alle belangrijke podia in Europa en ontving in 1979 de Wessel Ilcken Prijs voor zijn grote verdienste voor de jazz.
Een tweede belangrijke inspiratiebron voor Loevendie is de klassieke muziek uit het Midden-Oosten. In Ackermusik komen beide muziekstijlen samen. Meteen aan het begin klinken Arabisch aandoende glijdende noten, na vijf minuten belandt de luisteraar via een uitgesproken jazzy unisono passage ineens kort op het podium van een club. De muziek is sowieso sterk in het oproepen van beelden. Bij de eerste noten zindert de zon verwachtingsvol boven een lege akker. Insecten zoemen boven vruchtbare grond op een zomerse dag. Langzaam ontwaakt de bodem en schieten duizend bloemen in bloei. Aan het eind keert de lome verstilling terug. In tegenstelling tot veel werken van Loevendie speelt in Ackermusik een minder belangrijke rol.
Frank Martin: 1890-1974
Trio sur des mélodies populaires irlandaises (1925)
Voor Frank Martin was de opdracht om een te schrijven met gebruikmaking van Ierse ën de perfecte aanleiding om eens flink te experimenteren met , een ‘hot topic’ in het Parijs van de jaren twintig. Een rijke Amerikaan met Ierse voorouders had het bij hem besteld. De enthousiaste amateur hoopte dat hij een medley van populaire deuntjes zou krijgen, maar Martin had een ander idee. Hij bezocht de Bibliothèque Nationale en vond een aantal oude Ierse melodieën die hij noteerde in een zakboekje. Sommige waren wat archaïsch, maar dat deerde niet, in dit werk zou alles om ritme draaien. In de zomer van 1925, op vakantie in Capbreton aan de Franse kust, ging hij aan het werk. Hij probeerde zo dicht mogelijk bij het karakter van zijn basismateriaal te blijven. Elke melodie werd in zijn geheel overgenomen, de originele ën liet hij onaangetast. Met ritmische combinaties creëerde hij zijn eigen muziek en verbond hij de verschillende ’s. In het eerste deel is acceleratie de rode draad: elk nieuw thema wordt ingezet in een net iets sneller tempo. De ritmische verwantschap tussen de thema’s zorgt voor de eenheid in dit deel. In het tweede deel biedt een steeds terugkerende melodie in de structuur.
In het derde deel klinken verschillende ’s gelijktijdig, waardoor een rijke variatie en detaillering in ontstaat. Vooral in dit deel is de associatie met de traditionele céili-dansen niet ver weg. In onze oren klinkt het onontkoombaar Iers, maar de opdrachtgever was teleurgesteld. Hij herkende de ën niet en bovendien kon hij de pittige partijen niet spelen. Hij trok de opdracht terug. Martin trok zich daar gelukkig niets van aan. Hij vond het experiment zo geslaagd dat hij zich in 1926 aanmeldde bij het Institut Jaques-Dalcoze in Genève om zich verder in de mogelijkheden van ritme te verdiepen.
Carine Alders
Arnold Schönberg: 1874-1951
Verklärte nacht (1899)
Hieronder het gedicht waarop Arnold Schönberg zich baseerde.
Verklärte Nacht
Zwei Menschen gehn durch kahlen, kalten Hain;
der Mond läuft mit, sie schaun hinein.
Der Mond läuft über hohe Eichen;
kein Wölkchen trübt das Himmelslicht,
in das die schwarzen Zacken reichen.
Die Stimme eines Weibes spricht:
Ich trag ein Kind, und nit von Dir,
ich geh in Sünde neben Dir.
Ich hab mich schwer an mir vergangen.
Ich glaubte nicht mehr an ein Glück
und hatte doch ein schwer Verlangen
nach Lebensinhalt, nach Mutterglück
und Pflicht; da hab ich mich erfrecht,
da liess ich schaudernd mein Geschlecht
von einem fremden Mann umfangen,
und hab mich noch dafür gesegnet.
Nun hat das Leben sich gerächt:
nun bin ich Dir, o Dir, begegnet.
Sie geht mit ungelenkem Schritt.
Sie schaut empor; der Mond läuft mit.
Ihr dunkler Blick ertrinkt in Licht.
Die Stimme eines Mannes spricht:
Das Kind, das Du empfangen hast,
sei Deiner Seele keine Last,
o sieh, wie klar das Weltall schimmert!
Es ist ein Glanz um alles her;
Du treibst mit mir auf kaltem Meer,
doch eine eigne Wärme flimmert
von Dir in mich, von mir in Dich.
Die wird das fremde Kind verklären,
Du wirst es mir, von mir gebären;
Du hast den Glanz in mich gebracht,
Du hast mich selbst zum Kind gemacht.
Er fasst sie um die starken Hüften.
Ihr Atem küsst sich in den Lüften.
Zwei Menschen gehn durch hohe, helle Nacht.
Richard Dehmel, uit de bundel Weib und Welt (1896)
Biografie
Oek de Jong
Oek de Jong studeerde kunstgeschiedenis in Amsterdam en debuteerde in 1977 met de verhalenbundel De hemelvaart van Massimo. Zijn doorbraak naar een groot publiek volgde twee jaar later met de roman Opwaaiende zomerjurken. Sindsdien publiceerde hij tal van romans, novellen en een dagboek. Essays en artikelen van Oek de Jong verschenen in bijvoorbeeld Vrij Nederland, NRC Handelsblad, De Groene Amsterdammer, Hollands Diep en De Gids.
Oek de Jong was redacteur van De Revisor en gastdocent aan de universiteiten van onder andere Amsterdam, Leiden en Berlijn. In 2002 verscheen de roman Hokwerda’s kind, die werd vertaald in het Duits, Frans en Deens. De meest recente uitgaven van Oek de Jong zijn de roman Pier en oceaan (2012), bekroond met onder meer de F. Bordewijkprijs, en het essay Wat alleen de roman kan zeggen (2013). Oek de Jong woont en werkt afwisselend in Amsterdam en de Franse Ardennen.
Osiris Trio, ensemble
Kort na de oprichting in 1988 won het Osiris de Philip Morris Finest Selection Award en de Kersjesprijs; de voordracht van Het Concertgebouw voor de serie Rising Stars van 1997/98 markeerde vervolgens de start van een internationale carrière.
Het Osiris Trio vergezelde Koningin Beatrix tweemaal op een staatsbezoek. Naast zijn vele concerten in Nederland en op de bekende Europese podia en festivals reisde het onder meer door China, en een door The New York Times zeer goed ontvangen optreden in The Frick Collection leidde tot verschillende tournees in de Verenigde Staten en Canada.
Het ensemble speelt het -oeuvre van Haydn tot en met opdrachtwerken van Nederlandse componisten als Klaas de Vries, Jan van Vlijmen, Theo Verbey en Willem Jeths. Het richt zich ook op nieuw en jong publiek door voor kinderen zijn repertoire te presenteren in de vorm van intrigerende theaterproducties. Bij het Orlando Festival in Limburg speelt het Osiris elk jaar kamermuziek en coacht het ensembles.
De triospelers zijn alle drie als hoofdvakdocent verbonden aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag, en gedrieën verzorgen ze bovendien het masterhoofdvak pianotrio aan de conservatoria van Den Haag en Amsterdam. Ook buitenlandse conservatoria nodigen het Osiris Trio uit om masterclasses te geven.

