Danel Kwartet: Beethoven en Schubert

Danel Kwartet:

Marc Danel viool
Gilles Millet viool
Vlad Bogdanas altviool
Yovan Markovitch cello

Dit concert maakt deel uit van de serie Strijkkwartetten.

Ludwig van Beethoven (1770-1827)

Strijkkwartet in cis kl.t., op. 131 (1826)
Adagio ma non troppo e molto espressivo
Allegro molto vivace
Allegro moderato – Adagio – Più vivace
Andante ma non troppo e molto cantabile
Presto
Adagio quasi un poco andante
Allegro

pauze (± 21.00 uur)

Franz Schubert (1797-1828)

Strijkkwartet in G gr.t., D 887 (1826)
Allegro molto moderato
Andante un poco moto
Scherzo: Allegro vivace — Trio: Allegretto
Allegro assai

einde (± 22.10 uur)

Toelichting

Ludwig van Beethoven 1770-1827

Beethoven: Strijkkwartet opus 131

Door Clemens Romijn

‘Als een hartstochtelijk liefhebber en bewonderaar van uw talent, neem ik de vrijheid u te schrijven om u te vragen of u bereid bent een, twee of drie nieuwe kwartetten te componeren. Het zal me een genoegen zijn u te betalen voor uw moeite, elk bedrag dat u gepast vindt.’ Zo opende in 1822 een verre bewonderaar van Ludwig van Beethoven een briefwisseling met de componist.

Het was prins Nikolaus Galitzin (1794-1866), een fanatieke muziekliefhebber uit Sint-Petersburg. Hij had van 1802 tot 1806 in Wenen gewoond en kende daardoor de muziek van Haydn, Mozart en Beethoven van dichtbij. Zelf speelde hij uitmuntend en zijn vrouw was een volleerd pianiste. Van pianowerken van Beethoven maakte hij bewerkingen voor strijkkwartet en et om zo met zijn eigen musici in Sint-Petersburg te kunnen uitvoeren. Ook was dankzij hem de première van de monumentale Missa solemnis niet in Wenen maar in Sint-Petersburg in 1824.

De prins vond het jammer dat veel muziekliefhebbers sinds Beethovens volledige doofheid totaal vervreemd waren van zijn muziek, zoals de late Pianosonate in c klein, 111. En hij betreurde het dat Beethoven al meer dan tien jaar het strijkkwartet had verwaarloosd, vandaar de uitnodiging. Beethoven ging op Galitzins voorstel in en schiep zodoende – met de opusnummers 127, 130, 131 en 132 – de hoogste en laatste top van zijn kwartetkunst.

Al schrijvend aan zijn Strijkkwartet in cis klein, 131 ging Beethoven gebukt onder existentiële zorgen en ziekte. Heel ongebruikelijk is de toonsoort cis klein, ondenkbaar in de tijd van zijn grote voorbeelden Haydn en Mozart. De algemene teneur is dan ook somber, maar door commentatoren ook wel omschreven als berustend, ‘religieus en teder’, alsof Beethoven zich bewust was van zijn eigen sterfelijkheid.

Net zo ongebruikelijk is het aantal van zeven delen, al zijn die nauw met elkaar verweven. Het kwartet betekende veel voor Beethoven, ook al omschreef hij het werk voor zijn uitgever ‘als bij elkaar gestolen van deze en gene’.

Het was een typisch staaltje beethoveniaanse zelfspot te midden van misère. Daarachter ging een groot gevecht met de materie schuil. Het kwartet bestaat uit een meesterlijk tisch eerste deel, een uitgelaten , een ontroerend , een met variaties, een snel scherzo en een duister langzaam deel.

Het snelle slotdeel met zijn bruuske brengt uiteindelijk verzoening en citeert het begin van het kwartet. Het leek erop dat dit Beethovens favoriet was onder de ­Galitzin-kwartetten, maar toen hem het direct gevraagd werd zei hij: ‘Jedes auf seine Weise!’ De publicatie heeft Beethoven niet meer meegemaakt.

Franz Schubert 1797-1828

Schubert: Strijkkwartet D 887

De eenendertig jaar van zijn korte leven woonde Franz Schubert in dezelfde toen nog redelijk kleine stad als Beethoven, zonder hem echt te ontmoeten. Pas op het sterfbed van de Titaan zocht Schubert hem op, met bij zich een pakket eren van eigen hand waarvan Beethoven ‘onder de indruk’ was. Eerder zagen ze elkaar wel op afstand bij muzikale gelegenheden, of zoals Schubert zelf zei ‘in een overvol café’, en was Schubert te verlegen om de ‘meester’ aan te spreken.

De vriendelijke en uiterst sensitieve Schubert en de dove moeilijk benaderbare Beethoven die berucht was om zijn onbehouwen gedrag. Voor Schubert was Beethoven zowel inspirerend als intimiderend: ‘Stilletjes hoop ik dat ik in staat ben iets van mijzelf te maken, maar wie kan dat nu na Beethoven.’

Toch was onuitgesproken de wederzijdse waardering groot, en bij Beethovens begrafenis was Schubert een van de fakkeldragers. Op zijn eigen sterfbed het jaar daarna speelden vrienden op Schuberts verzoek Beethovens Strijkkwartet in cis klein, 131. Een andere laatste wens was naast Beethoven begraven te worden, hetgeen inderdaad gebeurde.

Het Strijkkwartet in G groot, D 887 is Schuberts laatste strijkkwartet en uit hetzelfde jaar als het veel beroemdere kwartet Der Tod und das Mädchen. Typerend voor zijn late muziek is ook hier de enorme bijna symfonische opzet, met alleen al twee hoekdelen van elk zo’n twintig minuten. En ook qua muzikale fantasie, tische ontwikkeling, expressie, en moeilijkheidsgraad lijkt het medium van het strijkkwartet haast te klein voor wat Schubert de vier strijkers op de schouders legt.

Typisch Schubert om in het eerste en laatste deel te schakelen tussen licht en donker, door de zonnige G groot regelmatig te kleuren. Karakteristiek is ook de melancholieke melodie die het langzame deel opent, en de deinende Ländler (een Oostenrijkse volksdans) in het middendeel van het . Het laatste deel wordt voortgedreven door een gejaagd tarantella- en vindt zijn herkenningspunt in de terugkerende melodie, zoals Schubert dat zo goed van Haydn kende.

Biografie

Quatuor Danel, kwartet

Het Quatuor Danel werd in 1991 opgericht en functioneert in de huidige samenstelling sinds cellist Yovan Markovitch in 2014 toetrad. Het geeft wereldwijd concerten op de belangrijkste podia en werkt samen met collega’s als Leif Ove ­Andsnes, Jean-Efflam Bavouzet, Alexander Melnikov, Adrien La Marca, Clemens Hagen en het Borodin Quartet.

Russische componisten nemen in het repertoire van het Quatuor Danel een bijzondere plaats in, en in 2005 zette het alle vijftien strijkkwartetten van Sjostakovitsj op cd.

In Manchester en Utrecht verzorgde het Frans-­Belgische kwartet de eerste uitvoering wereldwijd van de complete kwartetcyclus van Weinberg, gevolgd door een cd-opname. In april 2024 verscheen bovendien een internationaal lovend ontvangen live-registratie vanuit het Gewandhaus in Leipzig van de complete strijkkwartetten van Sjostakovitsj.

In seizoen 2024/2025 ging het Quatuor Danel opnieuw naar Leipzig voor de uitvoering en opname van Prokofjevs strijkkwartetten, én voor de presentatie van de strijkkwartetten van Sjostakovitsj tijdens een grootschalige herdenking van de vijftigste sterfdag van de componist. Dat seizoen hadden de strijkers ook een residency in Wigmore Hall in Londen.

Andere recente hoogtepunten zijn tournees naar Japan, de Verenigde Staten, Taiwan en Zuid-Korea. Het Quatuor Danel is als ‘quartet in residence’ verbonden aan de University van Manchester. Het kwartet debuteerde in de in 1998 en was daar voor het laatst te beluisteren in november 2018.