Concertgebouworkest speelt Haydn en Schubert (21.15 uur)
4 september 2020 – 21.15 uur
Koninklijk Concertgebouworkest
Philippe Herreweghe dirigent
Dit concert wordt opgenomen door AVROTROS voor uitzending op zondag 13 september om 14.00 uur via NPO Radio 4. Het concert wordt ook live gestreamd via Facebook, YouTube en concertgebouworkest.nl.
Joseph Haydn (1732-1809)
Symfonie nr. 96 in D gr.t., ‘The Miracle’ (1791)
Adagio – Allegro
Andante
Menuetto: Allegretto - Trio
Finale: Vivace (assai)
Franz Schubert (1797-1828)
Symfonie nr. 6 in C gr.t., D589 (1817-18)
Adagio – Allegro
Andante
Scherzo: Presto – Più lento
Allegro moderato
er is geen pauze
Toelichting
Haydn: Symfonie nr. 96
Door door Michel Khalifa
Toen Joseph Haydn op Nieuwjaarsdag 1791 voet op Engelse bodem zette voor een maandenlange concertreis, was hij al de meest toonaangevende componist in Europa. Hij kreeg in Londen een bijzonder hartelijke ontvangst en groeide snel uit tot het middelpunt van het hoofdstedelijke muziekleven.
De impresario Johann Peter Salomon, die Haydn tot deze reis had overgehaald, organiseerde een reeks van twaalf abonnementsconcerten op alle vrijdagen tussen 11 maart en 3 juni, met uitzondering van Goede Vrijdag. Tijdens deze concerten in de van Hanover Square Rooms, waarin later ook Mendelssohn en Liszt mfen zouden vieren, klonken recente composities van Haydn, zoals de Symfonie nr. 96, aangevuld met werken van tijdgenoten.
Dat Haydn te midden van al deze hectiek nog tijd vond om te componeren, heeft alles te maken met zijn zelfdiscipline en nuchterheid. Ondanks de overweldigende belangstelling voor zijn persoon, ontving hij geen bezoekers voor twee uur ’s middags, behalve edelen. De Symfonie nr. 96 was een van de eerste werken die in Engeland uit zijn pen vloeiden. Haar bijnaam ‘The Miracle’ verwijst naar een voorval dat zich tijdens de eerste uitvoering zou hebben voorgedaan: de kroonluchter viel op de grond, maar wonder boven wonder raakte niemand gewond. Uit de toenmalige berichtgeving blijkt echter dat dit incident plaatsvond tijdens de première van een andere symfonie van Haydn.
Hoofdmotief van de Symfonie nr. 96 is een opeenvolging van vier noten, kort-kort-kort-lang (nog geen twintig jaar later demonstreerde Beethoven opnieuw de zeggingskracht van deze ritmische cel in zijn Vijfde symfonie). Dit beheerst het eerste deel na de langzame inleiding, blijft aanwezig aan het begin van het tweede deel, en waart nog rond tijdens het daaropvolgende . Alleen het speelse slotdeel berust op andere ritmische grondslagen.
Verder laat Haydn geen gelegenheid onbenut om zijn luisteraars te verrassen. In het midden van het eerste deel bijvoorbeeld last hij twee maten rust in alvorens een ‘schijnreprise’ in een verkeerde te laten klinken; de echte reprise komt pas later. En tegen het eind van het tweede deel onderbreekt hij het muzikale verloop met een dwingend gebaar: zeven instrumenten (twee violen en vijf ) maken zich los van het orkest om onderling een aangenaam gesprek te voeren.
Franz Schubert
Schubert: Zesde symfonie
Door Anneloes Brand
In de jaren 1813-1816 componeerde Franz Schubert als leerling van Antonio Salieri zijn eerste vijf symfonieën. In de rest van zijn (veel te korte) leven begon de geniale veelschrijver aan nog acht symfonieën, maar door de gewijzigde en onvoltooide versies haalden die niet allemaal de catalogus en bestaat er vanaf nummer 6 verwarring over de nummering.
De Symfonie nr. 6 in C groot, D589 ontstond tussen oktober 1817 en februari 1818. Het werk werd al snel uitgevoerd tijdens een besloten huisconcert van Otto Hatwig, een prominente violist in wiens amateurorkest Schubert speelde, maar kreeg pas op 14 december 1828, een maand na Schuberts dood, zijn publieke première tijdens een concert van de Weense Gesellschaft der Musikfreunde. (Overigens moesten de andere symfonieën veel langer op hun eerste openbare uitvoering wachten en werden de meeste pas in 1884-85 uitgegeven.)
De Zesde symfonie wordt ook wel de ‘Kleine’ genoemd om onderscheid te maken met Schuberts Negende symfonie in dezelfde , wier bijnaam ‘Grote’ niet alleen haar lengte, maar ook haar grandeur reflecteert. Toen Schubert zijn Zesde symfonie componeerde, was Wenen in de ban van twee muzikale grootheden: Ludwig van Beethoven en Gioacchino Rossini. In november 1816 voerde een Italiaans gezelschap Rossini’s Tancredi and L’inganno felice voor het eerst op in Wenen. Onder het betoverde publiek bevond zich ook de negentienjarige Schubert. ‘Je kunt niet ontkennen dat hij buitengewoon begaafd is’, schreef hij aan zijn vriend Anselm Hüttenbrenner.
‘De orkestratie is soms zeer origineel, alsook de vocale compositiestijl...’ Tijdens deze Rossini-rage schreef Schubert twee ouvertures ‘in Italiaanse stijl’, waarbij hij een nieuwe manier van componeren uitprobeerde die zijn eigen stijl onmiddellijk veranderde. Ook de Zesde symfonie raakte beïnvloed door Rossini’s muziek, maar het werk bevat evenzeer elementen van anderen die de jonge componist bewonderde – Haydn, Mozart en Beethoven – en van Schubert zelf natuurlijk.
Het – waarmee het werk (net als Haydns Symfonie nr. 96 trouwens) opent, bevat een Mozartiaanse inleiding, een Haydn-achtig begin van het Allegro met alleen blazers, het instrumentale vuurwerk van Rossini door het hele deel heen, en een versneld dat doet denken aan de opzwepende ’s van Rossini. Schuberts gave voor e ën komt het duidelijkst naar voren in het . Het derde deel, het eerste in Schuberts symfonieën, lijkt qua kracht en voortstuwing op dat van Beethoven. Meer Rossini-achtige springerige s en theatraal drama vinden we in de kleurrijk georkestreerde finale, die het werk uitbundig besluit.
Biografie
Philippe Herreweghe, dirigent
Philippe Herreweghe combineerde in zijn geboorteplaats Gent zijn universitaire studie (geneeskunde en psychiatrie) met een conservatoriumopleiding piano. Al in die jaren begon hij met dirigeren en in 1970 richtte hij Collegium Vocale Gent op. Nikolaus Harnoncourt en Gustav Leonhardt merkten zijn uitzonderlijke benaderingswijze op en nodigden hem uit om mee te werken aan hun opnames van de verzamelde Bachs.
Philippe Herreweghe groeide uit tot een van de bekendste oudemuzieken, en zou zijn repertoire gestaag uitbreiden naar de symfonische . Hij was oprichter van La Chapelle Royale (1977, Franse muziek uit de zeventiende eeuw), het Orchestre des Champs-Elysées (1991, romantisch en preromantisch repertoire op originele instrumenten) en zijn eigen Italiaanse festival Collegium Vocale Crete Senesi (2001). Met een discografie van meer dan 120 titels begon de dirigent in 2010 zijn eigen label (PHI).
Sinds 1997 is Philippe Herreweghe bovendien eredirigent van het Antwerp Symphony Orchestra. Als gastdirigent stond hij voor het Concertgebouworkest, het Gewandhausorchester Leipzig, het Mahler Chamber Orchestra, het Scottisch Chamber Orchestra, het Tonhalle-Orchester Zürich en verschillende Amerikaanse gezelschappen. Het vorige optreden van Philippe Herreweghe in de Eigen Programmering van Het Concertgebouw was op 21 november 2023 met Mozarts ‘Haffner’-symfonie en Requiem door zijn eigen gezelschappen Collegium Vocale Gent en Orchestre des Champs-Élysées.
Koninklijk Concertgebouworkest, orkest
Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouworkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.
Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concertgebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.
Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Haitink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.
Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, fondsen en donateurs wereldwijd.
Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest





