Concertgebouworkest speelt Händel en Rameau

Koninklijk Concertgebouworkest
Emmanuelle Haïm dirigent, klavecimbel
Lenneke Ruiten sopraan 

Dit programma maakt deel uit van de series D, F en Z.

Bekijk hier de zangtekst.

Het concert wordt door AVROTROS live uitgezonden op de radio via NPO Klassiek.

Ook interessant:
- Interview met dirigent Emmanuelle Haïm
- Interview met sopraan Lenneke Ruiten

Georg Friedrich Händel (1685-1759)  

Concerto grosso in G gr.t., op. 6 nr. 1, HWV 323 (1739)    
Larghetto e staccato
Allegro
Presto
Largo
Allegro
Menuet: Un poco larghetto  

Water Music, Suite nr. 3 in G gr.t., HWV 350 (1717)    
Sarabande
Rigaudon I & II
Menuet I & II
Gigue I & II 

Jean-Philippe Rameau (1683-1764)  

Suite uit ‘Dardanus’ (1739/44)
tragédie lyrique op een libretto van Charles-Antoine Leclerc de la Bruère    
Ouverture – Marche pour les différents nations (Proloog scène 2) – Air gracieux (Proloog scène 2) – Menuet tendre en rondeau (Proloog scène 2) – Entrée pour les guerriers (Eerste bedrijf scène 3) – Deux tambourins (Proloog scène 2) – Bruit de guerre (entr’acte Tweede bedrijf) – ­Ritournelle: Descente de Vénus (Vierde bedrijf scène 1) – Air tendre, ­calme des sens (Vierde bedrijf scène 2) – Gavotte vive (­Vierde bedrijf scène 2) – Air gai en rondeau (Derde bedrijf scène 2) – Chaconne (Vijfde bedrijf scène 3)
eerste uitvoering door het Concertgebouworkest 

pauze ± 15.10 uur

Georg Friedrich Händel 

Il delirio amoroso, HWV 99 (1707)
cantate voor sopraan en orkest op een libretto van Benedetto Pamphili
Introduzione
Da quel giorno fatale… Un pensiero voli in ciel (recitatief en aria)
Ma fermati pensier… Per te lasciai la luce (recitatief en aria)
Non ti bastava ingrato… Lascia omai le brune vele (recitatief en aria)
Ma siamo giunti in Lete (recitatief)
Entrée
In questa amene… Si disse Clori (menuet en recitatief)
Minuet
eerste uitvoering door het Concertgebouworkest 

einde ± 16.00 uur 

  

Toelichting

Georg Friedrich Händel (1685-1759)

Concerto grosso HWV 323

Door Agnes van der Horst

De productie van Händels instrumentale muziek valt in het niet bij de enorme hoeveelheid van zijn vocale en dramatische werken. Bovendien bestaat het overgrote deel van die eerste categorie uit kopieën of bewerkingen van al eerder geschreven werk. Maar van zijn Concerti grossi, 6 weten we zeker dat Händel ze nieuw componeerde voor zelfstandige uitvoeringen en niet voor gebruik in andere, vocale werken. Händel had het concerto grosso (muziekvorm waarbij een kleine groep solisten binnen het orkest concerteert met de rest) leren kennen in Italië, waar hij van 1706 tot 1710 rondreisde. Daar ontmoette hij, onder veel anderen, de violist en componist Arcangelo Corelli, die beschouwd wordt als de grondlegger en vervolmaker van het concerto grosso – een nieuw muziekgenre dat al snel Europa veroverde.

Toen Händel zich in 1712 definitief in Engeland vestigde was het concerto grosso daar al erg geliefd. Dat heeft er ongetwijfeld toe bijgedragen dat Händel er ook een aantal componeerde. Zijn twaalf Concerti grossi, opus 6 zijn qua vorm gemodelleerd naar de 12 Concerti grossi (ook opus 6) van Corelli. Händel verwerkte soepeltjes alle mogelijke muzikale stijlen en vormen die in zijn tijd werden gebruikt. Daarbij zijn de ën pakkend, de s verrassend en de ën gedurfd. Vrijwel alle delen hebben een theatraal karakter (de invloed van de Italiaanse is bij Händel nooit ver weg). Dát is nu juist waarom Emmanuelle Haïm zo houdt van Händel. ‘Zijn werk is zo vocaal. In alles hoor je zijn liefde voor de stem terug, ook in zijn instrumentale werk.’

Georg Friedrich Händel (1685-1759)

Water Music, Suite nr. 3

Door Agnes van der Horst

In 1717 maakte Koning George I van Engeland met zijn hele hofhouding een boottocht op de Thames en Händel schreef er de muziek bij die werd uitgevoerd door zo’n vijftig musici in een volgboot. Tot zover de bekende gegevens, maar over veel muzikale details tast men nog altijd in het duister. Doordat er geen manuscript is van Water Music, is niet bekend welke stukken van Händel er nu precies te horen waren. Bovendien zijn er getuigenissen van vorstelijke boottochten uit 1715, 1717 en 1736, en of Händel voor alle drie de evenementen de muziek componeerde en welke stukken dan, is ook al niet met zekerheid te zeggen. 

Wat nu bekendstaat als Water Music is een reeks korte werken die Händel uit (soms veel) eerder geschreven composities bij elkaar verzamelde. De bundeling ervan tot drie s is pas later gekomen en of de delen in de suites in de juiste volgorde van uitvoering staan wordt betwijfeld. De drie suites verschillen in bezetting. In dit programma horen we de derde suite, waarin fluiten een belangrijke rol spelen. Vooral het eerste deel klinkt daardoor intiem en pastoraal. Het majestueuze tweede deel (met hobo’s) heeft de vorm van een Franse ouverture en is een van de bekendste instrumentale stukken van Händel. Emmanuelle Haïm koos voor deze suite omdat hij bestaat uit een reeks Franse dansen: ‘Het toont de invloed van de Franse muziek op het werk van Händel en het is een mooie overgang naar het volgende stuk op het programma.’ 

Jean-Philippe Rameau (1683-1764)

Suite uit ‘Dardanus’

Door Agnes van der Horst

Als muziektheoreticus en als componist van klavecimbelmuziek kreeg Jean-Philippe Rameau veel waardering, maar met zijn ’s moest hij opboksen tegen de muziekdramatische erfenis van Jean-Baptiste Lully. Rameaus eerste opera’s werden weggehoond door de Lully-aanhangers (lullistes), maar tegen de tijd (1739) dat zijn tragédie lyrique Dardanus in première ging had Rameau zijn eigen schare fans (door de tegenpartij pesterig ramoneurs, schoorsteenvegers, genoemd).

  • Rameaus, Jean-Philippe 3 (titelpagina Dardanus)

Geheel naar de door Lully gevestigde Franse ­mode bevat Dardanus veel balletten. Maar waar de dansen van Lully weinig verbinding hadden met de desbetreffende opera, zijn de balletten en intermezzo’s in Rameaus opera’s onderdeel van het geheel. In Dardanus (een mythologisch liefdesverhaal) schept Rameau een dramatische eenheid tussen dansen, koren, instrumentale tussenspelen en ’s. In de instrumentale delen is Rameau op zijn best als inventieve schilder van en en bedenker van bijna sensuele ën. De muziek is zo beeldend dat elk deel een duidelijk ander verhaal vertelt. Zelfs de oorlogsscène Bruit de guerre is oneindig veel muzikaler (mooie contrasten tussen strijkers en ten) dan het krijgshaftige geroffel dat vaak bij dergelijke passages in opera’s te horen is.

Georg Friedrich Händel (1685-1759)

Il delirio amoroso

Door Agnes van der Horst

Als jong en zeer getalenteerd musicus en componist werd Händel in Italië met open armen ontvangen. Vooral in Rome werd hij warm onthaald in de paleizen van invloedrijke kardinalen en edelen. -uitvoeringen waren er in die tijd door de paus verboden, maar muziekdramatische werken als oratoria en s mochten wel. In totaal componeerde Händel ongeveer hondervijftig Italiaanse cantates, waaronder zeker vijftig voor de schatrijke Romeinse markies Ruspoli en zijn huisorkest van zo’n tachtig uitstekende musici. 

Il delirio amoroso is een van Händels eerste Italiaanse cantates en kardinaal Pamphili (ook tekstschrijver van het Il nfo del Tempo uit dezelfde periode) schreef het libretto. Het werd in 1707 waarschijnlijk ook in zijn paleis uitgevoerd, met Händel achter het klavecimbel.

In Il delirio amoroso (‘De liefdeswaanzin’) zingt één sopraan zowel de rol van verteller als van hoofdpersoon. Ze wordt begeleid door , solohobo, soloviool en solocello, instrumentalisten die qua virtuositeit en belangrijkheid nauwelijks onderdoen voor de sopraan. De cantate opent met een driedelige ouverture, ingezet door de solohobo. Daarna vertelt het over Clori, die hartstochtelijk verliefd is op Tirsi, die niets van haar moet hebben. Desondanks is ze ontroostbaar als hij sterft. Ze stroomt over van verdriet, zodanig dat ‘het licht van haar heldere verstand vertroebelde’, en weet niets anders meer te doen dan hem zoeken. In de eerste (Un pensiero voli) laat Clori haar gedachten vliegen naar de hemel, de hel en de onderwereld. Dat wordt verklankt door fladderende en kunstige vioolguirlandes, terwijl zwiepende passages in het strijkorkest haar onrustig zoekende brein illustreren. Elk muziekdrama van Händel telt minstens één bloedstollende aria die boven alles uit stijgt. In deze cantate is dat Per te lasciai la luce (‘Om jou verliet ik het licht’), waarin de woorden ‘Tu vuoi partir da me’ (‘Je wilt me verlaten’) steeds triester klinken en gaandeweg nog tragischer worden door melancholieke echo’s van de solocello. Uiteindelijk beeldt Clori zich in dat zij en de ontrouwe Tirsi elkaar voor altijd liefhebben op de Elyseïsche velden, waarna het slotrecitatief ontnuchterend constateert dat de duisternis is neergedaald op Clori, maar niet op haar fantasie. 

Toelichting

Door Agnes van der Horst

Emmanuelle Haïm treedt al bijna een kwarteeuw op met haar ensemble Le Concert d’Astrée. Als oudemuziekspecialist deelt ze haar ervaringen bovendien graag met andere orkesten. Haar geplande debuut bij het Concertgebouworkest in mei 2020 moest vanwege de pandemie worden uitgesteld. Nu is het zo ver.

‘In Nederland is het allemaal begonnen, de opkomst van stijlgetrouwe uitvoeringen van oude muziek’, zegt de Franse e. ‘Het Concertgebouworkest kent die muziek en de stijl, mede dankzij pioniers als Nikolaus Harnoncourt en Trevor Pinnock, die er regelmatig op de bok stonden en staan.’ In dit programma gaan twee tijdgenoten uit de Barok een dialoog aan: de kosmopoliet Georg Friedrich Händel nam zijn ervaringen uit Duitsland en Italië mee naar Engeland, Jean-Philippe Rameau zou altijd in Frankrijk blijven.

Biografie

Koninklijk Concertgebouworkest, orkest

Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouw­orkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.

Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concert­gebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.

Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Ha­itink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.

Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, ­fondsen en donateurs wereldwijd.

Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest

Emmanuelle Haïm, dirigent

Na haar studie piano en klavecimbel besloot Emmanuelle Haïm zich op ­orkestdirectie te storten. Ze richtte in 2000 Le ­Concert d’Astrée op, dat zich wijdt aan de uitvoering van ­zeventiende- en achttiende-eeuwse muziek op authentieke instrumenten.

De Franse e/klaveciniste en haar orkest werkten samen met bekende zangers als Cecilia Bartoli, Philippe Jaroussky, Magdalena Kožená, Rolando Villazón en Anne Sofie von Otter

Ze oogstten veel succes met geënsceneerde opvoeringen van ’s van onder anderen Monteverdi, Rameau, Händel en Mozart en hun vele cd- en dvd-opnamen. Met Händels Giulio Cesare in Egitto debuteerde Emmanuelle Haïm begin 2023 met Le Concert d’Astrée als bij De Nationale Opera.

Eerder leidde ze operaproducties in onder meer Glyndebourne en Zürich en was ze de eerste vrouwelijke dirigent ooit bij de Chicago Lyric Opera. Ze is Chevalier de la Légion d’honneur, Officier des Arts et des Lettres, Officier de l’ordre national du Mérite en Honorary Member of the Royal Academy of Music. Emmanuelle Haïm is een veelgevraagd gastdirigente.

Ze onderhoudt sterke banden met de Berliner Philharmoniker en de Los Angeles Philharmonic en stond ook voor de Wiener Philharmoniker, de New York Philharmonic, het London Sym­phony Orchestra, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks en het Gewandhausorchester Leipzig.

Haar beoogde debuut bij het Concertgebouworkest in april 2020 werd vanwege de coronapandemie tot nu uitgesteld. 

Lenneke Ruiten, sopraan

Lenneke Ruiten studeerde zang bij Maria Rondèl en Meinard Kraak aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en aan de Bayerische Theaterakademie in München. Ook voltooide ze een opleiding tot ­fluitist. Op het Internationaal Vocalisten Concours in Den Bosch was ze in 2002 meervoudig prijswinnaar.

In concert- en repertoire zong ze onder meer bij de English Baroque Soloists en The Monteverdi Choir, de Akademie für Alte Musik Berlin, de Wiener Philharmoniker en Symphoniker, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfuks, het Mahler Chamber Orchestra, het Moz­arteum Orchester en het Concertgebouw Kamerorkest.

Een grote passie is ook het . zong de sopraan in het Theater an der Wien, het Staatstheater Stuttgart, de Scala in Milaan, De Munt in Brussel en het Théâtre des Champs-Elysées in Parijs en op de ­Salzburger Festspiele, het Festival d’Aix-en-Provence en de BBC Proms. Haar eerste grote rol bij De Nationale Opera in Amsterdam was in december 2015 die van Konstanze in een productie van Mozarts Die Entführung aus dem Serail, hernomen in seizoen 2016/2017.

Bij het Concertgebouworkest debuteerde Lenneke Ruiten in februari/maart 2024 in BrahmsEin deutsches Requiem onder leiding van Dinis Sousa en keerde ze in april 2024 terug met ­Händels solocantate Il delirio amoroso onder leiding van Emmanuelle Haïm. In de was ze in mei 2024 bovendien te horen in een Mozart-­programma van PRJCT Amsterdam.