Concertgebouworkest Essentials: Richard Strauss

Koninklijk Concertgebouworkest
Han-Na Chang dirigent
Tatjana Vassiljeva cello
Santa Vižine altviool
Thomas Vanderveken TOM Talk

Dit programma maakt deel uit van Essentials.

Na afloop organiseert jongerenvereniging Entrée het gratis toegankelijke Entrée Café in de Spiegelzaal, met live muziek of dj op de achtergrond.

Ook interessant:
- Han-Na Chang over Strauss en meer (interview)
7 topcellisten die ook dirigent werden
- Tatjana Vassiljeva-Monnier over haar solo (interview)

RICHARD STRAUSS (1864-1949)

Don Quixote, op. 35 (1896-97) 
phantastische Variationen über ein Thema ritterlichen Charakters   
Introduktion: Mässiges Zeitmass – Thema: Don Quixote der Ritter von der traurigen Gestalt (Mässig) – Thema: Sancho Panza (Maggiore) – Var I: Gemächlig – Var II: Kriegerisch – Var III: mässiges Zeitmass – Var IV: Etwas breiter – Var V: Sehr langsam – Var VI: Schnell – Var VII: Ein wenig ruhiger als vorher – Var VIII: Gemächlich – Var IX: Schnell und stürmisch – Var X: Viel breiter – Finale: Sehr ruhig 
concertmeester: Malin Broman
basklarinet solo: Davide Lattuada 
tenortuba solo: Nico Schippers

er is geen pauze
einde ± 22.15 uur

Toelichting

Richard Strauss (1864-1949)

Don Quixote

Door Floris Don

  • Richard Strauss

Aan het eind van de negentiende eeuw, op de drempel van het modernisme, ging Richard Strauss zich in zijn symfonisch gedicht Don Quixote met veel plezier te buiten aan een oud genre dat hij eigenlijk als achterhaald beschouwde: het met variaties. De componist koos een parodistische methode, met een pompeus ‘ridderlijk’ hoofdthema (Don Quichot, vertolkt door de solocello), en een komisch en wat primitief neventhema (het hulpje Sancho Panza, de soloaltviool bijgestaan door basklarinet en tenortuba).

In de zevende variatie denkt Don Quichot zelfs te kunnen vliegen, een droom die achterin het orkest met een windmachine wordt aangezwengeld

Er is ook een ‘vrouwelijk’ thema (bij aanvang gepresenteerd in de hobo). Dat stelt de gedroomde vrouw Dulcinea voor, maar blijkt harmonisch zo instabiel dat vrouwelijke ­verlossing à la Wagner hier eigenlijk niet te verwachten valt. De orkestrale effecten zijn dik aangezet, en tot overmaat van ironie klinken in Don Quixote nauwelijks variaties op een thema. Er is vooral sprake van een veranderende context waarbinnen dezelfde thema’s steeds weer net even anders tot klinken komen.

Je zou de compositie aldus gepast absurdistisch kunnen noemen, even komisch als de zeventiende-eeuwse roman van Miguel de Cervantes waar Strauss enkele episodes uit heeft gedestilleerd: Don Quichot die in de war raakt na het lezen van te veel avonturenromans (de ontsporende van de altviolen aan het begin), zichzelf tot ridder betitelt en met zijn vermoeide paard Rocinante en de welwillende ‘schildknaap’ Sancho Panza eropuit trekt. Er volgen gevechten tegen schapen en wind­molens, benedictijner monniken – twee ten – worden voor boze tovenaars aangezien, en in de zevende variatie denkt Don Quichot zelfs te kunnen vliegen, een droom die achterin het orkest met een windmachine wordt aangezwengeld. Zodra Don Quichot afstand doet van zijn fantasieën sterft hij vredig thuis in bed.

Strauss zag zijn Don Quixote het liefst op één programma met Ein Helden­leben, zijn symfonisch gedicht uit 1898 waarin ‘de held’ (Strauss zelf) ten strijde trekt tegen zijn critici. Wenste Strauss een meer ironische tegenhanger om de ijdele verhevenheid van zijn Helden­leben meer in evenwicht te brengen? Of zag hij in Don Quichot ondanks alle grollen een oprechte zielsverwant, een romantische eenling die ten strijde trekt tegen de conventies van de maatschappij en zich niet bij de status quo wenst neer te leggen?

Biografie

Koninklijk Concertgebouworkest, orkest

Al 137 jaar brengt het Koninklijk Concertgebouw­orkest muziek tot leven. Het Amsterdamse orkest wordt wereldwijd geroemd om zijn unieke klank en zijn veelzijdige repertoire en heeft het voorrecht om met de meest vooraanstaande en en solisten te mogen samenwerken. Klaus Mäkelä, met wie sinds 2020 een hechte band bestaat, wordt in 2027 chef-dirigent. Zijn voorgangers waren Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly (sinds 2004 conductor emeritus), Mariss Jansons en Daniele Gatti. Iván Fischer is honorair gastdirigent.

Jaarlijks geeft het orkest zo’n 130 concerten. Thuis, in Het Concertgebouw, maar ook in de meest prestigieuze concertzalen wereldwijd. Daarmee is het Concert­gebouworkest een ambassadeur voor Nederland. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe van het orkest.
Vanaf het begin is veel samengewerkt met componisten. Zo dirigeerden Richard Strauss, Gustav Mahler, Arnold Schönberg en Igor Stravinsky zelf meer dan eens het Concertgebouworkest. Jaarlijks gaan meerdere opdrachtwerken in première.

Het orkest ziet het als zijn verantwoordelijkheid om de kracht van symfonische muziek door te geven. Via de Academie van het Concertgebouworkest en het internationale jeugdorkest Young delen orkestmusici hun kennis, ervaring en liefde voor het vak met volgende generaties. Voor veelbelovende en zijn er de Ammodo Masterclass en het Bernard Ha­itink Associate Conductorship. Met vernieuwende concertvormen en uitvoeringen buiten de concertzaal inspireert het orkest nieuwe luisteraars.

Het grootste deel van de inkomsten haalt het Concertgebouworkest uit concerten in binnen- en buitenland. Het orkest is dankbaar voor de steun die het ontvangt van zijn publiek, het Ministerie van OCW, de gemeente Amsterdam, global partners ING, Booking.com en The Magnum Ice Cream Company, en vele sponsoren, ­fondsen en donateurs wereldwijd.

Bekijk hier alle musici van het Koninklijk Concertgebouworkest

Han-Na Chang, dirigent

Han-Na Chang begon haar carrière als cellist. Al op elf­jarige leeftijd won ze de eerste prijs en de nieuwemuziekprijs van het Rostropovitsj Internationaal concours 1994. Ze maakte een serie bekroonde opnamen en soleerde bij onder meer de New York Philharmonic, de orkesten van Boston, Philadelphia en Chicago en de Berliner Philharmoniker.

Tegenwoordig richt Han-Na Chang zich volledig op haar loopbaan als . Ze is artistiek leider en chef-dirigent van het ­ en het huis van Trondheim (sinds 2017) en eerste gastdirigent van de Symphoniker Hamburg (sinds 2022). Als gastdirigent stond ze bijvoorbeeld voor de Sächsische Staatskapelle Dresden, het WDR Sinfonieorchester, de Oslo Philharmonic, de Wiener Symphoniker en de symfonieorkesten van Vancouver, Toronto, Sydney en Melbourne.

Van 2009 tot 2014 was Han-Na Chang artistiek leider van het Absolute Music Festival in haar geboorteland Zuid-Korea, en sinds 2024 leidt ze er het DaejeonGrandFestival dat zich richt op een jong en divers publiek. Met de Kore­aanse zender MBC TV produceerde ze een televisieserie die de symfonieën van Beethoven voor een breed publiek inzichtelijk maakt.

In 2016 trad Han-Na Chang voor het eerst als dirigent op in Het Concertgebouw. Bij het Concertgebouworkest maakt ze nu haar langverwachte debuut, vijf jaar nadat het geplande debuut wegens de coronapandemie was uitgesteld.

Tatjana Vassiljeva-Monnier, cello

Tatjana Vassiljeva-Monnier is eerste solocelliste bij het Concert­gebouworkest sinds ­augustus 2014. Ze studeerde in haar geboorte­stad Novosibirsk en in Moskou, waarna ze in 1994 naar München verhuisde om aan de Musikhochschule bij ­Walter ­Nothas te studeren. Ze vervolgde haar studie aan de ­Musikhochschule Berlin bij David Geringas.

Tatjana Vassiljeva-­Monnier won onder meer het Rostropovitsj-­concours in 2001 en soleerde met orkesten als het London Sym­phony Orchestra, het NHK Symphony Orchestra, de Münchner Philharmoniker, het Orchestre de Paris, het Sint-­Petersburg Filharmonisch Orkest, het Tonhalle-­Orchester Zürich, het Orchestre de la Suisse Romande en het New Japan Philharmonic Orchestra.

De celliste bracht talloze nieuwe werken in ­première. Met Krzysztof Penderecki werkte ze meerdere malen samen; ze bracht de ­gereviseerde versie van zijn Largo in première en nam zijn Tweede c­elloconcert op met het Filharmonisch Orkest van Warschau. Voor haar discografie won Tatjana Vassiljeva-Monnier diverse prijzen, zoals een Diapason d’Or voor een cd met hedendaagse werken en een CHOC voor haar opname van Bachs ­s.

Met enkele strijkers van de Berliner Philharmoniker richtte ze in 2007 het Philharmonisches Streichquintett Berlin op, waarmee ze tournees door Europa en Azië ondernam. Sinds 2023 geeft ze les aan de Hochschule für Musik Karlsruhe. Tatjana Vassiljeva-Monnier bespeelt een cello van Matteo Goffriller uit 1690, die door de Willem ­Mengelberg Stiftung aan haar in bruikleen is verstrekt via de Foundation Concert­gebouworkest.

Santa Vižine, altviool

Santa Vižine maakt sinds december 2017 deel uit van de groep van het Concertgebouworkest en is sinds 1 januari 2022 eerste aanvoerder. Ze studeerde aan de Jāzeps Vītols Letse Muziekacademie bij Arigo Strals.

In 2005 won ze de Letse Staatsprijs en in 2008 de speciale juryprijs tijdens het Hedendaagse Kamermuziekfestival Krzysztof Penderecki. Van 2009 tot 2017 was ze aanvoerder van de altviolen bij het kamerorkest Kremerata Baltica.

In die hoedanigheid werkte ze met solisten als Martha Argerich, Mikhail Pletnev, Daniil Trifonov, Lisa Batiashvili, Patricia Kopatchinskaja, Didier Lockwood en Mischa Maisky en speelde ze in zalen als Carnegie Hall in New York, de Musikverein in Wenen, de Royal Albert Hall in Londen, Suntory Hall in Tokio, het Sydney House en de Elbphilharmonie in Hamburg.

Santa Vižine soleerde met Concertante en Kremerata Baltica, maar ook bijvoorbeeld met het Lets Nationaal , het Gustav Mahler Jugendorchester, het Göteborg Symfonieorkest en het kamerorkest Sinfonietta Riga. In het seizoen 2012/2013 nam ze deel aan de Academie van het Concertgebouworkest.

Santa Vižine bespeelt een Grancino uit ca. 1680. Het instrument werd in 2011 door de Foundation Concertgebouworkest aangekocht voor voormalig altaanvoerder Ken Hakii, die er tot zijn pensioen op speelde.

Thomas Vanderveken, presentator

Sinds het Concertgebouworkest in 2014 de concertserie Essentials startte, zijn de eigenwijze TOM Talks (naar de beroemde TED Talks) van de Vlaamse presentator Thomas Van­derveken een vast programmaonderdeel. Thomas Vanderveken studeerde enkele jaren muziektheorie en piano aan het Koninklijk Conservatorium te Brussel.

Hij begon zijn tv-carrière als acteur in de tv-serie Spoed en als presentator bij VTM-jeugdzender JIMtv in 2001. Sinds 2003 is hij presentator bij de VRT, waar hij bekendheid verwierf met ­reportages voor Vlaanderen Vakantieland en als spelleider in Vriend of Vijand en ­Mercator. Zijn eerste liveshow, Ster­acteur Sterartiest, werd een kijkcijferhit. ­

Thomas Vanderveken is daarnaast bekend van de spelprogramma’s Beste vrienden en 1 jaar gratis, de talkshow Alleen Elvis blijft bestaan, de consumentenprogramma’s Voor hetzelfde geld en FactCheckers en het interviewprogramma Onder ons. Ook voorzag hij regelmatig het Nieuwjaarsconcert van de Wiener Philharmoniker van televisiecommentaar en versloeg hij de Koningin Elisabethwedstrijd.