Composer in Residence Sam Adams, Alma Quartet en Dominique Vleeshouwers

Alma Quartet:
Marc Daniel van Biemen viool
Benjamin Peled viool
Jeroen Woudstra altviool
Clément Peigné ­cello

Dominique Vleeshouwers slagwerk

Met dank aan de begunstiger van het Composer in Residence Fonds

Ook interessant:

Componist Samuel Adams: ‘Ik wil dat de luisteraar voelt hoe de muziek zich opent’

Samuel Adams (1985)
Field
voor slagwerk solo
uit ‘Lyra’ (2018-20)
Nederlandse première

Joey Roukens (1982)
In Transit (2014)
voor strijkkwartet en slagwerk

Gabriella Smith (1991)
Carrot Revolution (2015)

Samuel Barber (1910-1981)
Adagio for Strings, op. 11 (1936)

Samuel Adams
Sundial (2021)
voor slagwerk en strijkkwartet
Nederlandse première

er is geen pauze
einde ± 21.30 uur

Toelichting

Composer in Residence Sam Adams, Alma Quartet en Dominique Vleeshouwers

Door Thea Derks

Samuel Adams (San Francisco, 1985) zou in het concertseizoen 2020/2021 drie maanden in Amsterdam vertoeven als huiscomponist van Het Concertgebouw. Maar helaas, om de bekende redenen werd zijn residentie doorgeschoven naar het volgende seizoen – waarin corona opnieuw roet in het eten gooide. Ook het opdrachtwerk voor het Alma Quartet viel hierdoor in het water. In plaats daarvan staat nu Sundial op het programma, dat Adams in 2021 componeerde in opdracht van The Los Angeles Chamber Orchestra en het Dallas Symphony Orchestra en dat afgelopen maart in première ging.

‘We hebben het programma in overleg met Sam samengesteld’, zegt Marc Daniel van Biemen, primarius van het Alma Quartet. ‘We studeerden samen aan de Yale University School of Music, dus we konden makkelijk even met elkaar sparren. Sam stelde Carrot Revolution van Gabriella Smith voor. Omdat we het zonde vonden maar één stuk samen met Dominique Vleeshouwers te spelen, besloten we ook In Transit uit te voeren van Joey Roukens. En bij zo’n Amerikaans programma mocht het for Strings van Barber natuurlijk niet ontbreken.’

  • Samuel Adams

Adams

Het concert opent met Field voor solo, het derde deel uit Adams’ avondvullende ballet Lyra, dat in oktober 2021 in San Francisco in première ging. Het is geïnspireerd op de mythe van Orpheus en Eurydice. Dit vijf minuten durende fragment is gezet voor vibrafoon, snaredrums, bongo en basdrum. Herhalende motieven in de hoge registers van vooral vibrafoon worden doorsneden met veldopnames van krakende en schurende geluiden die een Afrikaanse sfeer oproepen.

Roukens

In Transit voor strijkkwartet en slagwerk van Joey Roukens sluit daar met zijn groovende energie en swingende syncopen mooi bij aan. De repetitieve patronen creëren een hallucinante sfeer, die plotseling omslaat in een sonore klaagzang, opstijgend vanuit een ronkende laagte naar ijle hoogten. Na enige minuten wordt de muziek intenser, met driftige streken van het kwartet en woeste slagen op een snaredrum die toewerken naar een furieuze climax. Het werk eindigt met een zoetgevooisd , dat als het ware gewichtloos in de ruimte zweeft. ‘Wij vinden het aantrekkelijk dat In Transit af en toe een verkeerde afslag lijkt te nemen’, zegt Van Biemen. ‘We zetten het publiek graag op het verkeerde been.’

Smith

Van Biemen: ‘Sam was heel enthousiast over Carrot Revolution van Gabriella Smith en toen ik het kwartet beluisterde, reageerde ik zelf ook euforisch. Wat een performance piece!’ Smith laat zich voor haar muziek vaak inspireren door het milieu. Ze was als tiener geïnteresseerd in natuurbehoud, en werkte vijf jaar als vrijwilliger bij een onderzoeksproject naar zangvogels in Point Reyes, Californië. Op haar zevende ging ze viool spelen en kort daarna begon ze ook te componeren. Een van haar docenten was John Adams, de vader van Samuel. Het ruim tien minuten durende kwartet is één onstuitbaar voortstuwende kluwen van felle korte streken, zwiepende uithalen, plonkende ’s en wild getrommel op de ; een in klank gevangen revolutie. Na een minuut of acht schakelt het enkele versnellingen terug, ook qua volume. Schijnbaar ‘valse’, dalende lijnen geven een amechtige sfeer. Het kwartet lijkt moedeloos ineen te zijgen, als bloemen die hun kopjes laten hangen bij een gebrek aan water. Dan zet de cello aarzelend weer zijn percussieve geroffel in. Als een moeizaam startende motor neemt hij gaandeweg de overige spelers mee op sleeptouw. Met hun frenetieke gekras en gierende ’s jagen zij het stuk voort naar een kolkende, fortissimo climax die abrupt eindigt in het niets.

Barber

Het for Strings van Samuel Barber, oorspronkelijk het tweede deel uit zijn Strijkkwartet 11 uit 1936, behoort tot de meest gespeelde klassieke werken ooit, zij het doorgaans in de versie voor strijkorkest. Met zijn weemoedige toon en lang uitgesponnen ën wijst het vooruit naar de ‘nieuwe spirituele muziek’ van componisten als Arvo Pärt en John Tavener, met wie Barber zijn gevoel voor een rijke tonale klankwereld deelt.

Adams

Sundial voor strijkkwartet en slagwerk van Samuel Adams sluit naadloos aan bij de klankwereld van Barbers Adagio. ‘Een constante in mijn werk is de belangrijke rol van ’, zegt de componist hierover. ‘Ik behandel de vijf stemmen enigszins als het galmpedaal van een piano; de strijkers verlengen de percussieklanken en omgekeerd. Zo ontstaat een soort ‘hyperresonantie’.’ De structuur is verwant aan een zonnewijzer, vervolgt Adams: ‘De vijf instrumenten ­produceren een reeks schaduwen, die het passeren van de tijd weergeven in de vorm van een boog. ‘Rockende’ muziek van snelle, pulserende dubbelgrepen staat tegenover ‘cyclische’ passages van lichtelijk uit de pas lopende ische figuraties.’ Qua haakt Sundial aan bij de Zesde symfonie van Mahler. ‘Het slagwerk bestaat uitsluitend uit metalen instrumenten: crotales en koebellen combineren met hun ietwat ‘valse’ toon prachtig met de precieze, bijna steriele klank van de vibrafoon. De strijkers haken aan bij de uitvoeringspraktijk van de Renaissance, met snelle, lichte streken, met name van de twee violen. Zij spelen een paar gloedvolle duetten, die met gemak drieëneenhalve eeuw geleden geschreven hadden kunnen zijn.’

Hoe is het eigenlijk voor een strijkkwartet om samen te spelen met een slagwerker? Van Biemen: ‘De uitdaging zit hem natuurlijk in het vinden van de juiste balans. Bovendien is het de kunst te spelen terwijl je toch vrij ritmische muziek uitvoert. Maar ik vind het vooral ontzettend interessant, omdat de algehele klankkleur totaal anders is dan bij de geijkte etten. Zo hopen wij het publiek mee te nemen op een enerverend muzikaal avontuur.’

Biografie

Alma Quartet, ensemble

Het Alma Quartet wordt gevormd door vier strijkers uit het Concertgebouworkest. Het werd opgericht in 2014 en stond met het debuutalbum Schulhoff Complete String Quartets meteen stevig op de kaart. Ook de recentere Korngold-albums (de strijkkwartetten plus het Pianokwintet met Severin von Eckardstein) worden nationaal en internationaal hoog aangeschreven, en opnames van Dutilleux en Glass verschenen exclusief op vinyl. 

Het Alma Quartet was te beluisteren in de Elbphilharmonie in Hamburg, Müpa in Boedapest, het Konzerthaus Berlin, de Tonhalle Düsseldorf en het Süreyya House in Istanboel en in concertzalen in Tianjin, Harbin en W­uhan, maar ook in clubs en theaters als het Jazz Cafe London, de Volksbühne en de Kulturbrauerei in Berlijn, Střecha Lucerny in Praag en het Bimhuis, Paradiso en de Melkweg in Amsterdam. Ook speelde het ensemble op de Strijkkwartet Biënnale Amsterdam, Down The Rabbit Hole, het ADE, Shoeless, het Schumannfest Düsseldorf, het Pop-Kultur Festival Berlin en het Theater Spektakel Zürich.

Het Alma Quartet zwerkte samen met uiteenlopende artiesten als Jean-Yves Thibaudet, Lisa Batiashvili, Hauschka, Dauwd, Rembrandt Frerichs, New Cool Collective, singer-songwriter Nana Adjoa en technoproducer Henrik Schwarz.

Bij het vorige optreden in de , op 10 februari jongstleden, speelde het Alma Quartet samen met orkestcollega Santa Vižine op en Klaus Mäkelä op

Dominique Vleeshouwers, slagwerk

Dominique Vleeshouwers kreeg in 2020 als eerste er ooit de Nederlandse Muziekprijs en was in 2014 de winnaar van de eerste prijs, de persprijs en de publieksprijs van de International TROMP Percussion Competition in Eindhoven.

Hij trad op met het Koninklijk Concertgebouworkest, het Nederlands Philharmonisch Orkest, Asko|Schönberg, philzuid, het Orquesta Sinfónica de Castilla y León, Tokyo Sinfonietta en het Philharmonisch Orkest van Nizhny Novgorod.

Solo­projecten brachten hem op vele podia in Nederland, maar ook in België, Duitsland, Rusland, Brazilië, China, Japan en Mexico. Ook masterclasses geeft hij wereldwijd. Naast een er is DOMNIQ initia­tiefnemer van verrassende projecten; zo maakte hij in de eerder de voorstellingen Visiting Beethoven (2019) en Playground (2016).

In de maakte hij in 2016 een live-opname van Canto os­tinato van Simeon ten Holt met pianist Iv­o Janssen en het Mallet Collective Amsterdam. Het eerste optreden van DOMNIQ in de Grote Zaal was met dj Patrice Bäumel tijdens het Amsterdam Dance Event 2013.