Christopher Maltman: Carnaval van de dieren

Christopher Maltman bariton
Joseph Middleton piano

Francis Poulenc (1899-1963)

Le bestiaire (1919)
Le dromadaire
Le chèvre du Thibet
Le sauterelle
Le dauphin
L’écrevisse
La carpe 

Robert Schumann (1810-1856)

Die Löwenbraut
uit ‘Drei Gesänge’, op. 31 (1840)

Der Handschuh, op. 87 (1850)

Maurice Ravel (1875-1937)

Histoires naturelles (1906) 
Le paon
Le grillon
Le cygne
Le martin-pêcheur
La pintade

pauze (± 20.55 uur) 

Max Reger (1873-1916)

Zwei Mäuschen
Die fünf Hühnerchen
Furchthäschen
Der Igel
Die Bienen 
Mausefangen
uit ‘Schlichte Weisen’, op. 76 (1904-12) 

Emmanuel Chabrier (1841-1894)

Ballade des gros dindons (1889)

Villanelle des petits canards (1889)

Les cigales (1889) 

Hugo Wolf (1860-1903)

Storchenbotschaft
uit ‘Zwölf Mörike-Lieder’ (1888; arr. M. Reger 1905) 

Der Schwalben Heimkehr
uit ‘Nachgelassene Lieder’ (1876-90)

Der Knabe und das Immlein
uit ‘Zwölf Mörike-Lieder’

Der Rattenfänger
uit ‘Goethe-Lieder’ (1888) 

Michael Flanders (1922-1975) /
Donald Swann (1923-1994)

The Armadillo
The Warthog
The Gnu
uit ‘The Hippopotamus’ (1960)

einde (± 22.00 uur)

Toelichting

Beesten en fabels

Door Joke Dame

Elf zoogdieren, negen vogels, vijf insecten, een vis en een schaaldier zijn de hoofdrolspelers in dit zangrecital. Voor kinderen? Zou je denken, maar bariton Christopher Maltman spreekt met zijn in eerste instantie volwassenen aan. Die in de dierenhelden, als in een spiegel, zichzelf kunnen herkennen.

Via dit programma komen we niet alleen te weten wat al die dieren zoal uitspoken of hoe ‘menselijk’ ze zijn. We leren ook hoe Fransen, Duitsers/Oostenrijkers en Britten hun beesten tot muzikale fabels omtoveren, geheel volgens de eigen landsaard. En die is lichtvoetig, grappig en mild-ironisch bij de Fransen, zwaarmoedig, ernstig en ingetogen humoristisch bij de Duitstaligen, en volslagen absurd bij de Britten. Zo bezien gaat dit recital niet alleen over de talrijke bewoners van het dierenrijk, maar ook over nationale identiteiten.

Poulencs sjokkende dromedarissen

Meteen nadat Guillaume Apollinaire zijn dieren-emblemata had gepubliceerd – dertig korte gedichten bij een serie houtgravures met dieren als metafoor voor mensen – wist Francis Poulenc dat er ook liedjes scholen in de teksten. Hij koos er zes (aanvankelijk twaalf) voor zijn bestiarium. Je hoort in de noten dromedarissen sjokken, rivierkreeftjes achteruitzwemmen en karpers weemoedig verstarren in stilstaand water – ‘hoe lang leef je in je vijver; is de dood je soms vergeten?’ Beeldende muziek bij teksten die een glimlach afdwingen.

Schumann en de leeuw

Robert Schumann houdt het bij de koning der dieren: de leeuw. Beide ballades zijn serieuze psychodrama’s die een ijzersterke vertelkracht van de zanger vereisen, voorzien van een sobere en ondersteunende pianobegeleiding. Der Handschuh, op een tekst van Friedrich Schiller, gaat over jonkvrouw Kunigunde die met het leven van een ridderlijke aanbidder speelt door hem haar gevallen handschoen uit de leeuwenkooi te laten halen. De handschoen komt terug, de ridder vertrekt voorgoed.

In Die Löwenbraut, op een tekst van Adelbert von Chamisso, gaat het om de intieme band tussen een jong meisje en haar tamme leeuw. Volg de tekst om te ervaren dat het dier als een ware Wozzeck – ‘Ich nicht, Marie! Und kein Andrer auch nicht!’ – zijn beminde liever doodt dan haar aan een gedwongen huwelijk te verliezen. Meer dan in Der Handschuh toont Schumann hier in de tussenspelen zijn emotionele betrokkenheid bij het spannende verhaal. 

Onmelodieuze parelhoen in Ravel 

Bij Maurice Ravel en prozadichter Jules Renard krijgen vier vogels en een enkel insect, neergezet in vijf natuurverhaaltjes op muziek, menselijke karaktertrekken en gedragingen. Wat te denken van een chagrijnig parelhoen? Van een nerveuze krekel met zijn piepkleine horloge? Van een narcistische pauw die dag in dag uit vergeefs wacht op zijn bruid? Van een zwaan die zich in luchtspiegelingen verliest en daar toch een vet hapje aan overhoudt?

Ravel experimenteerde met nieuwe manieren om in zijn muziek de woorden van de tekst op de voet te volgen, onder meer door de toonloze uitgangen van het gesproken Frans te negeren – ongebruikelijk in de Franse liedkunst. Ravel voegt naar eigen zeggen niets toe in zijn muziek. Het resultaat is een moeiteloos voortglijdende zwaan in de pianopartij, een onmelodieus klinkend parelhoen en een abrupt zwijgende piano als de zenuwachtige krekel even uitrust. Moderne fratsen waarvan het publiek bij de première in 1907 niet was gediend. 

De luchtige kant van Reger 

In de zes liederen van Max Reger, geschreven voor zijn eigen (geadopteerde) kinderen Christa en Lotti, bekijken we de dieren vanuit een kinderperspectief. In reactie op de klacht van zijn uitgevers dat hij zulke zware (en daarmee nauwelijks te verkopen) muziek componeerde, publiceerde Reger tussen 1904 en 1912 zes liedbundels onder de titel Schlichte Weisen.

Uit de laatste twee (Aus der Kinderwelt en Aus Christas und Lottis Kinderleben) komen de ontwapenende liedjes waarin muisjes over de pianotoetsen roetsjen, hennetjes kibbelen om een regenworm, bijen jaloersmakend vrolijk rondzoemen en een angsthaasje om zijn moeder roept omdat de vlieg hem zo’n boze blik toewerpt. Dat na de dood van de componist de relatie met zijn adoptiedochters zodanig vertroebeld raakte dat moeder Elsa de meisjes onterfde, is hier niet te horen.

Chabriers ‘Zoölogische romances’

‘Zoölogische romances’ noemde Emmanuel Chabrier zijn dierenliederen, en een aantal telde hij tot zijn ‘pluimveecollectie’. Chabrier voorzag de grappig-ironische teksten van het schrijversechtpaar Rosemonde Gérard en Edmond Rostand van humoristische muziek. In de pianotussenspelen van de Ballade des gros dindons bijvoorbeeld, laat hij de stuntelige, maar uiterst arrogante kalkoenen niet toevallig rondwalsen op muziek die iets wegheeft van Don Giovanni’s mandoline- (Mozart). In de muziek van de Villanelle des petits canards hoor je de eendjes rondwaggelen, het water inplonzen en hun donsveertjes uitschudden als ze weer op het droge staan. In de pianopartij van Les cigales klinkt vanaf maat één het aanhoudende getsjirp van de cicaden op een snikhete mediterrane zomermiddag: ‘Het is het middaguur dat zingt.’

Denk niet te licht over de uitvoering van deze grappige dierenliedjes. ‘Je hebt twee rasartiesten nodig,’ stelde Chabrier nadrukkelijk, ‘een pianist en een zanger. En geen zwakzinnigen in het publiek.’

Wolfs extra ooievaar 

Zo illustratief is de pianopartij bij Hugo Wolf niet, al hoor je ook bij hem pootjes over het klavier rennen in Der Rattenfänger en zoemen de bijen in Der Knabe und das Immlein. Wolf geeft de piano daarnaast een meer zelfstandige rol en een grotere onafhankelijkheid ook ten opzichte van de zanglijn, zoals in Der Schwalben Heimkehr, waarin de piano de melancholische toon zet. 

Het humoristische Storchenbotschaft – een herder vraagt zich af waarom er twéé ooievaars zwijgend voor zijn deur staan, om zich verschrikt te realiseren dat er een tweeling op komst moet zijn – eindigt met een opzwepende waarin de vliegende aftocht van de ooievaars is te horen. 

Swann/Flanders

Tekstdichter Michael Flanders en componist Donald Swann studeerden nog in Oxford toen ze als professioneel duo begonnen met het schrijven van liedjes. The Hippopotamus, hun absurde lied over een nijlpaard, werd zo populair dat het duo besloot een volledig bestiarium te componeren waarin we onder meer kennismaken met een gordeldier, een wrattenzwijn en een gnoe. The Gnu – ‘I’m a gnu, how do you do’ – kennen we inmiddels ook in de hilarische uitvoering van de Muppets.  

Biografie

Christopher Maltman, bariton

Christopher Maltman won vroeg in zijn carrière, in 1997, de er Prize van de Cardiff Singer of the World Competition. Sindsdien is hij veelvuldig te gast in concertzalen en -theaters. Een van zijn favoriete rollen is die van Don Giovanni in de gelijknamige opera van Mozart.

Deze partij zong hij bij onder meer de Bayerische Staatsoper in München, De Nationale Opera in Amsterdam en de Royal Opera Covent Garden in Londen. Dit theater is een van de vaste speelplekken van de bariton; in 2016 maakte hij hier zijn rol-debuut als Il Conte di Luna in Verdi’s Il trovatore en in 2017/18 vertolkte hij er de partij van Enrico in Donizetti’s Lucia di Lammermoor.

Andere engagementen brachten de Britse bariton bij bijvoorbeeld de Opéra National de Paris, de Staatsoper Berlin en de Metropolitan in New York. Christopher Maltman werd recentelijk geëngageerd door orkesten als het London Symphony Orchestra, de Staatskapelle Dresden, The Cleveland Orchestra en de New York Philharmonic.

Hij maakte tal van cd’s en speelde in 2010 de hoofdrol in Juan, een film van regisseur Kasper Holten. Na zijn debuut in de in 2000 gaf hij daar meerdere s, voor het laatst op 16 mei 2017 met het complete Hollywood Songbook van Hanns Eisler met pianist Julius Drake. In de was Christopher Maltman de afgelopen jaren te gast bij de Academy of Ancient Music, het Radio Filharmonisch Orkest en het Koninklijk Concertgebouworkest.

Joseph Middleton, piano

Joseph Middleton studeerde filosofie aan de University of Birmingham en specialiseerde zich aan de Royal Academy of Music in Londen – waar hij inmiddels zelf lesgeeft – in ­kamermuziek en begeleiding. In 2016 kreeg hij de Young Artists Award van de Royal Philharmonic Society.

De pianist was te beluisteren in zalen als het Konzerthaus en de Musikverein in Wenen, de Berliner en de Kölner Philharmonie, de Tonhalle in Zürich, Wigmore Hall in Londen, Schloss Elmau, de Alice Tully Hall en Park Avenue Armory in New York, de Oji Hall in Tokio, tijdens de BBC Proms en op de festivals van Edinburgh, Aldeburgh, Hohenems, Schwarzenberg, Aix-en-Provence, Ravinia, Seoul, Toronto en Vancouver.

Daarbij had hij vaak bekende zangers aan zijn zijde; met Iestyn Davies en Carolyn Sampson debuteerde hij op de BBC Proms in 2016 en in 2018 keerde hij er terug met Sarah Connolly om herontdekte eren van Benjamin Britten in première te brengen.

In de van Het Concertgebouw trad Joseph Middleton eerder op met Katarina Karnéus, het Myrthen Ensemble, Christopher Maltman, Ruby Hughes, Carolyn Sampson, Sophie Rennert, James Newby en Sarah Connolly (op 23 januari jongstleden).

Voor zijn cd-opnames won hij onder meer een Edison (voor A Verlaine Songbook met Carolyn Sampson) en een Kathleen Ferrier Award. Joseph Middleton was negen jaar lang artistiek leider van het Leeds Lieder Festival en is momenteel musician in residence bij het Pembroke College in Cambridge. Ook stelt hij series en programma’s samen voor BBC Radio 3, Wigmore Hall en de University of Cambridge.