Bachs Goldberg gevarieerd: Kuusisto en Altstaedt
Oude Meesters: Focus op Bach 20.15 uur
Pekka Kuusisto viool
Lily Francis altviool
Nicolas Altstaedt cello
Johann Sebastian Bach 1685-1750
Inventies, BWV 772-786
(ca. 1720, herzien 1723)
voor viool en altviool
(oorspronkelijk voor klavier solo)
Inventie nr. 1 in C gr.t., BWV 772
Inventie nr. 2 in c kl.t, BWV 773
Inventie nr. 3 in D gr.t., BWV 774
Inventie nr. 4 in d kl.t., BWV 775
Inventie nr. 5 in Es gr.t., BWV 776
Inventie nr. 6 in E gr.t., BWV 777
Inventie nr. 7 in e kl.t., BWV 778
Inventie nr. 8 in F gr.t., BWV 779
Inventie nr. 9 in f kl.t., BWV 780
Inventie nr. 10 in G gr.t., BWV 781
Inventie nr. 11 in g kl.t., BWV 782
Inventie nr. 12 in A gr.t., BWV 783
Inventie nr. 13 in a kl.t., BWV 784
Inventie nr. 14 in Bes gr.t., BWV 785
Inventie nr. 15 in b kl.t., BWV 786
Jörg Widmann 1973
Capriccio
Petit ballet mécanique
Lamento
Valse bavaroise
Vier Strophen vom Heimweh
Toccatina all’ inglese
uit ‘24 Duos für Violine und Violoncello’ (2008)
pauze
Johann Sebastian Bach
Goldberg-variaties, BWV 988 (1741)
‘Aria mit 30 verschiedenen Veraenderungen’
oorspronkelijk voor klavier solo, bewerking voor strijktrio door Dmitri Sitkovetsky
Aria
Variatie 1
Variatie 2
Variatie 3
Variatie 4
Variatie 5
Variatie 6 – Canone alla seconda
Variatie 7
Variatie 8
Variatie 9 – Canone alla terza
Variatie 10 – Fughetta
Variatie 11
Variatie 12 – Canone alla quarta
Variatie 13
Variatie 14
Variatie 15 – Canone alla quinta: Andante
Variatie 16 – Ouverture
Variatie 17
Variatie 18 – Canone alla sesta
Variatie 19
Variatie 20
Variatie 21 – Canone alla settima
Variatie 22 – Alla breve
Variatie 23
Variatie 24 – Canone all’ottava
Variatie 25 – Adagio
Variatie 26
Variatie 27 – Canone alla nona
Variatie 28
Variatie 29
Variatie 30 – Quodlibet
Aria da capo
begin van de pauze ca. 21.00 uur
einde van het concert ca. 22.15 uur
Toelichting
Johann Sebastian Bach 1685-1750
Inventies
Tekst: Eddie Vetter
De vijftien tweestemmige Inventies hebben in Johann Sebastian Bachs eigen handschrift uit 1723 een Franse titel: ‘XV Inventions à 2 (...) pour le Clavecin’. De term ‘inventio’ (vinding) is ontleend aan de retorica, de kunst van de welsprekendheid, die traditioneel verbonden was met de muziek. Zoals een redenaar eerst passende onderwerpen en argumenten moest vinden om zijn publiek te overtuigen, zo diende een componist geschikte muzikale invallen te krijgen.
Vroege versies van de Inventies staan in het Clavier-Büchlein waaraan Bach in januari 1720 was begonnen om zijn toen negenjarige zoon Wilhelm Friedemann les te geven op het klavecimbel. Deze vertelde later hoe zijn vader de lessen opzette. Eerst moest hij samen met zijn broer Carl Philipp Emanuel maandenlang vingeroefeningen doen. Zodra de vader merkte dat ze er genoeg van kregen, verwerkte hij de oefeningen in composities met een toenemende moeilijkheidsgraad.
Bach en zijn kinderen hadden niet kunnen vermoeden dat bijna drie eeuwen later overal in de wereld nog steeds pianoleerlingen hiermee stap voor stap worden ingewijd in het oeuvre van Bach: van de tweestemmige inventies via de driestemmige ’s naar de preludes en ’s van Das wohltemperirte Clavier.
In het voorwoord van de Inventies staat dat ze vooral dienen om ‘eine cantabele Art im Spielen’ te bereiken en smaak in het componeren te krijgen. Destijds moest instrumentale muziek nog vocale idealen benaderen, vandaar ‘cantabele Art’. Dat een uitvoerend musicus tevens componist was, sprak vanzelf in die familie.
Uiteindelijk bracht Bach enkele verfijningen aan en groepeerde hij de stukken zodanig dat telkens op volgde in een stijgende reeks. De opzet is steeds isch: de twee stemmen zijn gelijkwaardig, waarbij ze elkaar vaak imiteren. Mede daardoor lenen de Inventies zich ook voor uitvoeringen op andere instrumenten.
Jörg Widmann
duos für violine und violoncello
Naast zijn carrière als klarinetvirtuoos bouwt Jörg Widmann aan een oeuvre als van een componist. Bach zal hij niet meer inhalen, maar in amper twintig jaar heeft hij al bijna honderd composities voor uiteenlopende bezettingen gemaakt: van ’s en grote orkestwerken tot kleinschalige stukken. Zo speelt hij in op de behoefte aan eigentijdse muziek die zowel technisch veeleisend voor de musici als toegankelijk voor de luisteraars is.
De 24 Duos für violine und violoncello dateren uit 2008 toen hij een maand in Dubai verbleef om inspiratie op te doen. Widmann is een meester in miniatuurtjes, net als zijn lievelingscomponist Robert Schumann. De duo’s verschillen onderling sterk in sfeer en karakter. Ze doorlopen in kort bestek het hele expressieve scala, van instrumentale bokkensprongen () tot een intense klaagzang (Lamento). In Petit ballet mécanique raken de violist en de cellist verwikkeld in een kleine pas-de-deux met een knipoog naar het Ballet mécanique van George Antheil.
Een componist die in München is geboren, moet kennelijk helemaal naar de Perzische Golf reizen om zich bezig te houden met zijn Beierse roots, zoals Widmann doet in Valse bavaroise, een vol citerachtige ’s, vette ’s en karikaturaal uitgerekte driekwartsmaten. In de Toccatina all’inglese (Kleine toccata op z’n Engels) zal het voor luisteraars gemakkelijker zijn het citaatje uit Beethovens Für Elise te herkennen dan het van James Bond-films, dat ingenieus in de constructie is verwerkt.
De 24 Duo’s zijn opgezet als een cyclus, een vraag-en-antwoordspel vol contrasten, maar ze kunnen ook afzonderlijk worden uitgevoerd.
Johann Sebastian Bach 1685-1750
Goldberg-variaties
In zijn biografie van Bach uit 1802 heeft Johann Nicolaus Forkel het ontstaan van de Goldberg-variaties in 1741 beschreven. De Russische gezant graaf Keyserlingk had last van slapeloosheid. Om de slapeloze nachten te verzachten speelde de toen veertienjarige klavecinist Johann Gottlieb Goldberg voor hem in een zijkamertje.
Bach werd gevraagd om opbeurende muziek. De graaf kon er niet genoeg van krijgen en schonk de maker een gouden beker gevuld met honderd louis d’or, voor die tijd een vermogen. Tegenwoordig worden vraagtekens bij dit verhaal geplaatst, hoewel Forkel veel van zijn informatie heeft verkregen van zonen van de componist.
Het werk bestaat uit een met dertig variaties, waarvan telkens de derde een vormt met een toenemende afstand tussen de stemmen. Niet de van de aria wordt gevarieerd, maar het baspatroon. Sinds zijn jeugd had Bach zich niet meer beziggehouden met de variatiekunst. Het is alsof hij Georg Friedrich Händel, die zich eerder soortgelijke beperkingen had opgelegd, wilde overtreffen en in één moeite door van Domenico Scarlatti wilde winnen in virtuositeit. De compositie is opgezet voor een klavecimbel met twee manualen, met alle technische problemen van dien.
Al in 1984 heeft de violist Dmitri Sitkovetsky de Goldberg-variaties bewerkt voor strijktrio, hiertoe geïnspireerd door een opname van pianist Glenn Gould. Hij schrijft dat hij twee maanden lang de tijd van zijn leven had in het gezelschap van Bach en Gould. In 2009 besloot hij zijn te herzien: minder herhalingen, meer eenvoud en een hernieuwde jeugdige energie die zulke tijdloze muziek verdient.
Biografie
Pekka Kuusisto, viool
Pekka Kuusisto is internationaal bekend als solist en muzikaal leider, en wordt geroemd om zijn spontaniteit en frisse aanpak van het (standaard)repertoire. Daarnaast is de Finse violist een enthousiast pleitbezorger van hedendaagse muziek. Zo werkte hij samen met componisten als Nico Muhly, Daníel Bjarnason en Thomas Adès, en bracht hij Sebastian Fagerlunds vioolconcert Darkness in Light in 2012 met succes in wereldpremière.
Pekka Kuusisto treedt geregeld in kamermuziekverband op met musici als Anne Sofie von Otter, Nicolas Altstaedt en Olli Mustonen, maar ook met bijvoorbeeld ontwerper en geluidskunstenaar Brian Crabtree, jazztrompettist Arve Henriksen en de Nederlandse neuroloog Erik Scherder.
Hij maakte veel indruk met optredens met kamerorkesten die hij als concertmeester leidde; als zodanig heeft hij vaste verbanden met het Australische ACO Collective en The Saint Paul Chamber Orchestra uit Minnesota, Verenigde Staten. De violist is artistiek leider van Our Festival, een gelauwerd en vernieuwend kamermuziekfestival dat jaarlijks even ten noorden van Helsinki plaatsvindt.
Pekka Kuusisto debuteerde in september en oktober 2017 bij het Concertgebouworkest met Anders Hillborgs Bach Materia.
De violist bespeelt een Stradivarius, ter beschikking gesteld door de Beare’s International Violin Society.
Lily Francis, altviool
De Amerikaanse violiste en altvioliste Lily Francis studeerde aan het Curtis Institute of Music in Philadelphia en het New England Conservatory in Boston; onder haar docenten waren Joseph Silverstein, Miriam Fried en Gerhard Schulz.
In 2009 was ze (op viool) prijswinnaar van het ARD Concours in München, en al gauw soleerde ze bij het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, het Münchner Rundfunkorchester en het Münchner Kammerorchester.
Als concertmeester werd Lily Francis geëngageerd door de Camerata Salzburg en het Wiener Kammerorchester, en kamermuziek speelde ze bij de Chamber Music Society of Lincoln Center en op de festivals van onder meer Lockenhaus, Prussia Cove en Marlboro.
Sinds ze zich in Oostenrijk heeft gevestigd, werd ze lid van het Chamber Orchestra of Europe, geeft ze les aan de Anton Bruckner Privatuniversität in Linz, sloot ze zich aan bij de Neue Wiener Konzertsolisten en richtte ze het Tassilo Chamber Collective op. In 2017 werd ze bovendien aangesteld aan het Mozarteum in Salzburg.
Lily Francis bespeelt een viool van Pierre Silverstre uit 1846 en een van Marco Coppiardi uit 2004.
In de speelde ze eerder een programma met Bach en Widmann samen met Pekka Kuusisto en Nicolas Altstaedt, in maart 2016.
Nicolas Altstaedt, cello
De afgelopen seizoenen maakte de Duits-Franse cellist Nicolas Altstaedt solodebuten bij het National Symphony Orchestra in Washington, de orkesten van Seattle en Sydney, het London Philharmonic Orchestra, Philharmonia, het Symphonieorchester des Bayerischen Rundfunks, de Staatskapelle Berlin en de Seoul Philharmonic en was hij in residence bij het NDR Elbphilharmonie Orchester, het SWR Symphonieorchester en het Barcelona Symphony Orchestra.
Afgelopen november debuteerde hij bij het Concertgebouworkest met een nieuw werk van Liza Lim, en eerder werd hij uitgenodigd door de Wiener en de Münchner Philharmoniker, het Orchestre National de France, alle BBC-orkesten en het NHK Symphony Orchestra, Tokyo.
Met de componist zelf op de bok gaf hij de Finse première van Esa-Pekka Salonens concert. Nicolas Altstaedt werkte recent ook met oudemuziekgezelschappen als Arcangelo en het Orchestre des Champs-Elysées.
Als heeft hij een nauwe band met het Scottish Chamber Orchestra, het Münchner Kammerorchester en het Orchestre Philharmonique de Radio France, en stond hij ook voor het Budapest Festival Orchestra, het Kyoto Symphony Orchestra en het Orkest van de Achttiende Eeuw. In 2012 volgde hij Gidon Kremer op als artistiek leider van het Kammermusikfestival Lockenhaus.
In seizoen 2017/2018 had Nicolas Altstaedt een Spotlightserie in de , en zijn laatste optreden daar was op 20 december j.l. met pianist Maxim Emelyanychev en violist Aylen Pritchin.


