Amsterdam Sinfonietta en Jean-Guihen Queyras met Haydn

Amsterdam Sinfonietta
Candida Thompson viool/leiding
Jean-Guihen Queyras cello

Hugo Wolf 1860-1903

Italienische Serenade in G gr.t. (1887)

Joseph Haydn 1732-1809

Celloconcert in C gr.t., Hob. VIIb: 1 (1761-65)
Moderato
Adagio
Allegro molto

pauze

Alban Berg 1885-1935

Sonate, op. 1 (1907-08)
oorspronkelijk voor piano solo;
bewerking Wijnand van Klaveren (2011)

Antonín Dvořák 1841-1904

Serenade in E gr.t., op. 22 (1875)
Moderato
Tempo di valse
Scherzo vivace
Larghetto
Finale: allegro vivace

begin van de pauze ca. 20.50 uur
einde van het concert ca. 22.00 uur

Toelichting

Hugo Wolf 1860-1903

Italienische serenade

Hugo Wolf schreef de Italienische in een paar dagen tijd, in dezelfde periode dat hij ook bezig was met zijn eren op gedichten van Joseph von Eichendorff. In dit komische stuk voor strijkers is vooral veel ruimte voor humor en ironie. Vermoedelijk was Eichendorffs gedicht Der Soldat I (over een soldaat die te paard langs een ­kasteel rijdt waar hij een meisje ontmoet) een belangrijke bron, net zoals diens novelle Aus dem Leben eines Taugenichts (over een vrolijke, rondtrekkende violist). De sfeerbeelden die Wolf verklankt nodigen uit tot het fantaseren over een verhaal dat bij deze karakteristieke muziek past, al dan niet gestuurd door de teksten van Eichendorff. Hugo Wolf voltooide in 1892 ook nog een versie van de Italienische Serenade voor kamerorkest, maar Amsterdam Sinfonietta speelt de oorspronkelijke versie voor strijkkwartet, met een contrabaspartij van Marijn van Prooijen.

Joseph Haydn 1732-1809

Celloconcert

Tien jaar geleden speelden Amsterdam Sinfonietta en Jean-Guihen Queyras voor het eerst samen het beroemde concert in C groot van Haydn. Het concert was onderdeel van de eerste editie van de Cello Biënnale in 2006. De pers noemde het ‘een flitsend muzikale combinatie’ en ook volgens de musici zelf was er sprake van een bijzondere chemie. ‘Er hing een geweldige sfeer en het publiek reageerde heel enthousiast’, aldus Queyras. Sindsdien is Amsterdam een van de favoriete steden van de Franse cellist, mede dankzij de vele muziekliefhebbers die er wonen. Speciaal op zijn verzoek staat nu, tien jaar later, hetzelfde concert van Haydn weer op de lessenaars, als muzikaal eerbetoon aan de stad.

Omdat het concert van Haydn tegenwoordig zo populair is, is het bijna niet voor te stellen dat deze compositie tot 1961 op de lijst van verloren werken stond. Haydn heeft het concert opgenomen in zijn eigen catalogus, maar het was nooit in druk verschenen en de was lange tijd onvindbaar. Totdat Oldřich Pulkert, bibliothecaris van het Nationaal Museum in Praag, in 1961 een geweldige ontdekking deed: in de muziekverzameling van het kasteel Radenín vond hij een stapel manuscripten met partijen van het verloren gewaande celloconcert. Na deze sensationele vondst werd het concert al snel herkend als het meesterwerk van Haydn. De eerste druk verscheen begin 1962 en de première op 19 mei 1962 (uitgevoerd door cellist Miloš Sádlo en het Tsjechisch Radio Symfonie­orkest) was een groot succes. Kort daarna stond het celloconcert op het repertoire van iedere cellist. Haydn schreef het Celloconcert in C groot rond 1761-65 tijdens de eerste jaren van zijn dienstverband bij de familie Eszterházy. Als kapelmeester aan het hof van deze invloedrijke Hongaarse familie kreeg hij een fors salaris, kon hij vrij experimenteren met nieuwe compositiestijlen en had hij een uitstekend orkest en gezelschap tot zijn beschikking. Het budget voor muziek was ruim, dus Haydn kon de beste musici aanstellen. Hij zorgde goed voor zijn collega’s: hij kwam op voor de belangen van de musici en hij schreef regelmatig uitdagende solopartijen voor de uitmuntende spelers. De drie symfonieën ‘Le matin’, ‘Le midi’ en ‘Le soir’ uit 1761 bevatten bijvoorbeeld meerdere solo’s voor de concertmeester (de Italiaanse violist Luigi Tomasini) en de soloblazers (onder wie de ist Carl Franz). Naast de solopartijen in de symfonieën schreef Haydn ook soloconcerten voor zijn collega’s. Zo was het Celloconcert zeer waarschijnlijk bedoeld voor de getalenteerde cellist Joseph Weigl, die van 1761 tot 1769 in het orkest zat. 
Het feestelijke, majestueuze openingsdeel zit vol met ingewikkelde dubbelklanken en virtuoze hoge passages in de cellopartij. In het sfeervolle zwijgen de hoorns en de hobo’s waardoor de e cellomelodieën alle ruimte krijgen en de solist kan laten horen hoe mooi een cello kan zingen. Na de briljante opening van de finale, waarin Haydn zijn symfonische meesterschap toont, trekt de cellopartij alle aandacht met opzwepende s, razendsnelle loopjes en opvallende ën in de hoogste registers van het instrument.

Alban Berg 1885-1935

Sonate

Alban Berg was aanvankelijk een groot bewonderaar van de eren van Hugo Wolf, die hem inspireerden tot het schrijven van eigen liederen. Onder invloed van zijn leraar Arnold Schönberg ontwikkelde Berg in de jaren 1904-08 echter een geheel nieuw ­idioom, duidelijk hoorbaar in de , 1. Hij concentreerde zich op puur instrumentale muziek en experimenteerde met nieuwe compositietechnieken zoals , variatietechnieken en complexe s. De eendelige pianosonate ontstond ter afsluiting van zijn compositiestudie bij Schönberg. Oorspronkelijk was Berg van plan om er nog meer delen aan toe te voegen, maar er diende zich geen geschikt materiaal aan. Schönbergs ­reactie hierop was eenvoudig: ‘Nou, dan heb je alles gezegd wat er te zeggen was.’ De eerste uitvoering vond plaats op 24 april 1911 in Wenen.
Amsterdam Sinfonietta speelde in 2011 de wereldpremière van de strijkorkestbewerking van Wijnand van Klaveren, die de Sonate, destijds als volgt karakteriseerde: ‘Het stuk is dermate meerstemmig, met zulke orkestrale climaxen, dat het soms eerder een piano-­uittreksel van een orkestwerk lijkt. Veel stemmen komen wellicht geïnstrumenteerd zelfs beter tot hun recht dan op piano.’

Antonín Dvořák 1841-1904

Serenade in E groot

Antonín Dvořák schreef zijn in E groot, 22 in 1875, misschien wel de gelukkigste periode van zijn leven. Hij was net getrouwd, zijn composities werden eindelijk gewaardeerd en hij ontving een prestigieuze Oostenrijkse staatsbeurs ter ondersteuning van ‘jonge, arme en talentvolle kunstenaars’. De bekende Weense muziekcriticus Eduard Hanslick, die in de jury van deze staatsbeurs zat, feliciteerde de jonge componist per brief en sprak de wens uit dat Dvořáks muziek ook bekend zouden worden buiten het kleine Tsjechische vaderland, dat immers ‘toch al niets voor u doet’. ­Johannes Brahms was ook onder de indruk van Dvořák en introduceerde hem bij zijn Duitse uitgever Simrock met een noodoproep: ‘Een zeer talentvol mens. En arm bovendien!’ Dit was het begin van Dvořáks internationale doorbraak. In de Serenade weerklinkt de voorspoed van de componist. In alle vijf de delen klinken onweerstaanbaar aantrekkelijke ën, vol Slavische hartstocht en karakteristieke s.

Biografie

Amsterdam Sinfonietta, strijkorkest

Amsterdam Sinfonietta, opgericht in 1988, geeft zo’n 65 concerten per jaar in binnen- en buitenland met strijkersrepertoire van de tot opdrachtcomposities en nieuwe arrangementen. De uitvoeringen staan meestal onder leiding van concertmeester en artistiek leider – sinds 2003 – Candida Thompson (hierboven op de foto).

De strijkers trekken op met vooraanstaande solisten, onder wie violiste Simone Lamsma, cellisten Kian Soltani en Sol Gabetta en pianisten Lucas en Arthur Jussen, Fazıl Say en Beatrice Rana.

Een tournee met Janine Jansen met De vier jaargetijden van Vivaldi werd in 2022 bekroond met De Ovatie van de VSCD. Amsterdam Sinfonietta gaat ook graag grensverleggende samenwerkingen aan – recent met Nai Barghouti respectievelijk Maria Mena – en integreert in zijn programma’s film, dans (bijvoorbeeld met ISH Dance Collective) of theater (bijvoorbeeld met Orkater). De discografie omvat titels als The Mahler Album, The Argentinian Album, Lento Religioso en Tides of Life (met Thomas Hampson), maar ook Franse chansons met Thomas Oliemans en producties met De Dijk, Jonathan Jeremiah en Rufus Wainwright.

In samenwerking met Het Concertgebouw zijn er sinds 2005 KleuterSinfonietta-­voorstellingen, zoals deze maand Speelgoedfabriek Tokkel & Strijk. Het Concertgebouwdebuut van Amsterdam Sinfonietta dateert van 28 maart 1993, en in seizoen 2023/2024 was het gezelschap Spotlight-artiest van de Eigen Programmering. De vorige keer dat een afvaardiging uit het strijkorkest kamermuziek speelde in de was op 13 april 2024, samen met pianist Alexander Gavrylyuk.

Candida Thompson, viool

Candida Thompson studeerde in 1989 met onderscheiding af bij David Takeno aan de Guildhall School of Music and Drama in Londen en bekwaamde zich verder aan het Banff Centre for the Arts in Canada. Ze leidde strijkorkesten in Scandinavië, Nederland, Spanje en Groot-Brittannië.

De Britse ­violiste is een gepassioneerd kamermusicus, deelde het podium met musici als Isaac Stern, Janine Jansen, Harriet Krijgh, Simone Lamsma, Isabelle Faust en Bruno Giuranna, en werd uitgenodigd op evenementen als het Kuhmo Festival (Finland), het Gubbio Festival (Italië), het Internationaal Kamermuziek Festival Utrecht en La Musica (Verenigde Staten).

Met celliste Xenia Jancovic en pianist Paolo Giacometti vormt ze het Hamlet Piano­tri­o. Als soliste trad ­Candida Thompson op met talloze orkesten in Europa, de Verenigde Staten en het Verre Oosten. Bij Amsterdam Sinfonietta werd ze in 1995 concertmeester en in 2003 tevens artistiek leider. Ze bespeelt een viool van Guarneri del Gesù (Cremona, 1698-1744).

Jean-Guihen Queyras, cello

Jean-Guihen Queyras begon zijn carrière als lid van Pierre Boulez’ Ensemble intercontemporain en van het ensemble Musica Antiqua Köln. en op oude en hedendaagse muziek kenmerken ook zijn repertoire als solist en kamermusicus. Zijn opnamen van Bachs ­s werden bekroond met onder meer een Diapason d’Or en een CHOC du Monde.

De Frans-Canadese cellist treedt op met oudemuziekgroepen als het Freiburger Barockorchester, de Akademie für Alte Musik Berlin en Concerto Köln

 In nieuwer werk soleerde hij bij bijvoorbeeld het London Philharmonic Orchestra, het Budapest Festival Orchestra, het Orchestre de Paris, het NHK Symphony Orchestra Tokyo en The Philadelphia Orchestra. In Nederland is hij bekend van velerlei kamermuziek in de en van optredens met Amsterdam Sinfonietta, het Nederlands Philharmonisch Orkest en het Radio Filharmonisch Orkest en was hij artist in residence van de Amsterdamse Biënnale 2022.

Jean-Guihen Queyras verzorgde premières en opnames van verschillende hedendaagse ­cellowerken. Met Tabea Zimmermann, Antje Weithaas en Daniel Sepec vormt hij het Arcanto Kwartet. Onder zijn kamermuziekpartners zijn ook de pianisten Alexander Melnikov en Alexandre Tharaud en violiste Isabelle Faust. Jean-Guihen Queyras is docent aan de Musikhochschule in Freiburg en artistiek leider van het festival Rencontres Musicales de Haute-Provence.

Hij soleert voor het eerst bij het Concertgebouworkest.