Ammodo masterclass bij het Concertgebouworkest
Concertgebouworkest
Fabio Luisi dirigent
deelnemers:
Holly Choe dirigent
Mirian Khukhunaishvili dirigent
Earl Lee dirigent
Anna Rakitina dirigent
Ook interessant:
- Dirigent Fabio Luisi: ‘Voor een orkest gaan staan is als een date’
Ammodo Masterclass dirigeren
Gedurende de driedaagse masterclass op 27, 28 en 29 juni komen (passages uit) de volgende werken aan bod:
Richard Strauss (1864-1949)
Till Eulenspiegels lustige Streiche, op. 28 (1894-95)
symfonisch gedicht ‘nach alter Schelmenweise, in Rondeauform’
Robert Schumann (1810-1856)
Symfonie nr. 1 in Bes gr.t. op. 38 (1841)
‘Frühling’
Andante un poco maestoso - Allegro molto vivace
Larghetto
Scherzo: Molto vivace
Allegro animato e grazioso
Angélica Negrón (1981)
En otra noche, en otro mundo (2020)
Nederlandse première
Bent Sørensen (1958)
Evening Land (2015-17)
eerste uitvoering door het Concertgebouworkest
pauze ± 11.15
einde ± 13.00
Toelichting
Ammodo masterclass bij het Concertgebouworkest
Door Martijn Voorvelt
Jonge en staan voor bijzondere uitdagingen. Na een zeker punt kan het dirigeren van een orkest alleen worden geleerd door het te doen. Dat wil zeggen, door het werken met een professioneel orkest van hoog niveau. Daarbij kan de begeleiding van een ervaren meester van grote hulp zijn.
Tijdens de Ammodo Masterclass dirigeren worden enkele jonge talentvolle dirigenten gedurende meerdere dagen onderwezen door een vooraanstaand dirigent terwijl ze de kans krijgen het Concertgebouworkest te leiden. De masterclass is van onschatbare waarde voor de deelnemende dirigenten, voor jonge musici en voor iedere muziekliefhebber die meer wil weten over de fascinerende interactie tussen dirigent en orkest. De Ammodo Masterclass 2022 biedt een unieke kans om van dichtbij mee te maken hoe jonge talentvolle dirigenten les krijgen van topdirigent Fabio Luisi.
Fabio Luisi deelt iets van zijn kennis en ervaring met de volgende generatie
In de afgelopen tien jaar is de Ammodo Masterclass wereldwijd uitgegroeid tot een begrip. In 2012 werd de aftrap gegeven door toenmalig chef-dirigent Mariss Jansons. Na Valery Gergiev (2015), Daniele Gatti (2017 en 2018) en Iván Fischer (2020) is nu de beurt aan Fabio Luisi om iets van zijn kennis en ervaring te delen met de volgende generatie. Onder zijn leiding dirigeren alle deelnemers het orkest in een uiterst gevarieerde selectie werken uit het symfonische repertoire. Fabio Luisi geeft aanwijzingen en adviezen – dat kan gaan om muzikale ideeën, slagtechniek, repetitietechniek, luistervaardigheid, communicatie en leiderschap. De jonge dirigenten krijgen daarnaast adviezen van orkestleden.
Strauss: Till Eulenspiegels lustige Streiche
Richard Strauss hoort bij de geschiedenis van het Concertgebouworkest. Al in de eerste maanden van het bestaan van het orkest stonden zijn composities op de lessenaars, en vanaf 1897 dirigeerde hij het orkest zelf vele malen. Het uitbundige symfonische gedicht Till Eulenspiegels lustige Streiche klonk in 1899 voor het eerst in Het Concertgebouw onder leiding van toenmalig chef Willem Mengelberg. Strauss leidde het later meermaals in Amsterdam en op tournee. In het kleurrijke en uitbundige werk kan het hele orkest excelleren. Om de avonturen van Tijl Uilenspiegel muzikaal vorm te geven maakte Strauss gebruik van twee leidmotieven die allerlei variaties doorlopen, aan de hand waarvan we steeds kunnen horen in wat voor situatie Tijl is beland. Hij veroorzaakt chaos als hij te paard over een markt galoppeert, steekt de draak met een strenge pastoor (wiens in de altviolen klinkt), zit achter de meisjes aan (liefdesthema in de eerste violen) en bespot pedante academici (ten). Ten slotte wordt Tijl gevangen en ter dood veroordeeld. Zelfs het ophijsen van zijn lichaam aan de galg en het breken van zijn nek zijn in detail uitgeschreven. Het slot laat geen twijfel: alles is maar scherts, Tijl is onsterfelijk. Er is een meesterhand voor nodig om het muzikale verhaal op logische wijze over het voetlicht te brengen.
Schumann: Eerste symfonie
Dat critici Robert Schumanns symfonieën nogal eens modderig georkestreerd noemen, is terug te voeren op een misvatting. In een tijd dat het explosief in omvang groeide en tijdgenoten als Berlioz en Liszt het klankbeeld opfleurden met toeters en bellen, componeerde Schumann zijn Eerste symfonie met de bescheiden bezetting van het Gewandhausorchester Leipzig in gedachten. Een klassiek symfonieorkest, perfect toegerust voor symfonieën van Beethoven bijvoorbeeld. Een te grote bezetting weert elke lichtstraal: dodelijk voor een werk dat Schumann zelf de bijnaam ‘Frühlingssinfonie’ gaf en dat geboren werd uit ‘het voorjaarsverlangen dat een mens tot op hoge leeftijd elk jaar weer bevangt’. Een transparante uitvoering, waarin iedere stem de ruimte krijgt, is dus cruciaal voor het energieke, opgewekte werk. De twee slotregels uit een gedicht van Adolph Böttger fungeren als motto: ‘O wende, wende deinen Lauf / Im Tale blüht der Frühling auf!’ De tweede regel wordt in de openingsmaten nadrukkelijk gescandeerd door de . Schumanns Eerste symfonie werd in 1891 voor het eerst uitgevoerd door het Concertgebouworkest onder leiding van Willem Kes, de laatste keer was in 2016 onder Gustavo Gimeno.
Negrón: En otra noche, en otro mundo
Het Concertgebouworkest heeft altijd veel belang gehecht aan het uitvoeren van nieuw werk. Dat was zo in de tijd van Strauss en Mahler, en dat is nog steeds zo. Fabio Luisi schotelt de deelnemers aan de Ammodo Masterclass twee recent gecomponeerde, nog onbekende werken voor. Het meest recente is En otra noche, en otro mundo van de in Puerto Rico geboren, in New York woonachtige componist en multi-instrumentalist Angélica Negrón. De titel (‘Op een andere nacht, in een andere wereld’) verwijst naar het gelijknamige gedicht van Alejandra Pizarnik (1936-1972). Hoewel ze het gedicht al in 2019 koos, kreeg het voor Negrón een nieuwe betekenis door de coronapandemie: plotseling leek het ‘alsof we in een andere wereld leefden’. Het hart van de karakteristiek weemoedige orkestklank, met zijn pulserende strijkers- en blazersakkoorden, wordt gevormd door crotales en de tinkelende geluiden van harp, celesta, glockenspiel, vibrafoon en belletjes. Fabio Luisi bracht En otra noche, en otro mundo in februari 2021 in première met het Dallas Symphony Orchestra.
Sørensen: Evening Land
Bent Sørensen nam een jeugdherinnering als uitgangspunt voor zijn evocatieve Evening Land. Waarom, vraagt de Deense componist zich af, herinnert hij zich zo weinig van zijn jeugd, maar wel het avondlicht dat over de velden streek toen hij als zes- of zevenjarige eens uit het raam keek? ‘Ver weg zijn bomen en een koe. De wereld lijkt oneindig’. De herinnering kwam jaren later terug toen hij vanaf een hoog balkon over New York uitkeek. ‘Het visioen van meer dan vijftig jaar geleden – het visioen van stilte – vermengde zich met het nieuwe visioen van lichtflitsen en hectiek.’ Dat is in de muziek te horen: de extreem zachte muziek waarmee het begint blijft steeds aanwezig, ook waneer de muziek veel beweging en activiteit vertoont. Met een hobomelodie tegen het eind eert de componist zijn vader, een hoboïst, die ernstig ziek werd tijdens het componeren van Evening Land, en die helaas stierf voordat hij het werk kon horen. Zo gaat Evening Land ook over een andere avond: de avond van het leven, een einde.
Biografie
Fabio Luisi, dirigent
Fabio Luisi studeerde piano aan het conservatorium in Genua en directie bij Milan Horvat in Graz. Sinds het seizoen 2022/2023 is hij chef- van het NHK Symphony Orchestra, Tokyo. Daarnaast is hij chef-dirigent van het Dallas Symphony Orchestra en van het Danish National Symphony Orchestra.
De Italiaan is ook music director van het Festival della Valle d’Itria in Puglia en eredirigent van zowel het Orchestra Sinfonica Nazionale RAI als het Teatro Carlo Felice in zijn geboortestad Genua.
Als voormalig chef- van de Wiener Symphoniker werd Fabio Luisi geëerd met de Anton-Bruckner-Ring en -Medaille. Hij stond ook aan het hoofd van onder meer de Staatskapelle Dresden, het Orchestre de la Suisse Romande, het Tonkünstler-Orchester in Wenen, de Grazer Philharmoniker, de Sächsische Staatsoper en de Metropolitan in New York. Voor zijn opnamen van Wagners Siegfried en Götterdämmerung won Fabio Luisi een Grammy Award en de live opgenomen dvd werd in 2012 bij de Grammy Awards uitgeroepen tot beste opera-opname.
Zijn uitgebreide discografie bevat verder onder meer Bruckners Negende symfonie met de Staatskapelle Dresden, waarvoor hij een Echo Klassik Preis in de wacht sleepte, en een complete Nielsen-cyclus met het Danish National Symphony Orchestra, die in 2023 goed was voor een Limelight en een Abbiati Award, terwijl Gramophone de cd met de Vierde en Vijfde symfonie uitriep tot ‘Recording of the Year’. Bij het Concertgebouworkest is Fabio Luisi een regelmatige gast sinds zijn debuut in 2005. In juni 2022 leidde hij bij het orkest de Ammodo Masterclass Dirigeren. De musicus is ook een gepassioneerd parfumeur.
Holly Choe, dirigent
Holly Hyun Choe is chef- van de Orchesterverein Wiedikon en het Universität St. Gallen Alumni Symphony Orchestra. Sinds 2020/2021 is ze assistent-dirigent van Paavo Järvi bij het Tonhalle Orchester Zürich.
Holly Choe studeerde klarinet en muziekeducatie in Long Beach en behaalde haar master in blaasorkestdirectie aan het New England Conservatory. Orkestdirectie studeerde ze bij Johannes Schlaefli aan de Zürcher Hochschule der Kunste.
Holly Choe stond voor onder meer het Orchestre de Paris, debuteerde in de Hamburgse Elbphilharmonie met het Ensemble Reflektor en was gastdirigent op het Camerata-DAVOS Festival in Zwitserland. Ze assisteerde Leonard Slatkin, Simone Young, Karina Canellakis en Frank Strobel.
Masterclasses volgde ze bij onder anderen Bernard Haitink, Jorma Panula, Neeme Järvi, Jaap van Zweden en Teodor Currentzis. Holly Choe ontving een Career Assistance Award van de Solti Foundation en een Taki Alsop Conducting Fellowship.
Mirian Khukhunaishvili, dirigent
Mirian Khukhunaishvili behaalde in 2020 zijn doctorgraad in orkestdirectie aan de Muziekacademie Krakau; eerder studeerde hij koordirectie aan het Staatsconservatorium in zijn geboortestad Tbilisi. Daar richtte hij met componist Mikheil Mdinaradze het projectorkest Alter Orchestra en het Tbilisi Youth Orchestra op. In 2019 werd hij met zijn jongerenorkest uitgenodigd voor de eerste Barouch International Concerto Competition in San Marino.
Mirian Khukhunaishvili leidde onder meer het Orchestre Philharmonique de Radio France, de nationale en van Denemarken, IJsland en Korea, het Noord-Macedonisch Filharmonisch Orkest, het Georgisch Nationaal Philharmonisch Orkest, het Tbilisi Symphony Orchestra, het orkest en koor van het Nationale Georgische - en ballettheater en het Podkarpacka Filharmonisch Orkest in Polen.
Momenteel woont hij in Reykjavik, waar hij op uitnodiging directieles geeft aan de Iceland University of the Arts.
Earl Lee, dirigent
Earl Lee, winnaar van de Sir Georg Solti Conducting Award 2022, is assistent- van het Boston Symphony Orchestra. Eerder was hij associate conductor bij het Pittsburgh Symphony Orchestra en resident conductor bij het Toronto Symphony Orchestra.
De Canadees-Koreaanse musicus studeerde in Philadelphia en New York. Het dirigentenvak leerde hij aan de Manhattan School of Music en het New England Conservatory.
Earl Lee stond onder meer voor het Tonhalle Orchester Zürich, het hr-Sinfonieorchester, de New York Philharmonic, de San Francisco Symphony en het Tokyo Philharmonic Orchestra.
In 2013 was Earl Lee een van de twee musici die door Kurt Masur waren geselecteerd voor een Felix Mendelssohn Bartholdy Scholarship.
Als cellist speelde Earl Lee in 2012 als gastlid van het Harlem String Quartet met jazzgrootheden Gary Burton en Chick Corea in illustere zalen als de Symphony Hall in Boston en de Blue Note Jazz Club in New York.
Anna Rakitina, dirigent
Anna Rakitina is sinds 2019 assistent- van het Boston Symphony Orchestra onder leiding van Andris Nelsons. In seizoen 2019/2020 was ze bovendien Dudamel Fellow bij de Los Angeles Philharmonic.
De Russische Anna Rakitina begon als violiste en sopraan voordat ze zich aan het Conservatorium van Moskou bekwaamde in het dirigentenvak.
Tijdens haar directiestudie aan de Hochschule für Musik und Theater in Hamburg leidde ze ’s als Eugen Onjegin en Iolanta van Tsjaikovski en The Rape of Lucretia van Britten.
Tijdens het Lucerne Festival Academy Conducting Fellowship kreeg Anna Rakitina masterclasses van Alan Gilbert en Bernard Haitink.
Op het Tanglewood Festival maakte ze een veelgeprezen debuut.
Ze stond voor de en van Malmö, Gothenburg, Boston, Vancouver en Chicago, de Los Angeles Philharmonic, het WDR Sinfonieorchester, het Gürzenich-Orchester Köln, het Orchestre Philharmonique de Radio France en het Orchestre de Paris.




