Alexandre Kantorow speelt Chopins Tweede pianoconcert

Nederlands Kamerorkest
Gordan Nikolić viool/leiding
Alexandre Kantorow piano

Het concert heeft geen pauze

Dit concert maakt deel uit van de serie Klassieke Meesterwerken

Dit concert wordt mede mogelijk gemaakt door Classical Futures Europe en het Creative Europe programma van de Europese Unie.

uitleg over het afdrukken van programmaboekjes

Frédéric Chopin 1810-1849

Pianoconcert nr. 2 in f kl.t.,
op. 21 (1829)
Maestoso
Larghetto
Allegro vivace

Georges Bizet 1838-1875

Symfonie in C gr.t. (1855)
Allegro vivo
Adagio
Scherzo: Allegro vivace
Allegro vivace

Toelichting

Frédéric Chopin 1810-1849

Chopin: Pianoconcert nr. 2 in f klein

Door Henriëtte Sanders

In de vroege negentiende eeuw waren virtuoze pianisten de favorieten van de concertpodia en salons van Wenen, Londen en Parijs. De jonge Frédéric Chopin had in Warschau, eveneens een stad met een belangrijk internationaal muziekleven, optredens van onder andere de pianist-componisten Johann Nepomuk Hummel en John Field bijgewoond. Zelf had hij er concerten van onder andere Moscheles en Kalkbrenner gespeeld.

Wat betreft karakter en volgorde van virtuoze ’s, briljante passages en uze -achtige zangthema’s hebben met name de pianoconcerten van Hummel en Moscheles Chopins pianoconcerten beïnvloed. Ook bij hem ligt de nadruk op de virtuoze presentatie van het soloinstrument en is de rol van het orkest ondergeschikt.

Chopin had als negentienjarig Pools muzikaal talent een succesvolle concertreis naar Wenen gemaakt en koesterde het plan om zich bij een nieuwe reis naar internationale podia met een soloconcert te presenteren. Hij componeerde twee pianoconcerten in 1829-30, waarvan het als eerste gecomponeerde Tweede pianoconcert in f klein, 21 als tweede in 1836 in druk verscheen. Beide concerten staan in het teken van Chopins liefde voor de jonge zangeres Konstancja Gładkowska.

  • Frédéric Chopin

Met 21 debuteerde de componist in Warschau op 17 maart 1830 als concertpianist. Van zijn op 2 november 1830 begonnen reis als pianosolist, die hem na het uitbreken van de noodlottig verlopen Poolse novemberrevolutie op een maandenlang verblijf in Wenen kwam te staan en hem ten slotte naar Parijs bracht, kon Chopin nooit meer naar Polen terugkeren.

Het Tweede pianoconcert begint zijn orkestrale inleiding van het eerste deel, Maestoso, met een dat in een e en daarna in een martiale gestalte gepresenteerd wordt, gevolgd door een in de geïntroduceerde contrasterende zangerige . Na virtuoze, briljante overgangsfiguren in Chopins karakteristieke zangerige idioom treedt een achtig tweede op, dat met name in het slotgedeelte, de reprise, een grotere rol speelt dan gebruikelijk.

Melodiek die aan dit zangthema verwant is, beheerst het langzame deel, Larghetto, dat direct in verband wordt gebracht met Chopins gevoelens voor Gładkowska. Het is een , die echter vóór de terugkeer van het hoofdthema door een bewogen, in octaven gespeeld instrumentaal onderbroken wordt. Het derde deel, , een wervelende dans in een driekwartsmaat, vertoont eerst achtige en daarna -achtige trekken, met en op de tweede tel. Het door een signaal aangekondigde slotfragment staat, verrassend, in .

Georges Bizet 1838-1875

Bizet: Symfonie in C groot

Door Henriëtte Sanders

Carmen, een vol hartstochten en clichés uit de Boeketreeks, met als decor een sigarettenfabriek, smokkelaarskamp en arena, maakte Georges Bizet (1838-1875) onsterfelijk. Maar er is meer dan alleen Carmen. Ook klinkt regelmatig Bizets muziek bij L’Arlésienne, een verder weinig succesvol toneelstuk van Alphonse Daudet. ‘Het duet’ uit Les pêcheurs de perles werd music for the millions, maar klonk maar zelden binnen de context van de verder vergeten opera.

Na de première van Carmen duurde het zestig jaar voor een ander stuk van Bizet, zijn Eerste symfonie, voor het standaardrepertoire werd ontdekt. In 1935 leidde Felix Weingartner in Basel de première van de Symfonie in C groot uit 1855, het jaar waarin de componist zeventien werd. Bizet werkte toen als pianoleraar aan het Parijse Conservatoire, waar hij tegelijkertijd als student een groot uitblinker was.

  • Georges Bizet

Liever dan lesgeven maakte de jonge conservatoriumstudent echter piano-uittreksels en arrangementen van werken van anderen. Zo kreeg hij de kersverse Eerste symfonie in handen van Charles Gounod (1818-1893), een van zijn leraren en zijn grote voorbeeld. Tegelijk met zijn bewerking voor twee piano’s van Gounods Eerste symfonie ontstond Bizets eigen Eerste symfonie in C, een klein meesterwerk van een componist die, net als Mozart, altijd jong zou blijven.

Het eerste deel van Bizets symfonie, vivo, heeft de academische kenmerken van een opdracht: een klassieke met alle verplichte ingrediënten uit het conservatoriumkookboek: twee contrasterende ’s, doorwerking, etcetera. Maar de kruiden zijn naar eigen smaak toegevoegd: puntige ritmiek, , ie. Meer diepte heeft het , waarin een zangerige hobosolo strijkerspizzicato’s als schitterend decor kreeg.  Hiermee contrasteren de twee laatste delen, een vrolijk en in de finale, het Allegro , een sonatevorm, nog briljanter en eleganter dan die waarmee de symfonie van start ging.

Deze toelichting komt uit de archieven van Preludium en werd in 2003 geschreven door musicoloog Theodore van Houten (1952-2016).

Biografie

Alexandre Kantorow, piano

Alexandre Kantorow kreeg recentelijk de Gilmore Artist Award 2024 toegekend. De jonge Fransman studeerde bij Pierre-Alain Volondat, Igor Lazko, Frank Braley en Rena Shereshevskaya en maakte zijn professionele debuut op zijn zestiende op La Folle Journée in Nantes.

In 2019 brak de toen 22-jarige pianist internationaal door op het Tsjaikovski Concours in Moskou: naast de gouden medaille won hij ook de Grand Prix, die nog maar drie keer eerder was uitgereikt. Het Amerikaanse Fanfare Magazine noemde hem al een ‘reïncarnatie van Liszt’.

Zijn carrière nam een vlucht met uitnodigingen van zalen als het Konzerthaus in Berlijn, de Queen Elizabeth Hall in Londen, de Philharmonie de Paris, Carnegie Hall in New York en Tokyo City en evenementen als La Roque d’Anthéron, het Verbier Festival, het Klavierfest Ruhr en het Ravinia Festival.

Kamermuziek speelde hij met de strijkers Renaud en Gautier Capuçon en Antoine Tamestit, maar ook met bariton Matthias Goerne. Als solist werd Alexandre Kantorow uitgenodigd door de orkesten van Boston en Pittsburgh, de Berliner en de Münchner Philharmoniker, het Orchestre de Paris, het Budapest Festival Orchestra, het Israël Filharmonisch Orkest en de Hong Kong Philharmonic.

Hij werkte met en als Manfred Honeck, John Eliot Gardiner, Jaap van Zweden, Francois-Xavier Roth, Antonio Pappano en Klaus Mäkelä. Met het Tweede pianoconcert van Prokofjev debuteerde hij in oktober 2021 bij het Concertgebouworkest. In de soleerde hij voor het eerst in oktober 2018, bij het Nederlands Kamerorkest. Hij keerde er terug in zomer 2022 in het Tweede pianoconcert van Liszt met het Belgian National Orchestra en in november 2022 in het Tweede pianoconcert van Saint-Saëns met het Nederlands Kamer­orkest. Op 5 maart 2023 gaf Alexandre Kantorow zijn eerste solorecital in de Grote Zaal; in de speelde hij niet eerder.

Gordan Nikolić, viool

Gordan Nikolić is uitgegroeid tot het gezicht van het Nederlands Kamerorkest, dat hij sinds seizoen 2004/2005 op zijn eigen, unieke wijze leidt vanaf de eerste lessenaar. Een programma in de met ­orkestcollega’s en pianist Ronald Brautigam markeerde in september 2024 zijn twintigjarig jubileum als artistiek leider.

Gordan Nikolić werd geboren in het huidige Servië en leerde het vak bij de Franse violist en Jean-Jacques Kantorow aan de ­Musikhochschule in Basel.

Daar verdiepte hij zich in de viool, maar werkte hij ook samen met componisten als Lutosławski en Kurtág. In 1989 kreeg hij zijn eerste aanstelling als concertmeester bij het Orchestre d’Auvergne, en van 1997 tot en met 2017 bekleedde hij dezelfde functie bij het London Symphony Orchestra.

Daar werkte hij samen met top­en als Colin Davis, Claudio Abbado, Valery Gergiev en Bernard Haitink. De afgelopen jaren was Gordan Nikolić als concertmeester te gast bij onder meer Manchester Camerata, het Antwerp Symphony Orchestra en het Australian Chamber Orchestra. Sinds 2007 heeft hij bovendien de leiding over het in Spanje gevestigde BandArt, een orkest dat inzet op maatschappelijke betrokkenheid.

Naast zijn podium­activiteiten is de violist docent aan het conservatorium in Parijs, de Hochschule für Musik in ­Saarbrücken en Co­darts in Rotterdam. Hij speelt op een instrument uit 1794 van ­Lorenzo Storioni.

Nederlands Kamerorkest, orkest

Het Nederlands Kamerorkest, dat optreedt in bezettingen van 25 tot 45 musici, verzorgt gemiddeld per seizoen 25 ­concerten – veelal zonder en onder leiding van concertmeester Gordan Nikolić – op het ‘thuispodium’ van de , zowel in eigen series als binnen de Eigen Programmering van Het Concertgebouw.

Daarnaast treedt het op in vele andere zalen in binnen- en buitenland en speelt het ook op minder gebruikelijke plekken als poppodium Paradiso in Amsterdam en openluchttheater Caprera in Bloemendaal.

In het oprichtingsjaar 1955 gaf het Nederlands ­Kamerorkest zijn eerste concert in het kader van het Holland Festival. De eerste 22 jaar was de legendarische ­violist en Szymon Goldberg ­muzikaal leider, met David Zinman als secondant. Antoni Ros-Marbà leidde het orkest van 1979 tot 1986.

Toen het gezelschap in 1985 organisatorisch opging in de Stichting Nederlands Philharmonisch Orkest werd het begeleiden van producties van De Nationale een van de kerntaken; tegenwoordig worden het Nederlands Kamerorkest en het Nederlands Philharmonisch internationaal gerekend tot de beste operaorkesten.

Veelgeprezen cd’s van het Nederlands Kamerorkest zijn bijvoorbeeld de Mozart-albums met violiste Julia Fischer, pianist Martin Helmchen en violiste Noa Wildschut. Binnen de Eigen Programmering stond het gezelschap voor het laatst in de op 29 augustus 2025, met een programma ron­dom de Zesde symfonie ‘Pastorale’ van Beethoven met Floris Kortie als verteller.