Hannes Minnaar speelt Bachs Goldberg-variaties

Hannes Minnaar piano
Bert Natter spreker

Johann Sebastian Bach (1685-1750)

Goldberg-variaties, BWV 988 (1741)
‘Aria mit 30 verschiedenen Veränderungen’
Aria
Variatie 1
Variatie 2
Variatie 3 - Canone all’unisono
Variatie 4
Variatie 5
Variatie 6 - Canone alla seconda
Variatie 7 - Al tempo di giga
Variatie 8
Variatie 9 - Canone alla terza
Variatie 10 - Fughettav Variatie 11
Variatie 12 - Canone alla quarta
Variatie 13
Variatie 14
Variatie 15 - Canone alla quinta: Andante
Variatie 16 - Ouverture
Variatie 17
Variatie 18 - Canone alla sesta
Variatie 19
Variatie 20
Variatie 21 - Canone alla settima
Variatie 22 - Alla breve
Variatie 23
Variatie 24 - Canone all’ottava
Variatie 25 - Adagio
Variatie 26
Variatie 27 - Canone alla nona
Variatie 28
Variatie 29
Variatie 30 - Quodlibet
Aria da capo

er is geen pauze
einde ± 21.40 uur

Toelichting

Johann Sebastian Bach 1685-1750

Bach: Goldberg-variaties

Door Agnes van der Horst

Kreeg Bach een beker vol geld?

Het was zo’n mooi verhaal: Johann Sebastian Bach zou de Goldberg-variaties geschreven hebben voor zijn jonge briljante leerling Johann Gottlieb Goldberg. Dit op verzoek van een goede bekende van Bach: graaf Hermann Carl von Keyserlingck. De man leed aan slapeloosheid en had Bach gevraagd om een compositie die zijn privéklavecinist Goldberg voor hem zou kunnen spelen wanneer hij de slaap weer eens niet kon vatten. 

Bach schreef vervolgens een met 32 variaties en werd door een dolgelukkige Keyserlingck vorstelijk beloond met een gouden beker vol geld. Het verhaal stond te lezen in de eerste biografie over Bach die werd geschreven door Johann Nikolaus Forkel, in 1802. Forkel had het weer gehoord van Wilhelm Friedemann, Bachs oudste zoon, die misschien de verleiding niet had kunnen weerstaan de herinneringen aan zijn vader nog een tikje mooier te maken.

Want, helaas, er klopt niets van dit verhaal. In Bachs opschrift op het titelblad van de compositie komt de naam Keyserlingck niet voor – wat (als het verhaal wel geklopt had) heel ongebruikelijk en zeer onbeleefd zou zijn geweest, gezien de opdracht en de uitzonderlijk hoge beloning. Ook is die kostbare beker nooit teruggevonden, en zo langzamerhand is het algemeen bekend dat die er ook nooit is geweest.

Maar de in de negentiende eeuw ontstane titel Goldberg-variaties is altijd gebleven. De echte titel die Bach aan het werk gaf is te vinden op het omslag van de achttiende-eeuwse gedrukte versie: Clavier Übung bestehend in einer Aria mit verschiedenen Veraenderungen vors Clavicimbal mit 2 Manualen.

Hij voegde er ook nog aan toe met welk doel hij die klavieroefeningen had geschreven: Denen Liebhabern zur Gemüths Ergetzung (‘voor het (speel-)plezier van liefhebbers’). Bachs ‘Aria met variaties’ bestaat dus uit klavieroefeningen, en dan ook nog eens allesbehalve slaapverwekkend. Het is zelfs een beetje beledigend om te veronderstellen dat een dermate complex en vernuftig werk bedoeld zou zijn om lekker bij in te dutten. De Goldberg-variaties zetten het verstand juist op scherp.

De kunst van...

Bach schreef de ‘Aria met variaties voor een klavecimbel met twee klavieren’ als vierde deel van zijn zo’n tien jaar eerder begonnen verzameling klavieroefeningen voor vergevorderde leerlingen en professionele klavecinisten.

Clavier Übung IV’ ontstond in een periode waarin Bach begon met het schrijven van grote, bijna encyclopedische composities: werken waarvoor hij geen specifieke opdrachten had ontvangen en die ook niet bedoeld waren voor een bepaalde gelegenheid. Bach was de vijftig gepasseerd en had zijn hele leven keihard gewerkt.

Vooral in Leipzig, waar hij onder meer verantwoordelijk was voor de muziek van de twee hoofdkerken, de s en klavecimbels, het koor, het stadsorkest en voor de muziekopleiding aan de Thomasschule. Hij had zoveel s geschreven dat ze er in Leipzig nog verschillende kerkelijke jaargangen mee vooruit konden en daarnaast een enorme hoeveelheid andere muziekstukken, in alle (op de na) bestaande genres.

Hij wilde weg uit Leipzig en wilde het liefst een aanstelling vinden aan een belangrijk hof. Dat is hem nooit gelukt, maar hij bleef niet werkeloos zitten afwachten. Vanaf het begin van de jaren 1740 componeerde Bach – misschien voor zichzelf, of voor de muziekwereld om hem heen – stukken die een overzicht bieden van zijn kunnen: Die Kunst der Fuge (over het componeren van ’s), Musikalisches Opfer (over het componeren op een ), de ‘Hohe Messe’ (over het schrijven van vocale muziek) enzovoort. De Goldberg-variaties (over de kunst van het variëren) staat aan het begin van deze reeks ‘overzichtscomposities’.

Symmetrische architectuur

Bach componeerde de variatiereeks omstreeks 1741 en baseerde het werk op een eerder geschreven aria die hij opnam in het Klavierbüchlein für Anna Magdalena Bach. Die aria, het fundament van het hele werk, is een lieflijke sarabande met een voor die tijd karakteristieke dalende baslijn.

De aria is opgebouwd uit twee delen van 16 maten. De complete Goldberg-variaties bestaat uit 32 delen: twee keer de aria (aan het begin en aan het eind) plus 30 variaties. Iedere variatie afzonderlijk is, net als de aria, tweedelig en heeft – op vijf variaties na – ook 32 maten. Het is niet zomaar een uiterst knap spel met getallen dat Bach hier speelt. Hij volgt de regels van de retoriek en zorgt daarmee voor een perfecte balans in de hele compositie.

Zo zijn de variaties 10 en 22 fugatisch en polyfoon en staan beide op evenveel afstand van de kern van het werk, de Ouverture, die als enige variatie uit 48 maten bestaat. Dit deel krijgt daardoor meer gewicht, omdat het een nieuw begin aankondigt: de start van de tweede helft. Andere symmetrische kenmerken zijn de s: iedere derde variatie is er een, zodat zowel de derde variatie vanaf het begin en de derde variatie vanaf het eind een canon is.

Die canons zelf beschrijven ook een cyclus: de imiterende stem is steeds een toon hoger geplaatst. Bach toont hiermee zijn architectonische vaardigheid. Maar dit is slechts een van de eindeloze hoeveelheid compositietechnieken die hij toepast. Zo varieert hij in de Goldberg- variaties op de baslijn, de len, maar ook op , en . Hij laat tegelijkertijd alle mogelijke verschillende stijlen en figuraties van het klavierspel aan bod komen, waaronder toonladders, ’s en diverse manieren van versiering.

Hij gebruikt verschillende dansvormen, muziekstijlen en genres. En bovenop dat knappe technische denk- en componeerwerk is de muziek ook nog zeer expressief: vrolijk, , trots of melancholiek. De Goldberg-variaties vormen een indrukwekkend voorbeeld van hoe Bach het rationele volledig kan laten samenvallen met het emotionele en speelsheid laat samensmelten met techniek. Van dat laatste is het Quodlibet (het voorlaatste deel) een mooi voorbeeld. Hier combineert Bach twee populaire jes uit zijn tijd met de baslijn van de aria.

Biografie

Hannes Minnaar, piano

Hannes Minnaar werd internationaal bekend door zijn tweede prijs op het Concours de Genève (2008) en de derde prijs van het Koningin Elisabeth Concours (2010). In 2011 werd hij Borletti-Buitoni Trust Fellow, in 2012 won hij een Edison voor zijn debuut-cd (Rachmaninoff en Ravel) en in 2016 ontving hij de Nederlandse Muziekprijs.

Naast zijn pianostudie bij Jan Wijn en Ferenc Rados en masterclasses van Menahem Pressler was zijn studie bij Jacques van Oortmerssen van bepalende invloed. 

Hannes Minnaar soleerde bij welhaast alle Nederlandse orkesten. In mei 2013 debuteerde hij bij het Concertgebouworkest met het Vierde pianoconcert van Beethoven onder leiding van Herbert Blomstedt.

In de coronaperiode bracht de pianist Nox uit, met de gelijknamige nieuwe cyclus van Rob Zuidam en werken van Schumann en Ravel. Ook ging hij op tournee met Bachs Goldberg-variaties; de opname daarvan kreeg onder meer een Diapason d’Or. Onder de hoogtepunten van seizoen 2022/2023 waren uitvoeringen en cd-opnames van de 24 Preludes en ’s van Sjostakovitsj, en van seizoen 2023/2024 de wereld­première van het Concert voor luthéal en orkest van Jan-Peter de Graaff in de NTR ZaterdagMatinee.

Solorecitals verzorgt Hannes Minnaar wereldwijd en in 2019 deed hij dat voor het eerst in de . Zijn vorige solo-optreden in de was een Chopin op 13 juli 2023. Het Van Baerle Trio – in 2004 opgericht met violiste Maria Milstein en cellist Gideon den Herder – is voor de pianist een wezenlijk onderdeel van zijn muzikale bestaan.

Bert Natter, spreker

Bert Natter studeerde enige tijd Nederlands in Amsterdam, werkte bij enkele uitgeverijen en was hoofdredacteur van het treintijdschrift Rails. Hij schreef columns, essays en artikelen voor onder andere het Utrechts Nieuwsblad, het Algemeen Dagblad en De Revisor.

Voor Preludium bespreekt hij maandelijks een boek, en maakte hij twee podcastseries: Bach tot op het bot en Natuurtonen.

In 2004 publiceerde hij Het Rijksmuseum Kookboek, waarvoor tien meesterkoks zich lieten inspireren door Hollandse zeventiende-eeuwse schilderijen. Zijn debuutroman, Begeerte heeft ons aangeraakt, verscheen in 2008 en werd bekroond met de Selexyz Debuutprijs en de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs.

In 2012 kwam Hoe staat het met de liefde? uit. In het voorjaar van 2015 verscheen de korte roman Remington, kort daarop gevolgd door Goldberg, een roman over de beroemdste leerling van Johann Sebastian Bach. Deze laatste titel werd genomineerd voor de shortlist van de ECI Literatuurprijs 2016. In januari 2018 verscheen de vijfde roman van Bert Natter, getiteld Ze zullen denken dat we engelen zijn. In september 2022 publiceerde hij Leven met Lidewij, een boek over zijn jongste, meervoudig beperkte, dochter.