Wie is Benjamin Britten?

Benjamin Britten

componist

'Ik heb zojuist mijn vioolconcert voltooid. In tijden als deze is werk belangrijk. Dan kunnen de mensen aan andere dingen denken dan elkaar de lucht in te laten vliegen' Britten in een brief (1939) aan een vriend.

Edward Benjamin Britten werd geboren op 22 november (naamdag van St. Cecilia, beschermheilige van muzikanten) 1913 in Lowestoft aan de Engels oostkust. Hij overleed op 4 december 1976 in Aldeburgh.

Jonge jaren

Benjamin was de jongste van de vier kinderen. Vader Robert was tandarts, moeder Edith was secretaresse van het plaatselijke koor, amateurzangeres en pianiste. Benjamin kreeg zijn eerste pianolessen op zijn vijfde. Niet lang hierna begon hij al met componeren. Vanaf zijn tiende jaar kreeg Britten altvioolles van Audrey Alston. Zij introduceede hem in 1928 bij Frank Bridge, een Engelse altviolist en componist. Van hem kreeg sindsdien Britten wekelijks compositieles.

In 1930 begon Britten een compositiestudie aan het Royal College of Music in Londen, maar hij bleef Bridge raadplegen. Hij bewonderde Mahler, Stravinsky, Sjostakovitsj en Schönberg, componisten die voor de ‘eminente renaissancecomponisten’ – zoals Britten zijn nationalistische, oudere collega’s karakteriseerde – als ‘gevaarlijke voorbeelden’ golden. Vanaf 1930 beginnen zijn composities de aandacht te trekken, zoals A Hymn to the Virgin, Sinfonietta opus 1 en A Boy Was Born.

Eerste werken

In 1935 treedt Britten in dienst van de filmafdeling van de General Post Office, die tot 1940 gesponsorde documentaires produceerde. Er ontstaat een vriendschap en samenwerking (Our Hunting Fathers) tussen Britten en dichter W. H. Auden. Britten is overtuigd pacifist en vertrekt bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in 1939 als dienstweigeraar naar de Verenigde Staten. In de Britse pers wordt hij als ‘landverrader’ aangevallen, maar ook verdedigd: the Battle of Britten. Keert in 1942 terug en wordt als gewetensbezwaarde erkend.

In 1945 voltooide Britten de opera Peter Grimes; het betekende zijn internationale doorbraak. Andere belangrijke naoorlogse werken zijn Spring Symphony (wereldpremière met Concertgebouworkest en Eduard van Beinum, 1949) en War Requiem (1962).

Start / pauzeer slideshow

Liefde en vriendschap

Britten ontmoet in 1937 tenor Peter Pears, die zijn levensgezel wordt. Hij componeert en arrangeert talloze liederen voor Pears. Ook de hoofdrollen in vele opera’s zijn Pears op het lijf geschreven.

Britten valt op jongens van rond de dertien, die hij regelmatig te logeren uitnodigt. John Bridcut komt in zijn boek Britten’s Children tot de conclusie dat Brittens liefde voor jonge jongens onschuldig was. Fascinatie met de mysterieuze schoonheid van het kind is het thema van Brittens laatste opera Death in Venice.

In de jaren zestig raakt Britten bevriend met Dmitri Sjostakovitsj, Svjatoslav Richter, Mstislav Rostropovich en diens vrouw Galina Visjnevskaja.

Aldeburgh

In 1947 verhuist Britten naar het kustplaatsje Aldeburgh, waar hij een jaar later samen met Pears en de schrijver Eric Crozier een muziekfestival organiseert. Hij treedt in de daaropvolgende jaren als dirigent en solist op het festival op. Richter en Rostropovich verlenen regelmatig hun medewerking. Het Aldeburgh Festival leidt nog steeds een bloeiend bestaan.

Betekenis

Britten heeft in zijn leven een heropleving van de Engelse opera bewerkstelligd en de generatie Engelse componisten na hem getoond dat ‘Engels’ en ‘modern’ elkaar niet uit hoeven te sluiten.

Bijgewerkt op donderdag 10 januari 2019