column

Zon, paella en overal muziek

Tweede violiste in het Concertgebouworkest Anna de Vey Mestdagh laat in haar maandelijkse column weten wat haar zoal bezighoudt. Deze maand: vakantie in een dorpje waar overal muziek klinkt.

Het is zomervakantie en we zijn neergestreken in Llíria, een ­stadje in de buurt van Valencia. Llíria wordt in goed Valenciaans ‘La Ciutat de la Música’ genoemd of, zoals op een bord bij de toegangsweg naar de stad: een ‘Simfonia de Cultures’. Het is precies de reden waarom we hier zo’n twintig jaar geleden terecht zijn gekomen: Gustavo (Nuñez, solofagottist van het Concertgebouworkest en al 25 jaar mijn echtgenoot) werd gevraagd om de plaatselijke jeugd ’s zomers les te komen geven en we gingen met het hele gezin mee. Twee weken zon, zwemmen en paella eten. Sindsdien hebben we nauwelijks een zomer overgeslagen.

Het valt direct op dat bijna iedereen hier een instrument bespeelt. Je hoeft maar een schroefje bij de ferretería te gaan kopen en je hoort dat de dochter van de eigenaar en de oom van de bakker allebei klarinet spelen in een van de plaatselijke banda’s. En dat ze vanavond laat, als het wat koeler is, een concert geven op de Plaza Mayor, waar ook de rivaliserende banda zal optreden. Een serieuze zaak, want banda’s zijn een soort voetbalclubs. Met wedstrijden, vlaggen, clubhuizen, rituelen en de bijbehorende trots en emoties.

Deze zomer bezoeken we voor het eerst uitgebreid het pand van de Banda Primitiva. De foto’s aan de wand getuigen van minstens anderhalve eeuw traditie – hun eerste concours wonnen ze in 1888, ons oprichtingsjaar – en beroemde ­en als Igor Markevitsj en Sergiu Celibidache waren welgeziene gasten. In de prachtig gedecoreerde, door vorige generaties eigenhandig opgebouwde concertzaal repeteert het jeugd­orkest paso dobles, zarzuela’s en tango’s. Ik zie bungelende benen en geconcentreerde gezichten. De bibliothecaris vertelt ons dat iedereen welkom is: voor de beginners, ook de volwassenen, worden aangepaste partijen gemaakt. Misschien is dat voor de soms razend moeilijke partijen van onze eigen Concertgebouw-banda ook niet zo’n gek idee…

Na afloop wordt er flink nagepraat en tafelvoetbal gespeeld in de kantine, die een centrale plaats inneemt in het gebouw. Hier voel je: muziek maken is een sociaal gebeuren en schept een diepe band.

Deel of bewaar voor laterDelen

Preludium is een uitgave van Concertvrienden