Beluister de playlist met de mooiste opnamen van Beethovens Vijfde onderaan dit artikel.
Beste Anton,
Ik weet dat het momenteel erg lastig is om van Parijs naar Wenen te reizen, maar je had er echt bij moeten zijn, afgelopen donderdag. Ludwig van Beethoven presenteerde een heleboel nieuwe stukken tijdens zijn ‘Akademie’ in het Theater an der Wien.* Vooral de nieuwe symfonie in c klein was iets ongelofelijks! Weet je nog hoe zijn Derde symfonie ons drie jaar geleden van de sokken blies? Nu heb ik écht het gevoel dat er een nieuw tijdperk is aangebroken.
Niet dat de omstandigheden optimaal waren. Vanwege een concurrerend evenement had Beethoven maar weinig goede musici tot zijn beschikking, de hoeveelheid repetitietijd was heel beperkt en de kachel deed het niet. We zaten daar vier uur lang met dikke jassen aan! En toch, ondanks de hoge entreeprijs, had ik het voor geen goud willen missen.
Het was voor een goed doel, want de opbrengsten waren voor de componist. We weten allemaal hoe hard die man werkt, en dat het niet goed gaat met zijn oren – het verbaasde me dat hij die avond toch nog soleerde in een nieuw pianoconcert én een afsluitende koorfantasie!** Die laatste ging trouwens finaal de mist in. Maar dat terzijde.***
Het concert begon met een ‘pastorale’ symfonie – en dat was al een hele belevenis: die vertelde een verhaal in muziek, compleet met vogels en onweersbuien. Maar tegen de tijd dat die symfonie in c klein kwam waren we dat allemaal al bijna vergeten omdat er ondertussen zo veel andere noten hadden geklonken. En je weet dat Beethoven niet de makkelijkste muziek schijft!
Deel I: motto en eerste thema
Meteen bij de eerste noten van die symfonie waren we in verwarring: het was helemaal geen c klein! Het begon met een soort motto in wat eerder op Es groot leek: een ritmisch , ‘pa-pa-pa-pám’: drie korte tonen en één lagere en langere toon. Twee keer gespeeld, op verschillende toonhoogten.
Niet dat het je zo bijzonder was – ik had het al zo vaak gehoord bij Haydn en Mozart – maar wel de brutale en dramatische manier waarop het gebruikt werd. Bijna gewelddadig. ‘Alsof het noodlot op de deur bonst’, hoorde ik iemand zeggen.
Het onheilspellende eerste bestond bijna uitsluitend uit herhalingen van datzelfde ritmische motiefje, op verschillende toonhoogtes, meestal dalend, soms stijgend. Beethoven begon het op te bouwen door orkestgroepen één voor één toe te voegen. Ongelofelijk: hij punnikt die motiefjes gewoon aan elkaar, en hup, een thema! En het bleek toch in c te zijn. Maar wat er harmonisch ook gebeurde, dat bleef maar doorgaan. Je hebt toch laatst in Engeland zo’n nieuw ding gezien, een stoommachine? Nou, zó dus. Hypermodern!
Deel I: tweede thema en verder
Zoals je zou verwachten was het tweede thema zachter, er, en in . Toch bleef dat ritmische motiefje onderhuids aanwezig. Het kwam steeds meer naar de voorgrond en al gauw werd het tóch weer een stoommachine, alsof ook dit thema simpelweg niet kon ontsnappen aan het noodlot.
En de doorwerking? Pfff… Je werd echt alle kanten op geslingerd; en af en toe leek de tijd even helemaal stil te staan, maar elke keer kwam toch weer dat en werd je weer meegezogen in die maalstroom – en zo kwamen we bijna ongemerkt terug bij de recapitulatie van het eerste . Dat bleek nu plotseling een extra hobo te hebben, die zich even losweekte uit het orkest tot een prachtige solo. Wat een vondst!
Na de twee thema’s leek er nog een compleet nieuwe doorwerking te komen, maar uiteindelijk was dat toch meer een uitgebreide .
Deel II en III
In het tweede deel verlieten we die zware tragiek en dat noodlottige ritme. Dit begon als een vredig dansje, een soort herinnering aan betere tijden. Dat werd een paar keer onderbroken door een mfantelijke fanfare, waarna het dansje steeds in een andere variatie terug kwam. Aan het slot van iedere variatie hoorde je dan toch het noodlotsritme weer even – subtiel, maar wel in twee snelheden tegelijk!
Het derde deel zou een zijn. Nou, d’r was weinig scherts te bekennen. De tragiek was weer helemaal terug. Een dreigende in de lage strijkers, en dan… Ja hoor, daar was het weer, dat , steeds weer herhaald en aaneengeregen tot een nieuw , gelanceerd door de s.
Alleen: nu voelde het niet meer als een noodlotsmotief, maar alsof we er juist tegen ten strijde gingen trekken. Op dat moment begon het me te dagen – deze muziek is een pleidooi voor de vrije wil! Dat is echt iets van de laatste tijd, de idee dat je geen speelbal van God bent, of van de omstandigheden, maar dat je je eigen lot kunt bepalen. Typisch Beethoven ook, die nurkse idealist.
Deel IV
Ik kreeg gelijk. Het ging op magische wijze over in het slotdeel, en daar speelde het ritmische je in versnelde versie een rol als brandstof in minstens twee van de vier zonnige ’s.
Het individu had het noodlot overwonnen: het tragische c klein was nu getransformeerd tot een stralend C groot – denk je eens in: met trombones in het orkest! Dat raasde onvermoeibaar door, ik denk wel zo’n tien minuten, tot ik het gevoel had dat we een goddelijke status hadden bereikt.
Nou ja, goddelijk… Na afloop strompelden we afgepeigerd naar huis. Ik heb er nadien weinig mensen meer over gehoord, maar ik hoop wel dat het nog eens wordt uitgevoerd, want dit kun je echt niet na één uitvoering bevatten. Ik hoop ook dat de snel wordt gepubliceerd.**** Ik heb nooit eerder een symfonie gehoord waarbij zo’n simpel ritmisch je zo’n cruciale rol vervult. Het smeedt alle delen tot een eenheid, maar omdat er allerlei ontwikkelingen plaatsvinden, ontwikkelt het motiefje zich ook – als een mens die groeit. Ik weet het zeker, Anton, dit is de toekomst: muziek zal steeds vaker gaan over het individu, en over wat zich afspeelt in ons hoofd en in ons hart. En steeds meer muziek zal streven naar eenheid door gebruik te maken van een beperkte hoeveelheid materiaal. Denk je ook niet?
Met liefhebbende groeten, je vriend
Ignaz
* Beethoven presenteerde op donderdagavond 22 december 1808 onder meer zijn Vijfde symfonie in c klein, de Zesde symfonie in F groot ‘Pastorale’ en het Vierde pianoconcert. De Vijfde symfonie heette toen nog de Zesde, en andersom.
** Het was de laatste keer dat Beethoven als solist in een pianoconcert zou optreden.
*** De afsluitende gloednieuwe Koorfantasie, op. 80 voor orkest, koor en solopiano was zwaar ondergerepeteerd, en ging de mist in doordat Beethoven zijn eigen instructies vergat waardoor de helft van het orkest de tweede variatie herhaalde en de andere helft niet. Ondanks de kou en vermoeidheid bij iedereen moesten de musici opnieuw beginnen.
**** Pas na publicatie anderhalf jaar later, gevolgd door een jubelende bespreking door schrijver en criticus E.T.A. Hoffmann in de Allgemeine musikalische Zeitung, begon de Vijfde symfonie aan zijn mftocht.
Preludium is een uitgave van Concertvrienden









