Interview

Trevor Pinnock: Voeten op de grond, hoofd in de hemel

Uit het Preludium maandblad december 2016

Het worden vrolijke, spirituele en warme kerstdagen dit jaar in Het Concertgebouw. Trevor Pinnock leidt het Koninklijk Concertgebouworkest in Bachs Weihnachtsoratorium. 

Trevor Pinnock is de virtuoze, lichtvingerige musicus die klavecimbelwerken als die van Bach of Scarlatti vleugels geeft. Hij was een van de pioniers van de oudemuziekbeweging, die met zijn – op authentieke instrumenten spelende – The English Concert barokmuziek kon laten klinken als popmuziek. Hij was ook een van de eerste oudemuziekspecialisten die open stond voor samenwerking met musici en ensembles op ‘moderne’ instrumenten.

Hij verbreedde al vroeg zijn werkterrein naar de Klassieken en de vroege Romantiek en was al verschillende keren te gast in Het Concertgebouw en bij het Koninklijk Concertgebouworkest. Tot zijn grote genoegen – ‘absolutely!’, zegt hij er met vrolijke nadruk nog even bij.

‘Het is voor mij altijd een groot plezier om met het Concertgebouworkest te werken, het zijn zulke goede en open musici. Zeker nu ik een groot deel van de mensen ken – zoals Vesko Eschkenazy, met wie ik het Bach-project in december ga doen – verheug ik me er extra op.’

Start / pauzeer slideshow

Spirituele supermarkt

‘In Engeland is het geen traditie, zoals bij jullie in Nederland, om met Kerstmis het Weihnachtsoratorium uit te voeren. Wij vieren Kerst met de Messiah van Händel. Toch kwam ik al vroeg met Bachs kerstcantates in aanraking. Ik zong delen eruit in het koor van de kathedraal van Canterbury. Niet veel later ben ik het werk zelf uit gaan voeren. Het Weihnachtsoratorium is een prachtig werk en een van mijn lievelingsstukken.’

Pinnocks vader speelde in het orkest van het Leger de Heils speelde en hijzelf zong als jongenssopraan in het beroemde kathedrale koor van Canterbury. Later was hij er ook organist. Zijn religieus getinte opvoeding kan zijn visie op het Weihnachtsoratorium best gekleurd hebben, denkt hij. ‘Maar ik zou niet precies kunnen zeggen op welke manier, zo duidelijk is het niet. Bovendien, je weet dat heel veel van de muziek voor het Weihnachtsoratorium afkomstig is van Bachs eerder geschreven wereldlijke cantates.’

‘Maar, voor mij is álle muziek religieus. Wat dat betreft zie ik ook geen verschil tussen Bachs religieuze en zijn wereldlijke muziek. Van alle componisten is Bach degene die zijn voeten op de grond heeft en het hoofd in de hemel. En op de een of andere manier verenigt zijn muziek die twee uitersten.

Ik geloof hartstochtelijk dat Bachs muziek – maar ook andere muziek – een groot effect heeft op het leven van mensen en misschien zelfs het leven van mensen kan veranderen. Muziek opent een deur naar een wereld buiten het gewone alledaagse leven, naar een centrale waarheid. Dat geldt voor iedereen, religieus of niet religieus. In Bachs dagen was je óf christen of je ging naar de hel.

Het was toen eigenlijk een stuk simpeler’ – grinnikt – ‘maar nu is er een grote supermarkt vol met alle mogelijke soorten spirituele manieren van leven. De meeste leiden naar die waarheidskern, naar iets buiten het alledaagse leven. Maar muziek doet dat zeker ook. Ze neemt je op en omvat je, muziek heeft geen woorden nodig en vlakt alle verschillen uit. Voor mij is dat de kern van mijn musiceren. In zekere zin hebben wij musici dus ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid, juist in onze toenemend seculiere wereld.’

De kern

Even terug naar de realiteit. Pinnock heeft, zeker in het begin van zijn carrière, Bach heel veel uitgevoerd op authentieke instrumenten. Wat betekent dat voor zijn uitvoering met een gezelschap als het Concertgebouworkest? ‘Ik geloof nog altijd vurig in authentieke instrumenten, maar met nog meer passie geloof ik in muziek. Je kunt muziek niet vangen in één bepaalde manier van uitvoeren. Ik wil het Concertgebouworkest niet laten klinken als een orkest met instrumenten uit de tijd van Bach, maar als een orkest dat een oprecht antwoord heeft op de muziek van Bach.

Muziekinstrumenten zijn belangrijk, ze zijn het gereedschap van ons vak, maar ze zijn niet de kern van de muziek. Onze opdracht is de weg te vinden naar die kern, met welke instrumenten dan ook. Bach voerde het Weihnachtsoratorium uit in een kleine bezetting, maar hij deed dat dan ook in de Thomas- en Nikolaikirche en niet in Het Concertgebouw. Een concertzaal vraagt een ensemble dat groot genoeg is om gehoord te worden, maar ik zal niet het voltallige orkest gebruiken. Ik dirigeer de koralen en ik leid af en toe ook vanaf het klavecimbel. In de intimiteit van de aria’s vind ik het heerlijk om aan het klavier te zitten. Het is voor mij heel speciaal om soms de musici te dirigeren en dan weer met ze samen te spelen.’

Een persoonlijk tintje is er ook: ‘We voeren het werk uit op 23 december en 25 december, vlak nadat ik 70 jaar ben geworden.’ [Pinnock is van 16 december 1946] ‘Het voelt alsof ik met het uitvoeren van Bachs Weihnachts-oratorium met het Concertgebouworkest mijn zeventigste verjaardag vier, én mijn eenenzeventigste levensjaar inluid.’

Trevor Pinnock dirigeert op 23 en 25 december het Weihnachtsoratorium bij het Koninklijk Concertgebouworkest. Bekijk hier het concertprogramma.